Oktober 1999, nr 204

Nederlandse film

Special: Nederlandse film opent met een onderzoek naar de invloed van het Filmfonds.
Een nieuwe oogst wordt gepresenteerd op het Nederlands Film Festival. Interviews met negen regisseurs.
Richard Woolley is als intendant voor het Filmfonds op zoek naar het scenario van de Nederlandse Full monty.
Patrice Toye maakte met het Vlaamse drama Rosie haar beklemmende debuut.
De Filmacademie bestaat veertig jaar. Wat is er van sommige oud-studenten geworden?
Het einde van het gemopper over de Nederlandse film wordt bepleit in een essay.

Nieuwe oogst: op het randje van het mogelijke
Samenstelling: Edo Dijksterhuis en Fleur Jurgens

Op het Nederlands Film Festival wordt een nieuwe oogst aan Nederlandse speelfilms gepresenteerd. De Filmkrant sprak met negen regisseurs, over intercultureel drama, schijnbaar geïmproviseerde dialogen, spectaculaire special effects, de vertaalslag van boek naar film, en de structuur van het denken. "Al met al gaat het natuurlijk gewoon weer over de liefde."


Het grillige leven
Lef, dat heeft Ron Termaat. Zijn scenario kreeg geen subsidie toegezegd van een omroep of fonds. Dus zat er voor hem niets anders op dan zijn eerste speelfilm Lef zelf te produceren. Hij stak zichzelf in de schulden en riep familie en vrienden op te investeren in zijn droomproject, waaraan hij tussen de bedrijven door - Termaat regisseerde intussen de dramaserie 'Consult' en maakte een singleplay voor de televisie - zeven jaar werkte. Crewleden werd ter compensatie voor hun gratis diensten een percentage van de winst in het vooruitzicht gesteld.
"Onhandig", zo noemt Termaat het Nederlandse filmklimaat, want de eigen productie heeft iedereen veel tijd en energie gekost. Maar hij klaagt niet, vlak voor zijn vertrek naar het filmfestival in Toronto, een verzamelplaats voor de internationale film- en televisiemarkt, waarvoor Lef als een van de weinige Nederlandse producties is geselecteerd. Termaat: "Zo staat de film gelijk op de wereldkaart."
Buitenlandse potentiële investeerders zullen na het internationale succes van Antonia en Karakter ook Lef prachtig vinden, vanwege het grote gehalte aan laaglandse folklore. De held, scenarioschrijver Olivier (Viggo Waas), is ondanks zijn pogingen een klassieke film noir te schrijven, terechtgekomen in een oer-Hollandse film. We zien de verstrooide schrijver en zijn maat (soapster Rick Engelkes) ravotten in de duinen bij Zandvoort, snacken tussen vuile sokken en stapels papier in een typisch Amsterdams appartement (waar het zo gehorig is dat het tikken op de oude typemachine voortdurende bedreigingen van de bovenbuurman oproept), scheuren in een oude Peugeot-cabrio en vallen voor dezelfde femme fatale (Alice Reys), die een onberekenbare mannenverslindster blijkt te zijn.
Het verhaal begon ooit als een scenario voor een korte film over een man die ervan droomt een klassieke filmheld te zijn, maar werd door de regisseur opgerekt tot een lange speelfilm, waarin fantasie en werkelijkheid in elkaar overlopen. Termaat: "Uiteindelijk moet de held kiezen tussen de illusie van het celluloid en het grillige leven zelf."
Het zal geen verbazing wekken dat het hoofdthema over "het nemen van risico's" enigszins is geïnspireerd op de realiteit van de regisseur zelf, die voor zijn eersteling alles op het spel zette. Termaat zegt te houden van de verrassingen van het leven: "De Westerse mens is te zeer gewend aan controle. Alles is geregeld in onze maatschappij. Misschien komt daar de neiging vandaan om de meest risicovolle sporten te gaan beoefenen." Aan Lef, gemaakt voor een groot publiek, zal niemand zich een buil vallen.
FJ

