Video - december 1994, nr 151

Een selectie uit de videotheek van nieuwe, interessante en curieuze films die niet in de bioscoop zijn uitgebracht.


Scarlett
John Erman
In den beginne was er de monsterproduktie Gone with the wind, een vier uur durende burgeroorlog-soap waarin de tumultueuze relatie tussen de opportunistische schelm Rhett Butler en de koppige schoonheid Scarlett O'Hara centraal stond. De film eindigde met het vertrek van Rhett uit Scarlett's leven, waarna de door Vivien Leigh gespeelde dame moedig verklaarde dat het gemis van een man toch altijd nog gecompenseerd werd door het behoud van haar landgoed Tara. De klassieker heeft nu een vervolg, de zes uur durende televisie-serie Scarlett, waarop de term monsterproduktie al evenzeer van toepassing is. Het blijkt de enige overeenkomst te zijn. Natuurlijk zijn Rhett en Scarlett weer van de partij, maar ze zijn als windvaantjes omgedraaid en doen alsof hun hele voorgeschiedenis nooit heeft plaatsgevonden. Serieuze liefhebbers van de illustere voorganger zullen dan ook onaangenaam verrast worden door de serie. Voor kijkers met een voorkeur voor camp en kitsch is het echter smullen geblazen. Het begon al met de speurtocht naar de nieuwe Scarlett: overal ter wereld werden hoopvolle meisjes in baljurken gehesen, maar uiteindelijk koos regisseur John Erman voor de reeds gevestigde actrice Joanna Whalley-Kilmer. Die baljurken kwamen achteraf nog goed van pas, want Joanna is in 120 verschillende creaties te bewonderen. De nieuwe Rhett wordt gespeeld door de ex-James Bond Timothy Dalton. De zinsnede 'de naam is Butler, Rhett Butler' blijft helaas achterwege, maar er valt genoeg te lachen. Zo geeft Scarlett haar dierbare landgoed zonder omhaal weg, ontpopt ze zich als een expert op het gebied van groenten, legt Rhett zich toe op de aanleg van een soort Keukenhof en beleeft het duo een hachelijk avontuur op een in de studio nagebouwd meer. Onze dappere heldin belandt in Ierland, helpt daar de noodlijdende boerengemeenschap en wordt uiteindelijk aangeklaagd voor moord. Het aan alle kanten rammelende scenario ontstijgt nergens het niveau van een derderangs kasteelromannetje, maar dat dondert niet. Scarlett is een prachtig voorbeeld van een glorieuze mislukking en leuk om alle verkeerde redenen.
Bart van der Put


Blue tiger
Norberto Barba
"Moeder" antwoordt Virginia Madsen op de vraag naar haar beroep, als de wapenhandelaar haar gegevens noteert. Zelfs de actiefilm ontsnapt niet aan de officieel verplichte zeven dagen wachttijd. Een moeder op zoek naar wraak, dat is het gegeven van Blue tiger, een tamelijk onderhoudende thriller over de Japanse mafia in Los Angeles. Het vijfjarige zoontje van Gina (Madsen) stond op de verkeerde plek toen een yakuza wilde afrekenen met een onwillige industrieel. Een enorme tatoeage van een tijger op de borstkas van de moordenaar is Gina's enige aanknopingspunt. Via een beschimmelde tatoe-baas (een leuk klein rolletje van Harry Dean Stanton) infiltreert Gina in het yakuza-milieu en vindt de tijger. Dat Blue tiger meer is dan een snel in elkaar gezette actiefilm, blijkt bijvoorbeeld uit het opmerkelijke feit dat de Japanners Japans praten in plaats van het commercieel veel handzamere Engels. Gezien de gebruikelijke nonchalance in dit genre ziet de film er verzorgd en stijlvol uit. Afgezien van wat overdadig geweld en een verwrongen vrijpartij zit het scenario goed in elkaar. De film bevat een erg mooie ontsnapping uit een politieauto - geboeid door de achterruit! - en Virginia Madsen moet nu toch maar eens in grote films gaan spelen. De naam van de regisseur, Norberto Barba, riekt naar een anagram of een psuedoniem. Voor veredeld genrewerk als Blue tiger hoeft hij zich echter niet te schamen.
Mark Duursma


Being human
Bill Forsyth
Als doortastend observator van menselijk gedrag maakte de van oorsprong Schotse regisseur Bill Forsyth naam met films als Gregory's girl, Local hero en Housekeeping. Nadat zijn debuutfilm That sinking feeling in 1979 in Engeland een onverwacht succes bleek, beschouwde men de regisseur als de man die de noodlijdende Britse filmindustrie er wel even bovenop zou helpen. Dat is natuurlijk teveel gevraagd van iemand die zich toelegt op het maken van kleine, ontwapenende en zeer persoonlijke films. Forsyth verlegde zijn werkterrein in 1987 naar de Verenigde Staten en levert met Being human zijn vierde Amerikaanse produktie af. Het is een ambitieuze film geworden. Forsyth's scenario omspant een periode van tienduizend jaar en poogt aan te tonen dat de menselijke aard in al die jaren eigenlijk niets veranderd is. De spil van de film is het steeds terugkerende personage Hector, gespeeld door Robin Williams. We zien hoe hij als holbewoner zijn familie verliest, in het oude Rome als slaaf de mislukte zakenman John Turturro bijstaat, in de middeleeuwen met een Italiaanse weduwe aanpapt en hoe hij als Portugese schipbreukeling toenadering zoekt tot zijn ex-vrouw. Hector is een conformist die uiteindelijk liever wegloopt dan zijn problemen onder ogen te zien. In de laatste episode wordt hij in het hedendaagse New York gedwongen zich te verzoenen met zijn leven. De episodische opbouw komt de betrokkenheid met het hoofdpersonage niet echt ten goede, evenals het overbodige commentaar van verteller Theresa Russell. De observaties van Forsyth mogen dan aardig zijn, vergeleken met eerder werk heeft de regisseur flink aan scherpzinnigheid ingeboet. Deze curieuze film zal daardoor alleen de hardnekkige fans van regisseur en hoofdrolspeler kunnen boeien.
Bart van der Put

Naar boven