September 2006, nr 280
Thuiskijken - september 2006, nr 280
Een selectie uit de videotheek van nieuwe, interessante en curieuze films die niet in de bioscoop zijn uitgebracht. En films opnieuw uitgebracht op dvd.
Tristram Shandy: A cock and bull story
De ultieme making of
What? My name is... Who? My name is... tsjicke,tsjicke, tsjicke Slim Sha... ho ho ho! Wat doe je nou? Houd daar toch eens mee op, man! Altijd maar dat kruip in de huid van, die andere rollen spellen, die springende vormen. Vertel toch eens een verhaal normaal! Lineair!
Goed. Michael Winterbottom heeft weer eens zijn zinnen verzet. Tussen 9 songs (2004) en Road to Guantanamo (2006) nam hij Tristram Shandy: A cock and bull story (2005) op. De film haalde de Nederlandse bioscopen niet, maar is nu op import-dvd verkrijgbaar. Het is Winterbottoms weergave van het boek 'The life and opinions of Tristram Shandy, gentleman', geschreven tussen 1759 en 1767 door Lawrence Sterne; een boek dat onverfilmbaar geacht werd, omdat er nauwelijks actie in voorkomt, het vooral een stroom van gedachtekronkelingen en redeneringen van de hoofdpersoon is, en hij aan het einde van het boek nog steeds geboren moet worden.
Enorme baarmoeder
Mike Naafs
De Filmkrant koos deze dvd uit het importaanbod van Boudisque. Voor meer informatie ga naar www.boudisque.nl
Lady Snowblood
Japans doodsballet
Ze inspireerden Quentin Tarantino tot Kill Bill: de twee delen van de beeldschone cultklassieker Lady Snowblood zijn nu voor het eerst in Nederland op dvd uitgebracht.
Zelf is hij er eerlijk over: het Japanse samoerai-tweeluik Lady Snowblood: Blizzard from the netherworld (1973) en Lady Snowblood: Love song of vengeance (1974) legde het fundament voor Quentin Tarantino's Kill Bill. De Japanse films voeren een eenzame heldin op die met haar flitsende zwaard een uiterst bloedige wraaktocht door Japan maakt; de overeenkomsten met Uma Thurmans hakwerk liggen voor het oprapen, en in de vorm van Meiko Kaji is er nóg een gemene deler. Deze actrice kroop niet alleen in de huid van Vrouwe Sneeuwbloed, ook haar zangtalent kan men in de weemoedige ballades 'Urami-bushi' en 'The flower of carnage' in Tarantino's films horen.
Dodenmasker
Mike Lebbing
De Grabbelton
De Filmkrant grabbelt door uitverkoopbakken en langs huishoudkoopjes, op zoek naar goedkope fastfoodsnacks voor de immer hongerige filmvreter. Deze maand voor het laatst: wij zijn uitgegraaid. Verderop deze pagina neemt de nieuwe rubriek Extra's het over.
Richard III (1955) - Laurence Olivier
An American werewolf in London (1981) - John Landis
Color me blood red (1965) - Herschell Gordon Lewis
Miami Vice (1985) - diversen, supervisie: Michael Mann
Mike Lebbing
Winterbottom blijft deze opvatting trouw en heeft daarom alleen alle verwikkelingen rondom de verfilming van 'Tristram Shandy' gefilmd. Het blijft tenslotte onverfilmbaar. Wederom is Steve Coogan van de partij, net als in 24 hour party people, als ironische verteller en participant. Maar anders dan in die laatstgenoemde film heeft hij hier niet zoveel te spelen. Deels doordat er geldproblemen zijn, deels omdat de crew er nog steeds niet uit is welke scènes ze uit het boek dan wel moeten draaien. Kortom: Steve Coogan speelt vooral veel Steve Coogan. Hoe geestig het boek is, toont een van de weinige scènes die wel de film-buiten-de-film-in-een-film heeft gehaald, wanneer de dokter op bezoek komt voor de bevalling van Tristram en de vader -ook gespeeld door Coogan - hem rustig ontvangt in de gastenkamer. Terwijl boven het gekrijs van de moeder klinkt, probeert de warrige dokter rustig zijn nieuwe instrumentarium uit: op een ei, op gebalde vuisten en op een meloen. Kijk, zo haal ik het babyhoofdje eruit, sprak hij, voordat hij de meloen fijnkneep.
