Juli/augustus 2005, nr 268

Exils

Gevallen engelen blijven overal een vreemdeling

Tony Gatlif weet de kijker bijna altijd te ontwapenen. In Exils geven we ons over aan zijn naïeve blik op etnisch-culturele identiteitsproblemen, bijgestaan door spetterende muziek.

Het is een imponerend openingsshot. We zien een stukje huid. Als de camera uitzoomt, zien we een naakte jongen - hij heet Zano - voor het raam staan in een flat in een grauwe Parijse buitenwijk. Op de geluidsband spuwt een zangeres op het bezwerende ritme van een technobeat haar gal ("De democratie wordt steeds verkracht. Democratie, mijn reet"). Op een bed in de kamer zit een naakte, verveelde vrouw. Ze heet Naïma en is Zano's vriendin. Het is duidelijk: dit stel (energiek en innemend gespeeld door Romain Duris en Lubna Azabal) is niet gelukkig in Parijs. Als Zano in een opwelling voorstelt om naar Algerije te gaan, barst Naïma in lachen uit. Wat moeten ze in Algerije? Toch gaat ze met hem mee en wordt Exils (Ballingen) Gatlifs zoveelste roadmovie. Als kind van zigeuners weet Gatlif, die op zijn veertiende met zijn ouders van Algiers naar Parijs verhuisde, wel raad met buitenstaanders die de wijde wereld intrekken. Zijn interesse in de zigeunercultuur heeft een stroom films opgeleverd, met als beste Les princes, Latcho drom, Gadjo dilo en Vengo.
Exils gaat niet over zigeuners maar over migrantenkinderen. Zano's ouders waren Franse Algerijnen, die in 1962 na de Algerijnse onafhankelijkheidsstrijd naar Frankrijk waren gevlucht. Later zouden ze bij een auto-ongeluk om het leven komen. Ook Naïmi is belast door de Algerijnse geschiedenis, want zij is de dochter van Arabische Algerijnen. Zigeuner of migrantenkind, voor Gatlif is er geen verschil, want beiden zitten klem tussen twee culturen. In de woorden van Naïma: "Ik ben overal een vreemdeling."

Trance
Op weg naar Algerije komen Zano en Naïma andere buitenstaanders tegen. Een ontmoeting met Spaanse zigeuners loopt slecht af, want als Zano 's ochtends wakker wordt, mist hij geld. Aangenamer is het contact met een Algerijnse broer en zus, die hun geluk in de andere richting zoeken: ze willen een bestaan opbouwen in Parijs of Amsterdam. Als Zano en Naïmi na veel omzwervingen, die zoals altijd bij Gatlif gepaard gaan met spetterende muziek, Algiers bereiken, eindigt de film in een kwartier durend, opzwepend soefi-zuiveringsritueel, waarin Naïmi volledig in trance raakt. Erna kan ze met een gezuiverde geest de toekomst aan. Ze heeft haar wortels teruggevonden en afstand genomen van de westerse samenleving, zodat zij gelukkig kan worden.
Het is een simplistisch en ongeloofwaardig einde. Het is onaannemelijk dat Zano en Naïmi in Algiers gelukkiger zullen worden dan in Parijs. Wat heeft Algerije hen te bieden? Beiden zijn in Frankrijk geboren en kennen het land niet. Hoe dachten wildebras Naïmi, die in Algiers op straat toegesnauwd wordt dat ze er onzedig bijloopt, en het explosieve kruitvat Zano in Algerije te overleven? Het harmonieuze einde zegt meer over Gatlifs visie op de westerse samenleving dan over Algerije. Dat we er niet over struikelen, komt door Gatlifs naïviteit. Zano en Naïmi ademen een onschuld die niet van deze tijd is. We gunnen de gevallen engelen een terugkeer naar de hemel.

Jos van der Burg

Frankrijk, 2004
Productie, scenario en regie: Tony Gatlif
Camera: Céline Bozon
Montage: Monique Dartonne
Muziek: Tony Gatlif, Delphine Mantoulet
Met: Romain Duris, Lubna Azabal, Leila Makhlouf, Habib Cheik
Distributie: Contact Film
Te zien: vanaf 18 augustus

Naar boven