September 1997, nr 181

Few of us

Zij die dichtbij lijken zijn het verst

De grote, moderne stad is ideaal om de teloorgang van menselijke relaties tot uitdrukking te brengen. Want kan eenzaamheid en onthechting raker worden neergezet dan juist tussen veel mensen, die overal om je heen zijn maar met wie je niets te maken hebt? Kan gebrek aan menselijke warmte beter worden verbeeld dan tussen de kille grauwheid van vochtig beton? In Few of us draait Sharunas Bartas die invalshoek honderdtachtig graden: zijn nieuwe film speelt zich af op de barre vlakten van Siberië.

Eenzame Tofolar in Siberië.

Bartas' eerste film, Trys dienos, is gesitueerd in Kaliningrad. Drie dagen lang trekken twee Litouwse jongens op met twee Russische meisjes. Ze slenteren wat rond in een stad in verval: zompige kelders, troosteloze pensionnetjes en treurige cafés. Met hun gemoedstoestand is het al niet beter gesteld. Ze zijn op zoek naar wat menselijke warmte, maar weten nauwelijks wat dat is. Ze denken het te zien achter de verlichte ramen waar mensen plezier schijnen te hebben met elkaar, maar zelf komen ze niet verder dan wat droefgeestige pogingen.
The corridor (Koridorius) gaat nog een stap verder. In een vervallen appartementencomplex aan de rand van Vilnius lijkt geen enkele hoop meer te bestaan, geen enkel onderling contact. Mensen zijn nergens meer naar op zoek, verlangen niets meer. De emoties die in Trys dienos nog op de gezichten waren af te lezen hebben plaats gemaakt voor volstrekte apathie. Lang aangehouden close-ups gunnen ons een blik in zielen waaruit het licht al lang verdwenen is. Wat rest zijn zinloze bezigheden die naar niets verwijzen dan naar zichzelf.
Met Few of us lijkt Bartas zijn stelling te onderbouwen dat het 'verhaal' dat hij vertelt in zijn films zich overal zou kunnen afspelen. Want het verhaal is hetzelfde, alleen de omgeving is anders. Geen stad dit keer, maar een gehucht ergens in Siberië. Het biedt onderkomen aan de Tofolars, een nomadenstam. Ooit een gemeenschap met een bloeiende cultuur, nu een uitgeblust volk dat binnen een paar decennia geheel verdwenen zal zijn.

Eenzaam bestaan
De film begint met luchtopnamen vanuit een helicopter. In het toestel zit een jonge vrouw (Katerina Golubeva). Waar ze vandaan komt weten we niet, wat haar doel is ook niet. Haar bestemming is een kleine nederzetting waar ze een onbepaalde tijd doorbrengt. De bewoners van het dorp benaderen haar niet anders dan hun eigen buren; ze dulden haar aanwezigheid, maar van enige interesse of van wezenlijk contact is geen sprake. Golubeva op haar beurt geeft blijk van eenzelfde passiviteit en onverschilligheid als de Tofolars.
De titel van de film is gebaseerd op een citaat van de Russische schrijver Ribnikov: "We zijn maar met weinigen, met zo weinigen, maar het ergste is dat we van elkaar gescheiden zijn." De veroordeling tot het eenzame bestaan in het hoge noorden schept geen enkele band tussen het handjevol dorpsbewoners. De moeilijke omstandigheden waarin ze moeten overleven evenmin. De saamhorigheid tussen mensen is maar schijn; zij die het dichtstbij lijken, zijn vaak het verst van ons verwijderd.
Dat Bartas in zijn films steeds dit zelfde verhaal vertelt, de onmogelijkheid aantoont van wezenlijk menselijk contact, hoeft geen bezwaar te zijn. Waar ik, na deze derde film, wel bezwaar tegen heb is dat hij dat doet met steeds dezelfde middelen. De close ups van lege blikken, de apathie, het volledig in zichzelf gekeerde. De opflikkering van leven, van gevoel dat uitgedoofd leek, tijdens een vreugdeloos feestje. De wezenloze lichamelijke toenaderingen, alcohol en sigaretten als de enige zaken die het leven draaglijk maken. The corridor betekende ten opzichte van Trys dienos nog een verdieping, een intensivering door een extremer gebruik van die middelen. Al het andere, het overbodige was weggelaten. Daardoor ontstond een heel andere, zelfs wat surrealistische sfeer. Maar bij Few of us komt het me intussen allemaal wat erg bekend voor.

Stervend volk
Dat neemt niet weg dat het gebruik van die middelen ook in deze film weer geheel op zijn plaats valt. De lusteloze onverschilligheid van de personages contrasteert én harmonieert op wonderlijke wijze met het ongerepte natuurschoon van Siberië, dat prachtig en vreselijk tegelijk is. In tegenstelling tot de karakters is het vrij en onaangetast, maar het tempo van het leven in het dorp lijkt zich gevoegd te hebben naar de wetten van de natuur. Statische, lange shots ademen de rust en sereniteit uit van het landschap. Ze maken de kleine veranderingen en bewegingen daarin tot de grootse gebeurtenissen die ze zijn. Veranderingen van kleur en van licht met het verstrijken van de tijd, beweging van water dat tegen de oever rimpelt, van verwaaiende nevel.
Ook de personages worden met het grootste geduld geobserveerd. Minuten lang kijken we in het gegroefde gelaat van een oude man, we zien hoe hij een sigaret rookt, een stuk brood afsnijdt. Ook in het leven van deze mensen worden kleine handelingen gebeurtenissen van formaat. Op een bijna documentaire wijze, gecombineerd met duidelijk geënsceneerde taferelen, brengt Bartas het leven van deze mensen in beeld. Ook 'kleine' geluiden worden nadrukkelijk onder de aandacht gebracht: de regen op keien, de wind door het gras, krakende takken, verre kinderstemmen, voetstappen in de soppige grond, de ademhaling van de oude man. Bartas heeft een geweldig oog voor detail en beeldcompositie. Zijn timing, het ritme van zijn beeldenreeks, is perfect.
Few of us is een portret van een langzaam stervend volk. Het is mij eigenlijk niet duidelijk waarom Bartas Katerina Golubeva in die wildernis gedropt heeft. De confrontatie met de dorpsbewoners levert weinig op dat niet tot uitdrukking zou kunnen komen binnen de eigen gemeenschap. Haar aanwezigheid en een aantal duidelijk geconstrueerde scènes verlenen de film de suggestie van een verhaallijn die het eigenlijk niet nodig heeft. De dramatiek van het kleine en allereenvoudigste weet Bartas al meer dan voldoende op te roepen.

Petra van der Ree

Few of us
Litouwen/Portugal/Frankrijk/Duitsland, 1996.
Produktie: Paulo Branco.
Scenario, camera en regie: Sharunas Bartas.
Geluid: Vladimir Golovnitski.
Montage: Mingaile Murmulaitiene.
Muziek: Victor Copytsko.
Met: Katerina Golubeva, Pjotr Kishteev, Sergei, Tulayev.
Kleur, 100 minuten.
Distributie: NFM Distributie.
Te zien: vanaf 18 september.

Naar boven