Lef
Regie: Ron Termaat
Productie: Marijke Kloosterman, Ron Termaat
Met: Viggo Waas, Alice Reys, Rick Engelkes
Distributie: Indies
Verwacht: januari 2000


Van gedachte naar handeling
"'Somberman's actie' staat een beetje alleen in Remco Camperts oeuvre. Het heeft veel meer venijn dan zijn andere werk, en dat sprak me aan. Toen ik met Campert sprak over de verfilming waren we het al snel eens dat een behoorlijke aanpassing noodzakelijk was, aangezien het boek voornamelijk bestaat uit de gedachten van de hoofdpersoon, en dat is moeilijk te vangen op film. Maar ik denk dat die grondige aanpak heel gunstig is. Zo staan boek en film op eigen benen en vermijd je een constante vergelijking tussen de twee."
"Niet naar de letter maar naar de geest" verfilmde Casper Verbrugge het boekenweekgeschenk van 1985. Verbrugges tweede lange speelfilm vertelt het verhaal van de 35-jarige ex-dichter Herman Broekman, wiens leven in een neerwaartse spiraal raakt nadat hij ontslagen is bij het warenhuis waar hij werkt. Terwijl hij steeds verder wegzakt in apathie en verzeild raakt in het criminele milieu, bloeit zijn vrouw juist op. De dood van zijn beste vriend Man in 't Woud betekent een omslagpunt voor Broekman, die uit pure frustratie wordt gedwongen tot actie.
"In het boek is Somberman geen dichter", vertelt Verbrugge. "Ik heb er samen met coscenarist Hans Heese voor gekozen om de hoofdpersoon een verleden te geven. Het is geen verwijzing naar Remco Campert; hij is een heel ander soort dichter. Het is meer een manier om het drama van Broekman te vertolken, om de vertaalslag van de gedachte in het boek naar de handeling in de film te kunnen maken en het verhaal op een zo concreet en beknopt mogelijke manier te vertellen."
"Voor de figuur Man in 't Woud zochten we een acteur die kwetsbaarheid uitstraalde. Iemand in mijn omgeving suggereerde Serge Henri Valcke. Toen ik met hem ging praten, bleek dat hij graag afstand wilde nemen van de komedies die hij de laatste jaren heeft gedaan voor tv. Vermomd met een sterke bril die zijn priemende blik beter doet uitkomen, en een licht slepend been, paste hij prima in die rol. Met Oda Spelbos heb ik eerder samengewerkt. Zij heeft een enorm spectrum aan uitdrukkingsmogelijkheden, variërend van een heel klein gebaar tot een bijna expressionistische explosiviteit. Net als de keus voor Oda stond de voorkeur voor Dirk Roofthooft in de rol van Herman Broekman al snel vast. Hij heeft een soort naar binnen reikende blik. Ik denk dat hij bij het publiek geloofwaardig overkomt als een dichter die zijn dichterschap ontkent. Hij straalt een grote spiritualiteit uit. Hij is dé Somberman.
ED

Somberman's actie
Regie: Casper Verbrugge
Productie: Hans de Weers, Hans de Wolf
Met: Dirk Roofthooft, Oda Spelbos, Serge Henri Valcke
Distributie: RCV Film Distribution
Verwacht: onbekend

Dirk Roofthooft (voorgrond) als Somberman, in crimineel milieu (foto: Victor Arnolds).


