Januari 2007, nr 284

Robert Altmans laatste film

Doorleven buiten het kader

Op 20 november 2006 overleed de Amerikaanse regisseur Robert Altman op 81-jarige leeftijd. Zijn laatste film, a prairie home companion, brengt een 'altmaneske' grote cast samen in een verhaal over de dood, maar ook en vooral over het leven.

Robert Altman op de set van a prairie home companion.

Het is misschien wat oneerbiedig, maar je zou kunnen zeggen dat Robert Altman op het juiste moment overleden is. Alles in zijn leven was wel zo'n beetje afgerond. In maart ontving hij, na vijfmaal genomineerd te zijn maar nooit te winnen, tijdens de Oscaruitreikingen een 'Honorary Award' voor zijn gehele oeuvre. In april verscheen 'Altman on Altman', het definitieve interviewboek met (naar nu blijkt) een overzicht van zijn complete carrière. En in juni kwam, na zijn wereldpremière in Berlijn, in Amerika zijn laatste film uit: a prairie home companion, een klein meesterwerkje over (toepasselijk genoeg) vergankelijkheid.
Dat a prairie home companion een goede film is, is mooi meegenomen; voor succes (artistiek of commercieel) was Altman absoluut geen garantie. Hoewel de regisseur regelmatig als één van de grootste en meest originele Amerikaanse filmmakers genoemd wordt, heeft hij in zijn omvangrijke carrière net zo goed immense flops als grote successen gemaakt, zowel op artistiek als financieel vlak. Ondanks die wisselvalligheid is zijn invloed echter onmogelijk te overschatten. In de jaren zeventig zette hij diverse genres op zijn kop: de oorlogsfilm met mash (1970), de western met mccabe and mrs. miller (1971) en buffalo bill and the indians (1976), de film noir met the long goodbye (1973. Zijn pionierswerk met grote ensemblefilms hebben er ironisch genoeg toe geleid dat hij zijn eigen genre kreeg. Het toevoegsel 'altmanesk' duidt op 'zijn' soort films, films als nashville (1975),
the player (1992), short cuts (1993), en nu ook a prairie home companion waarin een uitgebreide (sterren)cast in een losjes gesponnen verhaal om elkaar heen draait.

Ontslag
Die methode was al direct te zien in zijn doorbraakfilm mash uit 1970. In zijn volgende films perfectioneerde hij de elementen ervan: een grote, individueel bemicrofoonde cast; een beweeglijke, zoomende, zoekende camera; een montage die scènes vaak halverwege binnenkomt en voortijdig weer verlaat. Het maakt dat Altmans filmwereld niet ophoudt aan de randen van het frame: meer dan gebruikelijk geeft hij het gevoel dat alles buiten de film gewoon verder gaat.
In de beginperiode zorgde zijn stijl van werken nog voor botsingen met zijn hoofdrolspelers, die gewend waren de belangrijkste personen op de set te zijn in ineens geconfronteerd werden met een regisseur die zich urenlang met de bijrolacteurs bezighield. Donald Sutherland en Elliott Gould, hoofdrolspelers van mash, verzochten producent Ingo Preminger onverrichter zake tot het ontslag van Altman; Warren Beatty bezwoer na de opnamen van mccabe and mrs. miller zelfs dat als hij de producent van de film was geweest, Altman het niet had overleefd.
Al snel hadden acteurs echter door dat Altmans systeem ook zijn voordelen had. Voor Altman was acteren het enige deel van het cinematografisch proces dat hij niet kon doorgronden, en daarom gaf hij het volledig uit handen: zijn acteurs kregen alle vrijheid om te improviseren. Die vrijheid maakte Altman een gewild regisseur om mee te werken; zelfs na een decennium zonder echte hits stonden de sterren in 1992 in de rij voor een bijrolletje in Hollywoodsatire the player.
mash was overigens bij lange niet Altmans debuut. Al vanaf de vroege jaren vijftig was hij actief als regisseur, eerst als maker van bedrijfsfilmpjes in zijn geboorteplaats Kansas City, al snel daarna van vele televisieseries in Hollywood. Hij regisseerde afleveringen van onder andere 'Alfred Hitchcock presents' en 'Bonanza' en leerde daarmee om snel en goedkoop te werken, én om inmenging van producenten te beperken. Hoewel Altman vaak geschaard wordt onder de regisseurs die in het 'Nieuwe Hollywood' van de jaren zeventig doorbraken (de zogenaamde Movie Brats, waaronder Spielberg, Coppola en Scorsese), maakte hij dus nooit echt deel uit van die groep; hij bleef altijd een beetje de gekke oude oom op het verjaardagsfeestje.

