Water & Vuur - april 2000, nr 210

Wat is waarheid, wat is onzin? In de rubriek Water & Vuur spreken voor- en tegenstanders zich uit over een stelling.

Angstaanjagend suggestieve beelden, kettingzagen en hakbijlen, rondvliegende ledematen, buitenaardse monsters, kannibalen en duivels: het Festival van de Fantastische Film is in aantocht. Zijn horrorfilms leuk vermaak of voer voor ontspoorde geesten?

'Horror is een akelig filmgenre'


PRO
Jack Goderie, radio- en televisiepresentator en programmeur van Pathé Cinemas.

"Ik vind horrorfilms verschrikkelijk omdat ze uitsluitend de angstgevoelens van mensen exploiteren. Steeds schuift de grens een stukje op. Voor mensen met een ziek gestel kan het nooit ver genoeg gaan, maar ik heb een zwak gestel en kan er niet tegen. Als ik een horrorfilm zie, ga ik uit zelfbescherming altijd nadenken over technische zaken: waar staat de camera, hoe is de montage? Als ik dat niet doe, wordt ik overspoeld door angst. Ik herinner me dat ik na het zien van het eerste deel van Friday the 13th een maand lang 's avonds onder mijn bed heb gekeken of er iemand lag. Nee, dat is geen gekoketteer, dat is echt zo. Ik kan niet tegen het genre. Ik ben nu eenmaal een held op sokken. Ik ben me helemaal de pleuris geschrokken bij het derde deel van Friday the 13th. Die film zag ik met een driedimensionaal brilletje op. Kun je je voorstellen wat je ervaart als er dan een slang met opengesperde bek op ja afkomt? Ik lag echt onder mijn stoel!
"Natuurlijk exploiteert elke film gevoelens, maar van sommige gevoelens wil je dat ze aangesproken worden, maar bij mijn angstgevoelens heb ik daaraan geen behoefte. Waarom ik zo bang voor horror ben? Het lukt mij niet om het als fantasie te zien, ik ga er teveel in mee.
"Of ik mensen begrijp die wel van horror houden? Ik zal je wat vertellen: ik heb geen morele bezwaren tegen het genre, want ik heb met Jan Doense aan de wieg gestaan van het Weekend of terror toen dat nog in de Amsterdamse bioscoop Alhambra werd gehouden. Aan een opgeheven vingertje heb ik geen behoefte en ik ben ook niet bang dat mensen die horrorfilms zien gruwelijkheden gaan imiteren. Toch denk ik dat je tamelijk gestoord moet zijn om van horror te kunnen genieten. Ik vind het genre abject. Aan de andere kant: elke gek heeft recht op zijn gebrek.
"Nee,
The Blair witch project heeft mijn mening niet veranderd. Ik vind het knap dat de makers met hun kleine studentikoze exploitatiefilm zo'n hype hebben kunnen creëren, dat ze multimiljonair zijn geworden. Ik zie liever filmmakers miljonair worden dan Nina Brink. Chapeau voor hun commerciële gaven!"

Audition: zelfs voor horrorfans te eng?


CONTRA
Jan Doense, organisator van het Festival van de Fantastische Film.

"Ik heb een simpel uitgangspunt: horror vind je leuk of niet. Ik ben niet iemand die mensen wil bekeren, zendingsdrang is mij vreemd. Wel wil ik duidelijk maken dat niet in elke horrorfilm bloed vloeit en de ingewanden naar buiten puilen. In heel veel horrorfilms wordt juist gewerkt met suggestie. Kijk maar naar The sixth sense en The Blair Witch project. Ik vind het genre interessant omdat het meestal gewone mensen toont die met extreme zaken worden geconfronteerd. Waar het uiteindelijk bij horrorfilms om draait is wat Stephen King zei: het is een gezonde manier om doodsangst te bezweren.
"Het horrorgenre heeft een lange geschiedenis, die loopt van Frankenstein tot aan de films van Cronenberg. Splatter-movies als Friday the 13th zijn gewoon lachen geblazen. Ik vind het fascinerend om te zien hoe filmmakers met het menselijke lichaam de meest bizarre dingen uithalen. Het is een vorm van 'grand guignol': veilig griezelen als entertainment. Ik zal nooit gaan bungeejumpen, maar griezelen in de bioscoop vind ik leuk. Of ik het altijd leuk vind? Sommige films zijn een test voor je zenuwen, zoals Audition van Miike Takashi. Daar zat ik met klamme handen naar te kijken. Bovendien wordt het kwaad aan het einde niet gestraft, wat vrijwel altijd het geval is in het horrorgenre.
"Ik hou niet van mondo-films, want voor mij mag het ultrarealistisch zijn als het maar wel nep is. Snuff-movies, als ze al bestaan, zou ik nooit willen zien, laat staan vertonen op mijn festival. Ik vind dat iedereen die naar een snuff-movie kijkt zich medeplichtig maakt aan zo'n film. Mijn liefde voor de horrorfilm is sterk historisch gekleurd. Ik merk dat de videogeneratie niet meer in klassiekers is geïnteresseerd. Ik vind dat ze wat missen, maar ik misgun niemand zijn voorkeuren. Toen ik het Weekend of terror nog organiseerde werden films met te weinig bloed uitgejouwd, zodat voor mij de lol er af ging. In 1996 ben ik ermee gestopt. Het Festival van de Fantastische Film programmeer ik heel breed, zodat iedereen aan zijn trekken komt.
"Horror een mannengenre? Vroeger wel, maar daar merk ik niet veel meer van, want op het festival zie ik evenveel jongens als meisjes."

Zondag 2 april om 16.00u. vindt in het Amsterdamse Ketelhuis het Filmkrant Water & Vuur Debat plaats, waarin Jan Doense, Rudolf van den Berg en Phil van Tongeren o.l.v. Hans Beerekamp zullen discussiëren over deze stelling.

Naar boven