The Killing of a Sacred Deer
Visages villages
Happy End
A Ghost Story
Battle of the Sexes
WINWIN ID Check

Die wilde dieren, dat zijn wij

De spanning tussen eigen identiteit en het grote geheel groeit naarmate de wereld kleiner wordt. Onder de noemer ID Check zijn in de selectie van het International Film Festival Rotterdam in alle sec­­ties films te vinden die dat gegeven van dichtbij bekijken. De camera voert je van de generieke wereldburgers in businessclass tot een prostituee in een park in Parijs en vraagt wanneer mensen zichzelf nog kunnen zijn? Of is blending in inderdaad better for business?

Door Sandra Heerma van Voss

Zeg Roodkapje waar ga je hene
Zo alleen
Zo alleen

Een man van middelbare leeftijd in een smoezelig pak loopt door een dennenbos. Hij lijkt zoekende; hij kijkt, ademt, roeit in een houten bootje over een meer. Dan trekt hij zijn kleren uit; ontdoet zich van alles wat hem nader identificeert, zelfs zijn bril, en dobbert naakt op zijn rug op het water. Hij maait en spletst met zijn armen en kijkt naar de lucht. Hij is even niemand meer. Hij hervindt zichzelf.
Even daarvoor heeft de naamloze antiheld uit WINWIN (Daniel Hoesl, 2015) zich teruggetrokken als bestuursvoorzitter van het bedrijf van zijn vader, waar al drie generaties een frisdrankje geproduceerd wordt. Het klassiek-Oostenrijkse imago ten spijt draait de fabriek verlies en dreigen duizenden werknemers hun baan kwijt te raken. De film opent met het ongemakkelijke gesprek dat onze antiheld moet voeren met een ingevlogen team van investeerders. Engerds zijn het, deze zelfverklaarde redders in nood, zo clean, glad en emotieloos dat ze wel malafide moeten zijn.
Een bezoekje aan de business lounge van een willekeurig vliegveld volstaat om dit globetrottende toplaagje uit het zakenleven in het wild te kunnen zien. WINWIN maakt deel uit van het IFFR-themaprogramma The Generic Self, en zo er al 'generic people' bestaan, vind je ze hier: ongrijpbaar, onplaatsbaar, eeuwig in transit. Mannen en vrouwen die nergens wonen of verankeren, gehuld in een uniform van designkleding en iPhone. In glazen vergaderruimtes verzwelgen ze prooi na kwetsbare prooi, met altijd die onveranderlijke, starre glimlach. Als perfect gestileerde satire over de macht van geld staat Hoesl's film dicht bij de werkelijkheid.
Eén van de investeerders uit WINWIN is van Oostenrijkse komaf, maar zet zijn vertrouwdheid met lokale gebruiken alleen nog in als lokaas. Wat doet het ertoe wie hij was of waar hij vandaan komt? Het verleden is ballast. Blending in is better for business. Overmeesteren en opslokken is het doel, liefst hele steden tegelijk.
Het resultaat is tweeledig: met de lokale, klein-menselijke verliezen staan de economiekaternen dagelijks vol, terwijl de globalisering vooral in de grote steden leidt tot nog meer eenvormigheid. De twee uur lange taxirit door Hong Kong uit Where Are You Going (Yang Zhengfan, 2016) voert langs een eindeloze, afstompende reeks viaducten en torenflats en eindigt in een krioelend centrum vol neon-verlichte, Chinese en Engelse bedrijfslogos. De taxipassagiers praten over Louis Vuitton-tassen, maar ook over de verschillen tussen een Brits en een Hongkongs kopje thee.

