Video - juli/augustus 1999, nr 202

Een selectie uit de videotheek van nieuwe, interessante en curieuze films die niet in de bioscoop zijn uitgebracht.


Divorcing Jack
David Caffrey
De Ierse regisseur David Caffrey is geen bangebroek, want met zijn eerste speelfilm Divorcing Jack begeeft hij zich meteen op het heikele terrein van de komedie die zich afspeelt tegen de achtergrond van een groot menselijk drama, in dit geval de gewapende strijd in Noord-Ierland. Dat de combinatie van humor en leed gevoelig ligt ondervond enige jaren terug Emir Kusturica, die zwaar bekritiseerd werd omdat hij in Underground absurdistische grappen durfde te maken over de schokkende gebeurtenissen in voormalig Joegoslavië. Maar ook de veel mildere humor van
La vita è bella kon volgens sommigen niet door de beugel tegen de achtergrond van de holocaust. Caffrey komt er in ieder geval uitstekend mee weg, want de door de BBC geproduceerde Divorcing Jack dankt juist zijn kracht aan de wisselwerking tussen boertige komedie, een thrillerachtige plot in de geest van Hitchcock en een aantal wat grimmigere scènes waarin de harde realiteit van de Noord-Ierse terreur ineens dichtbij komt. David Thewlett speelt een recalcitrante dagbladcolumnist, die terechtkomt in een politiek mijnenveld als hij een slippertje maakt met de dochter van een vooraanstaand politicus. Als hij haar op een gruwelijke wijze vermoord aantreft in haar appartement wordt hij ineens gezocht door de politie, de IRA en diverse protestantse splintergroeperingen. David Thewlett, die eerder schitterde als een neurotische mensenhater in Mike Leigh's Naked, maakt indruk als de rap van de tong gesneden columnist. Maar ook de rest van de acteurs is uitstekend, en mede door het hoge tempo en de grove Ierse pubhumor is Divorcing Jack een erg geslaagde, integere komedie die meer zegt over de situatie in Noord-Ierland dan twintig Netwerk-reportages.
Fritz de Jong
Te huur vanaf 25 augustus (Dutch Filmworks).

Divorcing Jack: Columnist wordt verdacht van moord.


Orgazmo
Trey Parker
Door het succes van hun animatieserie
'South Park' kregen Trey Parker en Matt Stone vorig jaar een eigen stervehikel, de sportkomedie BASEketball. Voor het duo door Hollywood geadopteerd werd schreven ze al twee speelfilms op hun naam, de lowbudget kannibalenmusical Alfred Packer en de pornosatire Orgazmo. De eerste film werd opgepikt door Troma, het in komische bloedbaden gespecialiseerde filmbedrijf uit New York, en werd Cannibal! the musical gedoopt. De geest van Troma is ook aanwezig in Orgazmo, waarmee Parker zich als scenarioschrijver, regisseur en hoofdrolspeler profileert. Als acteur komt hij aardig uit de hoek. Parker speelt de mormoon Elder Joe Young, die tijdens zendingswerk in Hollywood op een pornoset belandt en door zijn virtuoze kung fu-techniek de ideale vertolker van intergalactisch superheld annex dekhengst Captain Orgazmo lijkt te zijn. Het vooruitzicht op een smak geld en de verzekering dat een "stuntlul" de honneurs zal waarnemen trekken Joe over de streep, waarop de gelovige in de pornohel afdaalt. Parker zet met dit uitgangspunt laag in, en alle denkbare grappen over de tegenstellingen tussen mormonen en pornografen worden dan ook schaamteloos uitgemolken. Hoewel, schaamteloos is niet het juiste woord: Parker gaat nauwelijks over de schreef, waardoor de beoogde satire scherpte mist en lang niet zo leuk is als een volbloed Troma-film. Een groot aantal pornosterren vervult gastrollen, waarbij voormalig autofellatio-specialist Ron Jeremy mag uitleggen dat porno ook mannen exploiteert. Parker houdt teveel van de pornowereld om echt venijnig uit te pakken en maffe evangelisten kennen we al, maar af en toe treft Orgazmo zeker doel, vooral wanneer het superheldendom op de hak genomen wordt. Maar ik heb meer plezier beleefd aan het op import verkrijgbare Tromeo & Juliet, waarin Troma Shakespeare aan porno koppelt.
Bart van der Put
Te huur vanaf 25 augustus (Laurus Entertainment).

