November 1997, nr 183

Movie

Scoren in de losse verkoop

Ze wilden altijd nog eens 'een eigen blaadje' maken en een Nederlandse filmglossy was er nog niet. Dus besloten de eigenaren van grafisch produktiebureau Publish om zelf een nieuw filmblad uit te gaan geven. Vooral bedoeld voor twintigers en dertigers die niet zo vaak naar de film gaan, maar er op feestjes wel over willen meepraten. Op 7 november verschijnt het nul-nummer van Movie.

Cover van Movie, nul-nummer november.

Nederlanders praten graag over film, maar gaan weinig naar de bioscoop. Lezen over film doen ze ook niet zo veel: Nederlandstalige filmboeken worden matig verkocht, de twee serieuze filmtijdschriften - de Filmkrant en Skrien - worden financieel ondersteund door OC&W. Het is dus tamelijk gewaagd om met een nieuw commercieel filmblad op de markt te komen. De makers van Movie hebben bovendien gekozen voor een ambitieuze opzet: een sjieke vormgeving als glossy, een relatief hoge oplage van 35.000 exemplaren en een lage verkoopprijs: f 4,95. Uit de loktekst voor adverteerders: "Waar in Duitsland, Engeland en Amerika de aan film en video gewijde glossy's elkaar van de schappen duwen, bestaat er in Nederland geen volwaardig filmtijdschrift voor een groot publiek."
Twee weken voor het verschijnen van het nul-nummer zijn de makers vol vertrouwen. Aan tafel in de grand café-achtige burelen van Publish zitten commercieel manager Gerald Zevenboom, hoofdredacteur Jan Pieter Ekker en redacteur Maarten Bömer. Zevenboom en Ekker zijn ook twee van de drie directeuren van Publish. Zwijgend terzijde zit de geestelijk vader van het blad, de Ierse fotograaf Paul O'Driscoll. Hij beschikt over de licenties om artikelen over te nemen uit de Amerikaanse filmbladen Premiere en Movieline en neemt net als Publish deel aan Movie als onderneming. Zevenboom: "Movie wordt gefinancierd met middelen van Publish. Met de eerste nummers gaan we onvermijdelijk diep de rode cijfers in, maar we zien het als een project dat op termijn winstgevend zal moeten worden. We hanteren een kleine marge tussen produktiekosten en verkoopprijs, we moeten scoren in de losse verkoop met die lage prijs."

Adviseurs
De overeenkomst met Premiere en Movieline houdt in dat Movie als enige Nederlandse blad artikelen uit die bladen kan overnemen. Het is echter niet de bedoeling om "dat hele blad over te schrijven". Bömer: "Het streven is naar maximaal twee artikelen uit het buitenland." Ekker: "Nou ja, als het interessant is kunnen het er ook vijf zijn." Zevenboom: "In onze redactieformule is de aandacht als volgt verdeeld: veertig procent Amerikaanse films, dertig procent Nederlands en dertig procent overige cinema." Zeker is dat een flink deel van de kopij zal worden geleverd door eigen medewerkers. De redactie - die naast Ekker en Bömer bestaat uit Elsbeth Jongsma en Moving Pictures-veteraan Christiaan De Schutter - en freelancers verzorgen recensies, interviews en achtergrondverhalen. Kim van Kooten is aangetrokken als columniste en Thom Hoffman verzorgt een foto-column. Als adviseurs fungeren Hans Schwarz (ex-Skoop, redacteur 'Films & Sterren'), Paul Verstraeten (perschef Filmfestival Rotterdam) en Herman de Wit (programmeur Nederlands Film Festival).
Zowel in commercieel als inhoudelijk opzicht wordt Movie gerund door een vormgever. Bang voor teveel vorm en te weinig inhoud is men niet. Ekker: "De vormgeving is heel belangrijk, we zullen foto's flink de ruimte geven. Het ziet er op voorhand goed uit, maar we hebben genoeg goede mensen om te voorkomen dat het alleen maar uiterlijk wordt, die het ook inhoudelijk sterk kunnen laten zijn. Als we dat een beetje in de goede verhouding doen, zal het blad daar in ieder geval niet op mislukken." Zevenboom: "Ik heb als commercieel manager geen zeggenschap over vormgeving of inhoud. Dat een van de directeuren van Publish hoofdredacteur is, is min of meer een noodgreep." Ekker: "Dat komt ook omdat we niet weten hoe lang Movie blijft bestaan." Bömer blijft freelancer en denkt wat medewerkers betreft aan mensen die niet zo duidelijk aan een bepaalde opdrachtgever zijn verbonden en bijvoorbeeld langere verhalen elders niet kunnen plaatsen.

Concurrentie
Publish beschikt als vormgever over veel opdrachtgevers in de filmwereld en hoopt voor Movie van die contacten te kunnen profiteren. Niet zozeer wat adverteerders betreft, want die zoekt men liever in het bedrijfsleven buiten de film. Gezien de ervaring met het maken van dagkranten voor de drie grote festivals hoopt men bijlagen voor de festivals uit te gaan geven. Zo verschijnt het festivalmagazine van het Filmfestival Rotterdam binnenkort als bijlage in Movie en zal het IDFA, in deze Filmkrant met een bijlage aanwezig, volgend jaar kunnen kiezen. Voorlopig lijkt alleen op dit punt sprake van directe concurrentie met de Filmkrant. Dat er met veel enthousiasme een nieuw filmtijdschrift wordt gemaakt, komt de filmcultuur ten goede en kan door de bestaande bladen alleen maar worden toegejuicht. Vermoedelijk vindt Movie, dat zichzelf graag geplaatst ziet worden naast bladen als Dutch en Blvd, een eigen plek op de schappen. Misschien wordt het toch nog wat met dat lezen over film in Nederland.

Mark Duursma

Naar boven