Verwacht - oktober 1997, nr 182


Hard eight
Het gesputter van de eenarmige bandiet, het geknisper van speelkaarten die geschud en gedeeld worden, redenen genoeg om casino's tot in de lengte der dagen als geliefde achtergrond bij films te gebruiken. Tegelijkertijd is het o zo makkelijk om met de goklustigen aan de haal te gaan en de kijker met allang niet meer bestaande glamour een rad voor de ogen te draaien. Martin Scorsese's
Casino maakte zich er schuldig aan, maar liet ons zo overduidelijk merken dat de wereld van Elvis Presley's 'Viva Las Vegas' ver achter ons ligt, dat het de film is vergeven. Maar het was Leaving Las Vegas van Mike Figgis, die de neon-verlichting pas echt aan diggelen sloeg. De film draaide vooral om de eenzaamheid van de personages, wat alleen maar versterkt werd door de grimmige gokhallen. Hard eight, vorig jaar vertoond in Cannes onder de titel Sydney, zou wel eens een waardige opvolger kunnen zijn, als de overzeese berichten kloppen. De beroepsgokker Sydney (Philip Baker Hall) plukt de aan lager wal geraakte John (John C. Reilly) van straat, biedt hem een kop koffie aan en leert hem de kneepjes van het vak kennen. Twee jaar later vertoeven beiden in de gokpaleizen van Reno, Nevada, waar zich ondertussen twee andere mensen bij hen hebben gevoegd, serveerster en hoertje Clementine (Gwyneth Paltrow) en de onbetrouwbare Jimmy (Samuel L. Jackson). Tussen Sydney en Jimmy botert het niet echt. Eén van de steken onder water: "What do you do?" vraagt Sidney hem. "I do some consulting, security, help out on busy nights", pocht Jimmy. "Parking lot?" sneert Sydney. De meeste tijd draaien de mensen wat om elkaar heen en komen nooit een stap verder met hun plannen. Ze zitten vast in een stilstaande poel, van waaruit geen ontsnapping mogelijk lijkt. Niemand is echt slagvaardig en in staat om hun miezerige leven ten goede te keren. De plot voorziet de film nog van enige gebeurtenissen, maar veel doet dat er niet toe. Regisseur Paul Thomas Anderson geeft zijn debuut een film noir-achtige spanning mee, die veel meer tussen de personages hangt dan door de één of andere geldtransactie veroorzaakt wordt. Andersons tweede film Boogie nights speelt zich af in nog zo'n louche wereldje: de pornofilmindustrie. Als we de Amerikaanse pers mogen geloven heeft Anderson een nieuwe Mean streets gemaakt. Het is dus zaak om ook zijn debuut te gaan zien en te weten dat het vermeende genie is begonnen in de casino's, waar 'Viva Las Vegas' nog enkel uit de platenspeler kraakt.

Hard eight: John C. Reilly en Philip Baker Hall bespreken de carrièremogelijkheden van een gokker.


Lagrimas negras (Zwarte tranen) laat opnieuw zien dat het temperamentvolle Latijns-Amerika populair is in Nederland. Na Heddy Honigmanns documentaires Metaal & melancholie en O amor natural heeft nu Sonia Herman Dolz, bekend van haar stierenvechtersfilm Romance de valentía en haar Diogenes-reportages, een documentaire gemaakt over Cubaanse muziek & melancholie. Dolz gaat op zoek naar de wortels van een groep stokoude Cubaanse muzikanten: La Vieja Trova, opgericht in 1994 met de bedoeling een voor Cuba representatief muziekgezelschap naar het buitenland te kunnen sturen. Dolz reisde met de oude heertjes mee op hun toernee door Engeland en laat hen vol weemoed terugkijken op hun leven. Hoe grijs ze ook zijn, als de salsa klinkt gaan de voetjes van de vloer. Muziek maken zit hen in het bloed, zoveel is duidelijk. (Pieter Bots)

Lagrimas negras: de leden van La Vieja Trova poseren voor de revolutie.


Miss interpreted (Marlene Dumas) is geen biografie, maar ook geen kunsthistorisch portret van de kunstenares Marlene Dumas. Haar ambivalente verhouding met de buitenwereld vereiste een andere documentaire aanpak. Regisseurs en scenarioschrijvers Rudolf Evenhuis en Joost Verhey besloten dat de film zich in het schemergebied van het publieke en het private zou moeten afspelen. Ze kozen dan ook voor een associatieve, kaleidoscopische vorm, die Dumas' manier van werken meer recht aan doet. Zij is liever de maker dan het model en in een reactie op de film roept ze dan ook uit: "Geef mij alsjeblieft volgende keer een andere rol. Het is erg moeilijk om mezelf te spelen." Aan de hand van schilderijen, tekeningen en teksten van Dumas wordt het werkproces voor een tentoonstelling gevolgd. De titel slaat overigens niet op het eventuele onbegrip wat haar ten deel zou zijn gevallen, maar op haar overtuiging dat er niet één juiste manier te vinden is om een portret te maken of om iemand te begrijpen. Of zoals ze zegt: "Ik handel in tweedehands beelden en eerstehands ervaringen."

