Western
Ubiquity
More Human Than Human
The Third Murder
Holland Festival: The Artist & the Pervert / Hyena
Hoe #MeToo onze blik op film verandert

Wie om censuur roept heeft er niets van begrepen

Twee kwesties dringen zich op in de nasleep van #MeToo: hoe herstellen we de machtsbalans in de filmwereld en hoe gaan we om met het werk van makers die van seksueel machtsmisbruik en andere misstanden zijn beschuldigd? Kunnen we de kunstenaar nog wel van zijn werk scheiden, of is onze blik voor altijd z'n onschuld kwijt?

Door Dana Linssen

2017 was het jaar van #MeToo. Van hoe de val van superproducent Harvey Weinstein, en vele filmprominenten na hem, symbool werd voor de institutionele genderongelijkheid en het seksueel machtsmisbruik in de filmwereld. Na het aankaarten van concrete misstanden, werd ook duidelijk dat er iets fundamenteel verstoord is in het DNA van de filmwereld en het medium film. In de manier waarop grote publieksfilms de dominante en scheve verhoudingen tussen mannen en vrouwen, tussen traditioneel sterkeren en zwakkeren, tussen mensen onderling representeren. Niet alleen narratief, maar ook visueel. Zo lang Hollywood geen oog krijgt voor de verhalen van anderen, en de manier waarop het seksualiteit, macht en de eeuwige jeugd erotiseert, zal er weinig veranderen. Daarmee gaf #MeToo ook nieuwe energie aan al langer gevoerde discussies rondom de ongelijke vertegenwoordiging van minderheden, vrouwen en mensen van kleur in de filmwereld als geheel.
Omdat alles in Hollywood ook symboolpolitiek is, werd de uitreiking van de Oscars als grote testcase gezien. Zou na de zwarte jurken, het Time's Up en de gloedvolle toespraak van Oprah Winfrey bij de Golden Globes en de kritische noten die er aan de vooravond van de 90ste Academy Awards werden gekraakt bij de Independent Spirit Awards ook de Oscaruitreiking worden gekenmerkt door het besef dat de filmwereld een andere koers moet varen? De Oscaruitreiking is nog steeds het grootste mondiale filmfeestje, het moment dat Hollywood zich live aan de rest van de wereld presenteert. Dus wat daar gezegd wordt zal meer effect hebben dan alle speeches van het hele prijzenseizoen bij elkaar. En dan gaat het dus om veel meer dan alleen seksueel misbruik. Het gaat over een industrie die voor en achter de camera grossiert in het normaliseren van allerlei vormen van machtsmisbruik.

Morele dilemma's
Terwijl deze Filmkrant bij de drukker ligt is die Oscar­uitreiking in volle gang. Tijd om de stilte voor de storm te benutten voor de inventarisatie van een van de grootste morele dilemma's waar de filmwereld zich door #MeToo voor geplaatst ziet. Namelijk: hoe gaan we om met de films die, zoals de dissidente feministe Camille Paglia in februari nog in The Hollywood Reporter stelde, door "slechte mensen zijn gemaakt"? Ze zei dat ter verdediging van Roman Polanski die (wederom) in opspraak raakte door een retrospectief dat de Cinémathèque Française afgelopen najaar over zijn werk organiseerde. De timing was ongelukkig. De regisseur wordt nu al jaren achtervolgd door een veroordeling in 1978 in de Verenigde Staten wegens seks met een minderjarige. "Maar geen zonde of misdaad van de man Polanski kan ooit de immense verworvenheden van de kunstenaar Polanski tenietdoen", schreef Paglia.
Tegelijkertijd maakte criticus A.O. Scott van The New York Times juist gewag van zijn "Woody Allen Problem" door te beschrijven hoe de aanhoudende beschuldigingen van kindermisbruik van Allens adoptiefdochter Dylan Farrow zijn blik op het werk van Allen blijvend hebben beïnvloed. Ze openden zijn ogen voor het feit dat veel van Allens films — met name Manhattan wordt vaak als vroeg en karakteristiek voorbeeld genoemd — gepreoccupeerd zijn met verhoudingen tussen oudere mannen en jongere, op de grens van meerderjarigheid zwevende vrouwen.
Beiden stukken schetsen de contouren waartussen het debat zich beweegt. Enerzijds: koppel de kunst los van de kunstenaar. Anderzijds: is er een persoonlijke, weloverwogen omgang mogelijk met makers en films die misschien een grotere (systemische) misstand of ongelijkheid vertegenwoordigen (zowel psychologisch als in de maatschappij als geheel, en de filmwereld in het bijzonder)? Dat Harvey Weinstein en velen met hem in Hollywood zijn uitgespeeld, is duidelijk. Maar welke verantwoordelijkheid hebben wij nu zelf als filmkijkers ten opzichte van de filmgeschiedenis?

