Juli/Augustus 2002, nr 235

Sam Raimi

Eenmansorkest

Na twintig jaar films te hebben gemaakt waarmee hij vooral een kleine groep trouwe liefhebbers een plezier deed, lijkt Sam Raimi met Spider-man eindelijk aanspraak te kunnen maken op een A-status. Toch voelt de 42-jarige regisseur zich nog altijd een vreemde eend in de Hollywood-bijt: "Ik ben niet geboren om populair te worden."

Sam Raimi op de set van Super-man, met links Tobey Maguire en rechts Kirsten Dunst.

Natúúrlijk is Sam Raimi (1959) er trots op dat zijn film na vijf weken nog steeds in de Amerikaanse top 5 staat. Natúúrlijk voelt het geweldig dat alle recensenten hem de hemel in prijzen. Maar beroemd worden is nooit zijn droom geweest. "Als ik dat had gewild, dan had ik de afgelopen twintig jaar een aantal andere keuzes moeten maken. Ik ben niet geboren om populair te worden. Wat dat betreft voel ik me dan ook zeer verwant aan Spider-man-hoofdpersoon Peter Parker."
Het verbaast Raimi eerlijk gezegd dat het Amerikaanse popcornpubliek wegloopt met een film die thematisch niet veel onderdoet voor de rest van zijn oeuvre. "Spider-man is geen feelgoodfilm", beklemtoont hij. "Parker is een 'geek' zoals al mijn hoofdpersonen van die excentrieke buitenbeentjes zijn: van Ash in de Evil dead-films tot Liam Neeson in Darkman (1990), van Cate Blanchett in
The gift (2000) tot Billy Bob Thornton in A simple plan (1998). Het is echter wel zo dat deze goof zich ontpopt tot held, iets waarvan iedereen volgens mij zo nu en dan droomt. Maar zelfs als superheld vindt hij niet het geluk. Met grote krachten komt grote verantwoordelijkheid, zoals zijn oom hem leert."

Worstelen
Raimi is altijd al fan geweest van de spinnenman: vanaf zijn zevende verslond hij de Marvel Comics van tekenaars Stan Lee en Steve Ditko. "Hij is menselijker dan Superman of Batman. Hij komt niet van Krypton en is geen miljonair: hij is gewoon een knul uit een buitenwijk uit een doorsnee familie. Hij ziet er niet extreem goed uit, is niet rijk en weet aanvankelijk absoluut niet hoe hij met zijn superkrachten om moet gaan."
De film gaat niet primair over de strijd tussen goed en kwaad zoals veel heldenverhalen, vindt de regisseur. "Zelfs de belangrijkste schurk is maar een gewoon mens die eigenlijk tegen wil en dank verandert in de Green Goblin. Beide hoofdpersonen worstelen met hun moraal: Norman Osborn vindt dat hem onrecht is aangedaan en schiet door wanneer hij zijn gelijk wil halen. Peter Parker evolueert de andere kant op en verandert van een egocentrische tiener in iemand die alles opoffert om anderen te helpen."
Stripboeken als 'Spider-man' zijn volgens Raimi voor de 21ste-eeuwse jeugd wat voor adolescenten in de oudheid de boeken van Homerus waren. "Vroeger was Odysseus een voorbeeld voor iedereen die in helden wilde geloven. Die rol is nu overgenomen door stripboeken, maar de moraal blijft hetzelfde: het kan helemaal geen kwaad soms je eigen belangen opzij te zetten voor een groter doel."
Zeker in het post-9/11-tijdperk is de roep om dat soort altruïstische helden in de VS groter dan ooit, stelt Raimi: "De Amerikanen willen hun geloof in het goede van de mensen terug winnen. Daar zal ook een deel van het succes van de film toe te herleiden zijn."