Net als in de tv-serie 'Extras' van de 'kings of comedy' Ricky Servais en Stephen Merchant is de film van Winterbottom na een kwartier vooral een etalage van figuranten en setproblemen, waarin het leven van de acteur Coogan verbanden aangaat met het leven van Tristram. En waar het boek de draak steekt met allerlei medische beroepen en geestesrichtingen, daar richt Winterbottom de pijlen vooral op zichzelf en zijn collega's. Wat zijn dat toch voor een idioten, mensen die films maken. Tristram Shandy is gelardeerd met oneliners en grappen over het filmmaken, op een dusdanig zelfreflectieve wijze dat de makers ook zichzelf niet sparen. Coogan loopt de hele film door te zeuren over zijn hoogte van zijn schoenen ten opzichte van zijn tegenspeler en klaagt over het feit dat hij kleiner lijkt. Ook hangt hij op een gegeven moment op zijn kop in een enorme baarmoeder en vraagt: waarom hang ik eigenlijk op de kop, we hadden toch ook het kader kunnen draaien? Ja, nou, we willen realisme, is het antwoord. En vervolgens wordt de hele scène nooit opgenomen...
Zelfreflectief, zei je? Oh, maar dat betekent schier eindeloze verwijzingen: naar de Europese cinema in de vorm van een alsmaar ratelende assistent, naar tv-series oud en nieuw en naar de regisseur zijn eigen werk: daar heb je de hoofdpersoon van 9 songs als roddeljournalist, de man die voor de televisie Steve Coogan interviewt over dit project is Tony Wilson, die door Coogan belichaamd werd in 24 hour party people (een interview dat exclusief als extra op deze dvd staat, meldt een voice-over). En op de radio klinken op een gegeven moment flarden nieuws over Irak en Afghanistan.
Maar zelfreflectief betekent ook: je critici voor zijn. Want is dit niet erg weinig, wat Winterbottom ons hier voorschotelt? Dit web van verwijzingen en blikken achter de schermen, deze lege huls, is dat nou alles? Ach, zegt iemand achter de schermen van Tristram Shandy: It's just supposed to be funny. Nou, grappig is het zeker.
Te koop op dvd (import, HBO/Picturehouse)
Rond Meiko Kaji, een statige Japanse gezegend met hetzelfde duistere charisma als de Spaanse actrice Soledad Miranda (bekend van Jesús Franco's psychedelische wraakfilm Sie tötete in ekstase), is met de loop der jaren een ware cultus ontstaan. Vreemd is dat niet, in een tijd dat kleurrijke filmsterren op één hand te tellen zijn. Met de reeks extravagante Scorpion: Female prisoner-films maakte de met lang, ravenzwart haar en priemende ogen uitgeruste actrice al grote indruk. Met name Female convict scorpion - Jailhouse 41 (1972) is een bedwelmende film waarin de zwijgzame Kaji zich als een zielsverwant van Eastwoods 'The man with no name' manifesteert, waarbij haar groteske daden met behulp van een ronduit krankzinnige cameravoering worden gepresenteerd.
In Lady Snowblood -uiteraard opgenomen in Tohoscope en zuurstokkleuren- speelt Kaji een ronddolende vrouw die de dood van haar moeder wil wreken. Eenieder die op haar pad komt met kwaadwillende bedoelingen wordt op spectaculaire wijze opgeruimd. Al in de openingsscène hakt de heldin zich door een clanhoofd en zijn escorte; terwijl de vallende sneeuw de plek in een vreemde rust onderdompelt spuit het bloed in fonteinen naar de lucht, zoals in de vergelijkbare filmseries Sword of vengeance en Kyoshiro Nemuri: Son of the black mass. Al is de verhaallijn simpel van opzet, toch ligt de film mijlenver voor op vrolijk-funky Amerikaanse wraakfilms met Pam Grier, zoals Coffy. Dat is uiteraard de verdienste van Fujita Toshiya's stijlvolle regie, maar vooral van Kaji, die de aandacht constant vasthoudt met haar dodenmasker-gezicht, dat sporadisch uit de plooi glijdt en plaats maakt voor een weemoedige, dromerige blik. En de film, hoe pulpachtig ook, bezit toch een emotionele kracht in de manier waarop Kaji, alle vernederingen en verdriet ten spijt, weigert haar waardigheid te verliezen.
