Video - oktober 1999, nr 204

Een selectie uit de videotheek van nieuwe, interessante en curieuze films die niet in de bioscoop zijn uitgebracht.


Buffalo '66
Vincent Gallo
Er zijn nogal wat acteurs die ook in de regiestoel grote indruk makken. Zo was het dit jaar goed toeven in gezelschap van het Britse trio Gary Oldman (Nil by mouth), Peter Mullan (Orphans) en Tim Roth (The war zone). Merkwaardig genoeg is het alleen de laatste die binnenkort zijn welverdiende biscooprelease krijgt. Zelfs Vincent Gallo, die met Buffalo '66 het snoepje van het afgelopen Filmfestival Rotterdam presenteerde, slaagde er niet in om - nota bene aangemoedigd door de MovieZone Award van de aanwezige jongerenjury - een Nederlands bioscooproulement te veroveren. Verrassend en verfrissend kun je het semi-autobiografische scenario- en regiedebuut van de 37-jarige acteur zeker noemen. De uit Buffalo (New York) afkomstige Gallo leerde het ambacht in de praktijk, op de filmsets van grote regisseurs als Scorsese (GoodFellas), Ferrara (
The funeral) en Kusturica (Arizona dream). Het is aan de fraaie licht-experimentele vormgeving en het aanstekelijke, naar improvisaties neigende spel van de acteurs te merken. Het subtiel-komische kidnap-avontuur waarin een gesloten ex-gedetineerde (Gallo) een lieftallig tapdanseresje (Christina Ricci) gijzelt om haar vervolgens als zijn 'bruid' aan een stel liefdeloze ouders (heerlijke schurkenrollen van Ben Gazzara en Anjelica Huston) te presenteren, is daarbij voorbeeldig verpakt in een schrijnende milieuschets. Gallo zou als ex-Calvin Klein-model en als uitbater van diens modieuze 'heroin chic-look' nog steeds de nodige irritatie op kunnen wekken, maar het is zijn voorbeeldig ingehouden komische bravoure als Billy Brown die het imago totaal overvleugelt. Gallo glorieert in zijn eerste avondvullende speelfilm, waarvan bijna elke afzonderlijke scène goud waard is. De twee 'kortfilmprijzen' gaan naar de eeuwigdurende zoektocht naar het urinoir en het eeuwigdurende etentje bij pa en ma.
Belinda van de Graaf
Te huur vanaf 6 oktober (Columbia TriStar Home Video)

Buffalo '66: Vincent Gallo's 'heroin chic-look'.


Heart
Charles McDougall
Als je moet afgaan op het geringe aantal inschrijvingen in het Donorregister lopen de meeste Nederlanders niet echt warm voor het fenomeen orgaandonatie, maar voor filmers zijn transplantaties regelmatig een bron van inspiratie. Een van de mooiste voorbeelden is Michael Crichtons transplantatiethriller Coma (1978) waarin een wetenschappelijk instituut gezonde mensen in coma brengt om hen te kunnen leegplunderen ten behoeve van hun rijke cliëntèle. Ook de Britse regisseur Charles McDougall, eerder verantwoordelijk voor de homo-soap 'Queer as folk', zag in transplantatie een dankbaar onderwerp voor een thriller, maar in tegenstelling tot de analytische Chrichton gaat hij in Heart op de psychologische toer. Wat betekent transplantatie voor de orgaanontvanger, en hoe kunnen de met orgaandonatie instemmende familieleden van de donor daar mee leven? De film begint intrigerend. Een vrouw zit in een trein met een bloederige tas, die bij nader inzien een menselijk hart blijkt te bevatten. Als zij dit probeert te begraven op een kerkhof wordt de vrouw gearresteerd, waarna ze aan de politie vertelt welke gebeurtenissen aan het macabere voorval voorafgingen. Wat volgt dient hier niet al te gedetailleerd te worden onthuld, maar houd rekening met een verhaal over huwelijkse ontrouw, een hartaanval, een dodelijk ongeluk, en de harttransplantatie die het drama in gang zet. Heart bevat vele aanzetten voor een spannende thriller met inhoud, maar voor de filmmakers vormt de door hen gecreëerde poel van jaloezie, seksuele obsessie en geweld vooral een leuke aanleiding om de toeschouwer met o zo spitsvondige plotwendingen steeds weer op het verkeerde been te zetten. Heart is dan ook vooral een aanrader voor liefhebbers van het naar mijn smaak net zo levenloze Shallow grave van
Trainspotting-regisseur Danny Boyle, ook al omdat de hoofrol in beide films vertolkt wordt door Christopher Eccleston, die hier niet onaardig voor de dag komt als een jaloerse hartpatiënt.
Fritz de Jong
Te huur vanaf 16 oktober (Dutch Filmworks)


