Mei 1997, nr 178

Ricky Koole, actrice

Wat moet ik verder nog?

Acteren is een mysterie dat zich nauwelijks in woorden laat vatten. Te vaak nemen critici én acteurs hun toevlucht tot dooddoeners als 'in de huid kruipen' of 'naturel spel'. Wie bepaalt wat goed acteren is, en op basis van welke gronden? Welke middelen staan de acteur tot zijn of haar beschikking en hoe worden ze het best benut? De Filmkrant is op zoek naar de geheimen van het vak in een serie over acteren in Nederland. Als negende in de reeks: Ricky Koole. "Ik wil alles tot in de puntjes uitzoeken en alle mogelijkheden zoveel mogelijk benutten. In de tachtig jaar die ik heb, wil ik zoveel mogelijk deuren openen, altijd verder blijven kijken en telkens weer nagaan waarin ik mezelf nog beperk."

Ricky Koole (foto's: André Bakker).

Vorig jaar was ze er opeens; in een jaar waarin ZUSJE Kim van Kooten de nieuwe Monique van de Ven werd genoemd, kreeg Ricky Koole een Gouden Kalf-nominatie voor Beste Actrice. En dat voor een slechts tien minuten-durend optreden in De jurk - haar speelfilmdebuut, waarvan ze ook het affiche sierde - en een grote bijrol in De kersenpluk. Dit jaar - Rifka Lodeizen uit Hufters & hofdames is inmiddels tot nieuwe Kim van Kooten gebombardeerd - heeft Koole opnieuw twee films opgenomen. Ze heeft een klein rolletje in Jean van de Velde's All stars en is in het najaar te zien in Blauw vertrek, de eerste lange speelfilm van de animatie-filmers Paul en Menno de Nooijer. Koole is zelf misschien nog wel het meest verbaasd hoe snel het allemaal gaat. "Ik ben vierentwintig jaar en heb al vier speelfilms gedaan. Dat vind ik raar. Ik dacht dat ik na school naarstig naar werk zou moeten gaan zoeken en dat je dan eerst een jaar of wat moest aanrommelen, maar ik heb constant werk. Het lijkt alsof er allerlei cadeautjes voor me neergelegd worden die ik alleen nog maar hoef uit te pakken."

Oer-Hollands
"Ik droomde vroeger nooit van film, wél van theater. Ik hoopte dat ik ooit eens met een voorstelling alle grote schouwburgen af zou gaan, dat ik alle theaters in Nederland een keer plat zou krijgen, maar film, nee, ik dacht niet dat dat haalbaar zou zijn. Op de middelbare school dacht ik ook niet dat ik naar de Toneelschool of de Kleinkunstacademie zou kunnen. Dat was iets voor heel erg getalenteerde mensen uit Amsterdam, maar opeens zit je er zelf."
"In 1995 liep ik stage bij het theaterconcert 'Niet gesnoeid' van Karin Bloemen, Adelheid Roosen en Leoni Jansen. Toen ik weer eens op school langskwam, zag ik een briefje hangen waarin jonge mensen werden gevraagd voor de nieuwe film van Alex van Warmerdam. Annet Malherbe nam de auditie af. Op het moment dat ik binnenkwam, had ze al het idee dat ik het moest worden, vertelde ze me laatst. Ik was precies het type dat ze zochten: een jong meisje met een Hollandse uitstraling. Dat ben ik, naar het schijnt. In alle recensies staat dat ik er zo oer-Hollands uit zie. Een kerngezond Zeeuws meisje, voluptueus, Rubensiaans... Ik verbaas me daar weleens over. Bij andere mensen staat er volgens mij niet in elk interview hoe ze gebouwd zijn. Trouwens, Rubensiaanse vrouwen zijn echt dikker dan ik."

Jong talent
"Van de ene op de andere dag stond ik met een crew van dertig mensen aan een film van een paar miljoen te werken, terwijl ik geen idee had hoe het hele bedrijf in elkaar stak. Maar Alex kon goed duidelijk maken wat hij van me wilde en omdat hij zelf ook acteert, wist hij precies wat hij moest zeggen om me verder te helpen. Daar heb ik heel veel aan gehad. Een maand na De jurk speelde ik in De kersenpluk van Arno Kranenborg. Alles was anders. Zo duidelijk als Alex was, zo vaag was Arno. Hij is beeldend kunstenaar en denkt heel visueel. Hij heeft prachtige ideeën, maar ik begreep soms echt niet wat hij bedoelde. Het was al met al een chaotische zomer, maar het heeft me een schat aan ervaring én een nominatie voor Beste Actrice op het Nederlands Film Festival opgeleverd. Terwijl het geeneens hoofdrollen waren, wel belangrijke rollen, maar geen hoofdrollen. Het zal er wel mee te maken hebben dat men in Nederland zo naarstig op zoek is naar jong talent. Op de avond van de uitreiking heb ik nog even met de juryleden Cas Enklaar en Loes Wouterson gepraat. Ze vonden het heel goed wat ik gedaan had, maar ik heb nooit precies gehoord waarom ik nou genomineerd was."

