Verwacht - april 1995, nr 155


Outbreak Een jaar geleden werd in de Nederlandse bioscopen de Canadese musical Zero patience vertoond. De film was een kleurrijke poging om enkele hardnekkige mythes rond het aids-virus te ontkrachten. De bekendste mythes veronderstellen dat één man het virus naar het Noord-Amerikaanse continent bracht en dat de ziekte van een Afrikaanse groene aap was overgebracht op de mens. Ook de film And the band played on, een gefingeerde reconstructie van het begin van de aids-epidemie, opende met een stapel lijken in een Afrikaans dorpje. De Amerikaanse kassakraker Outbreak gaat niet over aids, maar speelt wel handig in op de angst voor virusziekten en combineert de verschillende aids-mythes in een huiveringwekkend rampscenario. Dustin Hoffman speelt de viroloog Sam Daniels, die in dienst van het Amerikaanse leger nieuwe virussen identificeert en indien mogelijk bestrijdt. Hij ontdekt in een Afrikaans dorp een uiterst dodelijke variant en luidt bij zijn terugkeer in de Verenigde Staten meteen de noodklok. Zijn superieuren luisteren pas naar hem wanneer het te laat is. Een uit het dorp afkomstig aapje belandt in een stad in Californië en besmet in razend tempo de plaatselijke bevolking. Bustin' Dustin krijgt het er druk mee, maar vindt tussen geruzie met zijn bazen en het zoeken naar een medicijn toch nog tijd om zijn ex-vrouw opnieuw het hof te maken. De ex is ook een virologe en wordt gespeeld door Rene Russo. Twee jaar geleden kreeg zij als presidentiële bodyguard ook al iets moois met collega Clint Eastwood in In the line of fire. De twee films hebben naast het thema van romantiek in een crisissituatie ook de regisseur gemeen. Wolfgang Petersen weet de spanning weer aardig op te voeren, maar Dustin Hoffman is geen Clint Eastwood, al doet hij in navolging van Meryl Streep nog zo zijn best om als actieheld overtuigend over te komen.


Moeder Dao, de schildpadgelijkende is een documentaire over de Nederlandse aamwezigheid in Indonesië in de periode 1912 tot 1933. Vincent Monnikendam stelde zijn film samen uit een groot aantal oude nitraatfilms die destijds in Nederlandsch-Indië zijn opgenomen. Ofschoon het materiaal ooit een propagandistisch doel diende toont het de hedendaagse toeschouwer hoe het rasverschil tussen de jongens van Jan de Witt en de plaatselijke bevolking de machtsverhoudingen bepaalde. Het oorspronkelijk geluidloze materiaal wordt begeleid door een klanktapijt dat oud-Javaanse en moderne Indonesische gedichten combineert met liederen van de Toraja's, de Sundanezen en de inwoners van Nias. Die laatsten leverden ook de titel: volgens de bewoners van het eiland Nias schiep moeder Dao de aarde. De kromme horizon die ze vanaf hun eiland waarnemen zorgde voor de vergelijking met een schildpad.


De oogst van de stilte belicht een vijftal moderne Chinese componisten die allen een opleiding volgden aan het conservatorium van Beijing. Mocht u het nog niet weten: de Chinezen zijn sterk in opkomst waar het muzikale avantgarde betreft. Dat er tegenwoordig sprake kan zijn van Chinese avantgarde heeft alles te maken met de 'Open Deur' politiek die het regime in Beijing in 1978 invoerde. Tot aan de beleidswijziging was westerse klassieke muziek verboden. De jeugd van de vijf componisten werd dan ook beheerst door lokale plattelandsdeuntjes en de model-opera's van de staat. De documentaire van Eline Flipse beslaat niet alleen de aangrijpende achtergrond van het vijftal, maar ook hun huidige opmars. Componist Tan Dun is deze maand op tournee in Nederland en zingt zelf de solopartij in zijn compositie 'Memorial 19 Fucks'. Tan Dun, onthoudt die naam.


Stargate van Roland Emmerich koppelt een intrigerende stelling aan een flinke dosis special effects. De stelling is ontleend aan Erich von Dänikens bestseller 'Waren de goden kosmonauten?'. De schrijver suggereerde dat de goden uit oude beschavingen in werkelijkheid buitenaardse voorlopers van Wubbo Ockels waren. De heilige Wubbo in Stargate doet zich voor als de Egyptische zonnegod Ra en wordt gespeeld door Jaye Davidson, bekend als de vrouw met de jongeheer uit The crying game. James Spader speelt een egyptoloog die samen met marinier Kurt Russell op een verre planeet belandt waar Davidson een slavenvolk onder de duim houdt. Kurt deelt sigaretten uit, terwijl James furore maakt met een chocoreep. Spiegels en kraaltjes komen er niet aan te pas, maar voor de rest wordt het oude stramien op de voet gevolgd.


