Juni 1997, nr 179
De korte film
Ode aan de eierwekker en andere prikkels
Op eigen houtje korte films produceren en ze daarna in een avondvullend programma vertonen voor een enthousiast publiek, het lijkt een utopie. De diffuse groep van beeldend kunstenaars die zich wagen aan het medium film zit vast tussen subsidiestiltes en populair programmeren. Een aantal filmmakers heeft die vicieuze cirkel eigenhandig doorbroken. Overal in Nederland ontstaan vertoningsavonden voor de korte film. De entree is gratis, de belangstelling is groot.
De eng van Quirijn Kuchlein.
In de tijd dat films nog niet ingeleid en bruut onderbroken werden door reclameblokken, bloeide de korte film. Niet iedere filmmaker is tevreden als zijn film als grappig extraatje voor de hoofdfilm wordt geplakt, maar in ieder geval wordt hij op die manier vertoond. Nu wordt zelfs de voorfilm nog maar zelden aangetroffen en ziet enkel de fervente kinderfilmbezoeker zich getrakteerd op een onverwacht voorfilmpje. Doodzonde, want iedereen die bijvoorbeeld Tulips van Wim van der Linden en Wim T. Schippers heeft gezien weet waarin de kracht van een korte film schuilt. In hun documentaire is de camera gericht op een bos tulpen. Terwijl de aanzwellende muziek een aankomend dramatisch hoogtepunt suggereert, dwarrelt een enkel tulpenblaadje naar beneden.
Filmblik
Het tij lijkt gekeerd. Een andere vertoningsvorm is nu terrein aan het winnen: het samengestelde programma. Zo'n programma is doorgaans een lust voor het oog, soms baandoorbrekend, soms irritant, maar altijd prikkelend. En zelfs door slechte vondsten kun je op ideeën worden gebracht. Een aantal korte film-makers zijn nu minder afhankelijk van de grillen van produktie, distributie en programmering, omdat ze die taken zelf op hun schouders hebben genomen. Filmlab in Den Haag en de ZwelgFilmavond in Utrecht zijn slechts twee voorbeelden uit een ruime keuze aan korte film-avonden in het hele land. Eindelijk kun je kiezen voor de korte film, sterker nog, je kunt als filmmaker met een filmblik onder de arm binnenlopen en een kans wagen op een vertoning.
Dat filmblik kan op zijn beurt aan je geschonken zijn door Filmstad, de overkoepelende organisatie. Onder de noemer Filmblik krijgen elke maand beeldend kunstenaars en filmers tien minuten filmmateriaal om naar eigen believen vol te schieten. Filmblik-'winnaars' zijn onder andere de onlangs overleden Tato Kotetishvili, Nathalie Alonso Casale, Barbara Hin en Carine Ellemers, Theo Botschuiver en het duo Mels van Zutphen en Sander Blom. De laatste twee hebben net hun film Dag Roelie voltooid, waarin de camera vanaf de Euromast mensen registreert. Net als in eerder werk hebben ze hierbij enkele gebeurtenissen naar hun hand gezet.
Filmstad, Filmlab en Filmblik zijn allen gezeteld in Den Haag. In de voetsporen van Neêrlands eigen filmtycoon Loet Barnstijn is Filmstad opnieuw opgericht. Hier kunnen filmmakers tegen een betaalbare prijs gebruik maken van de technische faciliteiten, zoals montagetafels en 16mm-camera's. Tijdens het Filmlab in poppodium-filmhuis Paard worden de meest uiteenlopende films vertoond. Twee undergroundfilms uit St. Petersburg, overgenomen van Lantaren/Venster in Rotterdam, staan tegenover Bodyhit van Kees Brienen, een titel die de lading volledig dekt. Filmmaker/programmeur Nico Bunnik: "Het is allang niet meer zo dat alleen filmmakers naar het werk van collega's komen kijken. Het publiek staat heel open voor diversiteit. We werken beslist niet met thema's, want we merken dat mensen liever ongedwongen kijken. Wel hopen we door tegengestelde films achter elkaar te vertonen, dat ze elkaar als het ware becommentariëren. Ook de filmmakers zijn vaak aanwezig, zodat het niet zo'n statisch geheel wordt. Regelmatig zijn er gastprogrammeurs, zoals 'De Vereniging ter Bevordering van het Kennisnemen Van'. Met dit alles hopen we de link te leggen tussen beeldende kunst en film. Deze open formule, zelfs de entree is gratis, tref je niet meer aan in de reguliere filmhuizen, want die zijn gedwongen om steeds commerciëler te programmeren."
