De geruchtenmachine - maart 1998, nr 187


Jac. Goderie wordt met ingang van mei de nieuwe eigenaar van het sponsored magazine Preview, het gratis blad dat maandelijks in een oplage van 300.000 exemplaren in de Pathé bioscopen en een aantal grand cafés wordt verspreid. Goderie ziet de overname als "een aangename uitbreiding van zijn werkzaamheden", die bestaan uit het presenteren van Filmspot bij AT5 en Canal+ en het programmeren van films voor Pathé. Op dit moment is het blad volgens hem "nauwelijks winstgevend" en dat zal, zo meent hij, ook in de toekomst zo blijven. Het blad is voor zijn inkomsten volledig aangewezen op advertenties. De nieuwe eigenaar wil van Preview, dat bekend staat om zijn halleluja-journalistiek - slechte films komt het blad nooit tegen - een 'positief-kritisch' blad maken, waarmee hij bedoelt dat Preview wel iets kritischer mag worden. "Je moet de eerlijkheid hebben om als een film niet goed is dat ook te zeggen." Ook wil Goderie zijn vaardigheden aanwenden om het blad communicatiever te maken en een grotere rol te laten spelen. Gedacht wordt om het niet alleen via bioscoop en grand café te verspreiden maar ook via direct mail. Over wie hij het blad wil toezenden, laat Goderie zich niet uit. "Ik laat jullie niet nu al in mijn keuken kijken." De Preview-redactie blijkt verrast door de overname. Eindredactrice Daphne van Bijsterveld: "Wij wisten dat Goderie ermee bezig was maar we hebben hem nog niet gesproken. Moet dit weer zo'n lullig stukje vol onwaarheden worden? Preview wordt altijd zo naar benaderd. Kijk maar naar die grote bekken van Movie, die schreven dat wij niet onafhankelijk zijn, maar na nog geen drie nummers al zelf in de problemen zitten. Hoezo zijn wij niet onafhankelijk? Wij vinden gewoon elke film op zich de moeite waard. Er valt altijd wel iets positiefs over een film te schrijven, al is het maar over het licht."


Cannes of Venetië? is het luxeprobleem waarvoor Alex van Warmerdam met zijn nieuwe film Kleine Teun, die 30 april in première gaat, wellicht komt te staan. Het festival in Cannes is binnen handbereik gekomen nu drie Franse distributeurs geïnteresseerd zijn in de film. Als een van hen de film aankoopt, stijgen de kansen voor vertoning op 's werelds meest prestigieuze festival met sprongen. Mogelijk haalt de film dan zelfs het competitieprogramma, een prestatie die na Jos Stellings Mariken van Nimwegen in 1974 geen enkele Nederlandse film geleverd heeft. Producent Marc van Warmerdam tempert het optimisme en zegt dat hij 'dubbele gevoelens' over Cannes heeft. "De commerciële uitstraling van het festival is groot, maar het festival in Venetië is voor regisseurs vele malen aangenamer. Ik ben alleen geïnteresseerd in vertoning in Cannes als het festival echt interesse in de film heeft en niet als hij ergens in een uithoek wordt vertoond."

Alex van Warmerdam: naar Cannes of Venetië?


Filmcritici beklagen zich nogal eens dat zij met hun geschrijf alleen maar invloed uitoefenen op de kattenbak omdat niemand in hun mening geïnteresseerd is. Het zal hen daarom goed doen dat PolyGram Filmed Entertainment heeft besloten om
Gummo van Harmony Korine toch in de bioscoop uit te brengen, ondanks de eerdere mededeling van deze distributeur dat de film linea recta naar de videotheek zou worden doorverwezen, omdat zij geen commercieel brood zag in een bioscooprelease. De gunstige ontvangst van de film op het Filmfestival Rotterdam en de prijs die Gummo kreeg van de Nederlandse filmkritiek, deed PolyGram van mening veranderen. De film zal "zo snel mogelijk", wat wil zeggen "in elk geval binnen drie maanden" in de bioscoop worden uitgebracht. Een succesje voor de filmcritici, die overigens geen kapsones zullen krijgen, want de film zal met zegge en schrijve 1 (één) kopie in roulatie gaan.


