Video - juni 1996, nr 168

Een selectie uit de videotheek van nieuwe, interessante en curieuze films die niet in de bioscoop zijn uitgebracht.


Erotique
Lizzie Borden/Monika Treut/Clara Law
Als een titel zich zo vergrijpt aan Franse dweperij, ontkom je er bijna niet aan om de bijbehorende film met argusogen te benaderen. Vrouwen, hou je vast, dit is erotiek met een grote Q, gemaakt door en voor vrouwen! Al na enkele beelden blijkt de vrees ongegrond. De regisseurs in dit drieluik pakken flink uit en houden hun reputatie hoog. Lizzie Borden, vernoemd naar de beroemde moordenares, liet prostituées al vrij baan in Working girls en staat bekend als rasechte feministe. Haar tirade tegen de dominerende mannelijke seksuele fantasieën uit zich in een prettig telefoonseks-spelletje in Let's talk about sex. De hoofdpersoon heeft al vele intimidaties bij audities moeten ondergaan: de ergste en tevens de meest originele is de vraag van de regisseur om de tekst van de hoer op pagina zoveel op te lezen. "Maar die heeft alleen een pijpscène!". Juist. Gelukkig is er één man die haar spannende koningin-met-slaven-fantasie wil aanhoren, een fantasie die uiteraard uitgebreid wordt verbeeld. Ook in Taboo parlor van Monika Treut (My father is coming) hebben, zoals het goede vrouwelijke erotiek betaamd, de vrouwen de totale controle. Twee lesbiennes trakteren zichzelf op een avondje Man. In een zeer zwoele ambiance pikken ze een argeloze crimineel op, die vanzelfsprekend strak in het vel steekt. Ze drijven hem tot het uiterste, totdat - buiten beeld - de dood erop volgt. Beide films worden gedragen door actrices van een bijzondere schoonheid. De mannen steken wat schril af tegen deze verbluffende vrouwen, maar dat mag de pret niet drukken. Helaas valt Wonton soup van Clara Law (Temptation of a monk) ietwat tegen. Hierin probeert een jongen de liefde te winnen van zijn vriendin, door Chinese gewoontes aan te leren. Hij kookt zeevruchten, experimenteert erop los met een 1500 jaar oud Chinees seksboek in de hand, maar het mag niet baten. De seksscènes zijn fantasieloos en er komt zelfs een huilbui aan te pas. Binnen een ander kader dan dit drieluik valt dit te accepteren, maar dit is niet waar de hunkerende vrouw op zit te wachten.
Mariska Graveland
Te huur vanaf 19 juni (PolyGram Video).


To Wong Foo, thanks for everything! Julie Newmar
Beeban Kidron
Zet drie drag queens in een opvallende auto, laat ze beginnen aan een transcontinentale reis, en zorg vervolgens dat ze met autopech stranden in Nergenshuizen. Met zo'n plot dringt de vergelijking met Priscilla, queen of the desert zich natuurlijk meteen op, en zeker in het eerste kwartier heeft To Wong Foo... wel erg veel weg van een Hollywood remake van de succesvolle Australische road-movie. Na het wat al te gemakkelijke begin neemt de film echter een andere wending. Nadat ze zijn gestrand in een desolaat gehucht in de Amerikaanse Midwest laten de drie held(in)nen het dorp een metamorfose ondergaan. Lang uitgebluste levens komen tot bloei, vergeten dromen worden weer gedroomd en het jaarlijkse aardbeienfeest wordt een ware happening. Terwijl Priscilla iets probeerde te laten zien van de tragiek van de mannen achter de make-up, is To Wong Foo... een romantisch sprookje over liefde en tolerantie. Drag queens zijn vredelievende, onaardse schepsels die ons, gewone stervelingen, een inspirerend lesje kunnen leren. Een soort E.T. in travestie eigenlijk, en de film werd dan ook geproduceerd door Steven Spielberg. De boodschap is banaal, accepteer je medemens en hou-van-het-leven-want-het-is-al-zo-kort, maar lijkt niet uitsluitend te zijn geïnspireerd door het gerinkel van de kassa. De film zit onderhoudend in elkaar, terwijl de grappen - niet onbelangrijk voor een komedie - van behoorlijk niveau zijn. Voor de hoofdrollen hebben de makers opzettelijk gekozen voor de super-hetero symbolen Wesley Snipes en Patrick Swayze, en dat heeft goed uitgepakt. Swayze is verrassend elegant in zijn Chanel-creaties, terwijl Snipes doet denken aan een uit de kluiten gewassen Naomi Campbell. Het mooiste meisje van de klas is echter de jonge bloem Chi-Chi die innemend wordt gespeeld door John Leguizamo.
Fritz de Jong
Te huur vanaf 18 juni (CIC Video).