Diffuse groep
Door zelfstandig te produceren en te programmeren hebben deze makers en vertoners zich onttrokken aan instituten als het Nederlands Fonds voor de Film en de reguliere distributie. Het Filmfonds heeft begin dit jaar zelfs de commissie 'Korte film' opgeheven. Korte film-makers kunnen nu hun geluk beproeven bij de commissie 'Onderzoek en Ontwikkeling'. Het Filmfonds ziet het genre als een autonoom produkt, maar het gevolg daarvan is dat alleen professionele aanvragen een kans maken en er geen doorstroming naar de lange speelfilm plaatsvindt. De subsidiegevers onderkennen het probleem, maar weten zich eigenlijk geen raad met de diffuse groep filmmakers. Filmmaker/producent Gerard Holthuis: "Wij bij Filmstad en Filmblik hechten geen grote waarde aan een uitgekristalliseerd script, zoals het Filmfonds zo vaak verlangt. We ontvangen incidentele subsidie op projectbasis, en met dat geld kunnen we produceren vanuit de optiek van de maker en niet vanuit de producent, die vaak andere belangen heeft. Het Filmblik wordt over het algemeen vergeven aan beeldend kunstenaars, waarbij het concept zich pas tijdens het filmen kan gaan vormen. Die vrijheid hebben ze. Zo valt de druk van fondsenwerving even van ze af en kunnen ze eigenlijk een film als notitie maken. Zoals een schilder wakker wordt en beslist om zijn potlood te pakken en de zon te gaan tekenen."
Nico Bunnik: "We zijn hiermee begonnen met een mengeling van geestdrift en ongenoegen. Ongenoegen over de geringe vertoningsmogelijkheden van korte films en de hokjesmentaliteit van de fondsen. Maar het moet niet zo zijn dat filmmakers, die vaak hun eigen geld erin hebben gestopt, ons dankbaar moeten zijn. In een gezonde kijkcultuur zou een vertoning bijna vanzelfsprekend moeten zijn."
Verwachtingspatroon
In Cultuurcentrum Ekko in Utrecht vond onlangs de 17e ZwelgFilmavond plaats. Bij binnenkomst wordt er een rauw eitje in je handen gestopt, die in de filmzaal gekookt kan worden. Regelmatig gaat er dan ook een eierwekker af, wat vooral bij de film Babeth, een lieflijke ode aan die eierwekker, een vermakelijk effect oplevert. Ooit werd er een vier uur lange film over een Vier-op-een-rij-spel vertoond, terwijl de bezoekers ondertussen hun kansje konden wagen met het echte spel. De films vragen om een doorbreking van de conventionele vertoning.
Volgens filmmaker Quirijn Kuchlein gebeurt dit nog te weinig. "Vaak zie je dat films ten prooi vallen aan overprogrammering, veel films snel achter elkaar. Een te democratische programmering werkt uniformiteit in de hand. Zelf zie ik meer in lange pauzes, waarin de spanning weer wordt opgebouwd en een film tot zijn recht komt. Zo kun je de manier van kijken in een galerie of museum verplaatsen naar de collectieve ervaring in de filmzaal." Ook Kuchleins films spelen met het verwachtingspatroon, waarop de doorsnee-film inspeelt. Een scène is daarin vooral bedoeld om een volgende scène aan te kondigen, en is daardoor minder bezig met wat er op dat moment gebeurt. Hij doorbreekt deze opbouw in zijn serie over mannen in driedelig pak die roeien, de taxi aanhouden, de bal overgooien en een kuil graven. In De eng vechten de mannen temidden van een sneeuwlandschap. Zonder climax en zonder een belofte waar te maken.
