April 2010, nr 320

Ciro Guerra over los viajes del viento

De Colombiaanse western

Op de winderige vlakte van een afgelegen gebied in Colombia filmde Ciro Guerra een mythologische western met als revolverheld een zwervende accordeonist.

Film als de bewaarder van tradities. Dat is op zichzelf al een traditie. Eentje die filmmakers vanaf het eerste licht in de eerste camera zijn begonnen. De Colombiaanse regisseur Ciro Guerra groeide op in een afgelegen gebied van Colombia - de Alta Guajira, afgesloten van het zuiden met zijn drugsbendes en burgeroorlog, niet van de rest van de wereld - en wilde de fantastische muzikale en orale traditie ervan vangen en bewaren.
Maar de geschiedenis had hem al ingehaald, vertelt hij, een rustige verschijning te midden van het festivalgewoel tijdens
IFFR 2010. De muziek, de mythes en de troubadour die hij zocht bestonden niet meer. Tenminste niet zoals hij ze kende uit de verhalen. Dus reisde hij met zijn filmcrew terug in de tijd. Naar 1968.

Vervloeking
los viajes del viento (De wind reist) vertelt het verhaal van Ignacio Carrillo, een troubadour die het grootste deel van zijn leven met zijn accordeon door het afgelegen en wonderschone gebied trok. Sinds zijn vrouw is gestorven wil hij van het instrument af. Maar de accordeon is vervloekt. De laatste man die het instrument bespeelt, moet het tot de dood blijven bespelen. Dan dient zich de jonge Fermin Morales aan die zijn leerling wil worden. Maar Ignacio kent de macht van de accordeon en weigert. Toch wil de jongen niet vertrekken. Om de betovering van de accordeon te breken moet Ignacio in gevecht met de duivel.

Duivel
"Het is een plek waar de familiebanden erg sterk zijn", vertelt Guerra over Alta Guajira. "Er wordt veel gefeest en al die feesten vieren legendes en mythes uit het gebied. Je familie vertelt erover als je opgroeit. Je loopt constant mensen tegen het lijf die verhalen bij zich dragen. Iedereen in Alta Guajira kent die verhalen. Net zoals de muziek, die erg belangrijk is. Mensen worden ermee geboren, ze gaan ervan houden, ze worden er volwassen mee en ze sterven ermee. De muziek is vergeven van de mythen en legendes. Het personage van Ignacio is geïnspireerd door de legende van Francisco Guerra, een minstreel die de duivel tegenkwam en ermee in gevecht moest.

Duelleren
De Colombiaan gebruikte de western als inspiratie. Die van John Ford, van Howard Hawks, van Sergio Leone. In een mooie ode aan het genre gebruikt Guerra het duel uit de klassieke western om een gevecht tussen twee muzikanten te beslissen. Niet met pistolen maar met accordeons. De manier waarop hij het landschap filmt doet ook sterk aan het genre denken. "Dit verhaal is in feite een western. De western zelf is eigenlijk ook een klassieke mythologie. Daar houd ik erg van. Het is een universele manier om een verhaal te vertellen. Zelfs de Japanse films van Akira Kurosawa kun je als westerns bekijken."

Aanval
Het beeld dat los viajes del viento laat zien is een romantisch beeld. "Toen bestond het gebied nog in een soort pure staat. De troubadours zijn verdwenen en er is een enorme muziekindustrie ontstaan met sterren en platenlabels. Het is verworden tot een stereotype. Je weet welk, elk land heeft van die volksmuziek die in de loop van de tijd steeds platter is geworden en steeds meer is uitgemolken en waarbij je altijd een paar zogenaamde sterren hebt die de stroming luidruchtig claimen. Ik zie die ontwikkeling als een aanval van het heden op het verleden. Want zo dreigt de schoonheid van die oude muziek te verdwijnen. Ik wilde teruggaan naar de wortels en mensen laten zien hoe het was."

Familie
Guerra geloofde lange tijd niet dat de film kon worden gemaakt. "Als er in Colombia al iets is wat je een filmindustrie kunt noemen, dan is die beperkt tot de hoofdstad. Daarbuiten filmen vraagt enorme logistieke inspanningen", vertelt Guerra. Hij overtuigde zijn crew dat ze het project maar als een groot avontuur moesten zien. Dat betekende soms buiten slapen en rotzooi eten. Maar het betekende ook dat ze naar elkaar toe groeiden en een soort familie werden, vertelt hij. "Iedereen raakte soort van depressief toen we klaar waren. Maar ik ben erg blij dat we de film gemaakt hebben. Dit toont een heel ander Colombia dan het Colombia dat mensen kennen. Dit is het land waar ik van hou. En waarin ik leef. Dit is het land waar 67 talen worden gesproken en dat een oneindige rijkdom kent. En ik denk dat dit de eerste film is die dat laat zien."

