Januari 2004, nr 251

Michael Haneke

Zonder zonnewende

Michael Haneke's nieuwste film Le temps du loup sluit naadloos aan op zijn vorige werk. Ook nu zitten mensen weer met elkaar opgescheept in een benauwde ruimte, waar ze elkaar het bloed onder de nagels vandaan halen. Wat voor mensbeeld doemt er op na acht bioscoopfilms van Haneke?

Patrice Chereau.

Sommige scènes blijven je voor altijd bij, niet omdat ze je een uitzonderlijke wereld laten zien maar omdat ze zo huiveringwekkend gewoon zijn. Michael Haneke filmde er zo één in Der siebente Kontinent (1989): een auto wordt in een wasserette gereinigd terwijl de vrouwelijke bestuurder het schuimige gewoel om haar potdichte auto lijdzaam ondergaat. Ultieme apathie. En heel herkenbaar. We schrikken pas wakker als we direct bedreigd worden, tot die tijd verschansen we ons in een fort waar het vooral fijn moet zijn. En wat als dat fort instort? Dat is wat Haneke ons keer op keer laat zien, ook weer in zijn nieuwste film Le temps du loup.

Hoe vang je een vogel
Op 13 december is de Wolfstijd begonnen, de donksterste dagen van het jaar, waarin het wachten is op de zonnewende. Ook in Le temps du loup ('Wolfstijd') is het donker, zo donker dat je soms bijna niets ziet. Het maakt het kijken er niet makkelijker op, maar daar is het Haneke juist om te doen. Zijn film zit weer vol met ongemakkelijke scènes. Een jongen probeert een vogel te vangen die in een schuur rondfladdert en mist elke keer nèt. Zijn zusje probeert licht te maken met brandend hooi, maar de balen vallen elke keer half uit elkaar zodat het vuur zich dreigt te verspreiden.
De dreiging vult het beeld al vanaf de eerste scènes, als een welgesteld Frans gezin naar hun vakantiehuis rijdt. Daar blijkt zich een angstig gezin te hebben verschanst dat hen met een pistool bedreigt. Hierna volgt een helletocht van de vrouw (Isabelle Huppert) en twee kinderen in een wereld waar ze niet meer welkom zijn en alle zekerheden zijn weggeslagen. Ze moeten zichzelf zien te redden met de meest primitieve middelen in een soort post-apocalyptische wereld.
Tergend is de scène waarin moeder haar verdwenen zoontje gaat zoeken in het pikkedonker. Haneke is er altijd al goed in geweest om dingen juist niet te laten zien, en nu neemt hij dat heel letterlijk: je ziet geen hand voor ogen. Zijn films bestaan vaak uit momenten die de meeste films weglaten, hij laat vooral de gebeurtenissen voor en na zien, het moment zelf komt niet of uitgesteld in beeld. Wat de oorzaak van de apocalypse is, wordt bijvoorbeeld nooit duidelijk.
Ook in eerder werk hanteert Haneke deze 'verteltechniek'.
Der siebente Kontinent bestaat vooral uit de voorbereidingen voor de zelfmoord van het gezin. In 71 Fragmente einer Chronologie des Zufalls zijn de 71 fragmenten uit het dagelijkse leven ook een aanloop tot een heftige gebeurtenis (een schietpartij in een bank), en in Benny's video zien we niet hoe Benny het meisje uit de videotheek vermoordt maar horen we alleen haar geschreeuw, net als in Funny games. Soms komt er een uitbarsting in ongemakkelijke scènes waar Haneke zo in uitblinkt (net als geestverwanten Fred Keleman en - nieuwe belofte - de Oostenrijkse Ruth Mader). In Le temps du loup komt het regelmatig tot botsingen maar in 71 Fragmente is dat subtieler gedaan: een man zegt bijvoorbeeld tijdens een vol pijnlijke stiltes gedomineerd dineetje plots tegen zijn vrouw dat hij van haar houdt. Ze vraagt of hij dronken is en of hij iets van haar wil, waarna hij haar in een vlaag van woede slaat. Zij raakt hem vervolgens begripvol en teder aan.

