Video - januari 1997, nr 174

Een selectie uit de videotheek van nieuwe, interessante en curieuze films die niet in de bioscoop zijn uitgebracht.


Nobody's fool
Robert Benton
Met films als Kramer vs. Kramer en Places in the heart heeft Robert Benton zich laten kennen als een regisseur die zwaarder tilt aan karakterontwikkeling dan aan plot. Ook in Nobody's fool draait het allemaal om de innerlijke ontwikkeling van de hoofdpersoon. Sully (Paul Newman) is een geboren loser die op zijn zestigste nog steeds inwoont bij een hospita en zonder werk zit als gevolg van een knieblessure, die hij heeft opgelopen als werknemer van een malafide bouwbedrijfje. Ook als echtgenoot en vader is hij mislukt, hij verliet zijn vrouw na de geboorte van hun zoon. Op een dag komt die zoon terug in zijn leven, en bij die gelegenheid ontmoet Sully voor het eerst zijn kleinzoon. Hij besluit dat het tijd is om verantwoordelijkheden te nemen waarvoor hij jarenlang is weggelopen, en zet voorzichtig de eerste stappen in een hernieuwde loopbaan als vader én grootvader. Dit kleine drama van een man die op zijn zestigste eindelijk besluit volwassen te worden, speelt zich af tegen de achtergrond van het dagelijks leven in een winters dorpje in het noorden van Amerika, dat wordt bevolkt door kleurrijke inwoners zoals een eenbenige advocaat die nog nooit een zaak heeft gewonnen en een agent die als levensdoel heeft om Sully zijn rijbewijs af te nemen. Door de minutieuze schildering van het dorpsleven krijgt de figuur Sully het benodigde reliëf. Al wordt er in het dorp onderling nog zoveel gekankerd, geruzied en gestrubbeld, de mensen in deze kleine gemeenschap kunnen niet zonder elkaar. Regisseur Benton is er uitstekend in geslaagd om het op de loer liggende sentiment buiten de deur te houden, door een licht absurdistische toon en onderkoelde humor. Nobody's fool beschikt over een prachtige cast, met opmerkelijke bijrollen voor Bruce Willis en Melanie Griffith. Newman draagt de film met groot gemak, in een van de mooiste rollen in zijn imposante carrière.
Fritz de Jong
Te huur vanaf 18 december (Columbia TriStar Home Video).

Nobody's fool: Melanie Griffith en Paul Newman flirten bij de gootsteen.


The sunshine boys
John Erman
Neil Simon is een van de succesvolste toneelschrijvers van Amerika. Met zijn vlot geschreven blijspelen, die hoog scoren in de categorieën Lach & Traan, viert hij al decennia lang triomfen op Broadway. Een van Simons grootste hits is 'The sunshine boys', een stuk over twee bejaarde variétékomieken die nog één keer samenkomen voor een optreden in een televisieshow. De twee komieken, Willie Clark en Al Lewis vormden in een ver verleden een populair duo, maar zijn elkaar na het uiteengaan gaan haten. Ondanks alle moeite die Clarks manager zich getroost om beide mannen te laten samenwerken, loopt hun optreden uit op een fiasco. In 1975 werd 'The sunshine boys' al eens verfilmd met hoofdrollen voor Walter Matthau en George Burns, die er een Oscar aan overhield. In 1995 achtte televisiemaatschappij CBS de tijd rijp voor een remake van The sunshine boys met Woody Allen en Peter Falk als Lewis en Clark. Neil Simon schreef zelf het scenario, wat voornamelijk heeft geresulteerd in een aantal aanpassingen aan de moderne tijd: de variétékomieken van weleer zijn nu beroemde tv-komieken uit de jaren zestig geworden, Lewis is verslingerd aan tele-shoppen en krijgt Nintendo-les van een vijfjarig neefje. Daarnaast is de manager, in het oorspronkelijke stuk een neef van Clark, in de nieuwe versie vervangen door een nicht (Sarah Jessica Parker). The sunshine boys is een nogal recht-toe-recht-aan in beeld gebrachte registratie van een toneelstuk dat in een theateromgeving wellicht nog wel tot zijn recht komt, maar op deze video een behoorlijk belegen indruk maakt. De produktie is eigenlijk alleen de moeite waard vanwege de liefdevolle vertolkingen van Allen, Falk en Parker, en een aardige cameorol van Whoopi Goldberg als een ziekenverzorgster die niet met zich laat sollen.
Fritz de Jong
Te huur vanaf 17 december (Fox Home Entertainment).