Vanuit het hart
"Nee, ik ben niet uitgehuwelijkt! En ik draag ook geen hoofddoekje omdat ik een strenge vader heb!" roepen de Marokkaanse meisjes in koor tegen een Nederlandse vrouw die informeert naar het traditionele moslimgebruik. Het is een van de vooroordelen over Amsterdamse 'hangjongeren', die in De straat is van ons op losse schroeven wordt gezet.
Voor zijn film legde Peter Bosch contact met jongeren, een straat bij hem vandaan in Amsterdam Oud-West. Ze vertelden hem over hun harde bestaan. "De jongeren zijn er, door gebrek aan aandacht van hun ouders, aan gewend geraakt overal tussendoor te 'husselen' in de marge. Terwijl ze eigenlijk dezelfde dingen nastreven als mensen in Almere."
De verhalen die Bosch te horen kreeg over aids, tienermoeders, prostitutie, abortus, diefstal en het optreden van de Amsterdamse politie werden door hem vertaald in een scenario. Sommige scènes komen clichématig over, maar "volgens de jongeren is dit nu eenmaal hun werkelijkheid".
Voor de rollen zijn jongeren gecast, die het rauwe bestaan aan den lijve hadden ondervonden. De amateurs kregen een dramatraining van drie maanden om de vier basisemoties van het acteren te leren: woede, vrolijkheid, manipulatie en liefde, weet Bosch. "We moesten veel weerstand overwinnen, om met z'n allen door de bocht te kunnen." Filmische begrippen als 'mise-en-scène' en 'subtekst' waren abracadabra voor de onervaren acteurs.
Met opzet liet Bosch zijn acteurs zo veel mogelijk improviseren, zodat "de kloten van hun eigen taal" in stand bleven. Bosch: "Hun taaltje valt niet uit te schrijven." Voordeel van een dergelijke spontane aanpak is dat de jongeren "niet vanuit het hoofd, maar vanuit het hart acteren".
Met een zeer laag budget - omroepen toonden aanvankelijk geen interesse - werd de film in dertien dagen gedraaid. Nu hij af is, is de interesse ineens buitenproportioneel groot. Er staan voorstellingen in een aantal bioscopen gepland, terwijl hij daar oorspronkelijk helemaal niet voor gemaakt is, vertelt Bosch.
De film, die al in City in première ging, heeft heftige reacties opgeroepen, onder meer bij een vereniging van 'troetelturken', hulpverleners die beweren dat Bosch met zijn film de emancipatie van allochtonen tien jaar terugwerpt. De blanke reggaezanger uit de film - in het echt ook zanger en tienervader - is reeds geclaimd door de eerste platenproducent.
Bosch hoopt met De straat is van ons een brug te slaan tussen mensen met verschillende achtergronden. De wij-tegen-zij-gedachte, die ontstond tijdens de rellen in de Amsterdamse wijk Overtoomse Veld, is volgens Bosch erg gevaarlijk: "We moeten ons hoeden voor het creëren van een geïsoleerde groep, die niets meer te verliezen heeft. Daarvoor moet het establishment van blank, mannelijk en boven de veertig maar eens een 'move' maken en contact leggen met de jongeren."
FJ

De straat is van ons
Regie: Peter Bosch
Productie: Julia von Graevenitz, Peter Bosch
Met: Paul van Musscher, Aziz Elbohdidi, Claudia Panka, Arda Gürses
Distributie: geen
Verwacht: najaar 1999


Een kwetsbaar meisje
"De aantrekkingskracht tussen mannen en vrouwen heeft me mijn leven lang gefascineerd, maar na mijn eerste liefdesscène in mijn eerste speelfilm Het gangstermeisje schrok ik van de voyeur in mij. Daarna heb ik mezelf het label 'meest puriteinse filmmaker van Nederland' opgeplakt", vertelt Frans Weisz. "Toch wilde ik die terughoudendheid één keer doorbreken. In de eerste versie van Een vrouw van het noorden dachten scenarist Ger Thijs en ik nog heel erg in metaforen: de vrouw was één en al psyche en neurose en de man stond voor lichamelijkheid. Maar ik wilde nog steeds die fysieke aantrekkingskracht tussen de seksen tonen, en daar is Een vrouw van het noorden het resultaat van."
Tien jaar lang liep Frans Weisz rond met plannen voor Een vrouw van het noorden. Maar de Italiaanse bureaucratie, de rompslomp die een internationale coproductie met zich meebrengt en de tussenkomst van andere projecten, zorgden ervoor dat de film, die hij naar eigen zeggen "moest maken", pas dit jaar gereed kwam. De film, gebaseerd op een verhaal van Louis Couperus, speelt zich af in het Italië van 1899, waar de jonge Hollandse weduwe Emilie verleid wordt door de Italiaanse militair Aldo, die haar na een romantische zomer in de steek laat.
"Ik werkte met voor mij totaal nieuwe acteurs", vertelt Weisz. "Alleen van Johanna ter Steege stond al drie jaar geleden vast dat zij Emilie zou spelen. Zij is echter niet de doorsnee Couperus-heldin. Ze heeft niet dat doorzichtige en breekbare. Ze is een veel volwassener vrouw die de prijs betaalt voor haar calvinisme."
"Het verhaal is zo simpel na te vertellen dat het net is alsof je Für Elise voor de duizendste keer laat horen in de veronderstelling dat niemand het kent. Toen de film eenmaal af was en ik hem een paar keer gezien had, dacht ik bij mezelf 'ja, ik vind hem mooi'. Maar het is een heel kwetsbaar meisje. Je kunt de film vergelijken met zo'n meisje dat in iedere klas zit, waar de jongens niet meteen allemaal omheen gaan staan. Maar als je haar eenmaal beter leert kennen, wil je met haar trouwen."
ED

