Video & DVD - maart 2002, nr 231

Een selectie uit de videotheek van nieuwe, interessante en curieuze films die niet in de bioscoop zijn uitgebracht. En films (opnieuw) uitgebracht op DVD.


The man who cried
Sally Potter
Sally Potter maakte tien jaar geleden diepe indruk met haar veelgelaagde Virginia Woolf-verfilming
Orlando (met Tilda Swinton). Haar daaropvolgende writer's block verwerkte ze in de matig ontvangen dansfilm The tango lesson (1997) en nu verschijnt het wisselvallige, maar door de hoogbejaarde cinematograaf Sacha Vierny fraai in beeld gebrachte The man who cried (2000) direct op video. Potter maakt films over vrouwen die aan hun omgeving proberen te ontsnappen. Dit keer vertelt ze het meeslepend bedoelde verhaal van een joods meisje, die tijdens de pogroms van 1927 gescheiden wordt van haar familie, gespaard blijft, opgroeit in een Brits pleeggezin en uiteindelijk als Suzie in Parijs aan de kost komt als zangeres in een theatergezelschap. En dan is de film nog maar net op gang gekomen. Haar eindbestemming is namelijk Amerika, waar ze ooit met haar eveneens geëmigreerde vader hoopt te worden herenigd. Omdat echter niet goed duidelijk wordt wat er in het hoofd van de door Christina Ricci gespeelde Suzie omgaat, blijft haar personage nogal aan de oppervlakte. Bovendien is Ricci op haar best als ze een niet op haar (motor)mondje gevallen type mag spelen, niet als ze het van stiltes, huilbuien of subtiele gelaatsuitdrukkingen moet hebben. Dus is het voor Cate Blanchett een koud kunstje om als Suzie's extraverte vriendin Lola de aandacht naar zich toe (en de film uit balans) te trekken. De andere rollen maken een even eendimensionale indruk: Johnny Depp rijdt op een wit paard en kijkt mysterieus als de zigeuner die Suzie's hart steelt. En John Turturro schmiert erop los als arrogante Italiaanse operazanger met fascistische denkbeelden. Ook als tijdsbeeld van het door nazisme en antisemitisme overvallen Europa overtuigt de film niet, daarvoor is het geschiedenislesje te simpel. Wel maakt Potter handig gebruik van enkele dansscènes om de schwung erin te houden en verliest alles het van de prachtige operamuziek (van o.a. Purcell en Bizet) die haar film overstemt.
Oene Kummer
Te huur op video en dvd (Columbia Tristar)

Cate Blanchett en John Turturro in The man who cried.


The tailor of Panama
John Boorman
Er is iets eigenaardigs aan de hand met The tailor of Panama en dat blijkt meteen uit de eerste scène als Pierce Brosnan zijn entree maakt als agent van de Engelse geheime dienst. Nee, niet als de welbekende agent 007, maar als de een beetje ordinaire, patjepeejerige Andrew Osnard, die naar eindstation Panama wordt gestuurd. Hij heeft het verknald als diplomaat en spion. In de loop van de op het gelijknamige boek van John Le Carré gebaseerde film zal duidelijk worden waarom: het gaat hem alleen nog maar om het spel van complotten en conspiratieve netwerken. Zelfs het kleinste beetje ideologische motivatie heeft hij waarschijnlijk nooit gehad. Ter gelegenheid van de première van deze onterecht aan de Nederlandse bioscopen voorbij gegane film, vorig jaar op het Filmfestival Berlijn, gaf Le Carré toe dat dat zijn uiteindelijke visie was op de dienst die hij zo glorieus tot in al zijn uithoeken heeft beschreven in boeken die weer aan de basis van talrijke films lagen. Met behulp van veteraanregisseur John Boorman werkte hij dit cynische gegeven om tot een hoogst amusante spionagefilm, waarin naast het zwarte schaap uit de familie Bond vooral Geoffrey Rush excelleert als de in de titel bedoelde kleermaker Harold Pendel. Het ijverige snijdertje wordt geplaagd door een groot minderwaardigheidscomplex en een kruiperig verlangen om bij de hoge heren van Panama in het gevlei te komen. De ontmoeting tussen machtswellust en erotiek is door Boorman ontnuchterend in een derderangs bordeel gesitueerd. Het doet goed om Brosnan als geile gek naar een pornovideootje te zien kijken, terwijl hij ondertussen de toekomst van het Panamakanaal bekokstooft. Dat is geen ontmaskering van onze held. Integendeel, ging Boorman maar de nieuwste Bond regisseren, dan kan Brosnan ook nog een tijdje mee.
Dana Linssen
Te huur op video en dvd (Columbia Tristar)


