Verwacht - februari 2000, nr 208


Bicentennial man is gebaseerd op een verhaal van sf-schrijver Isaac Asimov, maar u moet wel Robin Williams op de koop toenemen. Williams speelt een robot annex butler met een gevoelsleven, die moet toezien hoe de mensen die hij liefheeft sterven, terwijl zijn chips maar door blijven bliepen. De film bestrijkt dan ook 200 jaar (zie titel), die Williams vooral vult met zijn bekende capriolen en het belijden van zijn liefde voor drie opeenvolgende vrouwen in verschillende tijdperken, allen door dezelfde actrice, Embeth Davidtz, gespeeld. Grote vraag is of Williams werkelijk in het robotpak is gekropen of dat hij deze zweterige klus aan een lenige stand-in heeft overgelaten. De computeranimaties doen de rest, waarbij Williams' mimiek nauwgezet is nagebootst, alhoewel het filmblad Variety repte van een 'volwassen teletubbie'. De thematiek van Asimov - de tragiek van onsterfelijkheid en het schisma tussen menselijke gevoelens en techniek - wordt wel aangesneden, maar regisseur Chris Columbus weet dit handig om te vormen tot massa-amusement, zoals we van de regisseur van Home alone en Mrs. Doubtfire mogen verwachten. (Te zien vanaf 24 februari)

Bicentennial man: onsterfelijke teletubbie.


Teaching Mrs. Tingle was een van de eerste slachtoffers van de zelfcensuur die Hollywood zichzelf oplegde na het bloedbad op de Columbine High School. Productiemaatschappij Miramax ging door de knieën voor de hysterie rondom gewelddadige films en hun vermeende invloed op de onschuldige kinderziel en veranderde de oorspronkelijke titel Killing Mrs. Tingle in de stichtelijke huidige naam. Ook moest het einde opnieuw worden opgenomen, maar de vraag is of een ander slot het misbaksel dat de film uiteindelijk is geworden, had kunnen redden. Kevin Williamson zat voor het eerst in de regiestoel, die blijkens het resultaat minder prettig moet hebben gezeten dan de comfortabele leunstoel vanwaaruit hij Scream, I know what you did last summer en The faculty heeft geschreven. Het meest in het oog springende van zijn nieuwste 'horror'film is de rol van Helen Mirren (The cook, the thief, his wife and her lover, The madness of King George), die haar uiterste best doet om zo gemeen mogelijk te zijn, een betere zaak waardig. Ze speelt het titelpersonage, een geschiedenislerares die het leven van haar scholieren zo zuur maakt dat drie van hen wraak proberen te nemen. De film is wederom overgoten met ironie, het handelsmerk van Williamson waarmee hij de angel uit het horrorgenre heeft weten te halen. Gelukkig zijn er door andere regisseurs onverwacht weer nieuwe impulsen aan het genre gegeven, zodat Williamson zich maar eens een ander fauteuil moet aanmeten. (Te zien vanaf 17 februari)


The bone collector is de koosnaam voor een New-Yorkse seriemoordenaar die, zoals we van zijn filmcollega's in deze branche gewend zijn, druk doende is om cryptische aanwijzingen achter te laten op de plaats van het misdrijf. De speurneus die hier zijn voordeel mee doet is deze keer Denzel Washington. Merkwaardig genoeg brengt hij de gehele film door in bed, zodat zijn acteerwerk beperkt blijft tot het uitspreken van zijn tekst. Door een ongeluk is deze, volgens zijn collega's geniale maar nu vooral suïcidale politie-inspecteur namelijk geheel verlamd geraakt en kan hij slechts één vinger bewegen. Tijden veranderen; ooit zat James Stewart gewoon met een gebroken been en een verrekijker voor het raam. Denzel is niet voor een kleintje vervaard en hij besluit om de mysterieuze moorden op te lossen, geholpen door een collega (Angelina Jolie) die het veldwerk voor hem doet. De bedoeling is dat ze elkaar aanvullen: hij de hersenen, zij de ogen en de benen. De art director heeft zijn best gedaan om de stad eruit te laten zien als de duistere steegjes van Seven, waarna ook de make-up afdeling niet kon achterblijven en zich flink uitleefde in het schminken van de slachtoffers. De film bevat dan ook een aantal gruwelscènes, waarbij u onder andere moet denken aan een door ratten aangevreten gezicht. Regisseur Phillip Noyce (Patriot games, Sliver) maakte voor de goede verstaander nog een grapje door Michael Rooker uit Henry: Portrait of a serial killer de rol van irritante politiebaas te laten spelen. (Te zien vanaf 10 februari)

The bone collector: Denzel Washington hoeft geen spier te verrekken.