Wild Bill
Walter Hill
Een ongebrandmerkt kalf, dat is de letterlijke betekenis van het woord maverick. In de Amerikaanse filmindustrie is het de toepasselijke geuzennaam voor regisseurs die er binnen het studiosysteem in slagen een uniek en herkenbaar oeuvre op te bouwen. Dat het een begrip uit de veeteelt betreft heeft vast iets te maken met het feit dat beroemde mavericks als Howard Hawks en John Ford zich voornamelijk in het westerngenre manifesteerden. Een van de schaarse hedendaagse regisseurs die de benaming nog verdienen is Walter Hill, eveneens bij voorkeur actief in het westerngenre. Helaas heeft hij de tijdgeest niet mee: in weerwil van het succes van Clint Eastwoods Unforgiven belanden zijn westerns hier meestal op video, behalve wanneer Bruce Willis de hoofdrol speelt en Hill de cowboys van gleufhoeden en machinepistolen voorziet, zoals in het recente
Last man standing. Het zegt veel over Willis' sterstatus dat Hills overbodige remake van Akira Kurosawa's Yojimbo hier wel het grote doek haalde en zijn superieure western Wild Bill niet. Groots van opzet en rijk aan sterke (bij-)rollen van onder veel meer John Hurt, Ellen Barkin, David Arquette en Hill-veteraan Bruce Dern, getuigt de film van groot vakmanschap. In een van zijn beste rollen speelt Jeff Bridges de legendarische revolverheld Wild Bill Hickok, die geplaagd door syfilis en een opium-verslaving neerstrijkt in een dorp vol boeventuig. Flashbacks en opium-dromen schetsen het leven van een man die letterlijk vecht met zijn reputatie en wiens verleden hem onvermijdelijk de kop zal kosten. Dat Wild Bill het niet haalt bij Walter Hills magnum opus The long riders (1980), over de bende van Jesse James, ligt vooral aan het net iets te vlakke scenario en het erg abrupte en teleurstellende einde, waarin Bill een sterfscène onthouden wordt. Vakmanschap? Jazeker. Meesterschap? Dit keer niet, maar desalniettemin een bioscoopscherm waardig.
Bart van der Put
Te huur vanaf 17 december (Warner Home Video).

Wild Bill: Jeff Bridges doet het met een spiegel.


Eva Perón, the true story
Juan Carlos Desanzo
De Argentijnse inzending voor de Oscar voor beste niet-Engelstalige film mag met recht de tegenhanger worden genoemd van Alan Parkers
Evita. Niet alleen valt het beeld van de ambitieuze staatsvrouw heel wat sympathieker uit, ook de rust en nuance van Eva Perón, the true story is een verademing na de hysterie van het duo Parker & Lloyd Webber. De keerzijde is dat de Argentijnse film, zoals de titel reeds doet vermoeden, een tamelijk brave en conventionele produktie is. Wie echter meer geïnteresseerd is in Eva Perón dan in Madonna, kan met deze film uitstekend uit de voeten. Gekozen is voor de laatste twee jaar uit het leven van Eva: de aanloop tot haar glorieuze verkiezing tot vice-president van Argentinië op 22 augustus 1951 en meteen daarna de fysieke aftakeling, leidend tot haar dood in 1952. Door middel van flashbacks passeren eerdere gebeurtenissen uit Eva's leven de revue. Overtuigend is de film vooral in de genuanceerde dialogen tussen Eva en Juan Perón over de dilemma's van de macht en in de ruime aandacht voor de diverse politieke gedaanten van het peronisme. Mooi is ook de titelrol van Esther Goris, die met haar bleke, magere gezicht en strak naar achteren gekamde, geblondeerde haar volstrekt aannemelijk maakt dat deze vrouw bezwijkt omdat, zoals haar man het uitdrukt, haar lichaam haar verraadt. Goris speelt haar rol pijnlijk fysiek, maar zonder aanstellerij. Als ze schreeuwend staat te speechen zie je haar pijn, als ze zich kwaad maakt zie je haar aderen. Dat het budget geen hordes figuranten toestond en Eva daarom tegen archiefbeelden staat te oreren, moeten we dan maar voor lief nemen.
Mark Duursma
Te huur vanaf 20 december (Video Sales Network).

Naar boven