September 2001, nr 225

Ineke Smits

Een wereld die verwondert

Magonia, het bijzondere speelfilmdebuut van Ineke Smits, is geselecteerd voor het festival in Toronto en San Sebastián en is te zien op het Nederlands Film Festival in Utrecht. Een gesprek over haar visueel poëtische drieluik en haar grote liefde voor Georgië waaruit Magonia deels is ontsproten. "De film is een pleidooi voor verbeeldingskracht."

Ineke Smits (foto: Cynthia van Elk).

De klap was hard en onverwachts. Twaalf jaar geleden leerde de Rotterdamse Ineke Smits (1960) de Georgische filmmaker Tato Kotetishvilli kennen. Hij was een paar jaar student-af en had op het Filmfestival Rotterdam indruk gemaakt met zijn poëtische films, zij studeerde aan de National Film and Television School in Londen. Een jaar later bracht Smits met Tato haar eerste bezoek aan Georgië. Van de voorgenomen documentaire over Sergej Paradzjanov kwam niets terecht, want de Armeens-Georgische filmmaker was doodziek. Wel maakten de twee een paar jaar later in Georgië de korte film Rose, violet and lily, die in 1992 op de openingsavond van het Filmfestival Rotterdam werd vertoond. Terugblikkend noemt ze het verslag van de euforie en de chaos in Georgië na de ineenstorting van het Sovjet-rijk "meer een statement over de toenmalige situatie dan een meesterwerk".
Smits werkte een paar jaar later mee aan een nieuwe documentaire van Tato over Georgië toen hij plotseling op 38-jarige leeftijd overleed. Ze nam een belangrijke beslissing. "Ik had na de begrafenis naar Nederland terug kunnen vliegen en deze episode in mijn leven kunnen afsluiten, maar dat wilde ik niet. Ik dwong mezelf om een paar maanden in Georgië te blijven, omdat ik het land niet kwijt wilde." Terug in Nederland besloot ze Tato's documentaire af te maken. "Dat was nog een hele toestand, want er moest materiaal worden bijgedraaid en het oude materiaal moest opnieuw worden bekeken. Het was veel werk. Iedereen had ontzettend met mij te doen, maar ik ervaarde het werk aan de film als een cadeautje." De titel Nostalgia sloeg niet alleen op Smits' herinnering aan Tato, maar ook op de teloorgang van Georgië, dat van een bloeiende Sovjet-republiek was veranderd in een door burgeroorlog geruïneerd land. Politieke tegenstellingen sloegen levenslange vriendschappen aan flarden, honger en armoede werden alledaagse verschijnselen en de bloeiende Georgische filmcultuur verdween van de aardbodem.

Wolkenluchten
Ook na Nostalgia liet Smits Georgië niet los. "Ik bezocht geregeld Tato's familie en vrienden en wilde er weer iets draaien." Makkelijker gezegd dan gedaan. Het leven ging door. Al een paar jaar kende ze de auteur Arthur Japin. Hoe ze hem had leren kennen? "Een oude scenariodocent van me tipte me om met hem eens een biertje te gaan drinken. Ik ging op de bonnefooi bij hem langs en liet hem oude films van mij zien. Hij gaf mij de bundel 'Magonische verhalen', die toen nog niet gepubliceerd was. Het was wonderbaarlijk, want daarin stonden dingen beschreven die ook al in mijn films voorkwamen." Dingen? "Sterrenhemels, de maan, wolkenluchten; zijn taal en mijn beeldtaal passen heel goed bij elkaar."
De korte films Hoerenpreek en De wolkenfabriek (beide in 1996) waren het eerste resultaat van hun samenwerking. Beiden wilden met elkaar verder, met als doel een lange film. "De wolkenfabriek, dat de verfilming is van een verhaal uit 'Magonische verhalen', gaat over mensen die geloven in dromen als tegenwicht tegen de harde werkelijkheid. Het verhaal was helder, maar de film was te kort om een parallelle droomwereld te creëren. Daarom wilden we een aantal verhalen in een lange film samenbrengen."
Uit de bundel werden drie verhalen geselecteerd, aangevuld met een door Smits geschreven verhaal. Het Filmfonds stond niet te trappelen van enthousiasme, want het kon zich niet voorstellen hoe de vier verhalen een consistente film konden opleveren. Nadat Japin en Smits hun idee voor de film Magonia hadden toegelicht, kregen ze het voordeel van de twijfel en kon Japin het scenario gaan schrijven. Smits: "Dat pakte goed uit, want iedereen vond het scenario mooi." Met subsidie van het Filmfonds en particulier geld beschikte Smits over een budget van 3,6 miljoen gulden.