In het bos zijn de wilde dieren
In het bos
In het bos

Want daar zit de crux, tot irritatie van elk bedrijf met wereldambities: de levensbehoeften van de massa zijn en blijven kleinschalig, specifiek, irrationeel en een beetje knullig. Metropolen mogen hun verleden dan letterlijk kunnen afbreken, wij mensen kunnen dat niet. We verlangen naar dat ene kinderdrankje of dat versleten paar schoenen, naar die ene geur of stem. Wie zich dagelijks door een van Rem Koolhaas' gedroomde generic cities beweegt loopt het risico van zijn omgeving te vervreemden, zeker als hij door migratie oude sociale contacten heeft moeten opgeven.
De Iraanse architect uit Greater Things (Vahid Hakimzadeh, 2015) werkt op een modern kantoor in het centrum van Londen en heeft dus ogenschijnlijk succes. Maar hij is zo eenzaam dat hij verlamd lijkt: vergaderingen en zakendiners ondergaat hij zwijgend, met een dode blik in zijn ogen. Online boekt hij lukraak een vliegticket, mijdt Teheran en klikt op Tokyo, waar hij niemand kan verstaan en dus een nog veel grotere vreemde wordt. Hij slaapt in een kartonnen tunnelhuisje, bezoekt een kattencafé en komt toevallig in contact met een Japanse vrouw.
De twee sluiten een vriendschap zonder woorden, en zoals zij hem redt met thee en warme kleren en aandacht, redt hij haar uit een huwelijkscrisis. In plaats van met haar echtgenoot, die ze nukkend achterlaat in hun glazen kubuswoning, reist ze met de vreemdeling naar een boomhut in een afgelegen bos. 's Nachts drijven ze zwijgend naast elkaar in een stomend meer. Ze luisteren, kijken. Net als in WINWIN biedt de natuur een uitweg uit de wurggreep van een op hol geslagen beschaving; het is de laatst overgebleven plek voor een ID Check.
Themaprogramma Gender.net belicht de meest intieme dimensie van onze identiteit: onze sekse. Als de drie Zweedse tieners uit Girls Lost (Alexandra-Therese Kleining, 2015) 's ochtends samen over groene heuvels naar school fietsen lijkt het leven nog mooi: ze hebben elkaar, ze kunnen de wereld aan. Maar op het schoolplein wapenen ze zich. Op school liggen ze eruit. 'Lelijke kutten horen hier niet', luidt het weinig subtiele oordeel van de leider waar de rest achteraan hobbelt. Geduwd, geschopt en vernederd trekken de drie vriendinnen zich 's middags weer terug in hun huizen, waar Momo maskers maakt, Kim zich in bad dompelt en Bella zich verliest in haar broeikas vol eigenaardige kweeksels.

Girls Lost


Als in die kas een wonderplant opbloeit en de drie elkaar uitdagen om van het sap dat eruit druppelt te drinken, wordt het bos het decor van hun seksuele transformatie. In de freudiaanse lezing van Roodkapje verliest zij in het bos haar onschuld en wordt ze van een meisje een (menstruerende) vrouw; Kim, Bella en Momo worden Kim, Momo en Mackan, jongens 'met piemels', zoals ze tot hun stomme verbazing constateren. Hun spierkracht wordt daadkracht: ze durven opeens alles. Ze voetballen en drinken bier. Niemand pest ze. In één nacht is hun leven veranderd.
Dat gaat te snel. Momo en Mackan willen terug naar wie ze waren, met alle nadelen vandien, terwijl Kim het niet meer weet en radeloos op de vlucht slaat. De korte, autobiografische film van kunstenaar A. Liparoto sluit af in eenzelfde twijfel. Wie zagen we hier op een zolderetage ontbijten, internetten, douchen, zich scheren en aankleden? Was het de mooie Abigail, of was het Andrew, een jongen met een kuif en spierballen? Is de filmer hen allebei? Hoeveel identiteiten kan een mens aan?

