Oktober 1999, nr 204

Nederlandse film

Special: Nederlandse film opent met een onderzoek naar de invloed van het Filmfonds.
Een nieuwe oogst wordt gepresenteerd op het Nederlands Film Festival. Interviews met negen regisseurs.
Richard Woolley is als intendant voor het Filmfonds op zoek naar het scenario van de Nederlandse Full monty.
Patrice Toye maakte met het Vlaamse drama Rosie haar beklemmende debuut.
De Filmacademie bestaat veertig jaar. Wat is er van sommige oud-studenten geworden?
Het einde van het gemopper over de Nederlandse film wordt bepleit in een essay.

Richard Woolley: op zoek naar de Nederlandse Full monty

Hoe vindt het publiek de weg terug naar de Nederlandse bioscoopfilm? Als het aan Richard Woolley ligt komt de redding van publieksgerichte, commerciële films. Als intendant bij het Nederlands Fonds voor de Film beschikt hij de komende drie jaar jaarlijks over twee miljoen gulden voor de ontwikkeling van "goede filmscripts die de potentie hebben een groot publiek te bereiken". Woolley: "Ik wil geen 'food for the brain', maar 'food for the heart'."

Richard Woolley (foto: Arno Lingerak).

Een paar maanden geleden riep Richard Woolley filmmakers en scenaristen op ideeën in te sturen voor "verhalen die het publiek meenemen voor een rit op een emotionele achtbaan". Ofwel: "Verhalen die je intrigeren, die je laten lachen en huilen, verhalen waar je kippenvel van krijgt." Sommigen in de filmwereld reageerden lacherig op het ronkende taalgebruik - Theo van Gogh liet weten misselijk te worden in een achtbaan - anderen gingen aan het werk. Inmiddels liggen 352 voorstellen op Woolley's bureau, zodat de intendant, die op 1 september is begonnen, zich niet hoeft te vervelen.
Woolley kennen we als de ex-directeur van de Filmacademie, die een paar jaar geleden naar Hongkong vertrok om daar een filmschool op te zetten. Voor de functie van intendant keerde hij terug naar Nederland. Zijn taak is het 'creatief begeleiden' van filmvoorstellen, vanaf het allereerste idee tot aan een verfilmbaar scenario, waarbij verfilmbaar niet alleen slaat op vaktechnisch bekwaam, maar ook op financierbaar.

Bureaula
Voor alle duidelijkheid: Woolley heeft geen zak geld om films te financieren. Als er een panklaar scenario op tafel ligt, zit zijn werk erop. Hoewel: "Natuurlijk denk ik tijdens het ontwikkelen van scenario's met de maker en de producent mee over de financiering, want mijn werk heeft geen zin als het eindresultaat in een bureaula belandt." Het geld zal van particuliere investeerders moeten komen, want het is niet de bedoeling dat de films gesubsidieerd worden door het Filmfonds.
De hoop is gevestigd op Fine BV als bemiddelaar tussen producent en particuliere investeerders. "Ik zal af en toe overleg hebben met Gamila Ylstra (de directeur van Fine, jvdb) over onze projecten. Dat zal niet altijd makkelijk zijn omdat Ylstra niet alle macht heeft. Ze heeft bij Fine te maken met een adviescommissie, die bepaalt welke voorstellen voor financiering in aanmerking komen."
Woolley ziet nog andere problemen: "We moeten afwachten of de aantrekkelijke fiscale belastingmaatregelen voor film gehandhaafd blijven. Investeren in films is nu heel populair, omdat je nooit je geld kunt kwijtraken. Zelfs als je absolute rotzooi financiert, kom je er nog voordelig uit. De belastingdienst vindt dat maar niks, dus het kan best zijn dat de regels worden aangescherpt. Ik kan me voorstellen dat de fiscale maatregelen bijvoorbeeld alleen nog zullen gelden voor succesvolle films." Lachend: "Voor die films moet ik dus zorgen."

Luiheid
Woolley's eerste taak is het selecteren van dertig voorstellen uit de 352 ideeën. Half oktober is hij daar mee klaar, waarna hij van de dertig voorstellen een treatment vraagt. Daaruit kiest hij er twintig die het tot scenario mogen brengen. In de scenariofase zal nog eens de helft sneuvelen, zodat er uiteindelijk tien scenario's overblijven.
Dat Woolley als enige beslist over de voorstellen, is nieuw in de Nederlandse filmwereld. Wat hij gaat kiezen? "Ik heb een hele brede smaak, maar ik zoek verhalen die een groot aantal mensen kunnen boeien. Dat is een andere benadering dan die van het Filmfonds, want dat heeft als taak de culturele film hoog te houden." Wat is doorslaggevend in zijn beoordeling? "Het gaat me om bekwaamheid, originaliteit en enthousiasme. Als ik dat aantref, raak ik geïnteresseerd. Ik heb een hekel aan luiheid."
Veel wijzer worden we daarvan niet, zodat Woolley concreter wordt. "Ik vind dat films je emotioneel moeten raken. Van mij mag het ook sentimenteel zijn. Ik heb niets tegen sentimentaliteit. Ik wil geen 'food for the brain', maar 'food for the heart', al kun je dat niet altijd scheiden. Neem Wintersleepers van Tom Tykwer. Die film heeft een thrillerachtig element, maar zet je ook aan tot nadenken. Ik vind die film een grensgeval." Geen grensgeval voor hem is Four weddings and a funeral. "Je kunt snobistisch doen over die film, maar ik vind hem ontzettend leuk. Het is trouwens een veel slimmere film dan Notting Hill. Een van mijn absolute lievelingsfilms is The full monty, omdat die een heel simpel uitgangspunt heeft, dat briljant is uitgewerkt."
Ook De Poolse bruid krijgt zijn goedkeuring, al zou de film er onder zijn handen anders hebben uitgezien. "Ik vind het een hele mooie film, perfect gemaakt, maar misschien iets te stil en te langzaam om een breed publiek aan te spreken. Van mij had het verhaal iets groter en breder mogen zijn."
Wanneer we 'zijn' eerste film in de bioscoop zullen zien? "Sneller dan iedereen denkt. Ik wil genoeg tijd nemen maar heb wel haast. Ik vind dat volgend jaar zomer de eerste film gedraaid moet kunnen worden."

Jos van der Burg

Naar boven