To Wong Foo...: John Leguizamo, Wesley Snipes en Patrick Swayze op weg naar Hollywood..


Wicked city
Mak Tai Kit
Dat regisseur John Woo voor zijn vertrek naar de Verenigde Staten in Hong Kong een reeks geniale gangsterfilms heeft gemaakt is inmiddels geen geheim meer. Dat producent Tsui Hark een doorslaggevende rol speelde bij Woo's afscheid van de traditionele kung fu-film en de Chinese komedie is minder bekend. Tsui geldt sinds de oprichting van zijn produktiemaatschappij Film Workshop in 1985 als de grootste gangmaker binnen de commerciële filmindustrie van Hong Kong. Hij vormde als producent en regisseur klassieke Chinese sprookjes en legenden om tot enerverende en fantasievolle spektakelfilms, bomvol met gierende actiescènes en duizelingwekkende trucage-opnamen. Tsui's aanpak bleek in Oost-Azië uiterst succesvol en werd daar op grote schaal gekopieerd, maar in ons land waren de films van de Chinese Spielberg slechts zeer sporadisch te zien op filmfestivals en op moeilijk verkrijgbare importvideo's. Wicked city is de eerste fantasyfilm van Tsui Hark die een normale distributie krijgt, zij het via het in Japanse animatiefilms gespecialiseerde Manga-label en in een beroerd Engels nagesynchroniseerde versie. Maar dat mag de pret niet drukken, want deze verfilming van het gelijknamige Japanse stripverhaal, eerder al in animatieversie verschenen, is een schoolvoorbeeld van de methode-Tsui en als dusdanig niet te versmaden. Het uit Wong Kar-wai's
Fallen angels bekende duo Leon Lai Ming en Michele Reis worstelt ook hier met liefdesproblemen, maar dat is slechts bijzaak. In een razend tempo binden zij de strijd aan met reptiel-achtige buitenaardsen, die veelvuldig van gedaante verwisselen. Regisseur Mak Tai Kit vangt de spectaculaire transformaties en knokpartijen in een reeks oogstrelende beelden en het stempel van Tsui verraadt zich in het ontbreken van ook maar één saai moment. Wie niet vertrouwd is met de werkwijze van Tsui Hark zal adem tekort komen en de band regelmatig terugspoelen, wie het licht al eerder zag stapt opnieuw in een heerlijk verkwikkend bubbelbad. Dames en heren videodistributeurs: meer van hetzelfde graag.
Bart van der Put
Te huur vanaf 26 juni (PolyGram-Manga Video)


Witch hunt
Paul Schrader
In het oeuvre van scenarist/filmmaker Paul Schrader is Witch hunt een vreemde eend in de bijt. Hij heeft om te beginnen niet zelf het scenario geschreven (scenario: Joseph Dougherty) en de film werd oorspronkelijk voor het Amerikaanse abonnee tv-kanaal HBO gemaakt. Schraders voorlaatste film was Light sleeper, een hoogst persoonlijke trip langs de route die hij al eerder met zijn scenario voor Taxi driver was gegaan. Witch hunt wordt voorafgegaan door een aantal schitterende trailers van 'The X Files' en waarschijnlijk denkt de distributeur dat het publiek uit dezelfde hoek moet komen. Witch hunt is echter geen bovennatuurlijke thriller, maar een satire. De gimmick van deze film is dat we het woord heksenjacht, dat in de jaren vijftig stond voor het uitroken van onamerikaanse, ofwel vermeend communistische activiteiten, letterlijk moeten nemen. De film speelt zich dus weliswaar in het langzamerhand vertrouwde decor van Hollywood in de jaren vijftig af, maar elke referentie naar communisme is nu vervangen door verwijzingen naar magie. Centraal in de geschiedenis staat een privé detective die H.P. Lovecraft heet (net als de legendarische Amerikaanse horrorschrijver) en door Dennis Hopper wordt gespeeld. Hij is van het ouderwetse soort: hij weigert magie toe te passen en gaat af op zijn intuïtie. Hij is getuige van een ritueel waarbij een Hollywoodproducent de geest van Shakespeare oproept om een in het moeras stekend filmscript te redden met 'additional dialogue'. En dat is dan nog de geestigste vondst. De rol van de duivelse senator wordt met verve gespeeld door Eric Bogosian, maar het heeft allemaal veel weg van een rondje cabaret. De special effects zijn net even te goedkoop, de art direction is er te dik bovenop gelegd, en wie nu nog Hollywood onderuit wil halen moet van heel goede huize komen, want de constatering dat de magie van de cinema geen goud, maar klatergoud biedt lijkt weinig opzienbarend. Laten we gewoon The front van Martin Ritt of The player van Robert Altman nog maar eens huren.
Mark Moorman
Te huur vanaf 18 juni (Fox Home Entertainment).

Naar boven