Havenplaatsje
Tijdens het schrijven van het scenario sneuvelde een verhaal, zodat Magonia een drieluik is geworden. De drie verhalen spelen zich af in de parallelle werkelijkheid Magonia, die er in elk verhaal anders uitziet. Het eerste verhaal is gesitueerd op een schilderachtig binnenplaatsje in een kleurrijk dorpje, dat doet denken aan Turkije of Iran. Een oude gebedsomroeper krijgt een steeds krakender stem, zodat iemand hem het slechte nieuws moet brengen dat hij met zijn werk moet stoppen. Dat blijft niet zonder gevolgen voor de brenger van het nieuws.
Het tweede verhaal heeft als locatie een vervallen huisje midden in een woestijn die associaties opwekt met Afrika. Het drama ontstaat als twee westerse toeristen in de woestijn stranden en in contact komen met de twee bewoners van het huisje. In het derde verhaal bevinden we ons in een morsig café, dat lijkt te liggen in een onbestemd havenplaatsje aan de Noordzeekust. In het café hoopt een vrouw op de terugkeer van haar geliefde.
Wat de drie verhalen thematisch bindt? "Ze gaan over mensen die niet kunnen leven in hun omgeving, maar die zich sterk verbonden voelen met de mensen die ze achterlaten. Het zijn mensen voor wie de realiteit te zwaar is, zodat ze wegvluchten in hun verbeelding en dromen. De film is een pleidooi voor verbeeldingskracht."
De verhalen bevatten dezelfde thema's, maar in stijl verschillen ze. "Het eerste verhaal is heel sprookjesachtig, maar de andere twee zijn realistischer, harder. Ze bevatten dromen maar ook nachtmerries. Sprookjes kunnen ook gruwelijk zijn." Een sombere film? "Hij geeft een zwart beeld van de werkelijkheid, maar je kunt daaraan ontsnappen met je verbeelding."

Voetstappen
Over verbeelding gesproken: de filmlocaties zetten de kijker fraai op het verkeerde been. Het pleintje in het eerste verhaal blijkt niet te liggen in een rustig oosters dorpje, maar in het drukke Tbilisi in Georgië. Smits maakt zich vrolijk: "Dat is nu de magie van de cinema. We hebben het verhaal gedraaid in de moslimwijk in het oude centrum van Tbilisi." Als we het schitterende Georgische zonlicht prijzen waarin het verhaal zich baadt, wordt ze nog vrolijker. "De meeste scènes zijn uitgelicht, waarbij we geprobeerd hebben om het natuurlijke licht te helpen. Het mocht geen kunstmatige indruk maken. Ik ben blij om te horen dat we daarin geslaagd zijn. Ik zal de complimenten overbrengen aan belichter Frank van Zutphen en cameraman Piotr Kukla."
Nog meer verrassingen: het tweede verhaal speelt zich niet af in Afrika, maar is gedraaid in de David Garedzi woestijn in Georgië. Voor Smits was het niet zomaar een locatie. "We hebben gefilmd op de plek waar Sergej Paradzjanov De kleur van de granaatappels heeft gedraaid. Ik stond in de voetstappen van de grote meester. Het verschil is dat Paradzjanov met zijn camera de kant opkeek waar oude, vervallen kloosters staan. Die hebben wij buiten beeld gehouden, omdat ze niet in het verhaal passen." We zijn inmiddels op onze hoede: het havenplaatsje in het derde verhaal zal vast wel niet in Nederland liggen. Smits: "Dat verhaal is gedraaid in Frankrijk."