Requiem
Altmans stijl is door vele filmmakers nagebootst; recentelijk bijvoorbeeld in Paul Haggis' crash en Paul Thomas Andersons magnolia. Vooral Anderson is, zo blijkt ook uit het voorwoord dat hij schreef voor 'Altman on Altman', een groot liefhebber van Altmans werk. Tijdens de opnamen van a prairie home companion was hij op de set aanwezig als reserveregisseur, voor het geval Altman de film niet af kon maken. De voorzorgsmaatregel wijst op de fragiele gezondheid van de regisseur; na zijn dood maakte zijn management bekend dat hij de laatste anderhalf jaar van zijn leven leed aan leukemie. In het licht van die informatie wordt het zeer aanlokkelijk om a prairie home companion (ook) te beschouwen als Altmans cinematografisch afscheid, een requiem voor zichzelf.
De film draait om de laatste voorstelling van de radioshow met dezelfde titel, opgenomen voor een live publiek in het Fitzgerald Theatre in Minnesota. Hoewel de show echt bestaat, is de film wel degelijk fictie. De echte show, vanaf zijn begin in 1974 een groot succes, is over heel Amerika (en zelfs, via de BBC, in Engeland) te beluisteren; de filmversie is te horen op een lokale zender en trekt weliswaar volle zalen maar geen luisteraars. Een ouderwetse variétéshow, door personage Guy Noir in zijn openingsvoice-over van de film gekenschetst als 'het soort dat vijftig jaar geleden al verdween'.
Garrison Keillor, de drijvende kracht achter de radioshow, schreef het scenario voor de film en speelt een fictieve variant op zichzelf: GK. Sue Scott en Tim Russell, vaste acteurs in de hoorspelen, spelen bijrollen, en de huisband van het Fitzgerald, die ook bij de radio-uitzendingen voor de muzikale begeleiding zorgt, is constant aanwezig op de achtergrond. Daarnaast worden enkele personages uit verhalen in het radioprogramma voor de film tot leven gewerkt. Op de radio worden ze gepresenteerd als fictie tussen andere verzinsels zoals nepcommercials voor plakband; in de film zijn het karakters als alle andere. Altman is het spelen met realiteit en fictie voorbij; hij speelt met fictie en nog meer fictie.
Deze personages doen, toeval of niet, soms denken aan eerdere films van Altman. Cowboys Dusty (Woody Harrelson) en Lefty (John C. Reilly) zijn stereotypen die zo uit buffalo bill and the indians komen weglopen, de zussen Johnson (Meryll Streep en Lily Tomlin) zouden niet misstaan in nashville en stuntelende detective Guy Noir (hier gedegradeerd tot beveiliger) doet sterk denken aan Altmans versie van Philip Marlowe in the long goodbye.

Meryl Streep in a prairie home companion.

