April 2004, nr 254
Het zuiden
Eilandjes in een zeepsopoceaan
Het zuiden van Martin Koolhoven maakt de toeschouwer medeplichtig aan de emotionele aftakeling van een eigenaresse van een wasserij. Een woeste film als een gemoedstoestand.
Laten we beginnen met een beeld, een openingsbeeld.
Een vrouw loopt door stoom en damp.
Over Het zuiden, de nieuwe film van Martin Koolhoven naar een scenario van Mieke de Jong, is zoveel te zeggen, zoveel verdedigends, Nederlandse filmpolitiek-achtigs inmiddels, dat je zou vergeten dat er slechts weinig beelden nodig zijn om te begrijpen wat deze film beoogt.
Hoe dicht moet de camera op iemands huid zitten om de toeschouwer een ongemakkelijk gevoel te geven?
Niet: net te ver zoals in Rosetta van de gebroeders Dardenne, waarmee de film zich misschien even om zijn stalkende cameravoering laat vergelijken. Hand-held, onrustig, het is dankzij de Dogma-filmers geperfectioneerd en tot stilistisch trucje geworden. Ooit eens moest Het zuiden een Nederlandse Dogma-film (lees: goedkoop, dat is nog Calvinistischer dan in de Von Trier-bijbel) worden. Maar vergeet dat maar weer. Die wetenschap leidt de aandacht af.
Ook niet: te dichtbij zodat hij het perspectief van de hoofdpersoon registreert.
In Het zuiden is de camera precies ver genoeg het leven van de eenzame wasserijdirectrice Martje (Monic Hendrickx) binnengedrongen. Je zou kunnen zeggen dat haar ogen zich in haar rug bevinden. Haar hele lichaam is met voelsprieten uitgerust. De camera achtervolgt haar, stalkt haar, jaagt haar op. Ze voelt zich aan alle kanten bekeken en ongemakkelijk, een onbehagen dat je als toeschouwer deelt, want met de camera zijn jouw ogen té dichtbij. Je overschrijdt haar natuurlijke grenzen, haar integriteit, je blik dringt zich aan haar op, omdat zij zich door de wereld belaagd voelt. Jij bent die wereld, met z'n oordelen.
Extreem fysiek
Het realistische begin van Het zuiden is misleidend. Het is maar schijn. Het is niet eens realistisch, want vanaf die eerste beelden word je meegesleept in de uiterst subjectieve gemoedstoestand van iemand die zich een buitenstaander waant. Het duurt misschien even voordat je dat mag begrijpen, want Martje is niet zo eenzaam als zij denkt dat zij is, als zij zich voelt. Als eigenaresse van Wasserij de Lelie wordt ze door alle kleurrijke vrouwen die voor haar werken gewaardeerd. Haar grote kwaliteit is dat zij al deze allochtone werkneemsters als eilandjes in een schuimende, bruisende zeepsopoceaan het gevoel geeft ergens te horen. Zij heeft alleen voor zichzelf geen anker in een werkelijkheid.
Het zuiden volgt met verschillende stijlmiddelen, van het onrustige realisme uit het begin, tot het extreem gestileerde magisch-realisme van het einde, de emotionele aftakeling van deze Martje. Het begint wanneer twee mensen haar leven binnen wandelen: een nieuwe chauffeur, de extreem fysieke Loe (Frank Lammers), met wie zij een verhouding begint en door wie ze zich afgewezen voelt, en een nieuwe werkneemster (Lilja 4-ever's Oksana Akinshina), die ondanks haar fragiele, engelachtige verschijning voor Martje de ultieme lichamelijkheid van het moederschap vertegenwoordigt. Deze twee mensen werken, net als het feit dat zij nog maar één borst heeft, als katalysatoren voor haar steeds onzekerder wordende greep op de werkelijkheid.
Koolhoven maakt snel korte metten met de latente neiging die het scenario heeft om een Libelle-film over een vrouw met problemen op te leveren, door een aantal eigen preoccupaties met zondeval en verlossing de beelden binnen te smokkelen. Alleen in het middendeel waarin Hendrickx in te veel opeenvolgende scènes aan haar lot wordt overgelaten is dat niet helemaal gelukt. Het resultaat is echter, mede door de Antigone-achtige interpretatie van Akinshina's Zoya, een elementaire, woeste en ontroerende film, die de verbeelding zowel bevredigt als prikkelt.
