November 2009, nr 315
Waarom heeft u voor dit onderwerp gekozen? Heeft dat iets te maken met de dreiging van Al-Qaida?
Het is een onderwerp dat altijd van belang is. Niet alleen nu. Het is altijd actueel. Fascistische, terroristische verhoudingen zijn er altijd geweest. Of het nou van rechts komt of van links. Of het nou christelijke wortels heeft of islamitische. Dit thema is altijd en overal actueel. Mijn uitgangspunt was, jaren geleden, een groep kinderen die de normen en waarden van hun ouders verabsoluteren. Die ouders prediken die normen wel, maar leven er niet naar, niet naar de letter. De kinderen, die altijd de neiging hebben alles ernstig en absoluut te nemen, treden vervolgens op als hun rechters. Daarbij gebruik makend van de regels die ze van hun ouders geleerd hebben.
Het verhaal speelt zich af aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog. Waarom heeft u juist voor dit tijdperk gekozen?
Ik ben vooral geïnteresseerd in het verband tussen fascisme en religie. Als je kijkt naar het Italiaanse fascisme, dan heeft dat natuurlijk vergelijkbare wortels en vergelijkbare sociale oorzaken als het nazisme. Maar het is toch niet hetzelfde omdat Italië een andere religieuze achtergrond heeft. Neem die mentaliteit van Eichmann, die mentaliteit dat je te allen tijde je plicht moet vervullen, die komt voort uit een protestants gevoel van correctheid. Of neem het links fascisme van de Baader Meinhof-groep. Het is geen toeval dat de vader van Gudrun Ensslin een dominee was en dat Ulrike Meinhof uit een religieus protestants huis kwam. Dat fascineert mij.
Over welke vorm van protestantisme hebben we het?
In deze film zijn het Lutheranen. Dat zijn de enigen die ik goed ken. Ik ben zelf opgegroeid als protestant. Mijn moeder is Oostenrijks, en dus katholiek. Maar mijn vader was evangelisch. Tot mijn veertiende was ik zeer onder de indruk van het protestantisme. Het is een elitaire religie. Protestanten moeten zichzelf vergeven. Zij laten dat niet, zoals de katholieken, over aan de dominee. Daarom hebben ze een directe band met boven. Maar met deze film gaat het er mij om dat elke vorm van verabsolutering van zaken gevaarlijk is, via welke religie of ideologie dan ook. Het meeste bloed in de geschiedenis vloeide uit naam van een religie of een ideologie.
U wilt met deze film de wortels blootleggen van het fascisme. Maar de film eindigt met de Eerste en niet met de Tweede Wereldoorlog.
Het ging mij erom de generatie te laten zien die toen gevormd werd. De generatie die de Tweede Wereldoorlog mogelijk maakte. De Eerste Wereldoorlog was het failliet van het ene systeem, het systeem van de ouders. In zekere zin is de Tweede Wereldoorlog het resultaat van de Eerste en het failliet van het systeem van de kinderen.
Opvallend is dat de Duitse ondertitel 'Eine Deutsche Kindergeschichte' niet wordt vertaald.
Het is belangrijk dat het publiek in Duitsland weet dat dit over het Duitse verleden gaat. Maar in andere landen moeten ze begrijpen dat dit een verhaal is over de opkomst van terrorisme en fascisme en niet een specifiek verhaal dat zich alleen in Duitsland af zou kunnen spelen. Daarom is die ondertitel niet vertaald. Zodat alleen de Duitsers die begrijpen.
Die tekst staat in een heel specifiek schrift.
Dat was indertijd een normaal schrift. Ook ik heb het nog moeten leren toen ik naar school ging. Niet als het schrift waar je in moest schrijven. Maar mijn grootmoeder schreef echt zo.
Waarom heeft u gekozen voor zwart-wit?
Omdat wij zwart-wit al snel associëren met geschiedenis. Als er beelden zijn uit die tijd dan zijn ze zwart-wit. Het zorgt ook voor een zekere distantie. Het heeft toch een zeker antirealistisch effect. Daarmee wordt het verhaal universeler.
U heeft die dorpsgemeenschap niet in zijn totaliteit belicht. Zo komen de dagloners er wat bekaaid vanaf.
Het proletariaat bestond in die tijd vooral uit een groep rondtrekkende boeren. Ze werkten ergens een tijd en dan verdwenen ze weer. Ze behoorden niet tot de groep die permanent in dat ene dorp woonde. Vandaar ook dat er een paar dagloners in de film Pools praten. Ik geloof ook niet dat het veel aan het verhaal zou hebben toegevoegd. Ik voel me ook geen sociograaf. Het is een model van de samenleving, waarin een aantal mensen zeer belangrijk waren. Zoals de leraar, de notabelen, de dokter en de priester.
Waarom zien we het verminkte lijk van de zoon van de baron niet?
Ik denk dat men zich er meer bij kan voorstellen als men dat niet ziet. Ik laat het geweld in mijn films altijd buiten beeld. Het werkt beter als je de fantasie van de kijker kunt gebruiken. Dat is sterker dan als ik beelden toon.
