April 2005, nr 265
Saverio Costanzo
Een zelfgebouwde gevangenis
De Italiaanse regisseur Saverio Costanzo maakte een beklemmend Kammerspiel over een Palestijns gezin in de Gaza-strook dat zijn huis moet delen met Israëlische soldaten. Op het Filmfestival Rotterdam vertelde hij over zijn voorkeur voor films op één locatie. "Ik probeer de mensen niet te beoordelen, alleen de politiek."
Saverio Constanzo (foto: Angelique van Woerkom).
"Vanaf het moment dat ik in de bezette gebieden van Israël op het huis met de soldaten stuitte, was ik meteen gefascineerd. Het gezin woonde beneden en de soldaten boven, en 's avonds kwamen de soldaten naar beneden en sloten het gezin op in de huiskamer. Elke avond gebeurde dat sinds 1992. En elke ochtend gingen de kinderen gewoon naar school, alsof er niets aan de hand was. De vader deed geen enkele concessie.
"Ik besloot de film te maken omdat ik enorme bewondering had voor de vader. Het leven dat wij in het Westen leiden, is zonder principes. We hebben geen idee waar we naartoe gaan. Maar hier trof ik een man die zijn leven bouwt rond een principe, die bereid is het leven van zijn kinderen daarvoor in de waagschaal te stellen. De moeder geeft meer om haar kinderen dan om principes, ze lijkt meer op ons, op mij. In feite begrijp ik de vader niet. Hij is té sterk, hij is bijna geen mens meer. Hij vertelde me iets dat uiteindelijk niet in de film is beland omdat het te extreem was. Toen de soldaten voor het eerst bij zijn huis aankwamen, staken ze al de bomen rond het huis in brand en riepen door een megafoon: kom naar buiten. Maar hij weigerde te vertrekken. Hij dwong zijn vrouw om op dat moment met hem te vrijen, alleen maar om haar te laten zien dat het leven sterker is dan de dood. Hij zegt: als mijn zoon moet sterven om het principe van vrede hoog te houden, dan is dat de prijs die we moeten betalen. In de film zegt hij tegen de kinderen: als je nu het huis verlaat, zul je de rest van je leven blijven vluchten."
Groene Lijn
"Ik wilde een documentaire maken, maar volgens de vader zou dat niet alleen voor hem, maar ook voor mij te gevaarlijk zijn. Op basis van observaties en gesprekken heb ik toen een scenario geschreven voor een speelfilm. Ik stelde me het begin van de situatie voor: hoe hadden de soldaten het huis destijds bezet? Hoe was de vader erin geslaagd om zijn gezinsleden door de uniforms heen te laten kijken? Het scenario wijkt aanzienlijk af van de realiteit, maar de figuur van de vader is het duidelijkst overeind blijven staan. Een pacifist, iemand die Shakespeare citeert.
"Het was onmogelijk om voor de opnames een locatie te vinden in Israël. Israëli's mogen niet werken aan de overzijde van de Groene Lijn, en Palestijnen mogen niet werken aan Israëlische zijde. Het was begin 2003 en Hamas liet overal bommen afgaan. Aangezien de film toch op één locatie speelde, besloten we de hele productie naar Italië te verhuizen, naar Calabrië. Het zuiden van Italië heeft veel weg van Palestina. Ze bouwen hun huizen net als daar: als hun zoon gaat trouwen, bouwen ze er gewoon een verdieping bij. Het was ook beter voor de vorm van de film. In Palestina had ik als documentairefilmer de realiteit buiten het huis veel meer in de film betrokken: de checkpoints, tanks, soldaten. Maar in Italië werd ik gedwongen om me te concentreren op de situatie binnen het huis, op de personages. Ik moest diep gaan. Zo werd het niet een specifiek Israëlisch of Palestijns, maar een universeel drama.
"Ik hou van films die zich op één locatie afspelen. Ik schrijf nu bijvoorbeeld een scenario over een jongeman die naar een jezuïtisch noviciaat gaat. Niet zozeer omdat hij gelooft, maar om zijn vrijheid op te geven. Omdat hij niet weet wat hij met al die vrijheid aanmoet, net als ik. Mensen zijn altijd op zoek naar een gevangenis, ze bouwen hun eigen gevangenis. Om de wereld buiten te kunnen sluiten, om ergens thuis te horen."
Retorisch
"Ik heb erover gedacht om het verhaal van Private geheel van twee kanten te vertellen. Maar het risico is dat de film objectief wordt. Om een verhaal te vertellen moet je subjectief zijn. Het is belangrijk dat het publiek zich met iemand identificeert, dat komt veel sterker over. Omdat je alleen het point of view van het Palestijnse gezin te zien krijgt, moet je je zelf voorstellen hoe de Israëli's denken. Het dwingt je tot interactie. Als ik de kijker ook door de ogen van de Israëlische soldaten laat kijken, wordt het geheel retorisch. Wat kan ik dan laten zien? Dat beide partijen slachtoffer zijn? Dat zou te simpel zijn. Dus juist door subjectief te zijn, laat ik ruimte voor het publiek om zelf te oordelen. Politiek gezien is de film niet neutraal: de film is tegen de bezetting. Maar ik probeer de mensen niet te beoordelen, alleen de politiek.
"Het was verbazingwekkend gemakkelijk om de Israëlische acteurs te vinden. De beste acteurs in Israël wilden meedoen aan de film voor weinig geld. Ook door het Israëlische publiek op het filmfestival van Haifa is de film goed ontvangen. Je moet je bedenken dat alle Israëlische jongeren twee jaar in het leger moeten dienen. Ze kijken dus naar zichzelf in deze film, maar accepteerden toch hoe de soldaten werden geportretteerd. Na afloop was er een discussie van twee uur. Steeds meer Israëlische jongeren beseffen dat de bezetting verkeerd is. Ze willen niet voortdurend bang zijn, en dan gaan haten zodat ze niet bang hoeven te zijn. Ze proberen de Palestijnen te begrijpen."
David van Eijndhoven