Dana Linssen
Het zuiden
Nederland, 2004
Productie: Els Vandevorst
Regie: Martin Koolhoven
Scenario: Mieke de Jong
Camera: Menno Westendorp
Montage: Job ter Burg
Muziek: Paul M. van Brugge
Art direction: Floris Vos
Met: Monic Hendrickx, Frank Lammers, Oksana Akinshina, Olga Louzgina
Kleur, 88 minuten
Distributie: Isabella Films
Te zien: vanaf 25 maart
Scenarist Mieke de Jong
Ontsnappen is onmogelijk
Liraprijs-winnaar Mieke de Jong schreef het scenario voor Het zuiden, de nieuwe film van Martin Koolhoven. Ze zocht en vond woorden voor ongrijpbare grootheden als liefde en leegte. "Ik mag de wereld op zijn kop zetten."
Mieke de Jong (foto: Louk Roëll).
'Een liefde met een deur ertussen.' Met dat beeld begon het boetseren aan het verhaal dat nu Het zuiden heet. En er was een thematische vraag die het beeld opriep: 'Hoe ver gaat een vrouw die wanhopig naar liefde verlangt?' Scenariste Mieke de Jong zette in op de verbeelding van een groot drama, uitgewerkt met minimale middelen. "Ik zit thuis achter mijn bureau een film te bouwen. Dat doe ik zeer gedetailleerd, in mijn hoofd. Als ik eenmaal ga schrijven, is de film in mijn hoofd al bijna af."
Maalstroom
Rotten
Karin Wolfs
Producent Els Vandevorst, coproducent van onder meer Lars von Triers Dancer in the dark en Thomas Vinterbergs It's all about love, maakte jaren geleden met het Deense Zentropa plannen voor een Nederlandse Dogma-variant. De Jong, schrijfster van Frans en Duits, Gordel van smaragd en vorig jaar winnaar van de Liraprijs voor haar scenario van Ochtendzwemmers, werd uitgenodigd om een plan te schrijven. De Jong: "Ik dacht meteen: 'Ik, hoezo?' Ik ben helemaal geen Dogma-schrijver: daar is realisme het uitgangspunt. Ik hou er juist van de werkelijkheid een slag te draaien. Maar ik ben er toch over na gaan denken om eens een heel andere toon aan te slaan."
Het resultaat is vier jaar later Het zuiden, dat geregisseerd werd door Martin Koolhoven en in première ging op het Filmfestival Rotterdam; een film over een vrouw die droomt van een liefde op een zwoele zomerlocatie in het zuiden van Europa. Die vrouw is Martje, een praktisch ingestelde zakenvrouw die een wasserij runt met werkneemsters van over de hele wereld. Tot er op een dag een chauffeur haar bedrijf binnenstapt (Frank Lammers), die bij haar lang weggestopte gevoelens losmaakt en de privé-persoon achter de 'goeie baas' laat zien.
Omdat het realisme van Dogma de basis vormt voor deze karakterstudie neemt Het zuiden volgens de Jong een aparte plaats in haar werk in. "Als niemand het geweten had, was Het zuiden niet als een Mieke de Jong-film herkend. Mieke de Jong-films gaan meestal uit van een absurditeit. Er wordt niet in getoverd, maar het startpunt ligt net een stapje van de realiteit verwijderd, waarna ik het verder geloofwaardig uitwerk. Als scenarist wil ik verhalen vertellen waardoor we elkaar beter begrijpen en worden begrepen. Misschien vind ik mijn vak daarom wel zo leuk: ik mag met dat doel de wereld op zijn kop zetten."
Zo kon het gebeuren dat de personages in Ochtendzwemmers op de gekste momenten in zingen uitbarsten, dat in Lepel, een scenario dat binnenkort door Willem van de Sande Bakhuyzen wordt verfilmd, een jongetje in een warenhuis woont, en dat in Johan - een script waar De Jong momenteel aan werkt - het elfde jongetje uit een gezin van tien voetbalgekke broers niets met voetbal heeft. Met Koolhoven heeft ze alweer vergevorderde plannen voor Geen baby, waarin een moeder op een dag thuiskomt met een olifant. In Het zuiden ontmoeten het realisme van Dogma en de absurditeiten van De Jong elkaar in het karakter van Martje, als zij haar greep op de werkelijkheid verliest.
De Jong: "Het aantrekkelijke aan Dogma is dat het acteurs centraal stelt en dat ik op de huid van mijn hoofdpersoon kan zitten. Martje is een onontkoombaar karakter, je kunt niet van haar loskomen. In álles wat ze doet, ben ik bij haar.