Ronald Rovers


Duelleren met muziek

De jonge Colombiaanse regisseur Ciro Guerra was helemaal klaar met de cocaïnemoorden en politieke wandaden die de media-aandacht voor zijn geboorteland beheersen.

En dus draaide hij zijn debuutfilm ver weg van de criminele buitenwijken van hoofdstad Bogóta, op een plaats waar de tijd lijkt te hebben stilgestaan: het kleurrijke, gevarieerde achterland van Noord-Colombia. Daar zijn paard en ezel nog de aangewezen middelen om van a naar b te komen, serveert men een warme maaltijd in ruil voor vallenato-muziek, en wordt een hoog opgelopen conflict beslecht in een klassiek man-tegen-man gevecht.
Escapisme? Misschien wel. Maar het stond Guerra nu eenmaal niet voor ogen met de zoveelste verbitterde sociale aanklacht aan te komen. Zijn film is juist een vrolijk en magisch sprookje, over de op het Colombiaanse platteland nog springlevende folkloristische tradities, die putten uit de Indiaanse, Europese én Afrikaanse cultuur.
Dat begint al met de mythe dat de hoofdrolspeler, een accordeon met twee puntige hoorns, vervloekt is omdat de duivel erop gespeeld zou hebben. Het instrument bestuurt nu de muzikant in plaats van andersom. Eigenaar Ignacio Carrillo, gespeeld door de Colombiaanse liedjesschrijver Marciano Martínez, is dat meer dan zat. Hij heeft zojuist zijn vrouw begraven en wil nu ook maar kappen met zijn zwervende bestaan. De accordeon moet dus terug naar zijn vroegere leermeester. Een reis waarbij de treurende, sikkeneurige Ignacio ongevraagd gezelschap krijgt van de brutale jonge hond Fermin, die erop staat het vak weer van hem te leren. Folklore wordt nu eenmaal van generatie op generatie overgedragen.

Odyssee
Zoals dat hoort in een road-movie annex buddyfilm, moeten Ignacio en Fermin samen steeds grotere hindernissen overwinnen: van een accordeonbattle waarin de tegenstanders elkaar de ergste verwensingen toezingen tot een concertwedstrijd die alleen maar verloren kan gaan. Zo'n aaneenschakeling van obstakels kan al snel eentonig worden, maar gelukkig vermengt Guerra de bijna Odyssee-achtige queeste met magisch-realisme à la Gabriel Garcia Marquez en muziek- en dansspektakel op z'n Tony Gatlifs.
Toch stijgt los viajes del viento niet uit boven vergelijkbare Zuid-Amerikaanse films die dit jaar in Rotterdam te zien waren, zoals manuel de ribera (Chili) en el camino entre dos puntos (Argentinië). Die kwamen eveneens van de hand van beginnende regisseurs, die het aandurfden de wilde natuur in te duiken voor de opnamen, te kiezen voor een sobere, eenvoudige stijl, en te werken met een combinatie van professionele acteurs en van de straat gepikte locals.
De voornaamste reden dat Guerra's film nu een bioscooprelease krijgt, lijkt te schuilen in het hitpotentieel. Daarvoor zorgen de trefzekere, schilderachtige beelden van grijze zoutvlaktes, groene oerwouden en besneeuwde bergketens en vooral de druilerig-opgewekte, ouderwetse accordeonklanken. los viajes del viento heeft uiteindelijk iets te veel weg van een crowdpleaser. Dat stelt enigszins teleur - zeker voor een film die aanvankelijk tegen de gebaande paden in lijkt te willen gaan.

Niels Bakker

los viajes del viento
Colombia/Argentinië/Nederland/Duitsland, 2009
Productie: Diana Bustamante en Cristina Gallego
Regie en scenario: Ciro Guerra
Camera: Paulo Andrés Pérez
Montage: Iván Wild
Art direction: Angélica Perea
Muziek: Iván Ocampo
Met: Marciano Martínez, Yull Núñez
Kleur, 117 minuten
Distributie: Eye
Te zien: vanaf 1 april

Naar boven