Goodbye lover
Roland Joffé
Regisseur Roland Joffé noemt het een 'film gris', als variant op de film noir, maar dan met personages die in het grijze grensgebied van goed en slecht bivakkeren. Met die ambivalentie valt het echter reuze mee, want de personages in zijn film zijn gewoon allemaal lekker heel erg slecht. Behalve één naïeve politieman, de Mormoon Nathaniel, en die is dan ook gelijk heel erg braaf. Dat geeft helemaal niet want Goodbye lover is een heerlijke thriller die dankzij de dik aangezette toon en art direction dichter in de buurt komt van een zwarte komedie. Eigenlijk is het een cartoon zonder animatie. Patricia Arquette speelt de kinky blondine Sandra Dunmore met een licht psychopatisch trekje. "Want zeg nou zelf", denkt de nuchtere rechercheur Rita Pompano (Ellen DeGeneres) hardop, "een volwassene die de muziek van The sound of music draait, daar moet een steekje los aan zijn." En inderdaad. Sandra helpt net zo makkelijk de dominee met het ophalen van de collectes als het bevredigen van haar kerkorgel-spelende zwager Ben (Don Johnson). Haar alcoholische echtgenoot Jake (Dermot Mulroney) ziet het allemaal met lede ogen aan. De toon is gezet: hier gaat het broeien. Wanneer Ben onder verdachte omstandigheden over het balkon van Jake's flat kiepert kan het spel beginnen. Want Ben's brave secretaresse Peggy (Mary-Louise Parker) blijkt vlak daarvoor hem het ja-woord te hebben gegeven in Vegas, hetgeen interessante gevolgen heeft voor de uitkering van diens levensverzekering. Een stoelendans van allianties en veel plotwendingen is het gevolg, waarbij Sandra en Rita als winnaressen uit de bus komen. Roland Joffé is sinds The killing fields en The mission afgegleden in het Hollywoodse moeras van de B-keuzes. In dit geval is dat geen enkel probleem want Goodbye lover is uitstekend vermaak, het celluloid equivalent van de pulp-roman. Patricia Arquette is een prachtige jaren vijftig vamp, Don Johnson de oudere, maar nog net niet verlopen Don Juan en Ellen DeGeneres schmiert meesterlijk een eind weg als hommage aan
Fargo's detective Marge Gunderson.
Thessa Mooij
Te huur vanaf 20 oktober (Warner Home Video)

Goodbye lover: heerlijke pulproman op celluloid.


Lansky
John McNaughton
Een regisseur moet van goeden huize komen wil hij van de opkomst en ondergang van het beroemde gangstertrio 'Lucky' Luciano, 'Bugsy' Siegel en Meyer Lansky nog een interessante film maken. Het verhaal is immers al vanuit veel verschillende perspectieven verteld, met als bekendste voorbeeld Bugsy. De ingrediënten van de biopic over Meyer Lansky klinken echter veelbelovend: script van David Mamet, regie van John McNaughton (Henry: Portrait of a serial killer) en Richard Dreyfuss in de titelrol. Juist daarom is het betreurenswaardig dat Lansky zo weinig indruk maakt. Hoofdschuldige is Mamet, die getracht heeft het gangsterverhaal te verweven met een studie naar Lansky's joodse wortels. Dat levert dan wel enkele sterke scènes op, zoals Lansky's jeugdherinneringen aan de gruwelijke moord op een joodse man in zijn geboorteplaats in Rusland en aan de verdrijving van de joden door de kozakken, maar doordat Mamet zo gepreoccupeerd is met het exploreren van Lansky's joodse identiteit blijft diens misdaadcarrière in nevelen gehuld. Wat deed Lansky nou eigenlijk waardoor hij als dé initiator van de samenwerking tussen verschillende misdaadsyndicaten gezien wordt? De incoherente reeks scènes uit Lansky's gangsterleven, in flashbacks verteld, geeft hierop geen antwoord. Tegen het einde van de film volgt een nagespeeld interview met de bejaarde Lansky, waarvoor Dreyfuss overigens weinig schmink nodig had. Dit vraaggesprek is evenmin onthullend. Lansky beantwoordt vragen met vragen en ontkent zelfs gangster te zijn geweest: "Ik was slechts een gokker." De scène is tekenend voor de hele film, want ondanks een sterke rol van Dreyfuss en evenwichtige regie van McNaughton overtuigt Lansky niet, omdat het lijkt alsof niet Mamet of McNaughton, maar Lansky zijn verhaal vertelt. En de gangster zegt zelf dat "als je een gevangene naar zijn verhaal vraagt, je het gevangenisverhaal krijgt: Bob moordde en Mickey moordde, maar ik heb nooit gemoord". Het was aan Mamet om door Lansky's gevangenisverhaal heen te prikken, in plaats van het blijkbaar klakkeloos over te nemen.
Roel Haanen
Te huur vanaf 27 oktober (Laurus Entertainment)