Hoe je je karakters opbouwt, heeft te maken met het soort schrijver dat je bent. Hoe iemand handelt, vertelt mij wie hij is. Ik begin dus achteraan, bij de handeling die het uitvloeisel is van iemands persoonlijkheid en denk: 'Hoe kan het in godsnaam dat deze vrouw dit doet?' en dan redeneer ik terug naar de motivatie. Maar dat doet lang niet iedereen. Een heleboel scenaristen beginnen bij de intentie en denken 'het is zo en zo'n vrouw, die werkt daar en is zo oud, heeft geen kind; laten we eens bedenken wat die allemaal kan doen.' Dat de vrouw in Het zuiden één borst heeft, vind ik niet zo interessant. Maar dat ze gekwetst is omdat ze maar één borst heeft, dat is veel interessanter. Het zuiden gaat voor mij over iemand die tot in het diepst van haar ziel is gekwetst en daar overheen leeft. Zolang ze de vrolijke vrouw speelt, kan ze daar tot op zekere hoogte mee leven. Maar dan gebeurt er iets dat die oude wond weer openmaakt. En dat bouw ik vervolgens uit tot het persoonlijke drama waarbij ze haar realiteitszin verliest. Het zuiden is in die zin geen allemansvriend. Daarvoor is de inhoud te uitgesproken en de vorm te dwingend. Het verhaal trekt je mee in een maalstroom van gebeurtenissen. Dat is prettig als je bereid bent je erin onder te dompelen. Maar als je reserves houdt, heb je pech, want er zijn geen zijpaden, je kunt niet ontsnappen.
"Het spel dat ik speelde, is dat ik een vrouw wilde laten zien die naarmate de film vordert, eigenlijk gelukkiger wordt. Terwijl je als kijker denkt bij haar wraakactie op de chauffeur: dit gaat helemaal mis. In essentie is het een liefdesverhaal die buiten de realiteit treedt. Maar de realiteit blijft tegelijk wel de basis voor het verhaal, omdat het logisch is opgebouwd, en daarin zit de paradox. Daarnaast heb ik heel nadrukkelijk geprobeerd een vrouw neer te zetten die nalaat te reageren op een situatie die om actie vraagt. Dat is haar probleem en mijn uitdaging."
Hoe zet een schrijver ongrijpbare grootheden als apathie, verlangen en eenzaamheid op papier? Waar vinden we de leegte terug in het script? De Jong: "Je moet acteurs genoeg geven om de rol te begrijpen, dat ze snappen wat die vrouw doet en waarom ze het doet. De rest vullen ze zelf wel in - in samenspraak met de regie. Als scenarist maak je regelmatig mee dat je in een scène opschrijft dat iemand alleen is. 'Martje ligt op bed voor zich uit te staren.' Dat heb je zo opgeschreven. Toch krijgt die scène in de film een enorme impact door wat er aan vooraf is gegaan, in dit geval de afwijzing door de chauffeur. Om te zorgen dat die scène in het script opvalt, probeer ik hem te kleuren. Bij de scène dat Martje alleen in bed ligt, had ik daarom de tv in de kamer ernaast aan laten staan, zodat je het gebabbel van een tel-sell-programma hoort. Het is een voorbeeld van hoe ik de leegte probeer te benadrukken. Alsof je een uitroeptekentje plaatst: 'Eenzaam!'"
Zoals het scenario in dienst staat van de film, stelt De Jong het woord in dienst van het beeld. Hetzelfde geldt voor haar dialogen. Niet de tekst zelf, maar de portee ervan telt. De Jong: "Een scenarist is niet alleen een dialogenschrijver. Integendeel. Wat ik zonder dialoog kan, doe ik zonder dialoog. Want naarmate je beeld steviger staat, kun je in de dialogen tussen de regels lezen wat er werkelijk wordt gezegd. In plaats van 'ik vind je leuk' zeggen de karakters wat ze van elkaar vinden in een gesprek over een drankje. Daarom is de chemie tussen de tegenspelers Monic Hendrickx en Frank Lammers ook zo belangrijk: die twee kleden elkaar met hun ogen uit. Nou, dan heb je het als schrijver makkelijk."
Niet alleen werden de dialogen zo realistisch mogelijk gehouden; ook de locatie mocht niet te nadrukkelijk aanwezig zijn, al speelt die wel degelijk een rol van betekenis. De Jong: "Ik houd van veelzeggende locaties die het verhaal helpen vertellen. Het zuiden kan zich op geen andere plek dan in een wasserij afspelen. Die heeft een symbolische waarde omdat daar van alles schoon wordt gemaakt. Terwijl in een hoekje, achter een deur, iets ligt te rotten."
Toen haar script eenmaal werd verfilmd, is De Jong één keer op setbezoek geweest, om afscheid te nemen van haar fantasiewereld. "Voorafgaand aan het schrijven ben ik twee keer uitgebreid naar een wasserij geweest om te zien hoe alles werkt. De film is uiteindelijk in een andere wasserij opgenomen. Dat oude beeld moest ik kwijt. Volgens mij gaan schrijvers naar de set om het beeld van de film die ze tot in detail in hun hoofd hebben, weg te gooien en er de werkelijkheid voor in de plaats te zetten. Het script bestaat niet meer op het moment dat er wordt gedraaid. Dan komt de werkelijke film in de plaats van de film die al die tijd in mijn hoofd zat."