April 2000, nr 210
Fow Pyng Hu & Brat Ljatifi
Chinese sokken in een Hollandse koelkast
Jacky, de eerste speelfilm van Fow Pyng Hu (29) en Brat Ljatifi (32), werd geselecteerd voor het Filmfestival Rotterdam en kreeg prompt daarop een lovende recensie in Variety. Een gesprek met een nieuw Nederlands regisseursduo dat een zwak blijkt te hebben voor Tarantino's Jackie Brown, vanwege de badjas van Pam Grier én vanwege de menselijkheid die uit de film spreekt.
Brat Ljatifi en Fow Pyng Hu (foto: André Bakker).
Het is de dag na de avant-première in Paradiso en ondanks de brom in het geluid zijn Fow Pyng Hu en Brat Ljatifi redelijk tevreden. De aanloop tot de officiële première heeft hen al heel wat slapeloze nachten bezorgd, maar monter verschijnen ze op het afgesproken uur in het café van filmtheater Rialto, een favoriete locatie middenin de Amsterdamse Pijp waar beide regisseurs wonen. Het is een vreemde gewaarwording, zo oog in oog met Fow Pyng te staan, de hoofdrolspeler van gisteravond. "We hebben castingsessies in het hele land gehouden, maar die leverden niet de Jacky op die wij in gedachten hadden", zo vertelt Fow Pyng, "en toen hebben we maar besloten dat ikzelf de hoofdrol moest gaan spelen."
Het is vooral een vreemde ervaring omdat er zo op het eerste gezicht nauwelijks overeenkomsten te bespeuren zijn tussen Fow Pyng en Jacky. Tegenover me zit een moderne Chinese jongen die met een vrolijk Brabants accent verhaalt over zijn eerste filmervaring. Jacky daarentegen is een zwijgzame railtender bij de Nederlandse Spoorwegen die op 25-jarige leeftijd nog steeds thuis bij zijn Chinese moeder in Eindhoven woont. Het tengere meisje Chi-Chi dat Jacky op zekere dag van Schiphol haalt, is door zijn moeder 'besteld' in China en het is de bedoeling dat ze samen een paar vormen. Geïnteresseerd is Jacky echter nauwelijks, noch in Chi-Chi, noch in treinreiziger Gary die voorzichtige avances maakt. Jacky brengt zijn tijd het liefst slapend door, thuis bij zijn moeder op de bank.
Brat: "Wat we willen laten zien, is hoe Jacky zich tot de mensen om hem heen verhoudt en ook omgekeerd, hoe de mensen zich tot hem verhouden. Die treinreiziger wil wel iets van hem, maar Jacky heeft het eigenlijk helemaal niet door. We wilden het niet expliciet over homoseksualiteit hebben. Het is dan net alsof je alleen met seks bezig bent. Het woord zegt het al: homo...seks..." En Fow Pyng voegt eraan toe: "Jacky is een onbeschreven blad. In tegenstelling tot de mensen die hem omringen, weet Jacky eigenlijk niet wat hij wil. Hij is verdoofd. En het is waar, het thema homoseksualiteit zit er wel in. Maar Jacky is geen Fucking Åmål - wat overigens wel een hele leuke, sympathieke film is. Jacky is geen jongen die tegen zijn moeder kan zeggen: ik ben homoseksueel. Voor Chinezen bestaat homoseksualiteit gewoon niet. Ik heb wel eens tegen mijn moeder gezegd dat er in China heel veel homoseksuelen wonen, waarop ze antwoordde: 'Nee hoor, dat bestaat helemaal niet. Dat is een westerse ziekte.'"
Telefonisch uitgehuwelijkt
Fow Pyng en Brat, die beiden al een hele waslijst korte films op hun naam hadden staan, werden na hun afstuderen aan de Rietveld Academie benaderd door de producenten van Motel Films. Hun korte films waren in de smaak gevallen en tot hun grote verrassing werden ze in de gelegenheid gesteld om twee jaar lang samen aan het scenario voor Jacky te schrijven, een verhaal dat duidelijk werd gesitueerd in de Chinese gemeenschap in Nederland. In hoeverre kan Brat, die dertig jaar geleden samen met zijn moeder vanuit zijn geboorteland Joegoslavië naar Amsterdam kwam, zich in het verhaal vinden?
Brat: "Ik ben niet Chinees, maar Jacky is ook mijn verhaal, of liever gezegd: het is óns verhaal. De manier waarop Jacky in het leven staat, waarop die moeder zich gedraagt, waarop de mensen met elkaar omgaan, dat zijn ook allemaal dingen uit mijn omgeving. En de manier waarop het meisje wordt uitgehuwelijkt, dat is zelfs letterlijk mijn gegeven: mijn broertje werd via de telefoon uitgehuwelijkt."
