Verwacht - maart 2002, nr 231
Verblindende lichtshow
Bij de eerste berichten over een Franse productie genaamd Belphégor begonnen kenners van de Europese fantastiek al onrustig op hun stoel te draaien. Het ging immers om een ruim gebudgetteerde speelfilmversie van de gelijknamige televisieserie, die een sensatie in Frankrijk teweegbracht en ook met veel succes in andere landen werd uitgezonden. In maart 1965 startte de reeks van dertien heerlijke afleveringen. Regisseur Claude Barma vertelde met een fijn tempo - waarbij personages goed werden uitgediept en interessante zijpaden werden bewandeld - het verhaal van de mysterieuze fantoom Belphégor, die in het Egyptische gedeelte van het Louvre spookt en lukraak mensen vermoordt. Voor de nieuwe versie werd er behoorlijk van de originele opzet afgeweken: nu onderhoudt een elektricien (Frédéric Diefenthal uit Taxi) een nogal kwakkelende relatie met schoonheid Lisa (Sophie Marceau), die een opvallende interesse voor de mummies in het Louvre aan de dag legt. Ondertussen spookt het in het museum, worden suppoosten omgebracht en probeert een excentrieke inspecteur (Michel Serrault) uit te snuffelen waarom dit allemaal gebeurt. Na een fraaie opening die Edgar P. Jacobs' klassieke stripverhaal 'Het geheim van de Grote Pyramide' en de Vlaamse fantastische verhalen van Jean Ray in herinnering brengt, zakt de film in als een plumpudding, want Salomé begaat een kapitale blunder. Barma hulde de identiteit van Belphégor in lang nevelen. Salomé maakt juist meteen en op nogal platte wijze duidelijk wie het fantoom is. Vervolgens is het een heen-en-weer geren tussen het appartement van Marceau en het Louvre, terwijl enkele acteurs elkaar in het schmieren proberen te overtreffen. Uiteindelijk gaat de hoofdprijs naar Julie Christie: wie zich verheugt op een nieuwe kennismaking met de gelauwerde veterane staat een ijskoude douche te wachten.
De verbijstering die de kijker aanvankelijk overvalt door de doorzichtige intrige en de bespottelijke dialogen die Serrault uitkraamt maakt gaandeweg plaats voor ergernis. Salomé laat alle open kansen liggen om ouderwetse rilrug-fantastiek te scheppen en gaat over op het hanteren van een erg botte bijl met veel ontploffende lampen, hard geknetter en een hoop CGI-effecten. Zo verwordt een in potentie spannende film tot een gedrocht, waarbij een piepkleine gastrol van Juliette Greco (die in de serie schitterde) zout in de wonden wrijft. De liefhebbers pinken een traantje weg en verliezen zich graag in een dagdroom waarin Jean Rollin of Christophe Gans, Franse cineasten bij wie de ware fantastiek door de aderen vloeit, de teugels in handen hadden genomen. Zeker weten: dan had alleen al de fladderende schaduw van Belphégors eminente lijkwade een fonkeling op de ogen getoverd. (Te zien vanaf 14 maart)
Op zoek naar Franse mummies.
Mike Lebbing
Gene Royal Hackman Tenenbaum (r.).
Guy Pierce in zijn tijdmachine.
Van Gwyneth Paltrow wordt zelfs Jack Black vederlicht.
Britney weet nog niet of ze nog 'one more time' gaat acteren.
Roel Haanen