My life is het regiedebuut van Bruce Joel Rubin, die op de filmacademie van New York bij Martin Scorsese en Brian De Palma in de klas zat. Vergeleken bij zijn klasgenoten mag Rubin misschien een laatbloeier zijn, geheel onbekend is hij niet. Hij schreef scenario's voor de geslaagde thrillers Brainstorm en Jacob's ladder en de tranentrekker Ghost, waarvoor hij een Oscar ontving. Rubin blijkt behoorlijk themavast: ook dit keer behandelt hij de scheidslijn tussen leven en dood. Michael Keaton speelt een man die te horen krijgt dat hij doodgaat. Echtgenoot Nicole Kidman is zwanger en dus grijpt Keaton naar een videocamera, zodat hun kind papa postuum kan leren kennen. Haal uw zakdoek maar vast tevoorschijn.


Le parfum d'Yvonne is een Franse film met een Nederlands luchtje. Het titelpersonage wordt gespeeld door de Nederlandse Sandra Majani. In haar acteerdebuut verovert Sandra met haar elegante uitstraling en een opwaaiend zomerjurkje het hart van Hippolyte Girardot. Het verliefde stel raakt bevriend met een excentrieke nicht op leeftijd die zich Astrid, koningin der Belgen noemt. De Belgische vorstin wordt prachtig neergezet door Jean-Pierre Marielle, vorig jaar nog te zien in Bertrand Bliers Un deux trois soleil. Regisseur Patrice Leconte is er aardig in geslaagd de sfeer van de late jaren vijftig weer te geven en doet zijn best om de erotische spanning langzaam op te voeren. Het resultaat is echter lang niet zo overtuigend als zijn Le mari de la coiffeuse. Kapsters ruiken nu eenmaal lekkerder dan fotomodellen.


Brainscan is een horrorfilm waarin regisseur John Flynn waarschuwt voor de gevaren van de populaire horrorspelletjes die de hedendaagse jeugd aan de computer gekluisterd houden. In de film krijgt een jongen die het moorddadige spel 'Brainscan' speelt bezoek van de Trickster, een hardrock-versie van Freddy Krueger, die hem vertelt dat zijn slachtoffers niet zo virtueel zijn als hij dacht. De allesbehalve indrukwekkende visuele effecten werden bedacht door Rene Daalder, de naar Amerika geëmigreerde Nederlander, die zich na het regisseren van de geslaagde B-film Massacre at Central High in 1976 hoofdzakelijk met computers bezighoudt. In Daalders nieuwe project Strawberry fields gaat iemand in de wereld van virtual reality op zoek naar het aardbeienveldje uit de Beatles-hit.


Streetfighter is al jaren één van de populairste computerspelletjes ter wereld. Met de verfilming ervan hoopt regisseur en scenarioschrijver Steven de Souza het spelverslaafde publiek naar de bioscoop te lokken, waarbij de aanwezigheid van bottenbreker Jean-Claude Van Damme het gemis van een joystick moet compenseren. Voor de zekerheid zette hij ook nog twee jokers in: de onlangs overleden Raul Julia en het popzangeresje Kylie Minogue. Julia speelt een wrede dictator die 63 medewerkers van een internationale vredesmacht gijzelt. Jean-Claude en Kylie moeten de gijzelaars bevrijden en gaan op de vuist met een uiteenlopende reeks knokspecialisten. In tegenstelling tot het in traptechnieken grossierende computerspel maken de bevrijders regelmatig gebruik van vuurwapens. Jean-Claude speelt dus vals.


An awfully big adventure is een verfilming van Beryl Bainbridges gelijknamige roman over een zestienjarig meisje dat opgroeit in het theatermilieu van de Engelse stad Liverpool. De regie is in handen van Mike Newell, die eerder tekende voor de films Into the west en Four weddings and a funeral. Liefhebbers van laatstgenoemde kassakraker zullen verheugd zijn met de aanwezigheid van Hugh Grant. De acteur gebruikt zijn charme dit keer echter om een verleidelijke schurk neer te zetten. Alan Rickman ging met de heldenrol aan de haal en hoopt zo het schurken-imago dat hij aan Die hard overhield eindelijk kwijt te raken. Om de hoofdrol te bemachtigen verzon actrice Clare Woodgate een valse naam en deed ze zich voor als een onervaren zestienjarig meisje uit Liverpool. Haar ware identiteit werd pas na de opnamen duidelijk. Voor straf gaat ze de rest van haar leven gebukt onder de naam Georgina Cates.


