Februari 2006, nr 274

Vita Brevis

Bijzonder in het niets

De kunst is lang, het leven kort: vita brevis. Vita Brevis is ook de naam van een programmaonderdeel op het Filmfestival Rotterdam, dat biografische films laat zien over onder andere fotograaf William Eggleston, die de echte wereld instapt, en keizer Hirohito, die zijn ogen juist sluit voor de wereld en zich tijdens de oorlog liever bezighoudt met wetenschappelijk onderzoek naar vissen.

Biografische films vertellen vaak het levensverhaal van potentaten, genieën of andere uitzonderlijke personen. De Franse documentaire William Eggleston in the real world (Vincent Gérard en Cédric Laty) zoekt het uitzonderlijke juist op de meest onspectaculaire plekken op aarde. De Amerikaanse fotograaf William Eggleston scharrelt het liefst rond in buitenwijken, lege bouwplekken en langs provinciale wegen, waar hij vuilniszakken fotografeert, of supermarktkarretjes, of het vriesvak van de koelkast.
Die buitenwijken zijn niet 'triest', de lege bouwplekken zijn niet 'existentieel leeg', de stoffige wegen zijn niet 'betekenisvol eindeloos', nee, ze zijn, punt. Eggleston laat zien dat alles het waard is om naar de kijken. Hij fotografeert zonder oordeel, precies vanaf de plek waar een object of persoon hem voor het eerst opvalt. Hij zet geen stapje voor- of achteruit om de foto netjes te kadreren, hij klikt gewoon.
William Eggleston in the real world bestaat vooral uit foto's die door de voice-over van de regisseur worden geanalyseerd. Over de fotograaf zelf kom je weinig te weten, maar dat geeft niet. Hij murmelt wat als hij in beschonken toestand aan het genieten is van de galmende synthesizerklanken in zijn huiskamer, nadat hij in zijn winddichte parka langs verlaten boerderijtjes heeft gestruind op zoek naar niets in het bijzonder.

Verfverdunner
Over dat kijken heeft de schilder en filmmaker Hugues de Montalembert ook iets te zeggen in de impressionistische Engelse documentaire Black sun (Gary Tarn), ook te zien in Vita Brevis. De Montalembert werd blind nadat straatrovers verfverdunner in zijn ogen hadden gegooid. Als een vriend jaren later aan De Montalembert vraagt: Hoe stel je je eigenlijk mijn gezicht voor?, antwoordt hij: "Ik weet toch hoe je eruit ziet, want ik kende je voordat ik blind werd." Dat laatste blijkt niet het geval, De Montalembert heeft het gezicht van zijn vriend verzonnen en het zich zo levendig voorgesteld dat hij denkt dat hij er zo uit ziet. Kijken is een creatie, geen perceptie, heeft hij op die manier ontdekt.
De eerste dagen van zijn blindheid werd De Montalembert overstelpt door beelden in zijn hoofd, vaak gewelddadig of erotisch. Black sun probeert zijn vervormde blik via film te verbeelden met behulp van spiegelingen, storingen, uitgerekte gezichten, onscherpe lichtvlekken en abstracte lijnen. De Montalemberts voice-over praat de beelden aan elkaar.
Bijna woordloos en daardoor op een prettiger manier raadselachtiger is Return of the poet, een lyrische documentaire van een van de bekendste filmers uit Armenië, Harutyun Khachatryan, die zijn film volstopte met gezaag, gebeitel en aardappels op een gaskachel. De beloofde hoofdpersoon is de dichter Ashugh Jivani, maar al snel blijkt dat deze dichter alleen in gebeitelde vorm in de documentaire voorkomt: een stoïcijnse beeldhouwer vervoert zijn standbeeld per truck door het Armeense landschap, begeleid door een dreigende en ijle soundtrack. De camera registreert ondertussen een dorpsfeest vol pas geslacht lamsvlees, een ontploffing van een steengroeve en slippende banden in het zand.