Los sin nombre
Jaume Balagueró
De thriller Los sin nombre is het speelfilmdebuut van de Spaans-Catalaanse regisseur Jaume Baleguero. De film bracht op eigen bodem vele malen meer op dan hij kostte en werd zo een van de meest succesvolle Catalaanse producties ooit. Bijna drie jaar nadat Los sin nombre in Spanje de bioscoopkassa's deed rinkelen, wordt de film ook in Nederland uitgebracht, onder de meer internationale en dubbelzinnige titel The nameless. Op video weliswaar. Het is maar de vraag of de film beter had verdiend. De eerste vijftien minuten beloven in elk geval veel 'goeds' maar weinig nieuws. Het rottende lijk van een zesjarig meisje wordt uit een put gevist, ergens op een donkere locatie vol stalen kettingen en watergedrup. Vijf jaar later krijgt de moeder een mysterieus telefoontje van een kind dat zegt haar dochter te zijn. Een redelijk interessant uitgangspunt, terwijl de goed getroffen stijl globaal doet denken aan
Se7en en een willekeurige seriemoordenaars-aflevering van The X-Files: bleke kleuren, een beweeglijke cameravoering, alles ten gunste van de uiterst grimmige sfeer. Dat blijft ook zo gedurende de rest van de film, wanneer de plot richting satanisme drijft, op weg naar een onbevredigende climax. Qua spanning en kippevel laat Los sin nombre echter steeds meer te wensen over. Dat komt niet alleen doordat Baleguero als een echte debutant teveel hooi op zijn vork neemt. Filmcitaten, video-experimentjes, een Silence of the lambs-achtige confrontatie tussen het hoofdpersonage en een moordlustig genie à la Hannibal Lecter, dieptepsychologie en Polanski-paranoia - je vindt het hier allemaal, opmerkelijk genoeg in een wat voortkabbelend tempo. De film ontbreekt het juist aan iets essentieels: een visie die alle elementen met elkaar verbindt tot een zinvol, uitzonderlijk geheel. Kon je uit deze hutspot maar opmaken dat Baleguero werkelijk gelooft in het kwade in de mens. Nu blijft die onheilsprofeet aan het eind toch vooral een acteur met een belachelijke grimas.
Kevin Toma
Te huur op video (A-Video)


Tigerland
Joel Schumacher
Beperkingen stimuleren de creativiteit; ze dwingen de kunstenaar op zoek te gaan naar minder voor de hand liggende manieren om zijn ideeën te verwezenlijken. Een stel Deense filmmakers kan u er alles over vertellen. Voor Tigerland, over de training van een peloton soldaten dat in 1971 wordt klaargestoomd voor de oorlog in Vietnam, legde regisseur Joel Schumacher zichzelf ook beperkingen op. Zo werd alles uit de hand gefilmd op 16 millimeter (later opgeblazen tot 35 mm), gebruikte hij zoveel mogelijk natuurlijk licht en liet hij geen sets bouwen maar filmde hij in een heus militair trainingskamp. Het idee was een zo realistisch mogelijke film te maken. Op het audiocommentaar hamert Schumacher erop dat de film onder moeilijke omstandigheden werd opgenomen: geen trailers, geen visagie, geen gsm's, geen bodyguards, geen stuntmannen, zelfs geen stoel om op te zitten! Wat een verschil met, pak 'm beet, Schumachers peperdure maar volstrekt mislukte
Batman & Robin uit 1997. Tigerland lijkt dan ook nog het meest op een poging van Schumacher om opnieuw in contact te komen met zijn innerlijke kunstenaar. Als zodanig doet het resultaat geforceerd en calculerend aan. Schumacher probeerde niet een zo realistisch mogelijke film te maken, maar zijn film er zo realistisch mogelijk uit te laten zien. En daartoe zette hij alle middelen in, van grofkorrelige, bibberende beelden tot het van Saving private Ryan afgekeken gebruik van de skip-frame techniek. Een ruig uiterlijk kan de film dan ook niet ontzegd worden, maar Tigerland herinnert in plaats van aan de realiteit toch vooral aan andere films, zoals Biloxi blues, Full metal jacket en het gevangenisdrama Cool Hand Luke waarin Paul Newman een gevangene speelt die zich weigert aan te passen aan het leven achter de tralies. Tigerland draait om een soortgelijk personage, een soldaat die de zeggenschap over zijn leven niet wil overdoen. Deze wordt met verve gespeeld door relatieve nieuwkomer Colin Farrell, die als geboren en getogen Ier een overtuigende Texaan neerzet. Zonder de hulp van een dialect-coach, wel te verstaan.
Roel Haanen
Te huur en te koop op dvd (Fox)

Joel Schumachers 'back to basics'.


