Juli/augustus 1997, nr 180
Monique van de Ven, actrice
Op zoek naar de allermooiste jurk
Acteren is een mysterie dat zich nauwelijks in woorden laat vatten. Te vaak nemen critici én acteurs hun toevlucht tot dooddoeners als 'in de huid kruipen' of 'naturel spel'. Wie bepaalt wat goed acteren is, en op basis van welke gronden? Welke middelen staan de acteur tot zijn beschikking en hoe worden ze het best benut? De Filmkrant zocht dit seizoen naar de geheimen van het vak in een serie over acteren in Nederland. Als elfde en laatste in de reeks: Monique van de Ven. "Dat hele kleine momentje van vrijheid, dat je alles mag, daar draait het allemaal om. Er wordt 'actie' geroepen en niemand kan je meer tegenhouden."
Monique van de Ven (foto: André Bakker).
Met veel opwinding en luid misbaar werd in de Amsterdamse atelierwoning van schrijver Jan Wolkers vijfentwintig jaar geleden een twintigjarig, blond meisje gelanceerd als 'Nederlands nieuwste filmster'. Niet Willeke van Ammelrooy, maar de onbekende Monique van de Ven - eerstejaars studente aan de Toneelacademie in Maastricht - ging Olga spelen in de verfilming van zijn bestseller 'Turks fruit'. Het resultaat is bekend: de film werd een artistiek en commercieel succes (met meer dan 3 miljoen bezoekers is Turks fruit nog steeds de best bezochte Nederlandse film aller tijden) en Van de Ven een nationale beroemdheid. Ze speelde in meer dan vijfentwintig speelfilms, waaronder Keetje Tippel (Paul Verhoeven, 1975), De aanslag (Fons Rademakers, 1986), Amsterdamned (Dick Maas, 1988) en Eline Vere (Harry Kümel, 1991). Haar meest recente filmrol is die van de witte koningin in Lang leve de koningin (1995) van Esmé Lammers. Naast tal van andere onderscheidingen ontving ze twee Gouden Kalveren: in 1984 voor haar gehele oeuvre na haar rol in De schorpioen van Ben Verbong en in 1990 voor haar rol in Romeo van Rita Horst.
Behalve actrice is Van de Ven regisseuse, goodwill-ambassadrice voor Unicef, het gezicht van verzekeraar FBTO en spant ze zich in ter promotie en ondersteuning van de Nederlandse film. Ze is bestuurslid van het het Nederlands Fonds voor de Film en onlangs zat ze nog rond de tafel met de bewindslieden Nuis, Wijers en Vermeend om meer geld los te peuteren voor film.
Kameleon
Tijdens het komende Nederlands Film Festival is Monique van de Ven eregast en wordt haar complete oeuvre vertoond. Ze is er erg mee in haar sas: "Er zijn heel veel films die ik zelf ook wel weer eens wil zien, ik ben veel vergeten. Er wordt een compilatie gemaakt van de films waarin ik de afgelopen vijfentwintig jaar heb gespeeld. Dat laat een ongelooflijke verscheidenheid zien. Elke film vertegenwoordigt een periode uit m'n leven, een bepaalde gemoedstoestand. Ik was een provinciaals meisje toen ik aan Turks fruit begon. Ik was naar Maastricht gegaan omdat ik Amsterdam niet aandurfde, en ineens draai je er een speelfilm met allemaal mensen die je niet kent. Maar er zit iets in mijn karakter wat maakt dat ik dat aankan; ik ben een soort kameleon die zich makkelijk aanpast."
"Paul Verhoeven gaf me zo ontzettend veel vertrouwen dat ik me er helemaal heb ingegooid. Ik had geen enkele angst. Dat is ook het leuke van een eerste film: je kent de consequenties niet. Ik had geen idee, dus ik deed alles. En ik had een totaal vertrouwen in de mensen, ik was zo naïef. Als ze zeiden dat ik me moest uitkleden, kleedde ik me uit. Ik werd kaal geschoren en op een gegeven moment was het de vraag of er met een grote injectienaald een vloeistof in mijn gezicht gespoten zou worden waardoor ik een opgezette kop zou krijgen... Dat soort discussies werd over mijn hoofd heen gevoerd. Mijn redding was dat Rob Houwer niet wilde dat zijn hoofdrolspeelster zo lelijk zou eindigen in de film."