Het vervolg Love song of vengeance is iets minder enerverend. Na een fantastisch begin, een in één take opgenomen wandeling van Kaji door een mistig kerkhof waarbij de duivelin een dozijn of twee tegenstanders omlegt, zakt de film wat in. Ook de anachronistische aanpak doet curieus aan: hoewel de film net als het eerste deel is gesitueerd in de Meiji-periode (zo rond 1874) schrikt Toshiya er niet voor terug een stevige funk- en rocksoundtrack in te zetten, met koddig effect. Wie echter wil zien waar Tarantino de mosterd haalde voor Kill Bill, zit hier aan het goede adres. De Amerikaanse cinefiel hevelde zelfs hele gedeelten uit Lady Snowblood over, en ook de manier waarop de hoofdpersonages systematisch worden geïntroduceerd kopieerde hij van Toshiya's films. Binnen al dat eerbetoon - of zo u wilt, jatwerk - blijft Meiko Kaji gelukkig helemaal buiten schot. Niet te evenaren en niet te imiteren, deze Japanse engel der wrake, die begin jaren zeventig een eenzaam en onvergetelijk doodsballet danste.
Te huur en te koop op dvd (samen op één disk, Asiamania)
Wie denkt dat het Britse acteerkanon Laurence Olivier nimmer minder dan de eminentie zelve was, moet zijn derde Shakespeare-adaptatie Richard III eens tot zich nemen. Vanaf de klassieke openingszin 'Now is the winter of our discontent made glorious summer by this sun of York' is het raak: Olivier schmiert zich - in bespottelijke pakjes gestoken - in de rondte tijdens zijn pogingen de kroon van Engeland in zijn bezit te krijgen, en richt zich daarbij zelfs rechtstreeks tot de kijker. Niet voor niets nam Julien Temple een aantal van de meest hilarische scènes op in zijn schitterende Sex Pistols-docu The filth & the fury. Een vermakelijk stukje filmgeschiedenis, zoveel is zeker. Al ontstijgt deze digitale reïncarnatie nauwelijks de kwaliteit van een videoband.
Meer uitzinnige taferelen in Engeland. Deze nog altijd onderhoudende horrorkomedie werd vooral bekend door de baanbrekende make-up effecten van meestergrimeur Rick Baker. Om maar niet te spreken van de legendarische scènes waarin de harige duivel een pornobioscoop op zijn kop zet en een spoor van verderf zaait rond Piccadilly Circus. De vele extra's op deze jubileumeditie stemmen aangenaam nostalgisch. Hierbij laat Landis zich zoals gebruikelijk kennen als een onverbeterlijke filmnerd, maar dan wel één die de lach aan zijn kont heeft hangen. Zo ontvouwt hij gortdroog de crux van zijn film: 'Essentially, it's an erection metaphor.' Kortom, een topschijf voor een briefje van vijf, niks mis mee.
Handelsreiziger annex filmregisseur Lewis geniet enige reputatie als de grondlegger van de 'splatter movie' met Blood feast (1963), maar staat vooral te boek als een bereslechte exploitatiefilmer. Gelukkig vallen sommige van die steevast abominabel gefotografeerde werkjes (zoals The gruesome twosome) best te pruimen, want Lewis nam zijn eigen werk op geen enkele manier serieus. Zo is alleen al de trailer van Color me blood red (over een geflipte kunstenaar die met bloed schildert) een daalder waard: 'This is the story of Adam... and evil! Fiendish is the word for it'. De dvd bevat veel extra's, waaronder dolkomisch audiocommentaar van de hoofdverdachten, Lewis en de beruchte producent David F. Friedman ('At the time we were a breath of fresh air').