Een vrouw van het noorden
Regie: Frans Weisz
Productie: René Seegers, Enzo Porcelli
Met: Johanna ter Steege, Massimo Ghini, Anthony Calf
Distributie: Indies
Verwacht: 30 september

Johanna ter Steege in Een vrouw van het noorden.


Culturele vermenging
"De culturele aspecten van Papa's song zitten in de details: het Papiamento, de huidskleur van de hoofdpersonen en hun kleine gewoonten. Maar eigenlijk snijdt de film vooral een universeel thema aan. Het gaat om liefde in de meest gevarieerde zin van het woord. De liefde tussen zussen, tussen man en vrouw, tussen verschillende culturen en, uiteindelijk, de geheime liefde tussen twee familieleden. De film had zich niet per se hoeven afspelen in Nederland en Curaçao; het had bijvoorbeeld ook Frankrijk en Noord-Afrika kunnen zijn."
In zijn nieuwe speelfilm begeeft Sander Francken zich op het raakvlak tussen twee culturen. Papa's song draait om de Amsterdamse rechter Nico Venema en zijn Antilliaanse vrouw Shirley Zaandam. Als Shirley's zus Magda naar Nederland komt om haar twee bij het echtpaar inwonende zoontjes op te halen, raakt de rechter verstrikt in een web van familie-intriges, waarin geweld en onderdrukking een rol spelen.
"De hoofdpersoon blijkt zijn echtgenote niet te kennen, en dat heeft te maken met de afstand tussen hun culturen", zegt Francken. "Als je er een bredere boodschap in wilt lezen, dan is dat het enorme drama dat schuilgaat achter de vermenging van culturen. Niet de individuen zijn anders, maar hun beleving en uiting van emoties. Dat heeft vaak botsingen tot gevolg omdat men over en weer de emoties niet herkent. En dat geeft natuurlijk enorme dramatische mogelijkheden voor een filmmaker. Als het aan mij ligt, zal ik in de nabije toekomst nog een aantal filmverhalen over de confrontatie tussen culturen realiseren."
Francken stelt de dingen niet mooier voor dan ze zijn. Hij is daarbij niet bang op een paar tenen te trappen. "Tien jaar geleden werd me door een subsidiefonds voor de voeten geworpen dat ik een onsympathieke Marokkaan in mijn film wilde portretteren. Ook in dit verhaal is het niet zo dat de grootste sympathie automatisch uitgaat naar een representant van een niet-Nederlandse cultuur. Maar ik ga de dingen niet polijsten of omdraaien om de minder leuke aspecten van een bepaald individu te verbergen þ of hij nu tot onze of een andere cultuur behoort. De politieke correctheid in ons land is doorgaans erg doorzichtig en werkt in films vaak ongeloofwaardig. Bij de promotiecampagne op de Antillen waren de voorstellingen overigens telkens uitverkocht. Hoe beladen de thema's in Papa's song daar ook zijn, blijkbaar weet ook het Antilliaanse publiek de culturele verschillen te overstijgen en het verhaal te zien als een universeel drama."
ED

Papa's song
Regie: Sander Francken
Productie: Norman de Palm
Met: René van Asten, Romana Vrede, Victor Bottenbleij
Distributie: Shooting Star Film Distibution
Verwacht: oktober