Orgazmo: Trey Parker (de maker van 'South Park') als intergalactische dekhengst.


The rat pack
Rob Cohen
We kunnen ons nu al verheugen op de film van Martin Scorsese over het leven van Dean Martin, gebaseerd op de briljante biografie van Nick Tosches. Alleen al het nieuws dat John Travolta in deze film de rol van Frank Sinatra, 'the chairman of the board' gaat spelen, zorgt al voor veel voorpret. Voorlopig doen we het met The rat pack die Rob Cohen voor het Amerikaanse net HBO (te vergelijken met Canal+) maakte. Cohen maakte eerder onder meer de uitstekende biopic Dragon, over het leven van de Aziatische ster Bruce Lee. The rat pack is heel wat ambitieuzer: de naam verwijst naar Frank Sinatra en zijn beruchte vrienden die samen optrokken, optraden en films maakten aan het eind van de jaren vijftig. Sinatra was de baas, Dean Martin en Sammy Davis jr. waren de linker en rechterhand en op de buitenvleugels speelden acteur Peter Lawford en komiek Joey Bishop. De aanwezigheid van Lawford werd vooral getolereerd omdat hij getrouwd was met Patricia Kennedy en zo een link tussen Sinatra en het Witte Huis kon leggen. Cohen wil in twee uur de hele mythologie rond de Rat Pack uit de doeken doen. Hun connecties met de maffia, hun flirt met het Witte Huis, de manier waarop Joe Kennedy de hulp van Sinatra inriep om zijn maffiose vrienden in te schakelen bij het winnen van de protestante mijnwerkersstem in Zuid-Virginia, de link tussen Marilyn Monroe en het Witte Huis en hoe ten slotte Sinatra weer gemeden werd door Jack Kennedy om niet besmet te worden met zijn slechte reputatie. The rat pack heeft iets weg van een samenvatting van een oorspronkelijk veel langer durende miniserie waarbij allerlei historische personages in en uit beeld vliegen: Marilyn, Ava Gardner, de Kennedy's. Cohen wil die hele driehoek van misdaad, politiek en showbusiness in twee uur vangen, het historische jaar 1960 in al zijn facetten neerzetten, een portret schetsen van de manisch-depressieve Sinatra en de strijd van Sammy Davis tegen racistische vooroordelen ook nog eens belichten. Voeg daar nog eens aan toe dat de filmmakers niet de beschikking hadden over de oorspronkelijke zangstemmen van Martin, Davis en Sinatra, maar het met soundmixklonen moesten doen, en het is eigenlijk nog een wonder dat The rat pack zo'n aardige, onderhoudende film is geworden. The rat pack blijft overeind door de fraaie periodisering en sterke hoofdrollen van Ray Liotta als Sinatra, Joe Mantegna als Dean Martin (de man die ook voortdurend de Rat Pack-mythe mag doorprikken met zijn oneliners) en Angus MacFadyen als Peter Lawford, de boodschappenjongen tussen het Witte Huis en Hollywood.
Mark Moorman
Te huur vanaf 18 augustus (H.O.M. Vision)


Tic tac
Daniel Alfredson
'Na Pulp Fiction is er nu: Tic tac', belooft de video-inlay van deze Zweedse film. '5760 seconds directed by Daniel Alfredson.' Helaas heeft Tom Tykwer met zijn
Lola rennt reeds het ultieme hippe, snelle stadsdrama gemaakt, waardoor Tic tac een beetje sloom overkomt. Er zit geen bloedstollend tempo in de film, alleen wat tendentieuze opnamen van metrorails met wat slappe drum 'n' bass beats. Van Quentin Tarantino is al helemaal geen spoor te bekennen. Wat is Tic tac dan wel?
Op een knappe manier heeft Alfredson gebeurtenissen en personages zo aan elkaar gebreid dat ze elkaar kruisen op één lange Stockholmse nacht. Dit Altman-achtige idee is aardig uitgewerkt, ook al omdat de personages onverwacht uit de hoek kunnen komen. Zo staan de Italiaanse eigenaren van een café al met de honkbalknuppel klaar om twee vervaarlijke skinheads aan te pakken, die op fluistertoon in een hoekje de geneugten van echte verliefheid zitten te bespreken. Dan is er het stel dat op het laatste moment niet naar Australië emigreert en op de gang van hun nieuwe flat een luidruchtig drama opvoert. Het best uitgewerkt is de ontmoeting tussen Micke, die al mompelend zweert zijn school te verbranden, en Jeanette, die hij daar slapend aantreft. Al snel blijkt dat Micke en Jeanette twee beschadigde kinderen zijn, die het prima met elkaar kunnen vinden. Hier laat Alfredson zijn ware gezicht zien. Tic tac is geen snelle Euro-thriller voor het nieuwe millennium, maar een typisch Zweedse film over morele vraagstukken. God, seks, familie en geweld komen bij alle personages aan bod, maar de scènes tussen de twee verloren kinderen zijn nog het mooist.
Thessa Mooij
Te huur vanaf 28 juli (Prime Time Entertainment)


