Februari 2000, nr 208

Toy story 2

Westernheld wil niet naar museum

Toy story 2 is net als zijn voorganger een mijlpaal in het animatiegenre. In dit vervolg verkeert speelgoedpop Woody in een existentiële crisis, maar humor en inventiviteit voeren de boventoon.

Buzz Lightyear smeedt een plan.

Stel je het volgende dilemma voor: persoon A houdt van persoon B, en zou het liefste de rest van zijn leven bij hem in de buurt zijn. Maar dat is onmogelijk, omdat persoon B nog volop in ontwikkeling is, en op een bepaald moment - zeg over een jaar of vijf - persoon A ontgroeid zal zijn. Zijn belangstelling voor A zal afnemen, en uiteindelijk zal hij besluiten dat hij liever zonder hem verder leeft. Wat moet A doen? De eindigheid van de relatie, inclusief het onafwendbare verdriet, accepteren in ruil voor een korte periode van intens geluk? Of zich tegen het naderend verdriet beschermen en afzien van de relatie?
Om misverstanden te voorkomen: we hebben het over de thematiek van de animatiefilm Toy story 2. En ik kan alle ouders van basisscholieren geruststellen. Het is in de eerste plaats een film om hard om te lachen. Dat volwassenen daarbij, meer dan hun kinderen, ook een traantje wegpinken geeft niet, want tegenwoordig worden gezinsleden geacht elkaar hun emoties te tonen.

Vrees
In 1995 leidde het samenwerkingsverband tussen Walt Disney en Pixar studio's tot de eerste volledig computermatig getekende film
Toy story. De film oogstte allerwegen bewondering voor de combinatie van hogeschool-animatie en een meeslepende verteltrant. Toen bekend werd dat er een vervolg op touw stond, schommelden de verwachtingen tussen hoop en vrees. Enerzijds leek er onder de hernieuwde regie van animatie-wonderkind John Lasseter weinig fout te kunnen gaan. Aan de andere kant staan sequels erom bekend dat ze vaak meer van hetzelfde bieden.
Nu, de film is klaar en er bestaat alle reden tot tevredenheid. Toy story 2 behoort tot de zeldzame categorie vervolgfilms die het origineel overtreffen. Dat is voor een deel te danken aan de progressie die het animatievak geboekt heeft, waardoor de toeschouwer vaak vergeet dat hij naar een getekende film kijkt. Een ander winstpunt bestaat uit het feit dat de personages niet opnieuw gedefinieerd hoefden te worden.
De levende speelgoedpoppen Buzz Lightyear en Woody zijn wie ze zijn, punt. We hoeven tenslotte ook niet uitgelegd te krijgen wie Indiana Jones is, of James Bond. Dit geeft Lasseter de gelegenheid zich volledig op het verhaal te concentreren, en dat verhaal is minstens van hetzelfde niveau als in deel één.

Westernserie
De film begint met een aanloopje dat vrijwel niets te maken heeft met wat daarna komt, zoals ook in de Bond-films gebruikelijk is. Daarna verplaatst de camera zich naar de kamer van Andy, de eigenaar van het speelgoed. De makers hebben een paar minuten nodig om de intrige op gang te brengen, maar dan gaat de zweep erover. Woody wordt ontvoerd door de speelgoedmagnaat Al McWhiggin. Die heeft daar een goede reden voor. Het blijkt dat in de jaren vijftig Woody de ster was van de tv-serie 'Woody's Roundup'. Andere hoofdrolspelers waren het cowboymeisje Jessie, de goudzoeker Stinky Pete en Woody's paard Bullseye. De serie werd voortijdig opgedoekt, omdat de Spoetnik voor een rage in ruimtevaartspeeltjes zorgde en de ondergang inluidde van zowel de westernserie als de bijbehorende speelgoedfiguren. De schurk heeft alle met de serie samenhangende relikwieën verzameld, en kan nu Woody daaraan toevoegen. Jessie en Pete zijn natuurlijk verguld dat de tv-cast weer compleet is. En ze hebben goed nieuws: de McWhiggin-collectie verhuist binnenkort naar een museum in Japan, zodat ze de hele dag te zien zullen zijn en hun tijd niet meer in de berging hoeven te slijten.
Woody is overdonderd door al deze informatie. Natuurlijk horen de personages uit een tv-programma één lijn te trekken. Maar hij is van Andy en meer dan dat, hij houdt van hem. Jessie moet daar niets van hebben. Verwacht hij nu werkelijk dat Andy hem te zijner tijd meeneemt naar de universiteit? Of dat hij meemag op Andy's huwelijksreis? Het is maar moeilijk. Inmiddels zijn, onkundig van Woody's existentiële problematiek, de hulptroepen in aantocht onder leiding van Buzz Lightyear. Het oversteken van een drukke verkeersader vormt slechts een van de problemen die ze op hun pad vinden. De 'gang' arriveert net op tijd om Woody bij te staan in zijn besluitvorming.
Een actiefilm heeft doorgaans een spetterende finale, en in Toy story 2 wordt daar ruimschoots in voorzien. In een race voor lijfsbehoud belandt het gezelschap onder meer in de catacomben van een vliegveld waar de lopende bagagebanden een surrealistisch patroon vormen dat aan de trappenhuizen van M.C. Esscher doet denken. Op zulke momenten zien we waar kopstukken als John Lasseter toe in staat zijn. Toy story 2 is een mijlpaal in het animatie-genre.

Hans Knegtmans

Toy story 2
Verenigde Staten, 1999
Productie: Helene Plotkin, Karen Robert Jackson
Regie: John Lasseter
Scenario: Andrew Stanton, Rita Hsiao, Doug Chamberlin, Chriss Webb
Camera: Sharon Calahan
Montage: Edie Bleiman, David Ian Salter, Lee Unkrich
Art direction: William Cone, Jim Pearson
Supervisie animatie: Glenn McQueen
Muziek: Randy Newman
Met de stemmen van: Tom Hanks, Tim Allen, Joan Cusack
Kleur, 92 minuten
Distributie: Buena Vista
Te zien: vanaf 17 februari

Naar boven