Dutch Dogma
Enigma is de eerste 'Dutch Dogma film', meent Paul Ruven. Misschien staat de naam van de regisseur nog al te prominent op de aftiteling, maar inderdaad verdienen de schokkerige video-opnamen, de improvisaties van acteurs, de natuurlijke dialogen, het gebruik van daglicht en de reportage-stijl waarin het verhaal wordt verteld, een stempel van het Dogma-manifest.
Enigma volgt "de strijd van een acteur om in een film terecht te komen". Max, slager in het dagelijks leven, besluit het heft in eigen hand te nemen (Robert De Niro en Al Pacino zouden het hem niet nadoen). Hij maakt een internationale promotiefilm ter ere van zichzelf, 'to prove that I'm the best actor'. "De held koopt een pistool, om de verrader, zijn beste vriend die er met zijn vriendin vandoor ging, te vermoorden," zo leest hij voor uit zijn auto-biografische script: "Loopt die ondertiteling nog mee?"
Vrienden, zijn ex-vriendin en mensen op straat worden ingezet als figuranten om het scenario van Max te verwezenlijken, maar film en werkelijkheid zijn spoedig onontwarbaar in de knoop geraakt.
Ruven nam de film in niet meer dan vijf dagen op. Met een digitale camera draaide hij op de Dam en het Leidseplein, tussen de mensen, de trams en de duiven. Ruven: "Op de Dam was juist een anti-geweldsdemonstratie aan de gang, terwijl de held in die scène met een pistool in de lucht schiet. De reacties in die scène zijn echt. Het moest in één keer goed zijn."
Toch ziet Ruven dat juist als een voordeel. "Anders hadden we de Dam af moeten zetten, een tram moeten huren, dat is niet te doen, zeker niet met het budget dat we hadden. Ik vond dit een heel bevrijdende manier van filmen, omdat je van tevoren niet precies weet wat er gaat gebeuren."
Overigens zijn de dialogen niet geïmproviseerd, al komen ze als zodanig over, zo soepel zijn ze. Alles stond in het script. Ruven: "De voorproductie van zo'n geïmproviseerd aandoende film is zes keer zo lang als van een normale speelfilm." Een 'normale' speelfilm? Ruven weet eigenlijk ook niet wat dat is. "Elke film is anders, en dat is maar goed ook, anders val je in slaap."
Let trouwens op het bijzondere optreden van het soapsterretje Dash (Georgina Verbaan), genoemd naar een pak wasmiddel. Ruven: "Georgina heeft haar eigen liedje geschreven en gezongen. Dat deed ze heel goed. Het klinkt af en toe wel wat vals, maar dat is juist charmant." Het wachten is nog op het Enigma-cd'tje.
FJ

Enigma
Regie: Paul Ruven
Productie: Jean-Pierre Claes
Met: Jack Wouterse, Ariane Schluter, Chip Bray, Georgina Verbaan
Distributie: geen

Enigma: slager (Jack Wouterse, boven) wordt steracteur.