Een opportuun moment de oude serie weer eens te checken vanwege de recente uitbreng van Michael Manns speelfilmversie. De serie zette een standaard in foutheid, van Jan Hammers vette synthesizerdeuntjes tot de gladde look van übermacho's Sonny Crockett en Ricardo Tubbs. Maar na twee decennia valt de pilot-aflevering van 92 minuten toch reuze mee. Mann laat nachtelijk Amerika broeien van opwinding, zoals hij dat eerder deed in het onderschatte Thief, en de stijl is bij vlagen virtuoos. En hoe raar het ook klinkt, het inzetten van Phil Collins' 'Something in the air tonight' tijdens een onheilzwangere autorit van Crockett & Tubbs werkt simpelweg fantastisch. De dvd bevat verder de dubbelaflevering 'The golden triangle', waarin ook de markante Edward James Olmos (juist, die ijskoude met dat pokdalige gezicht) zijn opwachting maakt. Machismo in optima forma voor wie geen braakneigingen krijgt bij herinneringen aan het discotijdperk.
Alle titels liggen voor 5 euro bij Fame, Amsterdam
Murderball
Henry Alex Rubin en Dana Adam Shapiro

De voor een Oscar genomineerde documentaire Murderball is Mad Max versus The terminator op wielen, afgewisseld met fragmenten die zó uit het jongerenprogramma 'Je zal het maar hebben' lijken te komen. De no-nonsense documentaire over de rolstoelversie van rugby volgt hoe gehandicapte, maar daarom niet minder stoere kerels van het Amerikaanse en Canadese Quadball-team elkaar gedurende de twee jaar tussen Wereldkampioenschap en Paralympische Spelen bevechten. Met aan de ene kant Joe Soares, de iets te fanatieke Amerikaanse coach van de Canadezen en aan de andere kant Mark Zupan, de met een sik en tatoeages uitgeruste macho met het warme hartje uit het Amerikaanse team. Het zal dan ook geen verrassing zijn dat de aangepaste rolstoelen van de spelers meer weg hebben van botsauto's dan van gehandicaptenvervoer. De dynamische beelden van valpartijen, deels gefilmd met een onder een rolstoel gemonteerde camera, de vlotte montage en de ruige muziek maken de wedstrijden tot sensationele knalpartijen van heb ik jou daar. Maar er is ook aandacht voor de achtergronden: hoe de jongens in hun rolstoel kwamen, hoe moeilijk het soms was de moed erin te houden en hoe dat nou gaat met vriendinnetjes. Speciale aandacht is er voor de verstoorde relatie tussen Zupan en de jeugdvriend die hem in zijn rolstoel 'hielp'. Maar ook tussen de serieuze scènes door is er ruimte voor practical jokes en zelfspot: wat te denken van een zwaar gehandicapte jongen in een rolstoel die een wedstrijdje doet met een jochie op een driewieler? Of een voorlichtingsfilm over gehandicaptenseks? Wat blijft hangen is de vechtlust van de sporters. Die staat in schril contrast met de doffe blikken van de amper 19-jarige gehandicapte Irak-veteranen die in het laatste shot komen kennis maken met het spel. De 'interview update' met Joe Soares, de reacties van de spelers op de film en beelden van de première die als extra zijn toegevoegd, geven tenslotte ook nog antwoord op hoe het 'onze jongens' na afloop van Murderball is vergaan.
