Verwacht - november 2000, nr 216


Blair witch 2: book of shadows
Twee jaar geleden draaiden twee filmstudenten in de bossen bij Burkittsville, Maryland een kleine horrorfilm. Een jaar later werd hun debuut een wereldwijde kaskraker. Op de slogan van
The Blair witch project zijn vele varianten mogelijk, zoals ook de film zelf uitnodigde tot imitatie, eerbetoon of parodie. De spotgoedkope debuutfilm van Daniel Myrick en Eduardo Sanchez werd de hype van het jaar, en dat terwijl ene George Lucas een vermogen spendeerde om zijn vierde deel van de Star Wars-sage tot het filmevenement van de eeuw te maken. De coup van de twee jonge filmmakers werd een eigentijdse variant op de Amerikaanse Droom, en liet hen die de gefilmde nachtmerrie niet eng vonden in opperste staat van verwarring achter. Wie de film kon waarderen zag een compacte hellevaart die veel aan de verbeelding overliet en juist daarom werkte. Het wekt dan ook weinig verbazing dat het vervolg Blair witch 2: book of shadows door menig fan van de voorganger al bij voorbaat als overbodige troep wordt weggewuifd. Meer van hetzelfde kan in dit geval alleen maar minder betekenen, de geschiedenis van de moderne horrorfilm spreekt wat dat betreft, jawel, boekdelen. Populaire monsters als Freddy Krueger, Jason Voorhees, Michael Meyers en Pinhead bleken bij herhaling allesbehalve angstaanjagend, dus op een heks in vol ornaat zit niemand te wachten. Producent Artisan, die de voorganger voor 1 miljoen dollar kocht en er in de Verenigde Staten 140 miljoen mee binnenhaalde, zocht het volgens regisseur Joe Berlinger aanvankelijk dan ook hardnekkig in de verkeerde hoek. Berlinger maakte naam met de bekroonde documentaires Brother's keeper en Paradise lost en werd binnengehaald om de succesformule op vertrouwde wijze voort te zetten. Maar hij besloot het roer om te gooien: drie mogelijke scenario's belandden in de prullenbak en de regisseur schreef met Dick Beebe (House on haunted hill) een blauwdruk die de term postmodern rechtvaardigt. Book of shadows onderkent meteen dat de voorganger pure fictie was en laat zien hoe de hype in Burkittsville een soort 'Blair witch'-industrie op gang bracht. Een labiele jongen die filmfans langs de oorspronkelijke locaties rondleidt, overnacht met vier klanten in het gewraakte bos, om bij zonsopgang een chaos aan te treffen. De groep herinnert zich niets van de nacht en probeert met behulp van videotapes een reconstructie te maken, waarop waarneming, werkelijkheid en waanzin een dodelijke combinatie vormen. Afgaande op de eerste berichten op het internet is Berlingers film in ieder geval geen gemakzuchtige kopie van de voorganger en genereert hij meer stof tot nadenken dan klamzweet. Dat doet vermoeden dat BW2 een stuk interessanter is dan verwacht werd. (Te zien vanaf 2 november)

Bart van der Put

De doodgravers in Burkittsville draaien overuren.


The art of war schroomde niet om zich naar een 2500 jaar oud filosofisch Chinees boekwerk te noemen, wat ongebruikelijk mag heten voor een actiefilm. Die eruditie van regisseur Christian Dugay had zich nog niet geopenbaard bij zijn vorige sciencefictionfilm Screamers. In Dugays beoogde huzarenstuk The art of war speelt Wesley Snipes een FBI-agent die ten onrechte verdacht wordt van een moord op de Chinese ambassadeur, maar omdat Snipes op papier niet bestaat, kan de FBI hem niet uit de brand helpen. Zoals veel van zijn voorgangers in het genre staat hij er dus weer eens alleen voor. Opmerkelijk is de rol van Donald Sutherland, die als Secretaris Generaal van de Verenigde Naties zijn interpretatie van Kofi Annan geeft. De ambitieuze plot gaat regelmatig 'over the top', en behelst een complot rondom een handelsverdrag, waarvan de ondertekening koste wat het kost moet worden voorkomen. Het gevolg is een amalgaam van achtervolgingen, manipulaties en vechtpartijen, waarbij Snipes' ervaringen op het gebied van de edele martial arts goed van pas komen. Niet altijd zet de FBI-agent zijn beste beentje voor, zoals in de scène waarin hij onder 'supergeheime' omstandigheden van een wolkenkrabber in Hongkong zeilt, onder het oog van duizenden mensen. (Te zien vanaf 9 november)

The art of war: Donald Sutherland bewaakt de wereldvrede.