Show als alle andere
In essentie is a prairie home companion een concertregistratie. Het belangrijkste deel van de film is een weergave van alles wat zich voor en achter de schermen van de laatste uitzending van 'A prairie home companion' afspeelt, vervat in een noir-achtige raamvertelling met voice-over van Guy Noir. GK weigert van de laatste show ook 'De Laatste Show' te maken: omdat hij al jaren elke show als de laatste beschouwd, is dit een show als alle andere, met dezelfde artiesten, dezelfde grappen, dezelfde liedjes. Ondanks die weigering om afscheid van het publiek te nemen, iets waar sommige andere personages zich aan ergeren, gaat de show nadrukkelijk over eindes: vele van de gezongen liedjes gaan over de dood, over vertrekken, over vergankelijkheid.
Daar komt bij dat de show wordt bezocht door de 'Dangerous Woman' (Virginia Madsen), een mysterieuze in wit geklede vrouw. Voor alle karakters die zij tegenkomt is ze iets anders: voor Guy Noir is ze zijn femme fatale, voor Keillor een blik op zijn verleden, voor de zusjes Johnsons een troost. Voor allen heeft zij iets engelachtigs; haar aanwezigheid spookt door het programma, samen met die van haar tegenpool: 'The Axeman' (Tommy Lee Jones), de representant van de grote maatschappij die de stekker uit het programma trekt.
Met een grande finale op het podium, en de korte epiloog die er op volgt, is a prairie home companion één van de weinige films van Altman die echt eindigt. Meestal houden ze gewoon op, net zoals zijn scènes lijken te stoppen voordat ze echt klaar zijn. Dat expliciete eind herinnert aan iets dat Altman zei bij de aanvaarding van zijn ere-Oscar: hij vond het zeer toepasselijk dat hij een oeuvreprijs kreeg zonder ooit een Oscar voor één van zijn films gekregen te hebben, aangezien hij het gevoel had één lange film gemaakt te hebben.
Er zit iets in. In de 38 jaar sinds zijn speelfilmdebuut countdown (1968) gemiddeld bijna een film per jaar, plus diverse televisieseries, en in de afgelopen jaren ook toneelstukken en een opera. Vanaf het moment dat Altman begon met filmen is hij niet meer opgehouden. De weinige momenten dat Altman zich niet op een set of in een montageruimte bevond werd hij daartoe gedwongen, bijvoorbeeld om in de vroege jaren negentig een harttransplantatie te ondergaan.

Zandkastelen
Uit diezelfde speech bleek ook waaróm hij zoveel films maakte. Het maakproces was voor Altman belangrijker dan het eindresultaat: 'Ik heb altijd gezegd dat films maken zoiets is als zandkastelen bouwen op het strand. Je nodigt je vrienden uit, en je laat ze een prachtig bouwwerk maken. Dan neem je wat te drinken en wacht tot de vloed komt, tot de oceaan alles opslokt. Maar dat zandkasteel blijft in je hoofd zitten. Ik heb er nu zo'n veertig gemaakt, en ik krijg er nooit genoeg van.'
Opvallender dan al deze eindes is echter misschien wel de manier waarop deze film ook weer een 'begin' is: a prairie home companion is Lindsey Lohan's eerste film als serieus actrice. De tienerster lijkt, ook gezien haar komende projecten, af te willen van de dertien-in-een-dozijn jeugdfilms waar ze tot nu toe in te zien was. Een film van Altman is dan hét middel bij uitstek om dit aan te geven. De jonge actrice vocht dan ook voor een rol - haar rol, Lola, stond niet in het originele script en werd door Keillor vernoemd naar het liedje 'Whatever Lola wants, Lola gets'. Het is moeilijk in te denken wat a prairie home companion geworden zou zijn zonder Lohans jonge karakter: haar personage biedt een jonge blik op een oude show. Haar onvermijdelijke deelname aan het laatste liedje van het programma geeft een opening voor continuïteit; net iets voor Altman om zijn laatste film te eindigen met een debuut.

Joost Broeren

a prairie home companion
Verenigde Staten, 2006
Productie: Robert Altman, Wren Arthur, Joshua Astrachan, Tony Judge en David Levy
Regie: Robert Altman
Scenario: Garrison Keillor en Ken LaZebnik
Camera: Edward Lachman
Montage: Jacob Craycroft
Art direction: Dina Goldman
Met: Garrison Keillor, Meryl Streep, Lily Tomlin, Lindsay Lohan, Kevin Kline, Woody Harrelson, John C. Reilly, Virginia Madsen, Tommy Lee Jones
Kleur, 105 minuten
Distributie: A-Film
Te zien: vanaf 8 februari

Naar boven