Nieuw in de videotheek
Maandelijks maakt de Filmkrant een selectie uit het aanbod van nieuwe films in de videotheek. Deze films waren eerder te zien in de bioscoop en zijn toen besproken in de Filmkrant
(zie ook de Filmkrant zoek-pagina).

Koopvideo
The ice storm - Ang Lee
Madelief. Krassen in het tafelblad - Ineke Houtman
Elizabeth - Shekhar Kapur
High art - Lisa Cholodenko
Mask of Zorro - Martin Campbell
Marius et Jeannette - Robert Guédiguian
East palace, west palace - Zhang Yuan
Kundun - Martin Scorsese
Nightwatch - Ole Bornedal
Mulan - Tony Bancroft en Barry Cook

Huurvideo
La vie rêvée des anges - Erick Zonca
Journey to the sun - Yesim Ustaoglu
Lola rennt - Tom Tykwer
Taste of cherry - Abbas Kiarostami
Central do Brasil - Walter Salles
Men with guns - John Sayles
American history X - Tony Kaye
Wintersleeper - Tom Tykwer
In the company of men - Neil LaBute
The faculty - Robert Rodriguez


De Videovorser
Katholieke kater

De komst van het nieuwe millennium stemt tot nadenken. Al is de komende eeuwwisseling het gevolg van de christelijke jaartelling, en dus een aangelegenheid die voor een groot deel van de wereldbevolking rationeel beschouwd een arbitraire zaak zou moeten zijn, menigeen voelt dat er iets bijzonders gaat gebeuren. Onheilsprofeten zijn er te over, ook onder mensen die geen enkele religie aanhangen, met dank aan de automatisering. Het Einde der Tijden is nabij. Ook in de bioscoop, waar de met varkenshartkleppen opgekrikte Arnold Schwarzenegger de Satan zelve zal bestrijden in het toepasselijk getitelde End of days. Dat belooft wat. Mochten hemel en aarde daadwerkelijk opensplijten om uitverkorenen en verdoemden definitief van elkaar te scheiden, dan wacht mij een enkele reis naar de hel. Met dank aan Disney, de firma die mij er ooit toe bracht onder de meest valse aller voorwendselen in Gods huis een lied ter meerdere eer en glorie van de heiland aan te heffen. Ja, dit wordt een merkwaardig verhaal, maar moge Gods toorn mij hier en nu treffen als het niet waar is.
In het jaar onzes Heren 1970 betrad ik als jong knaapje in het Katholieke Zuiden een kerk om mijn communie te doen. Het nuttigen van de eerste Heilige Hostie is een serieuze zaak voor de ware gelovige, maar ik had zo mijn eigen reden. Die had niets met religie te maken, tenzij men stelt dat filmliefde een religieus karakter heeft en een bioscoop ook een kerk is. Want het waren The aristocats, die zingende Franse katers van Disney, die mij ertoe brachten iets te doen waar ik eigenlijk weinig voor voelde. Stuur een kind naar een Disneyfilm en het ja en amen kan niet lang uitblijven. Hoe vaak ik The aristocats destijds gezien heb weet ik niet meer, dat de film een enorme indruk op me maakte is zeker. Ook toen had men bij Disney al door dat er met een op kinderen gerichte film meer te verkopen valt dan bioscoopkaartjes alleen: de film ging vergezeld door speciale boekuitgaven vol prachtige plaatjes en dito praatjes. Grootgrutter Albert Heijn kwam met een plakbloek en hermetisch gesloten pakketjes vol losse prentjes bij de boodschappen. Het was dus een lastig karwei om alle plaatjes te verzamelen, waardoor dat plakbloek gegarandeerd een frustrerend aantal lege plekken bleef vertonen. De bijschriften maakten bovendien pijnlijk duidelijk dat er cruciale prentjes