Bevroren broccoli
Een wekker, bevroren broccoli, een bord met graanontbijt. Een geldhandeling aan de kassa, voeten die over de vloer lopen. Deze dagelijkse objecten en gezichtsloze handelingen kunnen in Haneke's wereld hoofdrolspelers worden. De eerste keer dat er een close-up van een mens is te zien in Der siebente Kontinent is als er een oog wordt getest bij de opticien. We zijn slachtoffers van de structuren die we hebben gebouwd, wil hij daarmee maar zeggen. We verplaatsen ons van de ene non-plek naar de andere, via supermarkt, rotonde en geldautomaat, naar een staat van emotionele vergletschering. Ook in Le temps du loup laat Haneke mensen zien die zich hebben omringd met objecten; een wankele constructie, zo zal al spoedig blijken. Nadat het gezin de achterbak vol levensmiddelen heeft uitgepakt, staat daar dat andere gezin dat alles van hen afpakt en hen terugwerpt op zichzelf. Het is een goed getimed onderwerp in een tijd waarin de excessieve rijkdom van Nederland en het Westen ter discussie staat, vele televisieproducenten goud geld verdienen met shows waarin mensen worden teruggeworpen op primitieve middelen (Expeditie Robinson en de opvolger waarbij mensen met 2 euro van Moskou naar Peking moeten liften), en mensen veel geld op tafel leggen om een zonsverduistering boven Antarctica te zien, vanuit het vliegtuig.
In Benny's video en Code inconnu kijken we vooral naar voyeurs, die of de wereld via videocamera's tot zich nemen (Benny's video) of toekijken en niet ingrijpen bij onrecht (Code inconnu). In Le temps du loup is ze die luxe niet meer gegund, nu is het een kwestie van overleven. Ze doen alles om aan water te komen dat wordt geleverd door corrupte leveranciers. Maar Haneke's post-apocalytische wereld is er niet een van complete chaos: mensen proberen juist weer een pseudo-samenleving in het klein op te bouwen, vanuit sektarische grondprincipes.
De snelwegen en de industrielandschappen van Linz, de autowasserette en de televisie, ze zijn er niet meer. Haneke kon zijn punt beter maken in een wereld waar dit comfort nog wel bestond; in Le temps du loup is meer een gedachte-experiment waarbij hij een stap verder gaat: wat gebeurt er als de wereld is vergaan en de mensen zich opnieuw moeten organiseren? 'Het is' heeft plaatsgemaakt voor 'wat als'.

Ruzie in de metro
Dus wat voor mensbeeld doemt er op na acht bioscoopfilms van Haneke (zijn weinig vertoonde tv-werk niet meegerekend)? Alhoewel Haneke's vorm weinig van doen heeft met de post-apocalyptische sciencefictionfilms van zeg, Rutger Hauer, delen ze de weinig optimistische kijk op de mensheid. Als we onszelf al niet massaal ten gronde richten, dan doen we dat wel in het klein in de huiskamer. Haneke's geestverwantschap met de Oostenrijkse schrijver Thomas Bernard is evident. Bernard schreef bijvoorbeeld in zijn roman 'Vorst': 'Er is een centrum van de pijn, en van dit centrum van de pijn gaat alles uit. Het ligt in het centrum van de natuur. De natuur is op vele centra gegrond, maar hoofdzakelijk op het centrum van de pijn.' Het is een mantra die Haneke's film prima zou kunnen begeleiden.
Eén van de pijnlijkste scènes die Haneke heeft gefilmd is die in Code inconnu waarin we zien hoe een actrice (Juliette Binoche) in de metro wordt lastiggevallen door een mede-passagier van buitenlandse afkomst. De spanning is te snijden. Code inconnu laat ons vermeende solidariteitsgevoel onder vuur liggen.
"Funny games was de laatste uit mijn Burgeroorlog-trilogie, Code inconnu is het begin van mijn 'Wereldoorlog'", zei Haneke. Met zijn films prikt hij hij de 'iedereen is gelijk'-illusie door. Ook Le temps du loup zit vol verborgen intolerante gevoelens die Haneke af en toe naar de oppervlakte laat komen. Alleen is de wereld nu omgedraaid: het zijn de welgestelden die honger lijden. Ook Haneke's volgende film Caché ('Verborgen', met Juliette Binoche en Daniel Auteil) zal niet veel verschillen van zijn vorige werk. Hij omschrijft de film als een thriller waarbij op de achtergrond de kwestie speelt hoe de Fransen met Algerijnse immigranten omgaan. De grootste thema's van deze eeuw zijn volgens hem 'de kloof tussen arm en rijk' en het conflict tussen noord en zuid', zo zei hij in een interview. Hij strooit zout in de wonde in de hoop, want zo optimistisch is hij dan toch wel weer, dat hij gereinigd wordt.