Betrokken
"In All stars speel ik opnieuw een fris Hollands meisje: de wereldkampioene schaatsen bij de junioren, Susan Heidema. Bij de casting moest iedereen een scène spelen van Jacqueline, die schaatster die Danny de Munk zoent. Op de kopie uit het scenario stond ook een stuk van de volgende scène. Daarin rotzooit een meisje wat met Peter Paul Muller in een auto en moet ze heel hard gillen terwijl ze klaarkomt. Ik had medelijden met degene die dat moest gaan spelen. Na de auditie werd ik gebeld door Job Gosschalk; hij had een héle leuke rol voor me... Ik wist eerst niet zeker of ik het moest doen; het is toch een enge scène en dan staat er ook nog zo'n hele groep acteurs die je goed kent door het autoraampje mee te kijken. Maar juist omdat ik ze allemaal kende, heb ik het gedaan. Ik hoop nu maar dat het niet al te gênant is, dat ik me er niet voor hoef te schamen."
"Hoewel het een piepklein rolletje was, gaf Jean me het gevoel dat we zeeën van tijd hadden. We hebben zelfs een dag gerepeteerd. Dat is bijzonder bij dit soort kleine bijrollen en heeft natuurlijk alles met geld te maken. Voorafgaand aan All stars heb ik een film opgenomen met Paul en Menno de Nooijer. Die werken met een veel kleiner budget en doen alles zelf. Omdat je met zo'n klein team werkt, voel je je betrokken bij het hele proces; degene die de produktie doet, doet ook het geluid en dat soort dingen. Een nadeel is wel dat je veel langer moet wachten voordat de set is opgebouwd..."

Prioriteiten
"Op het moment speel ik in een jeugdtheatervoorstelling. In kleine zaaltjes, ik moet alles zelf doen, verdien er geen fluit mee en het valt niemand op. Maar een leuker publiek is moeilijk denkbaar en het is ontzettend leerzaam. Dat doe ik dan liever dan iets waar ik rijk, maar niet gelukkig van word. Wat ik over drie jaar wil, weet ik niet, maar op dit moment kan ik goed rondkomen van wat ik doe, en doe ik dingen die ik écht leuk vind."
"Later dit jaar speel ik in een toneelstuk met Kitty Courbois en Trudy de Jong. Er zijn allemaal mensen van de Toneelschool op auditie geweest, en ík ben het geworden. Met mijn Kleinkunstacademie, die 'Fame'-school, terwijl ik niet eens hoef te zingen in dit stuk. Daar ben ik trots op. Ik weet nog dat ik bij Hans Kemna in zijn kantoortje stond en zei dat ik graag toneel wilde doen. Ze zouden wel zien en uiteindelijk krijg ik het zelf voor elkaar. Door jeugdtheater te doen, door lessen te volgen en heel duidelijk mijn prioriteiten te stellen."
"Alleen al door goed naar anderen te kijken, kan ik nog heel veel leren. Vroeger dacht ik dat dat je ergens in moest verdwijnen, die figuur helemaal moest worden, maar vooral bij film kan acteren heel technisch zijn. Het heeft alles te maken met ritme: eerst die zin, dan kijk ik naar beneden, dan pink ik een traan weg, dan zeg ik die zin, dan kijk ik weg en tot slot lach ik. Ondertussen moet je, net zoals bij zingen, naar jezelf blijven luisteren. Het is leuk om zo met techniek bezig te zijn, maar je moet er wel voor zorgen dat je niets mist, dat het niet de overhand krijgt."
"Ik ben intussen erg van film gaan houden, maar ik denk dat ik wel zonder zou kunnen. Niet zonder theater, en al helemaal niet zonder zingen; dat is mijn allergrootste liefde. Ik doe het nu allemaal; ik ben twee jaar van school af en ik zing, sta op toneel en maak af en toe een film. Ik vraag me weleens af wat ik nou verder nog moet?"

Verzamelen
"Ik zie inmiddels ook wel dat het niet alleen maar toeval is, dat het me niet zomaar komt aanwaaien. Ik werk hard, ben heel bewust en ongelooflijk gemotiveerd met mijn vak bezig. Ik volg zang- en acteerlessen en lees alles wat los en vast zit; ik ben constant aan het verzamelen. Ik denk dat die leergierigheid mijn grootste kwaliteit is. Grenzen verleggen klinkt misschien een beetje clichématig, maar ik ben er met extreem veel energie mee bezig. Ik ga niet voor halve dingen, ik wil alles tot in de puntjes uitzoeken en alle mogelijkheden zoveel mogelijk benutten. Die energie, die angst om kansen onbenut te laten, om niet tot het uiterste te gaan, mijn angst om straks dood te gaan vooral - zodra je het uitspreekt, is het een cliché. Maar in de tachtig jaar die ik heb, wil ik zoveel mogelijk deuren openen, altijd verder blijven kijken en telkens weer nagaan waarin ik mezelf nog beperk. Het is dan ook niet voor niets dat ik dit werk ben gaan doen want als er één vak is waarin dat kan, dan is het in kunst. Acteren heeft alles te maken met grenzen verleggen, met durven en met lef. En omdat het zo goed gaat, neemt mijn gretigheid toe, wil en durf ik nog meer. Als dit kan, kan ik dat ook. Ik zeg niet dat ik het nu al ben, maar ik heb wel het idee dat ik goed in dit vak kan worden."

Jan Pieter Ekker

Ricky Koole is te zien in All stars van Jean van de Velde. In juli en augustus speelt ze in het Amsterdamse Bos in 'Om de liefde van Laurentia', een stuk naar Fassbinder onder regie van Frances Sanders.

Naar boven