Miss interpreted (Marlene Dumas): Marlene Dumas voelt zich niet onbegrepen.


Austin Powers: international man of mystery is zo'n swingende coole vogel uit de jaren zestig, die overdag modefotograaf is, maar in de nachtelijke uurtjes voor geheim agent speelt. Omdat het hier een rasechte parodie op James Bond betreft, heeft hij ook een aartsvijand: Dr. Evil (terzijde: Dr. Maybe uit de strip Agent 327 blijft vooralsnog de ultieme persiflage op Dr. No). Als Dr. Evil zichzelf invriest en in de jaren negentig weer opduikt, reist Austin hem achterna om het kwaad ten alle tijden te bestrijden. In onze digitale wereld is de suède-dragende Austin echter een wandelend anachronisme. Hij moet het stellen zonder pittige, kortgerokte dames, het hippe Carnaby Street en psychedelische drugs. Schrijver, producent en acteur Mike Myers (Wayne's world) en regisseur Jay Roach halen werkelijk alles uit de kast om de definitieve spionnen-spoof te maken, maar vergeten dat waarschijnlijk vele liefhebbers van Bond en 'De wrekers' zich liever verkneukelen bij de originele beelden. Austin legt in de film de vinger zelf op de zere plek: "There's nothing so pathetic as an aging hipster."

Austin Powers: international man of mystery: spion in suède heeft last van concurrerende stoffen.


Air Force One is de naam van het officiële presidentiële vliegtuig. Het vervoerde Kennedy's lijk, bracht Nixon naar China en fungeert nu als vehikel voor Harrison Ford. Ford doet wat de laatste tijd nogal in is: hij speelt de president van de Verenigde Staten. Grootste fan van Ford is Bill Clinton, en dat is niet zo verwonderlijk. De president wordt in Air Force One nog heroïscher neergezet dan zijn voorganger in Independence Day en heeft in tegenstelling tot Clinton wel de slagvelden van Vietnam als held verlaten. Deze voorbeeldige president wordt helemaal ongeloofwaardig als hij oprecht verkondigt dat politiek eigenbelang nooit onze normen en waarden in de weg mag staan. Zijn integriteit wordt danig op de proef gesteld als de Air Force One wordt gekaapt door Kazachstaanse terroristen. Gary Oldman speelt gek genoeg de aanvoerder van dit gespuis, maar weet zich niet te redden uit deze cockpit vol clichés. Regisseur Wolfgang Petersen (Das Boot, In the line of fire) gebruikt het credo 'film is niet de werkelijkheid' om deze persoonsverheerlijking te rechtvaardigen, wat de film des te treuriger maakt.


Volcano erupts! 1997 will be hotter than hell! The coast is toast! Paniektaal van producenten die hun ultieme ramp gestolen zagen worden door die andere vulkaan, Dante's Peak. De keiharde strijd om als eerste in première te gaan viel uit in het voordeel van de laatste. Ingewikkeld hoor, filmmakers die op hetzelfde idee komen. Volcano heeft één grote troef: die vulkaan zou onder de tectonische platen van Los Angeles liggen te walmen. Het nadeel van dit schokkende gegeven is dat er in de film geen berg te bespeuren valt, wat nou net het grote pluspunt van Dante's Peak was. Volcano dacht nóg een briljante vondst in huis te hebben, en wel de etnische verscheidenheid van de inwoners van L.A. De kolkende lava zou als een straf moeten worden opgevat voor de gekte die er heerst in de metropool, maar moet de mensen tegelijkertijd dichter bij elkaar brengen. Deze op het eerste gezicht humane moraal wordt echter behoorlijk infantiel uitgewerkt. Het komt er op neer dat de film ons vertelt: iedereen ziet er toch hetzelfde uit met as op zijn gezicht? Dat regisseur Mick Jackson deze rampenfilm presenteert als pleidooi voor saamhorigheid, maar eigenlijk het allesvernietigende gesmolten gesteente als oplossing voor de overbevolking aandraagt, maakt ook deze film des te treuriger.

Volcano: brandweerlieden uit alle etnische groepen zetten zich schrap.