Pitch black laat wat prangende vragen over de betrouwbaarheid van een aantal van de geopperde astronomische theorieën onbeantwoord. Hoe kan het op een planeet die tussen drie zonnen cirkelt ooit donker worden? Welk complex traject moet deze snikhete planeet wel niet afleggen om die drie zonnen in een eclips-positie te krijgen? Toch vindt dit wonderlijke fenomeen plaats in Pitch black, zodat de amateur-astronomen onder ons nog een flinke kluif aan de film hebben. Ook aspirant-biologen kunnen hun tanden zetten in het bestuderen van de merkwaardige gewoonte van de buitenaardse dieren om slechts één keer in de 22 jaar tot leven te komen, en wel als het donker wordt. Wat ze in de tussentijd doen mag Joost weten. Regisseur David Twohy hield zich in de uitstekende, ten onrechte nooit in Nederland uitgebrachte sciencefictionfilm The arrival (waarin astronoom Charlie Sheen hittelievend buitenaards leven ontdekt dat de aarde expres opwarmt om het te kunnen koloniseren) wel bezig met de geloofwaardigheid van het verhaal en de uitwerking van de details. Nu heeft Twohy gewoon een B-sciencefictionfilm gemaakt, waarmee hij zich aansluit bij een lange, mooie traditie. (Te zien vanaf 9 november)


Rules of engagement, niet te verwarren met de gelijknamige documentaire over de bestorming van Wacko, maakt vooral nieuwsgierig door de regisseur: William Friedkin, de man die The exorcist en The French connection aan de wereld heeft geschonken. Deze hoogtijdagen zijn natuurlijk voorbij, maar wie weet heeft de oude vos nog wat streken achter de hand gehouden. Samuel L. Jackson speelt in het drama een kolonel die ooit als soldaat in Vietnam een krijgsgevangene doodschoot om zijn maat (Tommy Lee Jones) te redden. De reden voor deze premisse lijkt duidelijk: het toont aan dat zo'n immorele daad ten tijde van oorlog begrijpelijk en misschien wel de enige juiste kan zijn. 28 Jaar later wordt de kolonel verantwoordelijk gesteld voor een grootschaliger bloedbad. In Jemen is er onder zijn commando geschoten op een massa mensen, waarvan hij dacht dat ze gewapend waren. Er vielen 83 doden, en de kolonel wordt voor het gerecht gesleept. Vlak voor de montage van Rules of engagement raakte Friedkin in onmin met een van de bedenkers van het verhaal, een hoge Piet bij de marine, die eiste dat zijn naam van de credits werd gehaald. Pas na enige veranderingen in de montage was deze meneer Webb tevreden over de wijze waarop zijn 'visie' op zijn geliefde leger in de film was verwerkt. (Te zien vanaf 9 november)

Rules of engagement: Samuel L. Jackson staat voor hete vuren.


Where the heart is blijft trouw aan zijn melodramatische titel, maar zou de val der zoetsappigheid wel eens kunnen ontwijken dankzij hoofdrolspeelster Natalie Portman, die ondertussen vele films van glans heeft voorzien (Leon, Beautiful girls, Star Wars, Everyone says I love you en Mars attacks! en die van zichzelf al oogverblindend glansde natuurlijk). Nu speelt ze een hoogzwangere tiener die langs de snelweg wordt gedumpt door haar vriendje, een etterbak die countryzanger wil worden. Met een Polaroid-camera en $5,55 op zak probeert ze te overleven in het plaatselijke winkelcentrum van Sequoia, Oklahoma, waar ze ook haar dochtertje zal baren. De liefdevolle, malle mensen waarmee ze vervolgens in aanraking komt, zullen de cynici onder ons waarschijnlijk niet kunnen bekoren, maar Ashley Judd en Stockard Channing (eerder samen als junkiedochter en eenogige moeder te zien in Smoke) doen desondanks hun best om deze film van debutant Matt William van vreemde kanten te voorzien. Zo komt Natalie bijna terecht in een tornado, en heeft Ashley haar vele kinderen genoemd naar merknamen van snacks. Matt William bedacht eerder de televisieseries 'Home improvement' en 'Roseanne', en schreef mee aan 'The Cosby show'. Where the heart is werd geschreven door Lowell Ganz en Babaloo Mandel - wiens naam leuker is dan de scenario's die ze schreven voor Multiplicity en Spies like us -, en die verder de scripts voor City slickers, A league of their own en Mr. Saturday Night neerpenden. (Te zien vanaf 16 november)

Mariska Graveland


Things you can tell just by looking at her vat meteen het thema van de debuutfilm van Rodrigo Garcia (inderdaad de zoon van schrijver Gabriel Garcia Marquez) samen. Door de camera zo lang op de gezichten van zijn hoofdpersonen gericht te houden dat zij hun hele palet aan emoties hebben kunnen laten zien, borduurt Things you can tell... in pasteltinten handig voort op de dankzij films als Short cuts en Magnolia populaire mozaïekfilm en laat de vrouwelijke gynaecologe die in het eerste deel vergeefs op een telefoontje van haar minaar wacht en zich onderwijl de kaart laat leggen door een Tarot-lezeres, terugkeren als aborteuse van een succesvolle bankmanager die in een buitenechtelijke relatie zwanger is geraakt. Goede vrouwenrollen zijn schaars in Hollywood, vandaar dat actrices als Glenn Close, Holly Hunter, Cameron Diaz, Kathy Baker en Calista Flockhart zich geen twee keer hoefden te bedenken, voordat zij een rol in het lowbudgetdrama aannamen. Goede thema's voor vrouwelijke actrices zijn blijkbaar nog schaarser, want de liefdesperikelen, bindingsdrang en hechtingsangst waar de zes hoofdpersonen mee te maken krijgen zijn uitgewerkt op dezelfde veelbetekenende fluistertoon als andere typische 'vrouwenfilms' als American quilt en Fried green tomatoes at the whistle stop café, waar Things you can tell... ook zijn gedachtenspinnende lengte van de titel mee gemeen heeft. (Te zien vanaf heden)

Things you can tell...: Blinde Cameron Diaz laat zich bekijken.

Dana Linssen

Naar boven