De Poolse bruid van Karim Traïdia bleek op de slotdag van het Filmfestival Rotterdam plotseling de lijst van publieksfavorieten aan te voeren. Dat is opmerkelijk omdat de film Gadjo dilo van Tony Gatlif, eveneens van distributeur RCV, al dagen lang een ogenschijnlijk onaantasbare koppositie bezat. Geruchten willen dat de film een manipulatief handje werd geholpen om de koppositie te bereiken, waarmee, als het waar is, in elk geval de traditie van festivaloprichter Huub Bals wordt voortgezet. Die hoorden we ooit over de absolute publieksfavoriet zeggen dat ze over zijn lijk zouden moeten stappen als ze die klote- en nog wat film een prijs zouden willen geven, waarna op de slotdag de ranglijst inderdaad gewijzigd bleek. Overigens werd De Poolse bruid niet alleen door het publiek maar ook door de pers uitstekend ontvangen. De film werd ook opgemerkt door het vakblad Variety, dat de film prijst als "a delicate two-handed chamberpiece about the slow-kindling love between a hermitlike farmer and a battered refugee". De film wordt een mooie toekomst voorspeld op buitenlandse festivals en in de internationale televisiewereld.


Onzin noemt Rob Langestraat het bericht dat met de verkoop van 'zijn' filmtheater Desmet, vorig jaar zomer, aan distributeur RCV zijn filmlabel Argus Film nog slechts een papieren bestaan leidt. Hij is geen stroman van RCV, maar nog steeds een zelfstandig en onafhankelijk operende filminkoper. "RCV doet alleen de 'handling' van de films die ik koop, op mijn aankoopbeleid oefenen zij geen invloed uit. Ik zeg je dat er niets is veranderd, ik ben alleen verantwoordelijk voor Argus Film." Desgevraagd wordt deze relatie bevestigd door RCV-baas San Fu Maltha.

Rob Langestraat: hoezo opgeslokt door RCV?


De verstekeling van Ben van Lieshout heeft de eerste John Templeton-Filmprijs gewonnen, zo meldt Trouw. Wij hadden ook nog nooit van de man gehoord, maar John Templeton is een religieuze zakenman met een filantropische instelling, die een naar hem genoemde prijs in het leven riep als een soort Nobelprijs voor religie. Over de Templeton-Filmprijs, een nieuwe tak aan zijn prijzenboom, wordt beslist door een internationale jury die is samengesteld uit interkerkelijke filmorganisaties. Over de prijs van vijfduizend gulden wordt beslist op basis van "de artistieke waarde en de expressie van een humaan gezichtspunt, in de lijn van de bijbelse boodschap en in staat om de toeschouwers gevoeliger te maken voor geestelijke en sociale waarden". Eerder won de film de hoofdprijs op het festival van Mannheim/Heidelberg. Vanaf april is De verstekeling in de bioscoop te zien.

Ben van Lieshout: oecumenische prijs voor De verstekeling.


Opmerkelijk kalm reageert men bij distributeur UIP (United International Pictures) op de uitspraak van de Europese Commissie dat het bedrijf wegens monopolievorming opgesplitst moet worden. UIP, dat onder meer blockbusters als Jurassic Park, Tomorrow never dies, The peacemaker, Amistad op de niet-Amerikaanse markt brengt, werd in 1981 als een samenwerkingsverband van drie grote Amerikaanse studio's, Universal, MGM en Paramount, in het leven geroepen omdat dat geldbesparend was. Het door één distributeur laten uitbrengen van films van drie studio's is goedkoper dan dat laten doen door drie aparte distributeurs. Naar verluidt bespaart elke studio daardoor jaarlijks 25 miljoen dollar op distributiekosten. Omdat een constructie als UIP in strijd is met de Europese monopolie- en kartelregelgeving, had het bedrijf speciale toestemming nodig om in Europa te kunnen opereren. Tot in het begin van de jaren negentig leverde dat geen problemen op, omdat de Europese Commissie vond dat de commercieel slechte situatie in de bioscoopbranche een uitzondering noodzakelijk maakte. Nu het weer goed gaat in de bioscoopbranche ziet de Commissie geen reden meer voor deze aparte positie en moet UIP worden opgesplitst in drie distributiebedrijven. Alle hens aan dek bij UIP, zou je denken, maar dat blijkt wel mee te vallen. Een van de redenen is misschien dat de distributeur door beroep aan te tekenen tegen de uitspraak de zaak vijf jaar kan rekken. Een belangrijker reden is, zo vermoedt het vakblad Variety, dat de samenwerking tussen de drie studio's toch al zijn langste tijd heeft gehad. De drie studio's zouden hun films onafhankelijk van elkaar willen uitbrengen, omdat ze daarvan betere resultaten verwachten. Samenwerking binnen UIP is weliswaar kostenbesparend, maar daar staat tegenover dat men altijd rekening met elkaars films moet houden. Dat werkt goed op een stabiele, rustige markt, maar omdat de filmmarkt steeds onrustiger en chaotischer wordt, eist dat agressievere spelers die snel kunnen toeslaan als dat nodig is.