Mariska Graveland


Le temps du loup

De wereld naar de haaien

Le temps du loup van Michael Haneke is een nare film. Dat hoeft op zich niet erg te zijn. Maar Haneke plaatst zijn publiek zo buiten de film, dat slechts apathie rest. Daarmee schiet hij zijn doel voorbij.

Béatrice Dalle.

In Le temps du loup, de nieuwste film van Oostenrijker Michael Haneke, is de wereld wit en zwart. Inktzwart in de nacht, en wit van mist en grauwheid overdag. Somber, deprimerend en naar, net als zijn eerdere films Funny Games of 71 Fragmente einer Chronologie des Zufalls. Haneke kon tot nu toe altijd aannemelijk maken waarom hij dat deed. Met Le temps du loup schiet hij door. Zijn verhaal is eenvoudig en verre van origineel, zeker in het post-11 september-tijdvak. Maar de vraag waarom deze film op deze manier gemaakt moest worden, blijft pijnlijk onbeantwoord.
Le temps du loup toont een wereld in chaos. Een wereld die bij Haneke past. In al zijn eerdere films zijn er verstoorde relaties, mensen met oorlogstrauma's, trauma's ook die veroorzaakt zijn door een kille en afgestompte maatschappij. Dat combineert Haneke met sadisme, masochisme, psychische gestoordheden. En daar is hij niet subtiel in. In Le temps du loup is er geen sprake van een particulier geval van misère. Haneke wil nu de hele wereld naar de haaien helpen. Onduidelijk blijft wat er precies gebeurd is, maar dat de pleuris uitgebroken is, dat aan voedsel en water, laat staan elektriciteit en luxevoorwerpen enorm gebrek is, is snel duidelijk. De mens is teruggeworpen op zichzelf, moet orde in de chaos scheppen en vanaf nul een nieuwe wereld opbouwen. Nieuwe gezagsverhoudingen, een volledig ander leven dan daarvoor.
Dat Haneke daarbij groepsprocessen zo fascinerend vindt, blijkt uit een aantal uitgespeelde, toneelmatige scènes. Mensen worden hysterisch, verwijten elkaar van alles, tot ze weer op de grond ineenzakken en de scène voorbij is. Afstand creëert Haneke meer dan ooit tevoren. Met deze toneelstukjes maar ook in de rest van de film. Isabelle Huppert is de vrouw wiens man in de openingsscène wordt vermoord. Ze moet met haar twee kinderen verder. Haar bewegingloze gezicht deed het subliem in Haneke's
La pianiste. Hier blijf je je constant realiseren dat ze geregisseerd wordt, geregisseerd om niets uit te stralen. Iemand die eigenlijk al gestorven is, iemand die 'het' niet aankan. Allemaal begrijpelijk in de context van het verhaal. Maar het raakt niet, het laat je koud, ook al is het gegeven nog zo stuitend. Wat moet je met een regisseur die de verkeerde middelen kiest om zijn verhaal aannemelijk te maken? Donkerte zonder dat het bedreigt, kilte zonder rilling, acteerwerk zonder te raken.
Afstandelijkheid werkte in zijn eerdere films. Toen hij nog fragmenten aaneen plakte en het leven registreerde, toen Juliette Binoche nog overstuur mocht worden toen ze werd lastig gevallen in de metro (Code inconnu) en wij alleen maar toekeken. Toen wist Haneke nog te raken. Precies die rol die hij je gaf als kijker, die van voyeur soms, die maakte zijn films indringend. Het toppunt daarvan was natuurlijk Funny games. Le temps du loup heeft dat allemaal niet. Alsof Haneke de film alleen maar voor zichzelf maakte, boos om zich heen slaat maar niet meer weet tegen wie hij die woede richt. Een film over het einde der tijden kan - zeker in een wereld waarin angst en onrust worstelen met normen en waarden - op zijn minst interessant zijn. Maar Haneke wijst elke emotie resoluut af en biedt geen enkele mogelijkheid tot identificatie. Hij maakt een film die slechts naar is.

Gerlinda Heijwegen

Le temps du loup
Frankrijk/Oostenrijk/Zwitserland, 2003
Productie: Veit Heiduschka
Regie en scenario: Michael Haneke
Camera: Jurgen Jurges
Montage: Nadine Muse, Monika Willi
Met: Isabelle Huppert, Olivier Gourmet, Béatrice Dalle
Kleur, 110 minuten
Distributie: Bright Angel Distribution
Te zien: vanaf 15 januari

Naar boven