Boeken - februari 2000, nr 208

Andy Kaufman

Geniaal of gek?

'Jim Carrey is Andy Kaufman' staat er groot op het affiche van Man on the moon. Eh, Andy wie? Het onderwerp van de nieuwste film van Milos Forman zal in Nederland nauwelijks enige beroering wekken. Stand-up komiek Andy Kaufman (1949-1984) heeft hier zelfs niet de cultstatus die hem in Amerika nu een biopic heeft opgeleverd. Bij ons is hij hooguit bekend als de moeizaam formulerende automonteur Latka uit de jaren zeventig tv-serie 'Taxi'. Kaufmans tragedie was dat hij te jong stierf om een blijvende indruk achter te kunnen laten. De vraag of hij een komisch genie, danwel gewoon gek was bleef destijds onbeantwoord.
Het is een vraag die ook na het lezen van de vermakelijke biografie 'Andy Kaufman revealed!' blijft hangen. Het boek werd geschreven door Bob Zmuda, Andy's beste vriend en medebedenker van zijn buitenissige fratsen. Zmuda is tevens medeproducent van Man on the moon, en veel van de hier vertelde anekdotes hebben de film gehaald. Dat belooft in elk geval komisch vuurwerk van Carrey, want de fysieke humor van Kaufman lijkt hem op het lijf geschreven. David Letterman omschreef het laatst goed toen hij zei: "Andy never missed an opportunity to be peculiar". Het ging bij Kaufman om meer dan alleen een zaal tevreden te stellen. Hij was altijd op zoek naar de grens tussen wat leuk en niet leuk is, tussen goede en slechte smaak, tussen veilige humor en het soort grappen waar je je leven mee riskeert.
Overdreven? Niet echt. Kaufmans creatie Tony Clifton, een derderangs nachtclubzanger, was dusdanig gespecialiseerd in het beledigen van zijn publiek dat hij wel eens met gevaar voor eigen leven een optreden voortijdig moest verlaten. Clifton trad op voor publiek dat niet wist dat hij in werkelijkheid Andy Kaufman was. Voor de komiek was het maken van een memorabele indruk belangrijker dan het oogsten van een open doekje. Negatieve respons was ook goed, beter zelfs. Het tergen van de betalende bezoeker verhief hij tot kunst. Kaufman bracht eens een complete voorstellingen liggend in een slaapzak door, of tartte zijn publiek met opzettelijk krukkig uitgevoerde optredens. Gemakkelijk succes was hem een gruwel. Daardoor haatte hij zijn werk voor 'Taxi' en maakte zich bepaald niet geliefd onder zijn medespelers door geregeld als Tony Clifton de opnamen te komen verstoren.
Doordat Zmuda Kaufman jarenlang hielp zijn meest bizarre practical jokes uit te werken, maakte hij de komiek van zeer dichtbij mee. Hij begeleidde Kaufman tijdens zijn worsteltoernees langs universiteiten, waarbij Andy vrouwen in het publiek beschimpte en hen uitdaagde hem op de mat te verslaan. Andy won altijd, en trok zich daarna steevast met de dames terug op zijn hotelkamer. Het was Kaufman ten voeten uit. Hij liet een publiek betalen om zijn eigen fantasieën te kunnen uitleven. Het maakt hem niet sympathiek, een volwassen man die er op een of andere manier in geslaagd was zijn puberteit te verheffen tot een kunstvorm.
Zmuda, zelf een geestig auteur, waakt ervoor het enigma Kaufman geheel te ontsluieren. Deels omdat hij Andy goed, maar ook weer niet zo goed kende, deels omdat een mysterie gewoon interessanter leesvoer oplevert. Toch geeft hij stof tot nadenken. Kaufman was een overtuigd vegetariër, rookte nooit en had een afschuw van orale seks. Toch waren dat net de dingen waar hij zich als Clifton aan te buiten ging. Leed de komiek aan een vorm van mps, en eisten zijn creaties teveel een eigen leven? Dan heeft het hem wel te gronde gericht. Kaufman stierf aan longkanker, een bizarre dood voor zo'n gezond levend man.