Alles erop en eraan
"Paul Verhoeven drukte gewoon op een knop, en dan kwam er wat. Hij pikte eruit wat hij kon gebruiken en monteerde dat goed. Ik heb daarna nooit meer in een film gespeeld waarin zoveel shots zijn gemaakt. Dat was de stijl van de film: snel, snappy, heel fragmentarisch, bijna documentair. Turks fruit is goed gespeeld, ook door mij, maar er zitten scènes in waarvan ik écht niet weet waar ik het vandaan heb gehaald. Ik had natuurlijk veel mee op dat moment: ik was een lekker ding met alles erop en eraan; er hoefde niets verdoezeld te worden. Ik was dat negentienjarige meisje dat met een duim in haar mond sliep."
"Na Turks fruit kwam ik erachter dat niet iedereen een goede regisseur is. En zonder goede regisseur ben ik geen goede actrice. Omdat ik te weinig know-how had om te zeggen hoe ik het volgens mij moest spelen, konden regisseurs me misbruiken. Ik liet met me spelen en dat moest op een gegeven moment maar eens afgelopen zijn. Daar heb ik ontzettend hard aan gewerkt. Ik ben acteerlessen en workshops gaan volgen, ook omdat ik het idee had dat ik mijn studie nog moest afmaken. Ik moest er voor zorgen dat ik die spontaniteit, dat zogenaamde naturel, onder controle kreeg, zodat ik het uit de kast kon halen als het nodig was."
"Het was bijzonder aangenaam om te ervaren dat ik als acteur veel minder afhankelijk was dan ik altijd dacht. Je kunt zelf kiezen, kenbaar maken wat voor rollen je wilt spelen. Tot Ademloos (Mady Saks, 1982) werd ik vooral gecast voor tieten-kont-rollen, daarna werd het eigenlijk pas interessant. Iedereen zei dat ik Ademloos niet moest doen; er was niet eens een scenario. Maar ik voelde dat ik het diepe in moest, en ik heb gelijk gekregen."
Een mooie jurk
"Romeo is ook zo'n film waar ik helemaal in kon duiken. Als er onduidelijkheid zou bestaan over mijn rol, of ongeloofwaardigheid, dan faal ik, dan faalt de film, dan faalt alles. Stevige, zware rollen, waar je helemaal in op moet gaan, waar je niets naast kunt doen; die eisen het meest van je, maar zijn het waardevolst. Lang leve de koningin is een ander voorbeeld. Het is als film geslaagd en ik heb er niet zomaar een fletse, gewone koningin in neergezet, maar net even iets meer. Dat kan als alles en iedereen meewerkt en optimaal functioneert. Dan functioneer ik ook net wat beter en dat merk je aan de film: die gaat er door tintelen. Het heeft alles te maken met vertrouwen. Hoewel ik in een hele kwetsbare periode van mijn leven zat, voelde ik me er veilig. Ik had het gevoel dat ik achterover kon vallen en er altijd iemand klaar stond om me op te vangen. Als je dat gevoel hebt, kun je heerlijk spelen, gaan alle deuren open en durf je alles."
"Dat hele kleine momentje van vrijheid, dat je alles mag, daar draait het allemaal om. Er wordt 'actie' geroepen en niemand kan je meer tegenhouden. Met een jurk aan die je zelf nooit zou aantrekken, creëer je een bepaalde vrijheid waardoor je telkens weer iets nieuws in jezelf kunt aanboren. Dat heeft me altijd erg gelukkig gemaakt. De bevrediging van écht goed spelen, kun je nergens mee vergelijken, dat is zoiets onuitlegbaars. Die momenten zijn schaars, een paar keer in een mensenleven misschien, en dat weet je. Maar het gevoel dat het mogelijk is, maakt dat je door blijft zoeken. Je bent op zoek naar dat ene moment, terwijl je eigenlijk weet dat je het niet moet doen. Als je een mooie jurk zoekt, vind je hem immers ook niet..."