Aan vrije verkiezingen heeft de bioscoopbranche-vereniging NFC geen boodschap. Onder het motto 'kies de beste bioscoopfilm van 1997' kan het publiek tot 4 maart bellen met BelBios om zijn favoriete films door te geven. Nu ja, doorgeven, laten we het geleide verkiezingen noemen. De bellers kregen steeds drie titels voorgelegd in vijf categorieën waaruit zij konden kiezen. U werd geacht om "onder uw bioscoopstoel van het lachen" te hebben gelegen bij Bean, Liar, liar of Men in black. Het "meest ontroerd" was u bij The English patient, William Shakespaere's Romeo + Juliet of Seven years in Tibet. Op "het puntje van uw stoel van spanning" zat u bij Face/off, Scream of The game. Het "gezelligste bioscoopuitje voor het hele gezin" was 101 Dalmatiërs, Hercules of Home alone 3 en "de allerbeste bioscoopfilm van het jaar" vond u Jurassic Park: The lost world, Face/off of Seven years in Tibet. Wellicht kan de NFC volgend jaar in elke categorie één film nomineren, dat scheelt een hoop gebel.


Elke gelijkenis met bestaande personen of situaties is onbedoeld, zegt Jurriën Rood over zijn bijna een uur durende single play Celluloid blues die in september op het Nederlands Film Festival in Utrecht te zien zal zijn, waarna de film in januari 1999 door de NPS zal worden uitgezonden. Celluloid blues gaat over een oude filmcriticus die bij zijn krant een heroïsch gevecht levert voor het behoud van zijn filmpagina. De gevaren dreigen van de kant van de snelle marketingjongens, die meer commercieel brood zien in vettig medianieuws dan in serieuze filmrecensies. Rood: "Ik wilde dit scenario eigenlijk al in 1995 in het kader van 100 jaar film realiseren, maar dat is toen niet gelukt. Het is een beetje een moralistische vertelling, waarin ik van een ouderwetse man een held wilde maken. Mijn sympathie ligt bij de criticus, wat niet wil zeggen dat ik altijd tegen vernieuwingen ben." Volgens Rood is het toeval dat het onderwerp van zijn film ook in werkelijkheid critici bezighoudt. Hij zegt niet op de hoogte te zijn van discussies onder filmcritici over de toekomst van hun vak onder toenemend marketinggeweld en commercialisering. "Kennelijk hangt zoiets in de lucht en heb ik dat opgepikt."

Jurriën Rood: steun voor de bedreigde filmkritiek.


Het voorjaar komt eraan en in de filmbranche regent het personeelswisselingen. Of er tussen deze twee mededelingen enig verband is weten wij ook niet. Feit is dat Paulette Buenting, hoofd publiciteit en marketing bij Warner, al een tijdje ziek thuis zit. Naar verluidt voelen meer Warner-medewerkers zich niet helemaal kiplekker meer sinds Dirk de Lille bij Warner de scepter zwaait. Heleen Rouw, die nu nog bij PolyGram verantwoordelijk is voor het marketingbeleid, wordt getipt als opvolgster van Buenting. Ook bij Buena Vista is de sfeer niet altijd denderend, want daar stapte vorige maand onverwacht publiciteitsmedewerker Ditte Papousek op. Volgens geruchten kon zij het niet vinden met marketingchef Lieke Buschmann. Om een plezieriger reden stapt Paul Zonderland, de hoogste man van Buena Vista Nederland, binnenkort wellicht ook op. Naar verluidt is hij geroepen om in Amerika bij moederbedrijf Disney een hoge post te gaan bekleden. Eline Danker, nu nog werkzaam bij Buena Vista in Engeland, zou dan terugkeren om Zonderlands positie over te nemen.