Waarom komen er zo vaak van die zwaarmoedige films uit Oostenrijk?
Dat is mij al vaker gevraagd, net als mijn collega's. Ik heb geen echt antwoord en hou het meestel bij een grap: de Oostenrijkers zijn wereldkampioen onaangename dingen onder het tapijt vegen. Daarom voelen kunstenaars en intellectuelen zich gedwongen krasse middelen te gebruiken om waargenomen te worden. In het buitenland is men dan vaak verbluft dat we van die krasse middelen gebruiken. Maar het is denk ik ook de reden dat er zoveel begaafde mensen wonen in Oostenrijk. Gemiddeld meer dan in andere landen. Maar dat is geen echt serieus antwoord. Daar wil ik mij niet aan wagen.
Jeroen Stout
Het loont de moeite als recensent te beginnen bij het begin. Want met de openingsscène leert de regisseur ons vaak hoe we de film die komt moeten begrijpen. De Oostenrijkse regisseur Michael Haneke weet als geen ander raad met dit principe; laat dat maar aan de schoolmeester van de Europese cinema over. Denk aan de opening van caché (2005), waarin een teruggespoeld videobeeld de perfecte inleiding vormt voor de vertelling over voyeurisme en de cirkelwerking van verleden en heden.
Stokslagen
Joost Broeren
das weisse band
Donderdag 12 november staat de Cineville Talkshow in het teken van das weisse band. De Balie (Amsterdam), aanvang 20.00.
Verwachte rampspoed
Michael Hanekes schokkende Gouden Palm-winnaar das weisse band draait, in tegenstelling tot de choquerende films waarmee hij in Cannes in competitie was, niet om het geweld zelf maar om de aankondiging ervan.
Ook Hanekes nieuwste film das weisse band geeft in zijn eerste minuten een kleine les ter begrip van de verdere film. De verteller van de film introduceert zichzelf als de schoolmeester van het Noord-Duitse dorpje Eichwald, waar het verhaal zich af zal spelen. Alles begint in 1913, legt hij uit, wanneer de dorpsdokter van zijn paard valt. Terwijl we de arts vanuit de verte aan zien komen rijden, verklaart de schoolmeester dat de val werd veroorzaakt door een tussen twee bomen gespannen lijn. Tijdens die uitleg zien we dokter en paard onderuit gaan, snoeihard en ondanks de ruime aankondiging toch nog schokkend. Precies zoals de rest van de film vooral over de anticipatie op en aankondiging van geweld zal gaan.
Het is precies door die strategie van Haneke dat de schokken van das weisse band zich onderscheiden van die uit de andere competitiefilms op het laatste festival van Cannes. Terwijl Lars von Triers antichrist en Quentin Tarantino's inglourious basterds hordes persaandacht trokken met hun expliciete provocaties dan wel vulgariteiten ging Haneke's das weisse band er intussen stilletjes vandoor met de Gouden Palm.
Het is niet alleen de verteller die dit effect tot stand brengt, al zal hij ook de andere raadselachtige incidenten die in Eichwald plaats gaan vinden in zijn voice-over aankondigen. Maar ook elders zien we dat de levens van de inwoners, en met name die van de raadselachtig-sinistere dorpskinderen, beheerst worden door de verwachting van rampspoed. Wanneer de kinderen van de protestantse dominee stokslagen krijgen, maakt Haneke veel werk van de aanloop: oudste zoon Martin moet zelf de stok uit vaders werkkamer halen. De straf zelf vindt vervolgens achter een voor de kijker gesloten deur plaats.
Onderdeel van diezelfde straf is de witte band uit de titel: de kinderen krijgen die door hun ouders omgebonden om ze te herinneren aan de onschuld en deugd van hun jeugdjaren. Het tekent de manier waarop met de kinderen van het dorp wordt omgegaan: ze worden geacht een volwassen ernst in zich te dragen, en tegelijkertijd een kinderlijke onschuld na te streven. Hoewel de connectie met de Tweede Wereldoorlog in de film niet expliciet gemaakt wordt, krijgt das weisse band een grotere politieke vorm: het is geen wonder, lijkt Haneke te zeggen, dat deze kinderen twintig, dertig jaar later geen enkele weerstand kunnen bieden aan de opkomst van het fascisme.
Oostenrijk/Duitsland/Frankrijk/Italië, 2009
Productie: Stefan Arndt, Veit Heiduschka, Margaret Menegoz, Andrea Occhipinti
Regie: Michael Haneke
Scenario: Michael Haneke, met adviezen van Jean-Claude Carriere
Camera: Christian Berger
Montage: Monika Willi
Art direction: Christoph Kanter
Met: Christian Friedel, Ulrich Tukur, Burghart Klaussner, Leonie Benesch
Zwart-wit, 144 minuten
Distributie: Cinéart
Te zien: vanaf 19 november