Het juridische argument
Allen is nooit veroordeeld, zei ook de filmmaker zelf onlangs weer in een reactie op CBS This Morning, naar aanleiding van een interview van de zender met Dylan Farrow in januari. De 25 jaar oude misbruikclaim kwam door #MeToo weer in het nieuws toen Farrow zich in december in een opiniestuk in de Los Angeles Times afvroeg waarom haar beschuldigingen niet meer effect hebben gehad op Woody Allens carrière. Daarna ging het snel. Een enorme schare acteurs die in het verleden met Allen heeft gewerkt (onder wie Colin Firth, Greta Gerwig, Ellen Paige, Mira Sorvino) zag zich genoodzaakt spijt te betuigen en te verklaren nooit meer een film met Allen te maken.
Het probleem is dat het strafrecht niet zoveel kanten op kan met gevallen van seksueel misbruik; slachtoffers doen vaak niet direct aangifte, bewijs en getuigen ontbreken. Het recht en de noodzaak van slachtoffers om gehoord en geloofd te worden, staat haaks op dat van de vermeende daders om zich te kunnen verdedigen. Terecht waarschuwt men dan ook voor 'trial by media' en eigenrichting. Maar die voorzichtigheid mag nooit een reden zijn om een slachtoffer niet serieus te nemen. We kunnen ons dus niet achter het juridische argument verschuilen, terwijl we tegelijkertijd ons vertrouwen in het strafrecht niet willen verliezen. Dat maakt #MeToo een zaak van elke filmkijker. Individueel maar ook binnen het collectief van een consumerend publiek.

Kunnen we de kunst nog wel los zien van de kunstenaar?
Dat brengt ons op het grootste dilemma waar #MeToo de filmkijker voor heeft geplaatst. Hoe gaan we er zelf, thuis, en in de bioscoop mee om? Scott was niet de eerste criticus of opiniemaker die een persoonlijk relaas schreef over zijn omgang met het werk van in opspraak geraakte makers. Het werk van Roman Polanski en Woody Allen vervulde daarin een sleutelrol. Misschien wel juist omdat het, anders dan bij Harvey Weinstein en andere nieuwe zaken niet ging om grote aantallen en duidelijk aan machtsmisbruik gekoppelde zaken, maar om individuele en reeds onderzochte zaken.
De historische afstand bracht nog iets anders aan het licht. Het zijn makers die hun waarde hebben bewezen. Hoe ga je daarmee om in andere tijden, bij veranderende mores, of simpelweg als een onschuldige (en vergoelijkende) blik niet meer mogelijk is? Kunnen we na #MeToo een kunstwerk nog wel (of juist weer) los zien van de kunstenaar? Kan een omstreden kunstenaar kunst maken die losstaat van zijn biografie, gedrag en opinies? Kan zo'n kunstenaar zich via zijn werk rehabiliteren? En kunnen, of mogen, of willen we daar nog wel van genieten?
Het zijn ingewikkelde vragen. Deels omdat we (mede onder invloed van het postmodernisme dat ons deed lachen om 'foute' films en genres) zo gewend zijn geraakt om morele oordelen buiten de kunst te houden. Nadat Roland Barthes eind jaren zestig de auteur doodverklaarde, en daarmee een einde wilde maken aan de gewoonte om persoonlijkheid en intenties van een kunstenaar in de kunstbeschouwing te betrekken, zijn we gewend om kunstwerken op hun eigen merites te beoordelen.
Tegelijkertijd is in de filmgeschiedenis de auteurstheorie nooit helemaal uitgestorven, en daarmee de verering van de auteur. Dat blijkt wel uit de gewoonte om regisseurs met hun werk te identificeren, verantwoordelijk te houden voor zowel het falen als het slagen van een film. En als het dan gaat om makers als Woody Allen wiens leven op zoveel andere punten zo nauw verweven is met zijn films, wordt het lastig om privé en werk te scheiden. Dat maakt het ook moeilijk om die andere vraag te stellen: kan kunst een uitlaatklep of sublimatie zijn voor vragen en verlangens waar een kunstenaar mee worstelt?