Angie is de titel van Martin Lagestee's speelfilmregiedebuut uit 1993, dat kopje onder ging in vernietigende kritieken. "Het trio jonge acteurs doet zijn best maar wordt nu eenmaal niet gediend door het oppervlakkige scenario van regisseur Lagestee met bijzonder wezenloze dialogen", lezen we in de Speelfilmencyclopedie. Kennelijk wil Lagestee niet meer aan de film worden herinnerd, want in Holland Film 1998, het voor het buitenland bestemde jaaroverzicht van Nederlandse films, dat ook aankondigingen van nieuwe filmplannen bevat, staat te lezen dat Lagestee met de speelfilm The red swan in 1998 zijn speelfilmregiedebuut zal maken. Uit milieu-overwegingen verdient Lagestee's stap overigens navolging: als elke Nederlandse filmmaker zijn mislukte films uit zijn filmografie schrapt, scheelt dat al gauw een heel bos.

Martin Lagestee: Angie bestaat niet meer.


De filmsituatie in China is verre van rooskleurig, zo blijkt uit een artikel in Variety. Het bioscoopbezoek lijdt dramatisch onder de concurrentie van video, vaak illegale piratenkopieën, zodat veel filmstudio's in financiële moeilijkheden verkeren en hun voorgenomen jaarproduktie moeten verlagen. Voor redding wordt naar het buitenland, met name Amerika, gekeken. Een Chinese filmdelegatie reisde onlangs naar Hollywood om met de grote filmmaatschappijen te overleggen over handelsvoorwaarden. De uitkomst zal waarschijnlijk zijn dat Amerikaanse filmdistributeurs meer films naar China mogen exporteren (nu nog twaalf per jaar) in ruil voor investeringen in de Chinese filmindustrie. Verwacht wordt dat in de toekomst meer Amerikaans-Chinese coprodukties gerealiseerd zullen worden. Overigens zijn ook kleine film- en televisiebedrijven welkom in China, al zal elke aanvraag van geval tot geval worden bekeken. Als criterium zal gelden dat China profijt van het bezoek moet hebben. Disney en Columbia TriStar verkeren overigens nog steeds in de Chinese ban. Bij het bezoek aan Hollywood werden deze studio's overgeslagen, omdat de Chinese autoriteiten nog niet vergeten zijn dat deze studio's respectievelijk Martin Scorsese's Kundun en Jean-Jacques Annauds Seven years in Tibet hebben geproduceerd. Beide films nemen het op voor de Dalai Lama in zijn strijd voor onafhankelijkheid van Tibet.


O amor natural van Heddy Honigmann krijgt een bioscooproulement in Duitsland. De film waarin Braziliaanse oude mensen zich naar aanleiding van de liefdespoëzie van Drummond de Andrade openhartig uitspreken over hun seksuele gevoelens en verlangens, wordt in vijf kopieën uitgebracht door de Duitse distributeur Pegasos.