Neusfluit
Nadat eerst lange tijd grote namen als James Cameron, Jan de Bont, David Fincher en Ang Lee als regisseur van Spider-man circuleerden, besloot producent Sony uiteindelijk toch in zee te gaan met de relatief onbekende Raimi. De regie van Spider-man had weinig van doen met de inventieve lowbudgetwijze waarop de filmmaker de afgelopen twee decennia goedkope films als The evil dead (1982), Darkman, A simple plan en The gift maakte. "Tijdens de productie van The evil dead voelde ik me continu een soort eenmansorkest, zoals je wel eens op de hoek van de straat tegenkomt: ik bespeelde tegelijkertijd een mondharmonica, een gitaar, een grote trom en een neusfluit. Het genot van de takken die striemen in m'n gezicht sloegen terwijl we met de camera door het bos heen renden, schenkt filmmaken me tegenwoordig niet meer. Die ervaringen van toen zijn letterlijk onvervangbaar: tegenwoordig sta ik als dirigent voor een professioneel 150-mans symfonieorkest. Ook ontzettend leuk, maar toch anders. Het budget lag met 150 miljoen dollar drie keer zo hoog als dat van de duurste film die ik ooit had gemaakt, For love of the game (1999). Ik heb slapeloze nachten gehad. Als de film was geflopt, had ik nu vermoedelijk weer wasmachines en ijskasten verkocht, net als twintig jaar geleden. Dit is toch niet de manier van filmmaken waar ik als van jochie van zeven van droomde."
Toch verheugt Raimi zich op Spider-man II, want het onvermijdelijke vervolg is al in de maak. "Pas toen de montage van de eerste film zijn einde naderde, besefte ik dat ik nog niet klaar was met de karakters. Ik was ontzettend nieuwsgierig hoe het verder met ze zou gaan en wilde hun toekomst niet in de handen van een ander te leggen."
De zegetocht van de eerste film sterkt Raimi ook in zijn visie dat hij de juiste weg bewandelt. "De fans van de strip hebben vanaf het begin van de opnames geprotesteerd tegen mijn aanstelling: ik zou de serie geen recht kunnen doen, Tobey Maguire was fout gecast, de kostuums klopten niet. Werd dat in het begin ook niet geroepen tegen Peter Jackson, toen hij met The lord of the rings bezig was? De fans die van tevoren het hardst schreeuwden, komen nu superlatieven te kort."

Robbert Blokland


Spider-man

Spinnenverdriet

Spider-man zit boordevol heerlijke wetenschappelijke nonsens, maar bovenal leer je de verliefde tiener onder het supersonische spinnenpak kennen.

Tobey Maguire als Spider-man.

Het meest hilarische moment in Spider-man breekt aan als de spinnenman voor het eerst in beeld komt. Peter Parker (Tobey Maguire formidabel als altijd) besluit om een paar centen te gaan verdienen met zijn plotseling gegroeide biceps - bij een superheld moet de schoorsteen tenslotte ook roken. Hij meldt zich aan voor een dubieuze worstelwedstrijd waar een figuur met de klinkende naam Bone Saw van de ring een kerkhof heeft gemaakt. We verwachten dat er een atleet in een supersonisch spinnenpak met webdraden als stiksels de ring invliegt, maar Peter komt aangesjokt in een eigengemaakte outfit: een te groot rood T-shirt met een knullig getekende achtpotige erop.
Hier is de kern van de film mee samengevat: de tiener Peter Parker, prototype nerd met bril, wordt een man dankzij de genetisch gemanipuleerde spin die hem bijt, maar onder zijn pak blijft zich een gewone jongen schuilhouden. De superheld met spinnenverdriet is ook maar een mens. Ook de regieaanpak van Sam Raimi is aan die scène af te lezen: de duels verlopen, zoals het een actiefilm van dit formaat betaamd, spectaculair, maar omdat je de jongen achter het masker leert kennen, blijft het niet bij loos gebeuk.

Begeerd
Gek genoeg leer je Peter een beetje te goed kennen. Hij is verliefd op een klasgenote (Kirsten Dunst), en dat zullen we weten ook. Dunst, die in The virgin suicides een subtielere rol speelde als mysterieuze schone, heeft niet veel meer te doen dan mooi te wezen en begeerd te worden. Zij raakt op haar beurt opgewonden van Spider-mans kunstjes, maar ze gaat een relatie aan met zijn beste vriend, wiens vader Spider-mans aartsvijand Green Goblin is. Scenarioschrijver David Koepp raakt aan het eind zelf verstrikt in dit relationele web, zodat de 'menselijke aspecten' van het verhaal op den duur op de zenuwen gaan werken. Spider-mans amoureuze wensen hebben een te hoog tienerdroom-gehalte, maar die overdosis aan hormonen kan hij gelukkig kwijt in wervelende vlieg- en springscènes over de daken van een licht New-York (geen duister Gotham zoals bij Batman).
De ietwat vermoeiende afwikkeling is een minpuntje, maar de rest van de film maakt zijn recordbrekende status waar. Meeslepend is de aanloop van de film waarin alle kaarten op tafel worden gelegd en fijn veel wetenschappelijke nonsens wordt verkondigd. Vooral de scène waarin Green Goblin (een sardonische Willem Dafoe) het licht ziet, is een geweldig staaltje 'krankzinnige wetenschapper in barensnood'. Sam Raimi's wegen zijn op die momenten heerlijk doorgrondelijk.

Mariska Graveland

Spider-man
Verenigde Staten, 2002
Productie: Laura Ziskin, Ian Bryce
Regie: Sam Raimi
Scenario: David Koepp
Camera: Don Burgess
Montage: Bob Murawski, Arthur Coburn
Special effects: John Dykstra
Art direction: Neil Spisak
Muziek: Danny Elfman
Met: Tobey Maguire, Willem Dafoe, Kirsten Dunst, James Franco, Cliff Robertson
Kleur, 121 minuten
Distributie: Columbia TriStar
Te zien: vanaf 4 juli

Naar boven