Murder at 1600 is géén historisch drama, maar speelt in op het onverwoestbare verlangen van mensen om de machtigen der aarde te betrappen op onzedige spelletjes, fraude en aanverwante delicten. Moord ligt daarbij voor de hand, want met een president die wat onrechtmatige telefoontjes heeft gepleegd naar malafide zakenmannen om campagnegelden te incasseren, shockeer je de gemiddelde Amerikaan niet meer. Moord op een vrouw die net seks heeft gehad met de zoon van de president (daar heb je hem weer), dat is waar we over willen speculeren. Regisseur Dwight Little voelde dat op zijn klompen aan en vroeg Wesley Snipes om dit smerige zaakje te onderzoeken. Een goede keus zal spoedig blijken, want het leek Wesley een goed idee om vermomd als schoonmaker het presidentiële huis te bezoeken, en al lopend achter zijn karretje met zijn hoofd naar beneden de moordenaar te traceren. Het ergste is nog dat Murder at 1600 het presteert in één film het vertrouwen in de Amerikaanse regering te ondermijnen om het vervolgens doodleuk weer te herstellen. Van een regisseur die de wereld verrijkte met Free Willy 2 hadden we eigenlijk ook niet verwacht dat hij het Witte Huis op zijn grondvesten zou kunnen doen trillen.

Murder at 1600: Wesley Snipes en Daniel Benzali hebben hun twijfels over de zoon van de president.


Napoleon is het eerste wapenfeit van de nieuwe Nederlandse distributeur Paradiso Entertainment, die ook vist in de vijver van de nog altijd in populariteit stijgende arthouse-markt. Napoleon is echter een vreemde eend in de bijt en lijkt aangekocht om de kas van de distributeur wat te spekken. Dat neemt niet weg dat deze live action-dierenfilm vele gezinnen ter lering en vermaak zal dienen. Napoleon is een fotogenieke puppy, die in de wildernis van Australië vele dierenvriendjes en -vijanden maakt, zoals daar zijn de dingo, de galah, de koalabeer en de kangaroe (met de stem van Dame Edna, nog zo'n ikoon van Australië). Met het succes van Babe, een buitengewone big nog vers in het geheugen stevent Paradiso Entertainment waarschijnlijk op zijn eerste echte box office-hit af. Waardering is er ook vanuit de hoek van de kinderfilmdeskundigen: de film van Mario Andreacchio wordt als openingsfilm op Cinekid vertoond.

Napoleon: Australische retrieverpup maakt grappen met inheemse parkiet.


George of the jungle is niet de eerste remake van een populaire tv-serie uit de jaren zestig die onze bioscopen bereikt. Disney is sowieso niet erg origineel bezig, want het komt na The lion king en Jungle 2 jungle alweer met een rimboe-film, maar nu één die het Tarzan-genre op de hak neemt. George is een sukkel en knalt met zijn liaan tot vervelens toe tegen bomen aan. Wel is hij zo aantrekkelijk dat een Amerikaanse vrouw op safari hem meeneemt naar de stadsjungle van San Francisco. Alwaar hij, u raadt het al, veelvuldig tegen de beroemde brug aan slingert. In de Verenigde Staten was deze kolder van Sam Weisman een onverwachte zomerhit, maar dat mag natuurlijk nauwelijks als aanbeveling gelden. De enige tip die wij u kunnen doen is de bijrol van Richard Roundtree, die alweer twintig jaar geleden in de swingende blaxploitation-film Shaft speelde. Helaas is zo'n bijrol wellicht een te magere reden om deze waanzin uit te zitten en zijdelings ook nog opgescheept te worden met de filmtune, die maar niet uit je hoofd wil verdwijnen.

George of the jungle: Amerikaanse toeriste geniet van Afrikaanse safari (Brendan Fraser met inheemse parkiet).


My best friend's wedding lijkt het logische vervolg op het debuut van P.J. Hogan, de Australische komedie Muriel's wedding. Hogan is duidelijk gepromoveerd na zijn oversteek naar Amerika, want hij mag zich nu verheugen in de aanwezigheid van de twee meest gewilde actrices van Hollywood. Julia Roberts en Cameron Diaz spelen twee rivalen in de liefde, zodat de gelukkige man moet kiezen tussen zijn beste vriendin (Julia) en een spannende verliefdheid (Cameron). Julia's personage saboteert hun huwelijksplannen en blijkt daarbij over zeer gemene trekjes te beschikken. De onvermijdelijke happy ending lijkt daardoor minder voor de hand liggend dan we gewend zijn bij de gemiddelde romantische komedie. De producent komt net als Hogan uit een goed komisch nest: Jerry Zucker maakte school met Zucker/Abrahams/Zucker-films als Airplane! en The naked gun. My best friend's wedding mag dan wel stukken minder hilarisch zijn, Amerika is weer als vanouds voor Julia Roberts gevallen, die zo de status van Pretty woman terugkreeg.

Mariska Graveland

Naar boven