Hoe dan wel?
In de representatiediscussie die op #MeToo volgde, ging het vooral over hoe vrouwen, door hun ondervertegenwoordiging in de kunst- en filmgeschiedenis, als maker en als zelfstandig handelend onderwerp geconditioneerd zijn geraakt om alleen naar zichzelf te kijken door de ogen van een ander (een man). We zijn allemaal Clint Eastwood, en daarom was het het afgelopen jaar zo bevrijdend om ook Wonder Woman of Chris Washington uit Get Out te kunnen zijn.
Maar de filmgeschiedenis bestaat niet alleen uit Clint Eastwood. Vooral buiten Hollywood bestaat film uit tal van complexe, gecompromitteerde en onvolmaakte personages waarmee we ons, los van onze individuele hoedanigheden, hebben kunnen identificeren om zo iets te weten te komen over de menselijke natuur en onszelf. We hoeven geen moordenaar te zijn om moordlust te herkennen, geen advocaat om de neiging te voelen de regels te gebruiken om wat krom is recht te praten, geen vogel om te willen vliegen. Dit zijn geen grote voorbeelden die van de discussie wegvoeren, maar kleine voorbeelden die heel precies aangeven wat de kracht en het gevaar van kunst is. Zonder dat gevaar gaat het namelijk niet. Als film een empathiemachine is, zoals Roger Ebert zei, dan is het ook een machine die ons op z'n minst de mogelijkheid biedt om ons in te leven in, of te verhouden tot situaties en emoties die ons niet nabij staan. Dat is zelden een veilige situatie, omdat dergelijke films altijd van ons vragen onszelf op het spel te zetten, op het randje te balanceren van wat bekend en onbekend, ja misschien wel gewenst en ongewenst is of betamelijk en onbetamelijk. Dus misschien moeten we juist wél naar Woody Allen kijken om iets te begrijpen van de link tussen jeugd, schoonheid, vitaliteit en seksualiteit. Om iets te begrijpen van de reden waarom half Hollywood zich laat volbotoxen om er als een zeventienjarige uit te zien. En onze eigen rol daarin.

