April 1997, nr 177

Everyone says I love you

Elke lente een nieuw geluid

Woody Allen vertelde onlangs in een interview dat het hem in zijn eerste musical vooral gaat om spontaniteit. Wanneer zijn ouders in een olijke bui zomaar aan het zingen en dansen sloegen, zag dit er ondanks de knulligheid zo oprecht blijmoedig uit dat hij dat gevoel wilde terughalen. Zijn zesentwintigste en tevens vrolijkste film Everyone says I love you volgt de liefdesperikelen van een groot gezin.

Goldie Hawn en Alan Alda bereiden zich voor op een vreugdedans.

Woody Allen schept al sinds het begin van zijn carrière plezier in het spelen met bestaande filmgenres. Zo was zijn debuut Take the money and run een parodie op de misdaadfilm en de documentaire. In Mighty Aphrodite speelde Allen met het koor uit Griekse tragedies die de handeling te pas en te onpas onderbraken. En in Shadows and fog bracht hij een ode aan het Duitse expressionisme.
Zijn liefde voor muziek is minstens even groot. Niet alleen is de regisseur in zijn vrije tijd fervent jazz-klarinettist, ook uit al zijn films spreekt deze voorkeur. In films als Bullets over Broadway en Radio days speelde de muziek ook inhoudelijk een prominente rol, respectievelijk als eerbetoon aan de Broadway-revues uit de jaren twintig en de gouden dagen van de radio. Aan het begin van zijn carrière liet Allen de muziek voor zijn films nog speciaal componeren. Inmiddels dient zijn eigen collectie platen als voornaamste inspriratiebron. Gershwin, Berlin en populaire deuntjes van voor de Tweede Wereldoorlog zijn, net zoals het lettertype van de titels en de skyline van Manhattan, kenmerkend voor zijn filmische handschrift.
Tel één (genre-experimenten) en één (muziek) bij elkaar op en zijn stap richting musical ligt voor de hand. Je vraagt je haast af waarom Allen nu pas voor deze vorm kiest. Met Everyone says I love you waagt Allen zich met succes aan het genre. In tegenstelling tot Alan Parker (Evita) slaagt Allen er wél in om de zang een oprechte emotie mee te geven. Wil een musical geloofwaardig overkomen, dan is dat broodnodig. De vorm is dat immers, door de wisselend gesproken en gezongen tekst, in essentie juist niet.

Uitbundige shownummers
Net als in de meeste musicals speelt Everyone says I love you zich af in een welgesteld milieu. Allen trekt zijn familieperikelen door naar het hedendaagse Amerika van Clinton. Zo zijn de Republikeinse sympathieën van de zoon des huizes een doorn in het oog van zijn stiefvader (Alan Alda). Moeder (Goldie Hawn) doet liefdadigheidswerk en zet zich op komische maar overbodige manier in voor de gastronomie van gedetineerden. Puber DJ (Natasha Lyonne) vertelt aan de kijker wat deze bonte en zeer omvangrijke familie gedurende een jaar zoal heeft meegemaakt. En dat is in feite weinig. Haar zus wil zich verloven terwijl zij haar biologische vader, gespeeld door Allen zelf, aan een vrouw probeert te koppelen. Grof gezegd worden de personages verliefd in de lente en raken zij teleurgesteld in de herfst. Maar hun melancholische toestand duurt nooit lang. Want na de koude winter volgt een nieuwe lente met nieuwe kansen.
Het liedje 'I'm tru with love' fungeert als het muzikale leitmotiv van de film. Net wanneer de personages hebben besloten om zich af te sluiten van de liefde, ontmoeten ze natuurlijk iemand anders. Allen neemt de wetten van de musical serieus: de liedjes worden gebruikt voor introspectieve momenten en als commentaar op de handeling. De choreografie van Graciela Daniele, die ook verantwoordelijk was voor de dansnummers in Bullets over Broadway, sluit nauwkeurig aan bij de stemming van de muziek. Enthousiaste nummers vormen het startschot voor uitbundige shownummers in een juwelierszaak, bij de eerste hulp of tijdens een wake. Bij luchtige deuntjes past het ongedwongen gehuppel op straat en bij romantische muziek bedacht zij een rustige pas de deux voor Goldie Hawn en Woody Allen.

Nasale toon
Muziek is het middel bij uitstek om heel direct een gevoel over te brengen. De liedjes van Cole Porter, Walter Donaldson, Gus Kahn en vele anderen raken de kern van een gevoel beter dan het oeverloze geanalyseer van de neurotische personages uit Allens meer dramatische films dat zouden kunnen doen. De songteksten van Porter bewezen een paar jaar geleden met 'Red, hot and blue' dat zij zelfs met een andere beat de tand des tijds gemakkelijk konden doorstaan. Allen koos voor de oorspronkelijke interpretatie met orkest. Ook 'My baby just cares for me' en 'Makin' Woopee' van Walter Donaldson en Gus Kahn blijven mooi.
Om de spontaniteit te bewaren, koos Allen voor acteurs waarvan het merendeel geen zangervaring had. Hoewel Julia Roberts wat onbeholpen zingt, Tim Roth rauw mummelt en Allen jengelt met zijn typische nasale toon, bezitten hun ongeschoolde stemmen inderdaad een ongekende charme. Zij weten meer emotie over te brengen dan het glad getrokken en overdreven gearticuleerde geluid van professionele zangers uit een doorsnee musical. Ook de geforceerde nadruk en bombarie daarvan ontbreken gelukkig in Everyone says I love you. Spreken gaat terloops over in zingen, bewegen in ongedwongen danspasjes. Alle acteurs uit de grote en zorgvuldig gekozen cast doen dit met overtuigend veel plezier. Met Everyone says I love you waait voor het eerst een luchtig lentebriesje door Allens doorgaans tobberige herfststemming.

Kiki Jeanson

Everyone says I love you
Verenigde Staten, 1996.
Produktie: Robert Greenhut.
Scenario en regie: Woody Allen.
Camera: Carlo DiPalma.
Geluid: Bob Hein.
Montage: Susan E. Morse.
Muziek: Dick Hyman.
Met: Alan Alda, Woody Allen, Julia Roberts, Goldie Hawn, Edward Norton, Drew Barrymore e.a.
Kleur, 107 minuten.
Distributie: RCV.
Te zien: vanaf 10 april.

Naar boven