Zenuwen
"Je zou denken dat je naarmate je ouder wordt en meer ervaring krijgt, zekerder wordt, maar ik vind spelen eigenlijk steeds enger worden. Ik vraag me dan af waar ik het eigenlijk allemaal voor doe, waarom ik steeds door die zenuwen heen moet. Maar op een gegeven moment hoef je gelukkig niet meer zo nodig, krijg je een bredere interesse. Ik heb altijd al gezegd dat ik ooit achter de camera terecht zou komen. Ik moet me vaak verdedigen, maar heb daar helemaal geen zin in. Mijn noodzaak is dat ik het leuk vind. Ik ben hard op zoek naar goede scripts, maar als ik die niet vind doe ik het niet. Geen man overboord. Maar geef mij nou in godsnaam het voordeel van de twijfel en laat me die film maken."
"Als regisseur ben ik goed in het scheppen van vertrouwen, dat vind ik een van de allerbelangrijkste dingen. Techniek is dan onbelangrijk. Ik probeer er achter te komen hoe je iets geloofwaardig maakt. Ik neem de tijd voor de voorbereiding, omdat ik vind dat een acteur altijd vanuit een zekerheid moet spelen. Als je vanuit een onzekerheid speelt, weet je niet wat je doet, raak je in paniek en kun je niet nadenken. En als je speelt moet je nadenken, dat doe je als mens ook."
Bespottelijk succes
"Er zijn genoeg acteurs en actrices met wie ik graag eens zou willen werken. Met Kim van Kooten bijvoorbeeld. Ik herken veel in haar; ze heeft een soort vrijheid die me aanspreekt, maar ze heeft meer dan ik dat dubbele, ze is wat mystieker. Bij het theater zitten een paar hele leuke jonge actrices en toen ik op de Toneelschool lesgaf, heb ik ook veel goeie jonge actrices gezien. Ze zijn als was in je handen; jij wordt hun moeder, hun maatschappelijk werkster, soms hun psychiater, en dat vind ik machtig."
"Maar als je bekijkt wat er de afgelopen vijfentwintig jaar aan nieuwe acteurs en actrices is bijgekomen, is dat toch wel mager. Als je eens in de zoveel tijd een film mag maken, kies je toch al gauw voor iemand met ervaring. Ik heb zelf precies hetzelfde gedaan. Toen ik Mama's proefkonijn mocht maken, mijn eerste 50-minuten durende film, nam ik Johanna ter Steege: die weet wat ze doet. Als je meerdere films maakt, kun je carrières maken, mensen kansen geven en kan het publiek nieuwe acteurs en actrices leren kennen. Het bespottelijke succes van de soaps zit 'm in de herkenbaarheid: je ziet die mensen iedere dag. Maar wat heeft het Nederlandse publiek nou met de Nederlandse film? Ze kennen toch helemaal niemand meer. Ja, ze kennen mij misschien, maar als je mensen van jonger dan achttien vraagt, hebben ze ook geen idee wie ik ben."
Jan Pieter Ekker
Monique van de Ven is eregast tijdens het Nederlands Film Festival, van 24 september tot en met 3 oktober in Utrecht. Er worden 27 films en 12 televisieprodukties vertoond waarin zij te zien is, 5 door haar geregisseerde produkties en 1 film waarvoor ze de continuïteit deed terwijl haar (ex-)man Jan de Bont filmde: Max Havelaar van Fons Rademakers uit 1976.
Dit interview is het slot van een elfdelige serie over acteren in Nederland. Vanaf september 1996 verschenen interviews met Renée Fokker, Jack Wouterse, Thom Hoffman, Johan Leysen, Johanna ter Steege, Anneke Blok, Tom Jansen, Victor Löw, Ricky Koole en Pierre Bokma.