Een nieuw puritanisme
Wie om censuur roept heeft er niets van begrepen. We wissen de aanklachten tegen Kevin Spacey niet uit door zijn scènes in All the Money in the World te vervangen door een andere acteur, zoals Ridley Scott deed. Maar wie denkt dat we nu bang moeten zijn voor een nieuw puritanisme, zoals de ondertekenaars van de open brief die 100 Franse vrouwen in januari publiceerden, snapt het ook niet. Verkrachting is een misdaad, onhandig flirten is dat niet, stelden zij. Dat is waar, maar het leidt ook de aandacht af van waar het wel om gaat: namelijk de bestaande en ware misstanden. Net zoals Michael Haneke die in een interview met de Oostenrijkse krant Kurier vreesde dat het merendeel van de grote artfilms als gevolg van #MeToo nu niet meer gemaakt zou kunnen worden.
Ik denk dat we de verhalen op het doek moeten loskoppelen van de gebeurtenissen zoals die achter de schermen bekend zijn geworden. En niet door de kunstenaar vogelvrij te verklaren of juist totale immuniteit te bieden, maar door het evenwicht óp het scherm te herstellen. Oog te hebben voor alternatieve geschiedenissen. De mainstream te nuanceren, rijker te maken. Op andere manieren te leren kijken, en praten over cinema. Ook en met name over de rijke tradities van alles wat niet Hollywood is.
#MeToo heeft onze ogen geopend voor de manier waarop een patriarchale samenleving in Hollywood zijn macht misbruikt of op z'n minst zijn onderbewustzijn de ruimte geeft, en dat via talloze filmproducties niet alleen verbeeldt maar vooral legitimeert. Dat daar nu een einde aan komt, is alleen voor de mannen in kwestie bedreigend. Voor iedereen die daar (indirect) het slachtoffer van was, is het simpelweg bevrijdend. Critici die bang zijn dat het nadenken over 'wie' 'wat' en 'voor wie' representeert zal leiden tot (zelf)censuur of identiteits-
politiek denken nog steeds vanuit de bestaande status quo. De manier waarop voorstanders van een evenwichtiger manier van representatie 'moralisme' wordt verweten doet denken aan de manier waarop rechtse politici momenteel claimen de laatste voorvechters van de 'vrijheid van meningsuiting' te zijn. Terwijl het er altijd om gaat wat je met die vrijheid doet. Dat kunstenaars, en met name filmmakers die zich van het grootste massamedium van onze tijd bedienen, wordt gevraagd daar op een verantwoordelijke manier mee om te gaan is ethisch, en noodzakelijk om de machtsbalans te herstellen, maar niet per se moralistisch.
In laatste instantie ligt de verantwoordelijkheid bij de filmkijker en kunstliefhebber zelf. Hij of zij kan zelf besluiten om aan een schilderij van Balthus voorbij te lopen of niet naar de nieuwe Woody Allen te gaan. En nee, hij kan de oude Woody Allens die hij al gezien heeft niet meer ont-zien, zoals A.O. Scott schrijft. Maar als we die nu aan het publieke domein onttrekken dan kunnen toekomstige kijkers (onder wie misschien zijzelf) ze ook niet her-zien, om ze wellicht in een andere context op hun eigen specifieke (of een heel andere) waarde te beoordelen.


top
Artikelen
Berlinale 2018 Op zoek naar een plek om je lichaam neer te leggen
Hoe #MeToo onze blik op film verandert Wie om censuur roept heeft er niets van begrepen
EYE Art & Film Prize Het grijze gebied tussen white cube en black box
Mei '68: De spektakelmaatschappij Spelen, struikelen, verdwalen

Interviews
Fatih Akin over Aus dem Nichts 'De dreiging van neonazi's is groter dan jullie denken'
Warwick Thornton over Sweet Country De mythe van het lege land
Naomi Kawase over Radiance Sensaties van leven
Thierry Frémaux over Lumière! L'aventure commence 'Ik wil de Lumières hun plek in de filmgeschiedenis teruggeven'
Saskia Diesing over Dorst 'Je hebt dagen van melodrama en komedie'
Kristof Hoornaert over Resurrection 'Niemand wordt slecht geboren'
Bert Scholiers over Charlie en Hannah gaan uit 'Cinema is een fantastisch medium dat alles toelaat'

Rubrieken
Actie!
Thuiskijken
Kort
Boeken: The Story of Looking Kijk!
Humans of Film Amsterdam
Redactioneel
Het nieuwe kijken: Europa Cinemas
Op ooghoogte: Angelopoulos
Filmsterren
The Thinking Machine 16 UP!


Recensies
Amori fragili De liefde is niet over, want dat wil ik niet
Aus dem Nichts Wanhoopswraak
Bankier van het verzet Echte helden
Centaur Verhalen kunnen niet op tegen harde valuta
Charlie en Hannah gaan uit Ex, seks en schuld in het nachtleven
Dorst Wezenloze mix van net-niet tragedie en niet-niet komedie
Les gardiennes Vrouwen op de voorgrond — eventjes
God's Own Country Een lichaam ploegen als het land
Katie Says Goodbye Een engel in de woestijn
LBJ Texaans werkpaard
Lucky Stantons zwanenzang
Lumière! L'aventure commence Ome Thierry vertelt
Morisot — Moed, storm en liefde Regisseur op feministische missie
Radiance De ondergaande zon achterna rennen
Resurrection Broedermoord in de bossen van Wallonië
Sweet Country Wetteloos Australië
Tom of Finland Braaf homomonument