En Fow Pyng voegt eraan toe: "We hebben het verhaal bewust in de Chinese gemeenschap gesitueerd. We wilden er geen potpourri van maken met Chinezen en Joegoslaven. Op deze manier is er meer harmonie. Jacky is ook geen film over Chinezen, maar over ontheemde mensen. Ze zijn ergens neergestreken, in dit geval in Nederland, en wij volgen ze een tijdje. Integreren is dan een probleem. Maar wat wil je, je wordt ergens gedropt, terwijl je 2000 jaar cultuur met je meedraagt. Het is trouwens een misvatting dat Chinezen niet zouden communiceren. We schreeuwen een beetje tegen elkaar, maar dat hoort bij onze cultuur. Ik zei een keer 'dankjewel' tegen mijn moeder en ze werd helemaal gek: Je zegt toch geen dankjewel tegen mij, ik ben toch geen vreemde."
Brat: "Voor mij spiegelt de Chinese wereld qua gedrag en qua houding de Joegoslavische wereld. Dat is mooi zo. Als ik het heel specifiek had uitgedragen, was het meer een politieke daad geweest."
Fow Pyng: "En om nog even terug te komen op dat ontheemde gevoel. Het is alsof je een sok in de koelkast stopt. Je kunt er ook een broek in stoppen. Het is allebei raar. Dan kun je er ook nog een Levi's spijkerbroek in stoppen, maar dan heb je een politiek statement, en daar zijn we niet in geïnteresseerd."
Troetelnaampjes
Zonder haperingen vullen Fow Pyng en Brat elkaar aan en het is duidelijk dat de regisseurs op één lijn zitten. Het vertrouwen in elkaar speelt een grote rol, zoals het vertrouwen in cameraman Benito Strangio ook een grote rol speelde. Over de fotografie hadden ze duidelijke opvattingen en met Benito Strangio konden ze samen nadenken en overleggen over het beeld. Fow Pyng: "Wouter Barendrecht, de in Azië gesettelde sales agent van Fortissimo, had nog het idee geopperd om met cameraman Christopher Doyle in zee te gaan, maar op dat moment hadden we Bentio Strangio al gevonden. Gelukkig maar, want het is zeer de vraag of het sterke handschrift van Doyle wel zo geschikt was geweest voor Jacky. Het is natuurlijk geweldig bij Chungking express, maar onze film is toch een stuk soberder."
Dat ze inspiratie vonden bij de Taiwanese regisseur Tsai Ming-liang geven ze grif toe. Vooral Vive l'amour was een openbaring. Brat: "Het gaat er vooral om dat je kunt ruiken, proeven en voelen. La promesse heeft dat heel sterk. En ook die nieuwe film van de Dardennes, Rosetta. Het zijn hele fysieke films." Fow Pyng: "En vergeet Quentin Tarantino niet, met Jackie Brown. Dat is een spectaculaire film. De manier waarop hij ruimte geeft aan de acteurs en aan de toeschouwers. Pam Grier is zo kwetsbaar in die badjas. Je hebt regisseurs die de acteurs ondergeschikt maken aan de rol zodat de rol zo goed mogelijk vorm krijgt. Ik vind het interessanter om menselijkheid te laten zien."
Of de filmtitel ook opgedragen is aan Jackie Brown? "Nee", grinnikt Fow Pyng, "dan nog eerder aan Hongkong-acteur Jackie Chan. Veel Chinese jongens krijgen Engelse bijnamen die eigenlijk heel vrouwelijk zijn. Ze heten geen Jim, maar Jimmy, geen Rick, maar Richie. Het zijn softe namen, troetelnaampjes voor teddyberen. Het past heel goed bij hun houding."
Brat: "Wij slaan met onze film ook niet met de vuist op tafel. En dat heeft met onze interesse te maken. De stilte na de vuistslag vind ik eigenlijk mooier, of als iemand een vuist op tafel slaat en dan misslaat."
Fow Pyng: "Denk bijvoorbeeld aan muziek. Je hebt muziek met een tekst, daar kun je dan naar luisteren. Maar je hebt ook housemuziek en dan gaat het meer om de sfeer, om een bepaald gevoel. Zoiets hebben we wel geprobeerd te bereiken. We zijn niet op zoek naar een vuistslag, maar naar een bord eten waarin je van alles kunt proeven."
Belinda van de Graaf
Jacky
Nederland, 2000
Productie: Jeroen Beker en Frans van Gestel
Scenario en regie: Brat Ljatifi en Fow Pyng Hu
Camera: Benito Strangio
Geluid: Rik Meier
Montage: Brat Ljatifi en Fow Pyng Hu
Art direction: Martine de Schipper
Met: Fow Pyng Hu, Eveline Wu, Gary Guo
Kleur, 80 minuten
Distributie: A-Film Distribution
Te zien: vanaf 20 april