Ruzie tussen oprichter Paul O'Driscoll en uitgeverij Publish van het drie maanden geleden gestarte filmtijdschrift Movie heeft tot gevolg dat het blad zich vanaf volgende maand opsplitst in twee bladen. Initiatiefnemer Paul O'Driscoll heeft de rechten op de naam Movie en zal onder die naam een blad blijven uitbrengen dat zich nog meer zal richten op de grote, commerciële films, inclusief de licenties om artikelen uit de Amerikaanse bladen Movieline en Premiere over te kunnen nemen. Uitgever Publish zal met een ongewijzigde redactie, waarin Jan Pieter Ekker hoofdredacteur is en Maarten Bömer en Elsbeth Jongsma redactieleden, een blad onder de naam Movies op de markt brengen. Het eerste nummer van Movie had een betaalde oplage van 7000 exemplaren. Volgens de uitgever liet het tweede nummer "een stijgende verkoop" zien, maar over hoe groot die stijging was, laat hij zich niet uit. De uitgever rekent er echter op nog voor het einde van dit jaar de doelstelling voor het eerste jaar van 15.000 à 20.000 verkochte exemplaren te behalen. Het toetreden tot het bladmanagement van Paul Verstraeten, hoofd communicatie en marketing van het Filmfestival Rotterdam, moet bijdragen aan de realisering van de streefcijfers. Paul O'Driscoll bevestigt de breuk. Volgens hem is de belangrijkste oorzaak 'botsende karakters', waarna verschil van inzicht over de koers van het blad onoverbrugbaar werd. Op de vraag of twee bladen wel bestaansrecht hebben, antwoordt hij dat de toekomst zal uitwijzen welk blad het sterkst is. Op 3 april ligt de eerste editie van zijn tijdschrift in de schappen, zo verzekert hij.


Meer dan tien miljoen gulden bracht Brad Pitt met Seven years in Tibet in de kassa's van de Nederlandse bioscopen. Bij distributeur RCV is men enigszins beduusd van het succes, dat groter is dan dat van de toch ook niet slecht lopende The English patient, de RCV-hit van vorig jaar. "Dat de film succes zou hebben, hadden we wel verwacht", zegt RCV-directeur San Fu Maltha, "maar niet dat het zo groot zou zijn." Of het succes van de film te danken is aan de populariteit van de Dalai Lama of van Brad Pitt, zal blijken als Martin Scorsese's Kundun in Nederland wordt uitgebracht. De film, die waarschijnlijk bij RCV zal belanden, gaat eveneens over het leven van de Dalai Lama, maar bevat niet het spektakel van Seven years in Tibet. Een kleine minderheid van de Amerikaanse pers prees de film als een meditatieve vertaling van de boeddhistische leer, maar de meeste filmcritici zagen dat als een sjieke omschrijving van het woord saai.

Brad Pitt: goed voor tien miljoen in Nederland.


Oscarspionnen kunnen we ze noemen: vertegenwoordigers van distributeurs die de Academy-leden verleiden tot het uit de school klappen over de Oscarberaadslagingen. Het doel is om voorafgaande aan de Oscaruitreiking op 23 maart te achterhalen waar de Oscars terecht komen. Via 'deep throats' in de Academy worden zij op de hoogte gehouden. In dit spionnenspel verkeert ook Karakter, sinds de film, na door distributeur Sony Classics te zijn gekocht, is genomineerd voor de Oscar voor beste niet-Engelstalige film. Bij producent First Floor Features maakt men kennis met een wereld "waarvan we het bestaan niet kenden. Dagelijks hebben we contact met Sony over de laatste stand van zaken en worden de kansen voor Karakter doorgenomen." Volgens de woordvoerster weet Sony dankzij het spionnenwerk al op 13 maart, tien dagen voor de uitreiking, met vrij grote zekerheid of Karakter zal winnen. Als u op die dag nog lang licht ziet branden bij First Floor Features in Almere en de medewerkers hossend door het pand ziet gaan, dan weet u dat regisseur Mike van Diem en producent Laurens Geels op 23 maart in Los Angeles zullen zijn.


Fons Rademakers krijgt de Bert Haanstra Oeuvreprijs 1998 van het Nederlandse Fonds voor de Film. Hij is na Bert Haanstra de tweede filmmaker die bekroond wordt met deze prijs van 100.000 gulden. Op 12 juni zal de prijs worden uitgereikt. De keuze voor Rademakers motiveert de jury, samengesteld uit politica Hedy d'Ancona, filmhistoricus Karel Dibbets en filmdistributeur Robbert Wijsmuller, door te verwijzen naar "de constante kwaliteit van Rademakers' films, de veelzijdigheid ervan en zijn vermogen om belangrijke Nederlandse literaire werken op een, voor het grote publiek aansprekende wijze te verfilmen."

Fons Rademakers: met een tonnetje naar Rome.

Naar boven