April 1999, nr 199
De waanzin van een weerzinwekkende wereld
Kluizenaar, visionair, vernieuwer, compromisloze outsider, consciëntieuze ambachtsman, maniakale stilist, Stanley Kubrick was het allemaal. Kort na het voltooien van zijn dertiende speelfilm Eyes wide shut werd bekend dat hij in zijn Engelse woonplaats was overleden. En het ergste is dat we nu tenminste zeker weten dat er nooit meer een film van hem komt.
Hypocrisie tijdens de Koude Oorlog (Dr. Strangelove).
Er werden al grapjes over gemaakt. Over de leeftijd die Stanley Kubrick zou hebben bereikt als hij zijn volgende film zou hebben gemaakt. Er zaten immers steeds grotere tussenpauzen tussen zijn films. Maar liefst twaalf jaar scheiden zijn voorlaatste film Full metal jacket (1987) en zijn laatste Eyes wide shut, waarvan de première deze zomer gepland staat, en die ook echt zijn laatste zal blijven. Zondag 7 maart werd bekend gemaakt dat Stanley Kubrick op zeventigjarige leeftijd op zijn landgoed Childwickbury Manor in St. Albans in het ten noorden van Londen gelegen graafschap Hertfordshire was overleden. Aan een natuurlijke oorzaak, zo werd beklemtoond door zijn familie die de politie erbij had geroepen om zijn dood vast te stellen en die vervolgens meldde dat er geen verdachte omstandigheden waren. Verder geen commentaar. Een eenvoudige mededeling die evenwel voldoende stof bood om de dood van een van de belangrijkste regisseurs uit de filmgeschiedenis met evenveel geheimzinnigheid te omhullen als zijn leven.
Kubrick was getrouwd met Suzanne Harlan en had drie dochters.
Legendarisch
Kluizenaar, perfectionist, visionair, vernieuwer, compromisloze outsider, consciëntieuze ambachtsman, een filmauteur pur sang, maniakale stilist, geobsedeerde empirist, Kubrick was het allemaal. De verhalen over zijn werklust zijn legendarisch. Tien, vijftig, honderd takes had hij soms nodig voordat een shot zijn goedkeuring kon wegdragen. Tijdens de voorbereiding van zijn science-fictionfilm 2001: A space odyssey (1971) las hij alles wat er maar verschenen was over buitenaardse levensvormen, van obscure verhalenbundels tot officiële NASA-circulaires. Het liefste had hij zich bovendien laten verzekeren tegen de mogelijkheid dat er tijdens de productie van zijn film contact zou worden gelegd met buitenaardse wezens.
Over zijn laatste film, een erotisch drama naar Arthur Schnitzlers 'Traumnovelle' met acteursechtpaar Tom Cruise en Nicole Kidman in de hoofdrollen was de geruchtenstroom nog langer, niet in de minste plaats door Kubricks zelfgekozen radiostilte. Om te beginnen liet hij iedereen die betrokken was bij Eyes wide shut een verklaring van geheimhouding tekenen, werden acteurs vervangen (Harvey Keitel omdat hij tijdens een seks-scène over Kidman zou zijn klaargekomen en Jennifer Jason Leigh omdat ze niet goed genoeg zou zijn) en tenslotte werd de releasedatum steeds maar weer vooruitgeschoven.
Van de frisgekapte en strak in het pak gestoken jeune prémier die doorbrak met de misdaadfilm The killing (1956) tot de bebaarde, langharige en met ondoorgrondelijke priemogen langs de camera kijkende regisseur uit de periode dat hij A clockwork orange (1971) opnam, een van de laatste keren dat hij fotografen toeliet op de set, ligt een wereld van verschil. Maar de zoon van een joods-Oostenrijkse huisarts die op 26 juli 1928 in the Bronx, New York werd geboren had al op jonge leeftijd in de gaten dat hij zijn doelen alleen kon verwezenlijken zonder concessies te doen. Nadat hij als jongen van zijn vader zijn eerste fototoestel had gekregen, wist hij op zeventienjarige leeftijd door te dringen tot de staf van het fameuze fototijdschrift Look. Het filmvak leerde hij zichzelf door vertoningen in het New-Yorkse Museum of Modern Art te bezoeken. "I was aware that I didn't know anything about making films, but I believed I couldn't make them any worse than the majority of films I was seeing. Bad films gave me the courage to try making a movie."
Zijn eerste documentaire Day of the fight (1951) over de wereld van het prijsboksen, bekostigde hij met geld dat hij had verdiend met schaken (zijn andere grote passie). Twee eveneens onafhankelijk geproduceerde speelfilms Fear and desire (1953) en Killer's kiss (1955) volgden.
Nadat hij Kirk Douglas had geregisseerd in de indrukwekkende anti-oorlogsfilm Paths of glory (1957) vroeg deze hem om regisseur Anthony Mann te vervangen op de set van Spartacus (1960). Het resultaat was een imposante spektakelfilm over de beroemde opstand van de gladiatoren in de Romeinse tijd. Teleurgesteld door de vele restricties die het werken binnen het studiosysteem hem stelde, vertrok Kubrick vervolgens naar Engeland waar hij werkte aan de controversiële verfilming van Vladimir Nabokovs roman Lolita (1962). Een reeks van succesvolle speelfilms volgde. Van de zwarte komedie Dr. Strangelove or: How I learned to stop worrying and love the bomb (1964), die hier in Nederland op het hoogtepunt van de Koude Oorlog nog problemen had om door de filmkeuring te komen, de definitieve science-fictionfilm 2001 en de nog immer omstreden geweldsoefening A clockwork orange (1971) naar de gelijknamige roman van Anthony Burgess.