Zonnegod
Vita Brevis bevat dus een aantal biografische films die eigenlijk niet over het leven van de vermeende hoofdpersoon gaan, maar over zijn blik op de wereld of zijn impact op zijn omgeving. De films hebben vaak ook niet de vorm die we gewend zijn van een biopic: geen chronologische uiteenzetting van 's mans leven dus. Aleksander Sokoerovs intense film The sun heeft wel een duidelijke hoofdpersoon, de Japanse keizer Hirohito, maar ook hierin draait het veel meer om zijn blik op de wereld dan om zijn leven. Een groter contrast tussen The sun en William Eggleston in the real world is nauwelijks denkbaar. 'The real world' bestaat niet voor Hirohito. Aleksander Sokoerov vervolmaakt met The sun zijn trilogie van dictators. Na Hitler en Lenin onderwerpt hij nu keizer Hirohito aan een nader onderzoek. Hoe leefde deze 'afstammeling van de zonnegod' anno 1945 terwijl buiten de mensen lagen te creperen? Een dag uit het leven van Hirohito, vlak voor de capitulatie: een bediende kleedt hem aan, de keizer houdt zich vervolgens een uurtje bezig met wetenschappelijk onderzoek naar vissen uit de wereldzeeën, hij luistert plichtmatig naar zijn ministers die de noodklok luiden, hij maakt zich druk om zijn slechte adem, hij schrijft een gedicht over bloeiende kersenbomen.
Het is een elektriserende ervaring om The sun te bekijken, zo nauwgezet als Hirohito tot leven wordt gewekt. Zijn nerveuze onderlip, zijn beschaafde conversaties met generaal MacArthur, zijn bespiegelingen over de strijd der soorten, zijn Charlie Chaplin-achtige kleren die aanleiding zijn voor de 'lompe' Amerikaanse soldaten om naar hem te roepen: "Catch you later, Charlie."
Nadat MacArthur zijn handtekening had gezet onder het vredesverdrag met Japan, duurde het niet lang voordat in een ander door de oorlog getroffen gebied, Indonesië, de presidentszetel werd ingenomen door Soekarno. In het Indonesische drama Gie (Riri Riza) wordt het studentenverzet tegen Soekarno en later Soeharto gereconstrueerd. Gie is op een meeslepende manier gefilmd, maar de film verliest zich in een hagiografische toon door de verzetsheld, Soe Hok Gie, vooral als jong, knap, intelligent en strijdbaar voor te stellen. "Je moet vechten voor vrijheid. Niemand is voorbestemd om arm te zijn, je moet je lot niet lijdzaam dragen", zijn maar een paar van zijn uitspraken, die natuurlijk heel erg waar zijn, maar geen verklaring geven voor het kwaad waartegen gestreden wordt. Daarvoor moet je de geïsoleerde wereld van The sun binnenstappen.

Mariska Graveland

William Eggleston and the real world.


Vita Brevis

Vita Brevis is te zien op het Filmfestival Rotterdam en omvat verder de films (omschrijvingen van het festival):
* Klimt (Director's cut) van Raúl Ruiz. John Malkovich speelt de Oostenrijkse fin-de-siècle schilder, in een film die de regisseur zelf omschrijft als 'dagdroom gezien door de ogen van Klimt'. Twee jaar geleden wijdde het festival een groot retrospectief een Ruiz' oeuvre.
* Figner, the end of a silent century (Nathalie Alonso Casale). Het verhaal van de laatste Gerauschmacher van de Lenfilm-studios, Figner, maar ook een reis door de Russische 20ste eeuw en haar cinema.
* A portrait of Dora Dolz is een portret van de moeder van cineaste Sonia Herman Dolz. Dolz verwierf internationale bekendheid met onder meer Romance de Valentía.
* Jaap Hillenius: Poging om dichterbij te komen (Kees Hin). De film bestaat uit drie tegelijk geprojecteerde films. In het midden werk van schilder Jaap Hillenius (1934 - 1999) in chronologische volgorde; de rechterzijde gaat over zijn dagelijks leven en zijn gevoel en de linkerkant gaat over zijn ideeënwereld, de ratio.
* Fascination (Mike Hoolboom), een 'meta biopic' over videopionier Colin Campbell.
* Caravaggio, the last act (Caravaggio, l'ultimo tempo) van Mario Martone (Italië). Beeldgedicht over de jaren die Caravaggio na zijn veroordeling voor doodslag in Rome, in zijn stad doorbracht.
* Cindy, the doll is mine van Bertrand Bonello (Frankrijk) Asia Argento in een dubbelrol als Amerikaanse fotografe Cindy Sherman.Genomineerd voor de Prix UIP Rotterdam.
*
Good night, and good luck. van George Clooney (USA, slotfilm van het festival) Communistenjagende senator Joseph E. McCarthy versus CBS-journalist Edward R. Murrow. Zie ook pagina 7 van deze Filmkrant.
* My Nikifor (Mój Nikifor) van Krzysztof Krauze (Polen). Portret van de Poolse naïeve kunstenaar Nikifor (1895-1968), die geestelijk en lichamelijk gehandicapt was.
* The silence of the skylark (Il silenzio dell'allodola) van David Ballerini (Italië). Barok geënsceneerde en gestileerde film over hongerstaker en IRA-lid Bobby Sands.

Naar boven