Series 7: The contenders
Daniel Minahan
Als je tegenwoordig nog een verrassende film wilt maken over het sadistische genoegen van de mensenjacht moet je van goeden huize komen. Het thema werd zo vroeg als 1932 op klassieke wijze verfilmd met The most dangerous game, dat talloze varianten kreeg zoals de lekker ranzige actiefilm The running man (1987) of de mediasatire Le prix du danger (1981). En natuurlijk niet te vergeten Elio Petri's fantastische La decima vittima/The tenth victim (1965), waarin Ursula Andress jacht maakt op Marcello Mastroianni in een uit pop-art decors opgetrokken Rome terwijl de rest van de wereld het dodelijke spel als live televisie-uitzending bekijkt. Om de achterhaalde premisse van Series 7: The contenders te verdoezelen gooit regisseur/scenarist Minahan het over de Big Brother-boeg. Een camerateam volgt zes Amerikanen die deelnemen aan 'The contenders', een programma waarin men alleen overleeft door alle rivalen te doden. Dat levert enkele pittige scènes op, zoals die waarin de bejaarde deelnemer met zijn krukken een tienermeisje doodslaat terwijl haar overbezorgde ouders alleen kunnen toekijken. Maar het matige acteerwerk en vooral de hysterische toon die voortdurend de satirische opzet onder de neus wrijft, halen de angel uit het drama. Zo zet Minahan het gezin als hoeksteen van de samenleving opzichtig in de zeik, blijken kunstzinnige types verknipte mietjes en is de gevaarlijkste deelneemster een hoogzwangere vrouw. Echt leuk is alleen de muizige verpleegster die haar moorden met Amerikaans moralisme verkoopt en na de daad waggelend het hazenpad kiest. En de climax, waarin de twee verliefde hoofdfiguren het programma op zijn kop zetten, mag zelfs verrassend worden genoemd. Tenminste, als je je door de eerste tachtig minuten hebt geworsteld.
Mike Lebbing
Te koop op dvd (RCV)

Schietgrage hoogzwangere in Series 7.


Huurvideo kort

Say nothing (Indies)
De Canadese regisseur Allan Moyle was in de eerste helft van de jaren '90 verantwoordelijk voor de uitstekende films Pump up the volume en Empire records waarin hij het wel en wee van adolescenten centraal stelde. Met Say nothing behandelt hij problemen van de volwassen wereld. Een man verliest zijn baan en daarmee zijn eigenwaarde. Hij verwaarloost zichzelf en zijn gezin, waarna zijn vrouw (Nastassja Kinski) tijdens een weekendje weg een kortstondige affaire heeft met een projectontwikkelaar (William Baldwin). Deze hoort haar echtelijke problemen aan en biedt haar man bij thuiskomst een goede baan aan. Een intrigerend gegeven, maar Moyle concentreert zich gaandeweg steeds minder op de psychologische gevolgen van de perverse driehoeksverhouding, waarna de film steeds meer de vorm aanneemt van een derderangs Fatal attraction-derivaat. (RH)

61* (Laurus)
De titel van deze tv-productie slaat op het aantal homeruns dat in één seizoen geslagen moest worden, teneinde het record van honkballer Babe Ruth te breken. Dat record is in 1961 de inzet van een titanenstrijd tussen de twee sterspelers van de New York Yankees, Mickey Mantle en Roger Maris (gespeeld door Thomas Jane en Barry Pepper). Regisseur Billy Crystal is een fanatiek honkballiefhebber en supporter van de Yankees en zijn film is dan ook duidelijk met liefde voor het onderwerp gemaakt. Maar tegelijk is dat ook het zwaktepunt, want wanneer de nostalgie de overhand neemt, blijkt het dramatisch gegeven toch weinig boeiend voor een honkbal-leek. (RH)

Verder:
About Adam
Apocalypse now redux
Crazy/beautiful
Down
The hi-line
Der Krieger und die Kaiserin
Moulin Rouge
The pledge
Requiem for a dream
Someone like you


DVD kort

Marathon man (Paramount)
De dvd van John Schlesingers formidabele thriller is uitgerust met een tweetal documentaires. De eerste, die de merkwaardige titel 'The magic of Hollywood is the magic of people' meekreeg, is een 20-minuten durend verslag van het productieproces, waarbij producent Robert Evans niet nalaat zichzelf neer te zetten als de grote drijvende kracht achter het project. Boeiender dan die aanhoudende egotripperij is de mentor-leerling relatie tussen Laurence Olivier en Dustin Hoffman die door Hoffman ook nog eens wordt toegelicht in de tweede docu, 'Remembering Marathon man'. Vijfentwintig jaar na dato springen Hoffman de tranen in de ogen wanneer hij vertelt over de passie die Olivier voelde voor zijn vak. (RH)

Bad taste (A-Video)
Het succes van het eerste deel van
The lord of the rings-trilogie bracht distributeur A-video er toe Peter Jacksons debuutfilm op dvd uit te brengen, inclusief de documentaire 'Good taste made bad taste'. Een release van Meet the feebles, Jacksons anarchistische poppenfilm, is voor onbepaalde tijd uitgesteld. En dat vinden we nou jammer. (RH)

Verder:
A.I. artificial intelligence
The Bounty
The contender
The electric horseman
Henry: portrait of a serial killer + Henry 2: mask of sanity (2-discs)
The Hole
The Indian runner
Jurassic Park 3
Le pacte des loups
M.A.S.H.
Moby Dick
Planet of the apes (2001)
The pledge
De Poolse bruid
The robe
Silent running
Spy kids
Stalag 17
Starman
Thirteen days

Sommige niet-besproken titels zijn eerder gerecenseerd in de Filmkrant. Zie voor meer informatie onze zoekpagina.

Naar boven