Barbies
Wie Magonia ziet, verwacht niet dat de film het werk is van een Nederlandse filmmaker, al helemaal niet van een geboren en getogen Rotterdamse. De film heeft niets van doen met opgestroopte mouwen, havenkranen en mannen van stavast. Magonia bezit een poëtische kracht die aan exotischer filmlanden doet denken. Het Filmfonds zij geprezen dat het voor één keer zijn nuchtere blik ('klopt de plot wel?') inruilde voor verbeeldingskracht. Hoe komt Smits aan zo'n poëtische visuele blik op de werkelijkheid? "Ik vond de films van Paradzjanov al schitterend voordat ik Tato ontmoette. Je moet niet vergeten dat ik een achtergrond heb in de beeldende kunst. Voordat ik naar de filmacademie in Engeland ging, heb ik de kunstacademie in Rotterdam gedaan. Ik schreef, fotografeerde en schilderde voordat ik begon te filmen. Ik was altijd al visueel ingesteld. Vroeger speelde ik als kind met barbies, maar niet om ze aan en uit te kleden: met oude dozen en wc-rollen bouwde ik met die barbies een eigen wereld. Misschien wilde ik toen al een wereld creëren die je verwondert, maar ook herkent. Voor mij doet film dat ook: met geluid, kleur, acteurs en decors maak je als filmmaker je eigen wereld."
Goede Nederlandse films? Na enig nadenken: "De wisselwachter van Jos Stelling en Abel van Alex van Warmerdam vind ik nog steeds prachtig. Dat geldt ook voor Pervola van Orlow Seunke en Toto le héros van de Belg Jaco van Dormael." Niet toevallig bijna allemaal visueel poëtische films, waarin de personages verlangen naar en dromen van een beter leven. "Ik hou van films waarin het niet om de plot draait, maar om de sfeer en stemmingen. Misschien maak ik voor Nederlandse begrippen een beetje rare films." Of ze zich een buitenbeentje voelt? "Als je in Rotterdam woont, val je minder op. Ik heb nooit in de Amsterdamse filmscene gezeten. Als je afstudeert aan de filmacademie in Amsterdam heb je een makkelijker entree. Ik ben ook niet goed in eh... netwerken."

Bananenrepubliek
We belanden weer in Georgië. "Na vijf jaar Londen heb ik nooit terugverlangd naar die stad, maar in Georgië voel ik me altijd thuis." Voor de productie van Magonia schakelde ze zoveel mogelijk Georgische acteurs en crewleden in. "Iedereen was blij dat er weer eens een film werd gemaakt. Als je in Amsterdam filmt, kankert iedereen over de overlast, maar in het centrum van Tbilisi vindt iedereen het geweldig. In de Gruzia Studio ligt een hele berg half afgemaakte films. Ik heb vrienden die al tien jaar hun film proberen af te maken. Af en toe vinden ze een blik Kodak en draaien ze weer wat."
Hoe heeft het land zo diep kunnen wegzakken? "De burgeroorlog heeft het veranderd in een bananenrepubliek. Georgië is een groot Sicilië. Er zijn bomaanslagen en ontvoeringen en economisch zit het land helemaal aan de grond. Mijn 66-jarige allerliefste schoonvader, een nationaal bekende specialist in Georgische literatuur en poëzie, moet op allerlei manieren geld bij elkaar schrapen om te overleven. AOW? Jazeker, omgerekend krijgt hij ongeveer vijftien gulden per maand. Op straat verkopen oude vrouwtjes sigaretten om in leven te blijven. Ik zou in Georgië niet graag bejaard zijn zonder familie of in een inrichting zitten, want daar wordt echt honger geleden."
Magonia is opgedragen aan Tato en Bert Japin, de vader van Arthur Japin, die in 1969 op 43-jarige leeftijd zelfmoord pleegde. "Eigenlijk wilden we de film aan niemand opdragen, maar al pratend kwamen we erachter waarom het thema van Magonische verhalen ons beiden fascineert: Tato was gezegend met een grote fantasie en Japin was een dromer die niet tegen de werkelijkheid kon." Op de valreep vertelt ze tussen neus en lippen dat Tato's broer enige jaren geleden in de strijd tegen de Abchazische afscheidingsbeweging om het leven kwam. "Hij was in de bergen en vond dat zo mooi, dat hij 's ochtends naar de zonsopgang ging kijken, waarna hij werd getroffen door een granaat." Met zachte stem: "De sufferd, de eikel. Ja, we zijn in de bergen en dat is zo mooi, dus we verlaten de kazerne om buiten naar de zon te gaan kijken! Dat is nu typisch Georgisch."

Jos van der Burg

Magonia is te zien op het Nederlands Film Festival en vanaf 25 oktober in de bioscoop.

Naar boven