Gewelddadigheid
Op het moment van zijn overlijden waren bijna al Kubricks films ergens in Nederland te zien. A clockwork orange draaide voor de 324e week in de Amsterdamse bioscoop The Movies, waar hij vooral door Engelsen wordt bezocht, die de film thuis niet kunnen zien, nadat Kubrick de film zelf had teruggetrokken na de controverse die in het puriteinse Engeland was ontstaan om z'n extreme gewelddadigheid. The killing, Lolita, Dr. Strangelove en 2001 zijn klassieke filmhuissuccessen, evenals het kostuumdrama Barry Lyndon (1975) naar de roman van William Makepeace Thackeray over de Zevenjarige Oorlog, die Kubrick geheel met natuurlijk licht opnam en waarvoor lenzenfabrikant Zeiss speciale lenzen moest ontwikkelen in verband met de vele slechts door kaarsen verlichte taferelen. Over zijn laatste twee films, de Stephen King-verfilming The shining (1980; de eerste horrorfilm die grotendeels in het volle licht speelt) en de Vietnamfilm Full metal jacket (1987) waren de critici minder eensgezind dan over zijn eerdere meesterwerken, maar vestigden wel zijn naam als chroniqueur van de dehumanisering.
Oorlog en geweld, seksuele obsessie, machtsverhoudingen en autoriteitsconflicten, verraad, de ontluisterende deconstructie van een weerzinwekkende wereld, de voortschrijdende mechanisering van de maatschappij met uiteindelijk verregaande degeneratie en ontmenselijking ten gevolg, hoe divers Kubricks films ook zijn (een veelvoorkomende interpretatie van zijn werk is dat hij elk genre wilde beproeven), hun thema's zijn opvallend gelijkluidend.
Kubrick (met camera) registreert 'a bit of the old ultra-violence' op de set van A clockwork orange.
Ontmenselijkt
Er hangen al heel lang twee foto's uit Dr. Strangelove boven mijn werktafel. Op een ervan staat Peter Sellers in een van de beroemdste filmscènes aller tijden. "Mein Führer, I can walk." De andere is gewoner, zou vergeten zijn als er niet een still van was gemaakt. "Peace is our profession", zegt het bord op de luchtmachtbasis, gefotografeerd door het wazige hekwerk van de omheining heen. Een soldaat ligt dood op de grond, de anderen maken zich op de basis te bestormen. Ik kan er lang naar kijken. Naar die roerloze man op de voorgrond, om wie niemand zich meer bekommert. Naar die soldaten die, even onbewogen, klaar zijn om te doden. Naar dat vage gevlochten traliewerk dat deze mannen gevangen houdt in tijd en ruimte. Naar de tegenstelling tussen tekst en handeling. Het is in al z'n uitgedachtheid een perfecte illustratie voor al die foto's waar Kubricks films uit zijn opgebouwd. Er is niets op af te dingen, maar ook niets aan toe te voegen. In z'n hang naar perfectionisme is ook het leven eruit verdwenen. Maar toch niet helemaal, want hoe ontmenselijkt de wereld ook is die Kubrick in zijn films laat zien, hij roept bij mij nog steeds gevoelens op van afgrijzen, woede, onbegrip en bewondering. Veel bewondering en ook een beetje van dat griezelige wat je krijgt als je iets geniaals ziet. Daarom was die legendevorming ook zo veilig. Het maakte Kubrick niet tot een van ons. Hij was die zonderling, die maniak, ver weg op z'n landgoed.
Dat hij daar gewoon zijn werk deed. Boeken las, films zag, met mensen sprak en steeds maar op zoek was naar iets wat beter dan wat ook tevoren kon laten zien in wat voor wereld wij leven - een heel gewone menselijke bezigheid dus - wordt daarbij te licht over het hoofd gezien.
En nu is hij dood. En het ergste is dat we nu tenminste zeker weten dat er nooit meer een film van hem komt. Dat heeft iets onbegrijpelijks. Hoe moet het nu met A.I. ("artificial intelligence"), de al voor Eyes wide shut aangekondigde ultieme special-effectsfilm die Hollywood het digitale tijdperk in zou moeten loodsen?
Misschien was het ook gewoon op. Klaar. Dat kleine, bijzondere, ongrijpbare oeuvre dat door zijn overzichtelijkheid een geliefd studie-object zal worden voor filmwetenschappers en andere theoretici. Maar voor hen heeft Kubrick nog een laatste verrassing in petto: zijn films veranderen steeds, hoe vaker je er naar kijkt. Ze spiegelen niet de emoties van de maker, maar van de toeschouwer.
Dana Linssen
Filmografie:
Day of the fight (1951, 16 min, zwart-wit)
Flying padre (1951, 8 min, zwart-wit)
The seafarers (1953, 30 min, kleur)
Fear and desire (1953, 68 min, zwart-wit)
Killer's kiss (1955, 67 min, zwart-wit)
The killing (1956, 83 min, zwart-wit)
Paths of glory (1957, 86 min, zwart-wit)
Spartacus (1960, 184 min, kleur; gerestaureerde versie uit 1992: 196 min)
Lolita (1962, 152 min, zwart-wit)
Dr. Strangelove or: How I learned to stop worrying and love the bomb (1964, 93 min, zwart-wit)
2001: A space odyssey (1968, 139 min, kleur)
A clockwork orange (1971, 137 min, kleur)
Barry Lyndon (1975, 183 min, kleur)
The shining (1980, 142 min, kleur)
Full metal jacket (1987, 116 min, kleur)
Eyes wide shut (1999, zwart-wit/kleur). De meest recente informatie over de Nederlandse uitbreng is 26 augustus 1999.