ontbraken, waardoor ik gedwongen werd mijn moeder aan te sporen om eens wat vaker naar Albert Heijn te gaan. Het was een verwerpelijk commercieel complot, waarvan de nuances mij destijds volledig ontgingen. Een oplossing diende zich aan met het verschijnen van het veel mooiere en officiële Disney-boek van de film, maar mijn verjaardag was nog ver weg en Sinterklaas ook. En toen kwam die communie aanwaaien. Klasgenootjes vertelden over de presentjes die hen na het happen der Hostie te wachten stonden, en het door mijn ouders aan mijzelf overgelaten besluit om al dan niet ter communie te gaan was daarmee snel genomen. Na de Hostie een cadeau? Op naar de kerk, even in de vrome appel bijten en bingo: het officiële boek van The aristocats is binnen. Halleluja!
Een paar jaar later volgde het vormsel, na doop en communie het derde katholieke ritueel, dat de standvastigheid van het geloof definitief moet waarborgen. Inmiddels interesseerden de katten van oom Walt me al geen klap meer en was ik tot het besef gekomen dat die hele religie me toch echt gestolen kon worden. Ik liet het vormsel en de mogelijkheid om met een heuse bisschop op de foto te gaan dus links liggen. De merkwaardige omstandigheden van mijn kinderlijke flirt met het katholieke geloof bleven echter niet zonder gevolgen. Ik doe mijn boodschappen slechts zeer zelden bij Albert Heijn en heb een hardgrondige hekel aan Disney gekregen. Het complot dat beide partijen in 1970 smeedden om over de rug van jonge kinderen zoveel mogelijk geld binnen te halen kreeg nadien vele varianten en ervaar ik nog steeds als verwerpelijk. Wanneer mensen over Disney en complotten beginnen vinden ze bij mij dus een gewillig oor. Af en toe heb ik dan ook de behoefte om op het internet op zoek te gaan naar ontluisterende verhalen over de corrumperende werking van Disney, en zo belandde ik onlangs op de website www.capalert.com, waar de firma uitgerekend op christelijke grondslag veroordeeld wordt. Al zouden de gelovigen achter de 'Christian analysis of American culture' mijn atheïstische status misschien door de vingers willen zien om mijn ongetwijfeld schokkende communierelaas voor hun heilige oorlog te gebruiken, ik voel geen verwantschap met die club. Sterker nog: ik heb zelden zo'n schoolvoorbeeld van christelijke verdwazing gezien. De mensen van CAP dragen een bijbelvaste vorm van homofobie uit, en onderwerpen films aan een religieuze analyse, zodat gebruikers weten waar ze hun kinderen met een gerust hart na toe kunnen sturen. In elke nieuwe film steekt men een zestal thermometers, waarop men in een oogwenk de schending van Gods schepping en Zijn woord kan aflezen. Wie wil weten hoeveel doden of vloeken er precies in een film vallen kan het monnikenwerk van CAP er op naslaan. En Disney, broeinest van homoseksuele uitwassen, blijkt gevaarlijk. Heel gevaarlijk. Hoed u vooral voor The little mermaid: uw kinderen willen terstond met leeftijdsgenoten van het eigen geslacht in de bijslaap verkeren! Ik ben benieuwd wat CAP straks met End of days gaat doen en of de film het "absolute dieptepunt" van
The Blair witch project zal overtreffen. Ja, het einde der tijden is nabij, met dank aan Hollywood, en Disney in het bijzonder. Daar hebben we helemaal geen millenniumbug voor nodig.

Bart van der Put

Naar boven