Nieuw in de videotheek
Maandelijks maakt de Filmkrant een selectie uit het aanbod van nieuwe films in de videotheek. Deze films waren eerder te zien in de bioscoop en zijn toen besproken in de Filmkrant (zie ook de Filmkrant zoek-pagina).

Koopvideo
Lone star - John Sayles
Marie baie des anges - Manuel Pradal
Siberia - Robert Jan Westdijk
Primary colors - Mike Nichols
The James gang - Mike Barker

Huurvideo
Claire Dolan - Lodge Kerrigan
Velvet goldmine - Todd Haynes
Fear and loathing in Las Vegas - Terry Gilliam
Adieu forain - Daoud Aoulad-Syad
Knoflíkári - Petr Zelenka
Love is the devil - John Maybury
Jude - Michael Winterbottom
Life on a string - Chen Kaige
Antz - Eric Darnell en Tim Johnson
There's something about Mary - Peter en Bobby Farrelly
Rounders - John Dahl
De man met de hond - Annette Apon
La vita è bella - Roberto Benigni


De Videovorser
Addergebroed

Wie behept is met het filmvirus kan soms door een combinatie van namen al in vervoering raken. Ik kreeg onlangs het kersverse affiche van Eyes wide shut. Een aanwist voor de collectie kan het niet genoemd worden. Zelden zo'n lelijk affiche gezien: op een donkerpaarse ondergrond staat een antieke spiegel afgebeeld, met daarin een kussende Tom Cruise en Nicole Kidman. De titel is in pastelgroen afgedrukt, een slogan ontbreekt. In plaats daarvan staat er in een paarse pasteltint Cruise Kidman Kubrick. Ik heb niets met Cruise en Kidman, maar de combinatie met Kubrick spreekt bijzonder tot de verbeelding, vooral door het beloofde erotische karakter van de film. Cruise en Kidman ogen goed en zullen bij Kubrick esthetisch gezien ongetwijfeld in uitstekende handen zijn: de lange trailer alleen al is een lust voor het oog en zit vol karakteristieke Kubrick-shots. Die trailer ken ik alleen van internet, waar hij op postzegelformaat te vinden is. Hij wordt voorafgegaan door een korte inleiding van Cruise, die stelt dat Kubrick niet alleen een meester op filmgebied was, maar ook de meesterlijke architect van zijn eigen reclamecampagnes. De nieuwe trailer voldoet aan de standaard, al blijft die van A clockwork orange onovertroffen, maar moet ik nu echt geloven dat de meester dit pijnlijk mislukte affiche ook zelf bedacht heeft? Ik vrees van wel, want het lijkt ondenkbaar dat de doorgaans doeltreffende reclamedivisie van Warner Bros. met zo'n nietszeggend beeld naar buiten komt. Desalniettemin: Cruise Kidman Kubrick bekt nog steeds lekker en belooft veel. Een andere combinatie die mij als muziek in de oren klonk was James Woods in John Carpenter's vampires. Carpenter is sinds Halloween een held en van Woods kan ik werkelijk nooit genoeg krijgen. Echt niet. Zelfs een doorsnee tv-film over het leven van de oprichter van de Anonieme Alcoholisten moest gezien worden, want de titelheld uit My name is Bill W. wordt vertolkt door James W. En wie Woods kent weet dat hij van een worsteling met de fles een fascinerend schouwspel zal maken, en dat doet hij ook. Maar dan James Woods in John Carpenter's vampires. Klinkt goed, maar het wordt beter. Woods speelt een grofgebekte, rokende en zuipende vampierjager in dienst van het Vaticaan. Dat zit zo: met een mislukt exorcisme in 1340 transformeerde de katholieke kerk een van zijn geloof gevallen priester onbedoeld tot de eerste vampier en sindsdien stuurt de clerus doodseskaders de wereld in om het puin te ruimen. Geniaal concept. In een genrefilm uit Hongkong zouden de priesters zelf ten strijde trekken, en