Joke Ballintijn, van Stichting Lazy Marie, de stuwende kracht achter de ZwelgFilmavonden: "We programmeren zo zorgvuldig mogelijk en bieden ruimte tot reflectie. Maar een galerie kunnen wij nooit worden. Wel valt er veel te verbeteren, met name op het Nederlands Film Festival. Samen met Filmlab gaan wij daar dan ook de korte film-blokken herstructureren."
Wachten op uitbreng
Stichting Lazy Marie heeft, net als Filmstad, naast de programmering ook een produktiebedrijf, dat los staat van de ZwelgFilmavond. In Rotterdam is Studio één actief met het produceren en programmeren onder de naam HomebreW. Ze zijn allemaal opgezet omdat de kans om als voorfilm het publiek te bereiken heel klein is. Voor de korte film als extraatje kan geen toegangsprijs worden gevraagd, dus programmeurs willen op hun beurt geen percentage van de recette afdragen. De distributeur moet de korte film dus in een pakket aanbieden. Vooralsnog is de distributietak van het Nederlands Filmmuseum de enige die een aankoopbeleid voor de korte film voert. Verreweg de meeste distributeurs en programmeurs laten dus een enorm gebied onontgonnen.
Chris Oosterom van het Filmmuseum: "Een distributiegarantie geeft de makers een steun in de rug om hun film te voltooien, terwijl een werkelijke uitbreng een opstap kan zijn voor de volgende film. Een korte film kan wel eens afgewezen worden, omdat we liever praten over een lange film, zoals nu het geval is bij Vive elle van Miriam Kruishoop. Toch liggen er stapels films te wachten op uitbreng, waarvan er veel niet geschikt zijn als voorfilm, maar die wel geboekt worden voor die korte film-avonden. Dat ze de distributie vaak omzeilen door zelf te produceren en gelijk te vertonen, is alleen maar toe te juichen."
De alternatieve filmavonden en produktiemethodes brengen schrijnend aan het licht hoe het met de vaderlandse liefde voor de korte film gesteld is. De subsidiegevers denken nog te veel in hokjes en hebben te weinig contact met de mensen in het veld. Dit terwijl de populariteit van de korte film als autonome uiting toeneemt, getuige de goed bezochte avonden. Investeren zal ook zijn vruchten afwerpen als de filmmaker de ambitie heeft om een lange speelfilm of documentaire te maken. Verder zien de meeste distributeurs geen brood in een korte film, terwijl dit genre juist een mooi exportprodukt is. Het heft is nu in handen van de programmeurs en producenten, die hun eigen wegen weten te vinden in het filmaanbod, en met een brede, onbevooroordeelde blik de films uitkiezen. En zelfs daarin kunt u meedoen: Filmstad is naarstig op zoek naar eigenzinnige scouts.
Mariska Graveland
In de volgende zalen kunt u terecht voor de korte film.
Elke maand: Filmlab (Paard, Den Haag), ZwelgFilmavond (Ekko, Utrecht), HomebreW-Studio één (Popular, Rotterdam), De Unie (Rotterdam), Super M8 (De Lange Adem, Amsterdam), Filmhuis Ui (Amsterdam), De Fabriek (Eindhoven), Filmhuis Gouda, Dziga (Cinemariënburg, Nijmegen), Stichting X (Tilburg).
Elk jaar: Impakt (Utrecht), Shorts! (Kriterion, Amsterdam), Rough & Ruined (W139, Amsterdam), AVE-festival (Filmhuis Arnhem), AV-festival (Groningen), Europese korte film (Haags Filmhuis), Bloed in de polder (Popular, Rotterdam).