Niet zitten en slikken
"Op een gegeven moment werd ik zo moe en verveeld van al die rechttoe-rechtaan-films met hun simpele plotjes en lineaire verhaalstructuren, dat ik besloot een film te maken die haaks staat op al die conventionele producties. Het script waar ik mee begon draaide enkel om een ruzie tussen een vrouw en een man en daar heb ik gaandeweg steeds meer lagen omheen verzonnen. We hebben gedraaid in drie periodes en na iedere periode heb ik wat montagewerk gedaan, maar de film is eigenlijk pas ontstaan in de eindmontage."
Nestor Sanz gebruikte zijn aanvankelijk eenvoudige script voor Cross fate als vehikel om de op hol geslagen belevingswereld van hoofdpersoon Ahmed te verkennen. Nadat deze door zijn vrouw verlaten is, zinkt hij weg in een wereld waarin de werkelijkheid van zijn baan als straatverkoper versmelt met verstoorde jeugdherinneringen, incoherente gedachten en een fantasiewereld waarin hij deel uitmaakt van een internationale terroristische organisatie.
"De film begint nogal serieus, maar beetje bij beetje wordt het steeds absurder, magischer en onrealistischer", aldus Sanz. "Het is misschien geen komedie, maar er zit wel degelijk een radicaal soort zwarte humor in. Het staat mensen vrij om er een parodie op Falling of Rambo in te zien, maar zo is het niet in eerste instantie bedoeld. Mijn grootste inspiratie komt van filmmakers als Alain Robbe-Grillet, die in de jaren zestig en zeventig films als L'année dernière à Marienbad schreef. Hij speelde met de structuur van het denken zoals je dat bijvoorbeeld ook ziet in Lost highway."
"Het moet niet zo zijn dat kijkers na de film de bioscoop uitkomen en zeggen: 'oh, dat was een leuk verhaaltje', en dat was het dan. Ik hoop op een actief publiek dat niet alleen komt om te zitten en te slikken, maar dat open staat voor het ongewone en zich uitgedaagd voelt om zelf verbanden te leggen. Dat is ook de reden waarom ik alle scènes op dezelfde manier heb weergegeven en ze naadloos in elkaar laat overgaan. Het is zo gemakkelijk - en saai - om voor een fantasiebeeld een sepialens te gebruiken, flashbacks in zwart-wit te filmen en de werkelijkheid in kleur weer te geven. In Cross fate staan alle beelden op hetzelfde niveau. Het is aan de kijker om te beslissen wat echt is en wat niet."
ED

Cross fate
Regie: Nestor Sanz
Productie: Erik Schut, Peter van Vogelpoel
Met: Behrouz Seiri, Wilfried de Jong, Erik de Bruyn
Distributie: Upstream Pictures
Verwacht: onbekend


Maximaal rendement
"Een jong publiek staat meer open voor een Nederlandstalige film, dan het volwassen publiek dat gebrainwashed lijkt door de Amerikaanse cultuur. De rode zwaan combineert een redelijk onorthodox verteld verhaal met thema's als pre-puberale liefde; dat maakt het een unieke en erg aparte film."
Martin Lagestee maakte zijn kinderfilm De rode zwaan omdat hij gefascineerd was door het uitdagende verhaal van Sjoerd Kuyper. Bijkomend voordeel was "dat ik thuis met mijn kinderen ook eens over m'n werk kon praten". In de film keert de opa van Jakob terug naar zijn geboortestad om daar zijn oude dag te slijten. Tijdens de herfstvakantie vertelt hij Jakob verhalen over vroeger. Door een ongeluk belandt de oude baas echter in het ziekenhuis, waar hij in zijn koortsdromen ijlt over een rode zwaan. Om zijn grootvader te helpen gaat Jakob op zoek naar het dier en belandt hij in een sprookjeswereld.
"Er zijn niet veel scenario's voor Nederlandse kinderfilms waarin zoveel avontuur verwerkt zit, en die zo actierijk en spectaculair zijn. Buiten Abeltje is er ook geen andere film die in dezelfde mate gebruik maakt van special effects en computer visuals. Drie of vier jaar geleden had De rode zwaan niet gemaakt kunnen worden met het beschikbare budget, en ik denk dat we hier echt op het randje zitten van wat mogelijk is. Het filmpubliek is erg verwend door onder andere Steven Spielberg, die voor ettelijke miljoenen dollars dertig seconden lang een dinosaurus tot leven wekt. Toch zijn wij erin geslaagd om met een totaalbudget van nog geen vier miljoen gulden een rode zwaan uit de computer te toveren en overtuigende Karpermannen te maken. Dat laatste moet ook wel, want als de Karpermannen, die in de film de schurken zijn, al niet geloofwaardig zijn, dan houdt het op voor de hele film."
Lagestee heeft bij het maken van De rode zwaan kunnen putten uit de vijf jaar tv-ervaring die hij opdeed na het maken van zijn voorlaatste film Angie. "Ik versta nu de kunst om maximaal rendement uit een situatie te halen. Ik ga niet lopen emmeren over wat er niet is, maar gebruik de acteurs en de locaties zoals ze zich voordoen. We moesten ook wel erg efficiënt werken om het maximale uit het budget te halen. Maar het blijft eigenlijk een rare situatie dat je in ons land veelal een film draait met het budget dat je kan krijgen, en niet met het budget dat je werkelijk nodig hebt."
ED