Shallow grave stelt de klassieke vraag: wat te doen wanneer je bij een lijk een koffer vol met geld vindt? De drie bewoners van een grote etage in het Schotse Glasgow kiezen voor de knaken. Het enige probleem is dat het lijk de nieuwe huisgenoot is en zo'n dode in huis is niet echt fris. Met zijn speelfilmdebuut veroorzaakte regisseur Danny Boyle een sensatie in Engeland. De nationale filmindustrie gaat er al geruime tijd gebukt onder een stevige identiteitscrisis, want bijna elke film zonder Helena Bonham-Carter in een baljurk flopt aan de kassa. De voor een habbekrats in Schotland gedraaide thriller is echter een dijk van een hit, waardoor de regisseur nu al wordt gezien als de redder van de Engelse filmindustrie. Of hij de hooggespannen verwachtingen kan waarmaken valt te betwijfelen, want zijn stijlvolle debuut is wel redelijk spannend maar beslist niet geniaal. Bonham-Carter kan haar baljurken nog niet aan de wilgen hangen.


Richie Rich is het rijkste jongetje ter wereld. Hij heeft alles wat zijn kinderhartje begeert. Behalve vriendjes natuurlijk, want die zijn niet te koop. Richie wordt gespeeld door Macauley Culkin, het bestbetaalde kindsterretje uit de filmgeschiedenis en misschien ook wel het rijkste jongetje ter wereld. Of Culkin vriendjes heeft is niet bekend. Of hij nog een toekomst heeft nu het klimmen der jaren zich op zijn gezicht begint af te tekenen is evenmin duidelijk. Deze sentimentele komedie van Donald Petrie deed het namelijk niet zo best aan de Amerikaanse kassa, hetgeen ook gold voor Culkins vorige twee films. In tegenstelling tot Richie zal Big Mac zich dus geen eigen vestiging van McDonalds kunnen permiteren, laat staan dat hij supermodel Claudia Schiffer kan inhuren als persoonlijke fitness-trainer.


Mes in het water markeerde in 1962 het speelfilmdebuut van Roman Polanski en leverde de Poolse regisseur meteen een Oscar-nominatie op. Het in drie dagen geschreven scenario is inmiddels ontelbare malen opnieuw gebruikt in Hollywood-thrillers, die geen van allen zo sterk zijn als het origineel, waarin een echtpaar met een huwelijkscrisis tijdens een boottocht door een psychopaat belaagd wordt. Drie jaar na zijn debuut bevestigde Polanski zijn enorme talent met Repulsion, een huiveringwekkend portret van het totale geestelijke verval van een jonge vrouw, uitstekend neergezet door Catherine Deneuve. Met behulp van de duistere fotografie en enkele effectieve trucages roept de regisseur een ondraaglijk beklemmende sfeer op die in dertig jaar niets aan kracht heeft ingeboet. Een jaar na Repulsion sloeg Polanski een iets luchtigere toon aan met Cul de sac, waarin de onlangs overleden Donald Pleasence zijn kasteel aan de zee bedreigd ziet worden door twee voortvluchtige criminelen. Zijn vrouw wordt gespeeld door Catherine Deneuve's zus Françoise Dorléac, die een jaar na de opnamen stierf bij een auto-ongeluk.


De 101 dalmatiërs is een uit 1961 stammende tekenfilm van Wolfgang Reitherman. De avonturen van de gevlekte viervoeters draaien om enkele gekidnapte puppies die de moederschoot missen. De film vormt onderdeel van een lange reeks klassieke Disney-films die de laatste jaren opnieuw uitgebracht worden. Op die manier komt er tenminste nog wat geld in het Disney-laatje, dat flink te lijden heeft onder de voortdurende verliezen op het commercieel mislukte pretpark in Frankrijk. De naam 'Euro Disney' is inmiddels omgedoopt tot 'Disneyland Europe' en de prijzen zijn gehalveerd. En nou maar hopen dat er nog klanten komen.


Jour de fête zou eigenlijk in 1949 al in kleur te zien zijn, ware het niet dat hoofdrolspeler, scenarioschrijver en regisseur Jacques Tati tot de vervelende ontdekking kwam dat het kleurenprocédé niet werkte. Dankzij de inspanningen van Tati's dochter Sophie Tatischeff zijn de komische avonturen van postbode François nu alsnog in kleur te zien. In zijn eerste lange speelfilm steekt Tati vrolijk de draak met het moderne streven naar efficiëntie, zoals hij dat later ook in Mon oncle en Playtime zou doen.

Bart van der Put

Naar boven