met een combinatie van kung fu en een rotsvast geloof het gespuis over de kling jagen, maar we hebben het hier over de katholieke kerk, dus die aanpak snijdt geen hout. Woods en zijn bende worden geïntroduceerd bij het ruimen van een compleet nest in het dorre landschap van New Mexico en Carpenter maakt er iets moois van. Vampiers worden in de blakende zon gesleept en komen tot spontane zelfontbranding, waarop er niets rest dan "crispy critters", zoals Woods het fijntjes uitdrukt. De acteur, die van Carpenter lekker mocht improviseren, doet wel meer goede uitspraken. Naast het regelmatig terugkerende "Fuck you, padre!" is vooral zijn omschrijving van de tegenstanders raak. "Die gasten zijn helemaal niet romantisch", zo stelt Woods, "het is echt geen stel flikkers dat in gehuurde kostuums rondhuppelt en je probeert te verleiden door een Europees accent op te zetten". Die zit. Daar staat echter tegenover dat minder begenadigde acteurs worden opgezadeld met dialogen van een heel ander kaliber, zoals deze: "Hij zal niet meer te stoppen zijn, tenzij we hem stoppen." Pardon? Er valt wel meer af te dingen op de film, maar het is hoe dan ook fijn dat een horrorveteraan als Carpenter zich niets gelegen laat liggen aan de heersende trends, die in het post-Scream-tijdperk een deprimerende reeks onderling volstrekt inwisselbare tienerfilms hebben opgeleverd. Carpenter is het afgelopen jaar in sommige academische kringen als een heuse auteur erkent, in een lang essay in het Amerikaanse tijdschrift Film Comment werd hij zelfs tot de laatste Amerikaanse auteur uitgeroepen. Die canonisering komt wat laat, maar is volkomen terecht, want de regisseur vaart al bijna dertig jaar een eigen koers en zijn films zijn direct herkenbaar. Dat zit hem niet alleen in de cynische helden, de door Carpenter gecomponeerde soundtracks of de genres waarin hij opereert, het is aan ieder filmbeeldje af te lezen. Carpenter heeft een uitgesproken voorkeur voor het filmen in het Panavision formaat. Het beeld is daarbij 2,4 keer zo breed als het hoog is. Een tv-beeld is ongeveer 1,4 keer zo breed als het hoog is. Bij correcte uitbreng op video rangschikt men voor het gemak alle breedbeeldformaten onder de noemer widescreen, maar van correcte uitbreng op video is helaas zelden sprake. Ook nu niet. Het is op zich al behoorlijk klote dat John Carpenter's vampires bijna overal ter wereld de bioscoop haalde, behalve in Nederland, het is nog erger dat de film hier ook op video niet te zien is zoals de maker het bedoeld heeft. De weidse landschappen, de fraaie zonsondergangen en de zwervende helden getuigen van Carpenter's liefde voor de klassieke western, maar wanneer die vervloekte videodistributeurs het weer eens verdommen om een widescreen-editie uit te brengen en bijna de helft van het filmbeeld verwijderen, blijft daar nul komma niets van over. Om Woods te parafraseren: die videodistributeurs houden helemaal niet van film, het is geen stel cinefielen dat de keuzes van een regisseur respecteert, het is addergebroed dat geen kans onbenut laat om andermans werk te verminken. Zo, dat lucht op. Tijd om nog eens naar dat Kubrick-affiche te staren. Nog twee maanden wachten...

Bart van der Put

John Carpenter's vampires verschijnt 11 augustus op huurvideo (Columbia TriStar Home Video). De definitieve releasedatum van Eyes wide shut is 2 september. De trailer is onder meer te vinden op www.countingdown.com/eyeswideshut

Naar boven