Mark van den Tempel

Andy Kaufman Revealed!
Bob Zmuda & Matthew Scott Hansen
1999 Little, Brown, 306 p, f 62,40

Komiek Andy Kaufman tijdens zijn worsteltoernee.


Fantasia/2000. Visions of hope
John Culhane
1999, Disney Editions, 180 pag, f 179,-
In de beste Disney-traditie uitgegeven fraai foto- en leesvoer met illustraties uit en verhalen over de animatiefilms die, geïnspireerd op beroemde klassieke muziekfragmenten, samen de film Fantasia/2000 vormen. Naar een oorspronkelijk idee van Walt zelf.

Deconstructing Disney
Eleanor Byrne & Martin McQuillan
1999, Pluto Press, 209 pag, f 58,35
De inhoud van Disney-films is al vaker geanalyseerd als een conservatieve, patriarchale en heteroseksuele ideologie. In dit boek staat de politieke inhoud van recente Disney-films centraal, met name van de Disney-films sinds de zogenaamde Nieuwe Wereldorde.
In dezelfde serie 'Cultural Studies' van dezelfde uitgever twee andere filmtheoretische titels: 'Postmodern cartographies; The geographical imagination in contemporary American culture' (Brian Jarvis, f 58,35) en 'Fatal attractions; Rescripting romance in contemporary literature and film' (Lynne Pearce ed., f 62,50).

A taste of blood. The films of Herschell Gordon Lewis
Christopher Wayne Curry
1999, Creation Books, 252 pag, f 54,-
Recente gewelddadige horrorfilms zoals Texas chainsaw massacre, Friday the 13th en Nightmare on Elmstreet zijn, aldus dit boek, veel dank verschuldigd aan Gordon Lewis, de maker van vele 'gore movies', een combinatie van overdadige hoeveelheden seks, bloed en vaak horror.

Necronomicon, book three. The journal of horror and erotic cinema
Andy Black (ed.)
1999, Noir Publishers, 192 pag, f 54,-
Veertien essays, onder meer over From dusk till dawn, Histoire d'O, en Werner Herzogs Nosferatu. Deel drie uit de serie.

Alien Zone II. The spaces of science fiction cinema
Annette Kuhn (ed.)
1999, Verso, 308 pag, f 62,55
De opvolger van 'Companion book' bij Alien Zone behandelt vier verschillende soorten 'spaces' in sciencefiction films: 'cultural spaces, city spaces, corporeal spaces en sensuous spaces'.

Mythologies of violence in postmodern media
Christopher Sharrett (ed.)
1999, Wayne State U.P., 453 pag, f 72,15
Geweld in de film beschouwd in internationale context en vanuit veel verschillende invalshoeken. Het boek bestaat uit vier delen: Gore culture/Gender, violence and male madness/The image as policeman and the violence of vision/Otherness, aliens and trauma on the transnational scene.

Hou Hsiou-hsien
Jean Michel Frodon (ed.)
1999, Cahiers du Cinéma, 191 pag, f 54,-
Zes essays over de Taiwanese regisseur Hou Hsiou-hsien, zijn plaats in de (Chinese) filmgeschiedenis, zijn thematiek en de verhouding van zijn films tot andere hedendaagse Chinese kunstvormen. Een interview, besprekingen van zijn veertien films en een korte geschiedenis van Taiwan completeren het boek.

Satyajit Ray, an intimate master
Santi Das (ed.)
1999, Allied Press, 238 pag.
Mooi uitgegeven, rijk geïllustreerd en uitstekend gedocumenteerd boek over deze Indiase regisseur.

From Mae to Madonna. Woman entertainers in twentieth-century America
June Sochen
1999, Kentucky U.P., 240 pag, f 93,-
Entertainers vormden de eerste groep van succesvolle vrouwen die, eerst in vaudevilletheaters en later in de film, de aandacht van het grote publiek trokken en zo hun maatschappelijke plaats herdefinieerden. Een historisch overzicht.

Samenstelling: Steven van Galen (International Theatre & Film Books, 020-6226489).

Naar boven