Mei 1996, nr 167

Strange days

Sensatie uit een haarnetje

Strange days, de nieuwste actiefilm van Kathryn Bigelow, is een overrompelend meeslepende film. Dat moet ook, want de perfecte illusie is tevens het thema van de film. In vliegende vaart, overweldigd door beelden en geluid, wordt de kijker naar het Los Angeles van 1999 overgeplaatst. Een Los Angeles vol wapens, muziek, sirenes, brandjes, nét iets modernere kleren en een verleidelijke nieuwe technologie: squid.

Ralph Fiennes onder de hoede van Angela Bassett.

In Strange days draait het om de handel in illusies: de momenten waarop je even níet jezelf hoeft te zijn. Even genieten van alles wat god en staat verboden hebben zonder je echter aan het gevaar dat daarbij hoort te hoeven blootstellen. Wel de lusten maar niet de lasten van het avontuur. Dat soort momenten zijn in het Los Angeles van 1999 te koop op de zwarte markt. De nieuwe technologie die je ervoor nodig hebt heet 'squid': een soort haarnetje dat direct vanuit de hersenen ervaringen opneemt. Mensen worden betaald om hun spannende of genotsvolle ervaringen op te nemen. Anderen betalen er vervolgens voor om deze belevenissen in het hoofd te laten afspelen alsof ze ze werkelijk meemaken. Je kan met behulp van squid ook je eigen verzameling eeuwig-durende-herinneringen beginnen door de juiste momenten in je leven te registreren. Nooit meer hoef je afstand te doen van een geliefde want op ieder moment in je bestaan kunnen de gelukkigere tijden herleven alsof ze nog steeds voortduren.
Zo heeft hoofdpersoon Lenny Nero (Ralph Fiennes) een hele verzameling aangelegd van zijn belevenissen met zijn ex-vriendin Faith (gespeeld door de als altijd zeer sensuele Juliette Lewis). Bandjes die hij na vermoeiende dagen in de gewelddadige stad graag mag afdraaien om weer op verhaal te komen. Nero, een ex-politieagent, zit sowieso goed in de 'playbacks' want hij handelt erin. Hij zet 'ervaringen' uit bij hoeren en kleine criminelen en hij verkoopt de tapes vervolgens aan keurige zakenmannen die veel geld over hebben voor deze gemakkelijke opwinding.

Subjectieve camera
Wanneer de film begint vallen we midden in een heftige overval, geregistreerd vanuit één van de overvallers. We bevinden ons in zijn lichaam, maar we zien hem niet. Als in de 'cinema vérité' rent de camera/overvaller paniekerig een keuken binnen, mept de aanwezigen tegen de grond, vlucht na binnenkomst van de politie het dak op én valt uiteindelijk te pletter. Dan rukt Fiennes het 'haarnetje' van zijn hoofd en begrijpen we dat wat we gezien hebben niet 'echt' is maar een zogenaamde snuff-playback, opgenomen door de te pletter gevallen overvaller en door een handelaar vervolgens van het politiebureau weggesnaaid. Een bijna-dood ervaring, zeg maar, maar dan zonder de tunnel met het licht op het einde.
Voor deze en de latere squid-sequenties in de film gebruikt regisseur Bigelow met succes de subjectieve camera. Het is opvallend hoe goed deze techniek werkt in Strange days. De squid-opnames geven de toeschouwer het akelige gevoel te zeer een voyeur te zijn. Dit dankzij de uitstekende acteurs die in de squids de camera tegemoet treden alsof het een personage is. Ook dankzij de beweeglijkheid van de in de hand gehouden camera, die perfect de bewegingen van het lichaam nabootst, wordt het effect vergroot. Het begluren van degenen die de tapes afdraaien ('haarnetje' op het hoofd en genietende dan wel angstige emoties op het gezicht, de ogen gesloten) brengen de toeschouwer trouwens het onaangename gevoel ergens te dichtbij te komen. Bigelow slaagt er met deze scènes in het voyeurisme dat al van oudsher aan de filmkijker wordt gekoppeld in ere te herstellen. Inclusief de ambivalente gevoelens die daarbij horen.

Film en werkelijkheid
Strange days is een film over film(kijken) maar eigenlijk een film over de relatie tussen film en werkelijkheid en hoezeer in de huidige samenleving het een niet meer is los te zien van het ander. De mensen in het Los Angeles van 1999 leven in een wereld die wordt overspoeld door beelden: zowel door de overal aanwezige televisieschermen als door de visuele illusies die te koop zijn op de zwarte markt. Het L.A. dat scenarist en producent James - Terminator - Cameron en Bigelow ons tonen heeft een nachtmerrie-achtig en extreem gewelddadig aanzien. Toch zou het er best zo uit kunnen zien. Het is een uitvergroting van hetgeen nu al aanwezig is.
Net zoals de plot een uitvergroting is van gebeurtenissen die reeds hebben plaatsgevonden. Het verhaal draait om een 'playback' die gemaakt is van de willekeurige executie van een zwarte leider door de politie. De verwijzing naar de Rodney King-videotape moge duidelijk zijn. Hoofdpersoon Lenny Nero krijgt de tape in handen en daarmee de moeilijke opdracht de goede agenten van de corrupte agenten in de LAPD te scheiden in zijn streven naar een zo min mogelijk gewelddadige 'oplossing'. Hij wordt in dit streven bijgestaan door de krachtige Angela Basset. In haar rol van integere en sterke Mace kan deze actrice de spierballen die in What's love got to with it zo anachronistisch waren nu echt gebruiken en ze doet dat met verve. Tijdens het zien van Strange days overviel me het onwerkelijke en angstaanjagende gevoel dat L.A. misschien wel echt deze onderwereldachtige trekken zou gaan aannemen omdat deze film er is. Kathryn Bigelow kan tevreden zijn.

Jann Ruyters

Strange days
Verenigde Staten, 1996.
Produktie: James Cameron en Steven-Charles Jaffe.
Regie: Kathryn Bigelow.
Scenario: James Cameron en Jay Cocks.
Camera: Matthew F. Leonetti.
Geluid: Gary Rydstrom.
Montage: Howard Smith.
Muziek: Graeme Revell.
Met: Ralph Fiennes, Juliette Lewis, Angela Bassett, Tom Sizemore.
Kleur, 147 minuten.
Distributie: UIP.
Te zien: vanaf 15 mei.

Naar boven