Anna and the king is de derde remake van Anna and the king of Siam (1946), die daarna werd verfilmd als de musical van Rogers & Hammerstein The king and I (1956), die op zijn beurt vorig jaar als animatiefilm werd uitgebracht. Nu Jodie Foster de rol in Hannibal heeft geweigerd en X-Files-coryfee Gillian Anderson de rol heeft overgenomen, moeten we het voorlopig doen met Jodie als Engelse gouvernante. Zij reist in 1862 naar Siam (nu Thailand) om de kinderen van koning Mongkut te onderwijzen. Culturele en amoureuze botsingen tussen de gouvernante en de koning zijn het gevolg, waarbij beide zich schuldig maken aan discriminatie en seksisme, en de kijker zich aan exotisme. Hierdoor is het verhaal in de loop der jaren ook controversieel geworden: de koning wordt afgeschilderd als een humaan mens, terwijl hij een barbaars beleid voert en er meer dan zestig vrouwen op nahoudt die hij als voetveeg behandelt. Mannelijke superioriteit en blanke arrogantie zijn op de achtergrond geraakt in de versie van Andy Tennant, die eerder de Assepoester-remake Ever after maakte. Om er een vriendelijke familiefilm van te maken richt hij zich vooral op de ontluikende romance tussen de twee. Opvallend is de rol van Chow Yun-Fat, de aimabele actiester uit Hongkong die in Hollywood emplooi vond en het nu rustiger aan mocht doen van zijn baas. Hij treedt als de koning in de voetsporen van Yul Brynner, maar of een niet-zingende Yun net als Yul een Oscar mee naar huis zal nemen ligt niet in de lijn der verwachting. (Te zien vanaf 3 februari)

Anna and the king: Chow Yun-Fat mist zijn harem.


Piranha blues: Film 1 heeft een opmerkelijk uitgangspunt: de Vlaamse regisseur Willem Wallyn besloot zijn vader te volgen tijdens het proces dat tegen hem is aangespannen omdat hij zou zijn betrokken bij de Agusta-Dassault affaire. Hij wordt verdacht van het plegen van schimmige geldtransacties en zit nu in de beklaagdenbank naast voormalige ministers en partijvoorzitters. Piranha blues is echter geen documentaire, maar een speelfilm waarbij de echte beelden van het proces zijn ingebed in een fictief verhaal. Willem Wallyn besloot zichzelf niet te spelen, maar liet zijn personage vertolken door Peter Van den Begin. De mengeling van fictie en realiteit wordt op de spits gedreven doordat Wallyns vrienden wel zichzelf spelen in de film. De echte Willem Wallyn heeft als woordvoerder van de familie een moeizame relatie opgebouwd met de pers, zodat het erop lijkt dat de regisseur met deze film zijn gram wil halen. Het verhaal ontrolt zich als een wraakoefening op een journalist met een te groot ego, die door het filmpersonage Wallyn gegijzeld wordt. Film als uitlaapklep voor frustraties; we hopen dat de therapie gewerkt heeft. (Te zien vanaf 24 januari)

Piranha blues: De pers als zondebok.


Going to school with dad on my back is een titel die letterlijk moet worden genomen. In deze Chinese (jeugd)film wint een niet rijkelijk bedeeld jongetje van het Chinese platteland de eerste prijs in een scheikundewedstrijd, waarna hij wordt toegelaten tot een prestigieuze school in de stad. Probleem is echter zijn gehandicapte vader die afhankelijk is van de zorgen van zijn zoon. Hij besluit vervolgens om pa gewoon op zijn rug naar school te dragen. Regisseur Zhou You-choa werkte eerder samen met Zhang Yimou tijdens Ju dou en met Wu Tianming (Koning der maskers), en weet in zijn nieuwste film de goedkope sentimentaliteit te omzeilen. (Te zien vanaf heden)


The love letter is een bedaarde komedie waarin een liefdesbrief als katalysator werkt binnen de kleine gemeenschap van een vissersdorpje. De hoofdrol wordt gespeeld door Kate Capshaw, beter bekend als mevrouw Spielberg, die een al wat oudere boekverkoopster speelt en daarom natuurlijk een bril draagt. Als ze op haar sofa een anonieme, niet geadresseerde liefdesbrief vindt, neemt ze aan dat die voor haar bedoeld is en begint ze te speculeren over de afzender. De brief valt ook in handen van andere bewoners die er net zoals zij vanuit gaan dat hij voor hen is bestemd, zodat de romantische verwikkelingen niet van de lucht zijn. De film wordt bevolkt door vriendelijke 'small town folks', waarbij een relatie tussen de boekverkoopster en een veel jongere man niet in de smaak valt. De Hongkongse regisseur Peter Ho-Sun Chan (Comrades: Almost a love story) maakt met The love letter zijn Amerikaanse debuut, waar verder nog Ellen DeGeneres, Tom Selleck en Gloria Stuart (de oude vrouw uit Titanic) in meespelen. (Te zien vanaf 10 februari)

The love letter: Ellen DeGeneres ziet er de lol wel van in.

Mariska Graveland

Naar boven