De rode zwaan
Regie: Martin Lagestee
Productie: Laurens Geels
Met: Rufus Heikens, Andre van den Heuvel, Annet Nieuwenhuijzen, Pierre Bokma
Distributie: Buena Vista
Verwacht: 14 oktober

Op zoek naar De rode zwaan.


Best heftig
Ze heeft iets met het 'onbekende'. Dat is de reden dat Miriam Kruishoop nooit Nederlandstalige films maakt. Haar vorige speelfilm Vive elle was Frans gesproken, in Unter den Palmen is Duits de voertaal, hoewel de film zich volledig afspeelt in Rotterdam. Kruishoop: "Ik wilde een film maken met Helmut Berger, dus er zat niets anders op dan dat het dit keer Duits werd." Als kind was ze al verslaafd aan Bergers optreden in Dynasty en ze verzekerde haar moeder dat ze later een film met hem zou maken. Pas tijdens haar opleiding aan de Rietveld Akademie zag ze de films van Visconti met haar held, die haar haar jeugddroom in herinnering brachten.
Kruishoop laat het meestal bij een droom niet zitten. Ze is een doortastend type. Dus belde ze aan bij Helmut Berger in Rome, waar hij sinds de laatste aflevering van Dynasty woont, om hem te ontmoeten en "een nachtje te gaan stappen". Zo werkt ze altijd, vertelt Kruishoop: "Pas als ik mijn acteurs persoonlijk ken, krijgen ze het script." Berger ging akkoord.
Unter den Palmen is uitverkoren tot openingsfilm van het Nederlands Film Festival. Niet zozeer vanwege het scenario - de dialogen staan bol van nadenkertjes over "het verschil tussen romantiek en liefde" -, maar vanwege de "cinematografische kwaliteiten". Want het moet gezegd, Kruishoop beschikt over een gave om een verhaal in beelden te vertellen. Daarbij moet het camerawerk van Rogier Stoffers niet onvermeld blijven. Het ijskoude blauw, wit en grijs bezorgt de kijker de rillingen op de rug. De inventieve shots (Rotterdam in een achteruitkijkspiegeltje) introduceren een eigenzinnige filmtaal in Nederland, waarbij de stilering belangrijker is dan de dramatische kwaliteit. Benauwde ruimtes, desolate flats en kille industrieterreinen vertellen meer over de personages dan wat er allemaal uit hun mond komt. Kruishoop schildert met sferen.
Zelf kiest ze voor het understatement: "Tragiek in een mooie jas", noemt ze haar nieuwste film, waarin zoals gewoonlijk uitsluitend lange slanke 'Filmkanonen' figureren. "Mooie vrouwen zijn toch fijn om naar te kijken, net als mooie mannen trouwens", stelt Kruishoop nuchter. Maar de film brengt meer aan de oppervlakte, vindt ze. Er gebeurt heel veel tussen de personages en het is allemaal erg gecompliceerd, tenminste, "al met al gaat de film natuurlijk gewoon weer over de liefde, zo bijzonder is dat nou ook weer niet."
Die liefde is weinig gelukkig in Kruishoops sombere films, waarin personages hunkeren, tobben in hun isolement en voortdurend op de vlucht slaan voor hun gevoelens. Toch is ze zelf al een jaar gelukkig getrouwd.
Dat het gematigde Nederlands Film Festival met haar film zou openen, had ze niet verwacht: "De film is toch best heftig, hij zal niet iedereen in de zaal in dezelfde mate aanspreken."
FJ

Unter den Palmen
Regie: Miriam Kruishoop
Productie: Peter van Vogelpoel, Erik Schut
Met: Helmut Berger, Udo Kier, Thom Hoffman, Willem Nijholt
Distributie: Upstream Pictures
Verwacht: 11 november

Naar boven