Ben niet bang voor de wilde dieren
Ben niet bang
Ben niet bang

Claire Simon is niet bang; zij gaat midden tussen hen in staan. Twee jaar lang filmde ze het Bois de Vincennes bij Parijs en legde de seizoenen vast. In Le bois dont les rêves sont faits (2015) zien we chaotische zomerfeesten en uitgestorven sneeuwvlakten, joggers en bosbouwers en moeders met kinderwagens. Met een paar vaste bezoekers wist Simon zo'n band op te bouwen dat ze haar hun levensverhaal toevertrouwden. Een prostituee beschrijft het staand buiten werken met vaak nerveuze klanten. Ze praat over haar ex, haar vader, haar vriend. Ze is geestig en tragisch en volkomen zichzelf, ook als we haar op een zonnige dag hand in hand met haar dochtertje door hetzelfde bos zien lopen.
Een beleefde, welbespraakte homoseksueel biecht op dat hij naar het bos komt om te cruisen, als hij behoefte heeft aan sex-om-de-sex. Hij wijst de paadjes aan 'waar het gebeurt', glimt nog na bij zijn lekkerste herinnering en beschrijft de troosteloosheid van regenachtige middagen zonder contact. Dankzij Simon's engelengeduld en respect voor mensen, haar oog voor de uniciteit van elk verhaal, is haar film rustgevend zo als een echte boswandeling. Niets klopt hier, niets dient ergens toe; alles lééft.

Die wilde dieren, dat zijn wij. Onze kern, onze ziel, laat zich niet vangen — niet door de strakke kaders van vroeger, niet door de grenzeloze verwarring van nu. Aan eigenzinnige, intelligente filmmakers als hierboven de mooie, wezenlijke taak om ons het dier in onszelf te blijven tonen.



top
Artikelen
Sterren 2015
ID Check Die wilde dieren, dat zijn wij
Gesneuvelde films
IFFR Tiger Shorts competitie Op zoek naar balans

Interviews
Gerard Huisman, 25 jaar distributeur 'Film is kunst'
Manu Riche en Dimitri Verhulst over Problemski Hotel 'Wat ik zag in het azc bleef aan mijn ribben kleven'
Boudewijn Koole over Beyond Sleep 'Laat je vallen'
Hou Hsiao-hsien over The Assassin Wachten op de wind
Apichatpong Weerasethakul over Cemetery of Splendour 'Niet weggaan, zei Béla op een dag'
Naomi Kawase over An 'Ik graaf onder mezelf in de aarde'
Nabil Ayouch over Much Loved 'Marokko heeft zijn spiegel gebroken'
Hany Abu-Assad over The Idol 'Kom een dagje naar Gaza'
David Verbeek over Full Contact 'Een roadmovie door het onderbewuste'
Ramin Bahrani over 99 Homes 'Geld maakt geld. Arbeid is voor sukkels'

Rubrieken
Kort
Filmsterren
Actie!
World Wide Angle (NL) De goeie slechte ouwe tijd
Redactioneel
Andy at the movies
Thuiskijken
Op ooghoogte Whose Cinema
Boeken: Filmkritiek Sinds mensenheugenis in crisis
Het nieuwe kijken Beeldend geluid


Recensies
99 Homes Waanzinnige huisjesmelker
An Wassen, koken, rusten, roeren
Anomalisa Iedereen is gelijk, behalve ik
Artist of Fasting (IFFR Deep Focus Adachi Masao) Perversies als elektrotherapie
The Assassin (Nie Yinniang) De vijand aan je borst
Beyond Sleep Dwalen in een slapeloos moeras
Cemetery of Splendour ...en de dood die als een droom is
D'Ardennen Modderige Vlaamse noir
Francofonia Kunst tussen massa en macht
Hail, Caesar! Oud Hollywood spat er vanaf
The Idol Van schoonheid en hoop
James White Wat doen we met moeder?
Knielen op een bed violen Radicaliserende gristen
Louder Than Bombs (Joachim Trier over) Thuis, ver ver weg
Much Loved Hypocrisie in Marrakech
Problemski Hotel De eeuwige pauze van het azc
The Revenant De beer is los
Spotlight All the Church's Men