Karin Wolfs
Te koop op dvd (A-Film)
4
Ilya Chrzjanovski
Over 4, Ilya Chrzjanovski's explosieve debuut dat vorig jaar in Rotterdam een Tiger Award kreeg - waardoor de Russiche censor de film alsnog goedkeurde - is al veel gezegd en geschreven. En ik ga het nog een keer zeggen, want ik vermoed dat nog steeds niet veel mensen deze film hebben gezien, al is het alleen maar omdat niet iedereen meedendert met de Tigers-on-tour festivaltrein die vorig jaar door het land reed. Complimenten aan FilmFreak trouwens voor het uitbrengen van 4 op dvd, want dat hoef je niet te doen om er rijk van te worden. 'Een pregnante vorm van filmterrorisme', schreef de Filmkrant vorig jaar, en dat krijg je als maker niet zomaar voor elkaar. 4 is een zwartgallige kijk op de Russische beerput - hoewel het volgens de Russische Kommersant-criticus Andrei Plakhov geen politieke film is ('Ze plaatsten de film in een politieke context en zeiden toen dat-ie te weinig patriottisch was').
'Nacht in Moskou', opent de film. Het is altijd nacht in Moskou. Veel wodka, complotdenken, hoeren, honden, begrafenissen en dreigende machinaties, bijna alles in de film komt in vieren. Een van de personages vertrekt naar een dorp waar vrijwel alleen kakelende bejaarde vrouwen wonen (de echte inwoners van het dorpje Shutilovo, lees ik ergens) die deeg kauwen waarmee poppen worden gemaakt ('chewies'). Ze zijn allemaal bezopen. En wie niet? 4 voelt niet als een politiek verhaal maar als een kunststuk over de oprukkende absurditeit. Het suggereert letterlijk verbanden waar die wel of niet bestaan (eigen aan elk kunstwerk, zou ik zeggen), in een half uur durende kroegdiscussie waarin waanzinnige complotten en uitspattingen over tafel gaan. De film is boven alles een visueel spektakel, en wat je er verder mee doet moet je zelf weten. Kopen voor het te laat is, zou ik zeggen.
Ronald Rovers
Te koop op dvd (Filmfreak)
Crimen ferpecto
Alex de la Iglesia
Hij lijkt wel wat op Herman Heinsbroek: Rafael in Alex de la Iglesia's nieuwste film Crimen ferpecto. De perfecte verkoper in de perfecte wereld voor de perfecte verkoper. Handig zo'n groot warenhuis, je hebt daar alles wat je ook maar enigszins nodig kan hebben in huis. Praktisch de gehele film speelt zich af in het megawinkel YeYo's, waar Rafael (Guillermo Toledo) de dameskledingafdeling runt. Aan de andere kant van het pad is de mannenafdeling, daar heerst Don Antonio. Een van de twee mannen wordt binnenkort gepromoveerd tot chef van de gehele afdeling. Rafael heeft een hele batterij etalagepoppen in (hand en span)-dienst, scheurt 's avonds door het gigantische complex, jat daar een kreeft, een fles bubbels, dineert vervolgens romantisch en neukt een van zijn etalagepoppen in een afgeprijsd bed. Kortom: Rafael geniet van zijn leven. En hij twijfelt er dus ook niet aan dat hij de nieuwe baas wordt.
Don Antonio twijfelt ook nooit. Nou, je hoeft geen Hitchcock te zijn om aan te voelen wat er vervolgens gebeurt: Don Antonio wordt de nieuwe baas, ontslaat Rafael, deze zint op wraak, er ontstaat een gevecht, een ongeluk, Don Antonio belandt op een haak, Rafael raakt in paniek, moffelt het lijk weg... en ontdekt dat er een getuige was. Lelijk eendje Lourdes (Monica Servera), die al tien jaar op de afdeling werkt en nooit een blik waardig is gegund, heeft het gezien. En om de misdaad perfect te maken gaan die twee een verstandshuwelijk aan waar Kramer en Kramer geen brood van lusten! Wat volgt is een doldwaze rit door warenhuisland: met messen, winkelwagens en sauna's; skimutsen, reisbureau's en allesbranders, in de karakteristiek cartooneske stijl van De la Iglesia. Aardig voor een zondagmiddag, zeker, op de bank met een deeveedee, maar de regisseur van anarchistische werken als Accion mutante (1993) en El dia de la bestia (1995) is in de jaren toch wel erg mild - en zeg maar gerust: burgerlijk - geworden.
Mike Naafs
Te koop op dvd (Filmfreak)